Dierenrechten zijn een puzzel

Op Werelddierendag, aanstaande donderdag, reflecteren we over de relatie tussen mensen en dieren. Wat te doen met zielige zeehondjes, verdwaalde orka's en hongerige heckrunderen?

Het gebeurde ruim twee jaar geleden. In de Waddenzee zag een visser een jonge vrouwtjesorka zwemmen. Verzwakt, en in ondiep water. De visser besloot 'SOS Dolfijn' te bellen, een stichting die zich ontfermt over aangespoelde walvisachtigen.

Daarna ging het snel. Binnen een dag lag de 430 kilogram zware tandwalvis in een eigen, zij het wat krap, waterbassin in Dolfinarium Harderwijk. Morgan, noemden zij haar daar. Elke dag kreeg ze dik dertig kilo vis. Binnen tien weken woog het dier een kleine 700 kilogram.

En toen brak de hel los.

Het dolfinarium mag walvisachtigen die voor de Nederlandse kust in problemen raken opknappen, om ze daarna weer vrij te laten. Maar dit keer week het dolfinarium daarvan af. Geraadpleegde onderzoekers - onder meer van zeeonderzoeksinstituut NIOZ op Texel - gaven haar daar namelijk weinig kans. Orka's jagen in groepen, maar haar thuisgroep vinden zou praktisch onmogelijk zijn. Eenzaam en verhongerd zou Morgan sterven. Het enige alternatief: een zeelevenpark met orka's. Natuurattractiepark Loro Parque op het Canarische eiland Tenerife -met orkashow- zou kunnen. Er was maar een probleem: orkaliefhebbers die vinden dat de dieren niet in een aquarium horen.

Zo kwam het dat orka Morgan op 29 november 2011 werd opgehaald per vrachtwagen voor de reis naar Tenerife. De gemeente Harderwijk, bang voor amok makende dierenactivisten, voerde zelfs een noodverordening in.

Ruim twee jaar na Morgans vondst vecht een vereniging van dierenwelzijnsclubs, de Orka Coalitie, nog altijd voor Morgans vrijlating in zee, onder meer met emotionele oproepen op haar site. In Loro Parque zou ze worden lastiggevallen door soortgenoten en ongelukkig zijn. De orkavrienden hebben een omvangrijk plan klaarliggen om Morgan terug te brengen naar Noorwegen - voor hoeveel geld is onduidelijk, maar naar eigen opgave spendeerde Dolfinarium Harderwijk al bijna een miljoen euro. Op 1 november dient de alweer derde rechtszaak tussen de Orka Coalitie en 'Harderwijk'. De sage van de orka die bij Nederland een verkeerde afslag nam is nog lang niet ten einde.

Getouwtrek om wilde en halfwilde dieren is er voortdurend in Nederland. Ophef is er over stervende 'grote grazers' in de Oostvaardersplassen, over de opvang van zieke zeehonden, over ganzenpopulaties die al dan niet moeten worden beteugeld, en over meeuwen, muskusratten, wilde zwijnen, wolven, en bevers. De dieren zelf kunnen er niet over vertellen, maar bij de mens lopen de emoties hoog op. Hoe moet dat nu, met de menselijke bemoeienis met dieren in de natuur?

'Je hebt de benadering vanuit de populatie, en die vanuit de beleving en het lijden van het individuele dier,' zegt dierethicus Frans Stafleu van de Universiteit Utrecht. Biologen vinden zich in het eerste, dierenvrienden in het tweede. Toch zijn dierethici het over een paar zaken eens: 'Als een dier lijdt binnen de menselijke invloedssfeer, moet je helpen.' Het is een visie die is verwerkt in de Nederlandse Dierenwelzijnswet. Een andere leidraad is de geschatte intelligentie van dieren, relatief ontwikkeld bij makkelijk lerende dieren met een complex sociaal gedrag: 'Met zulke dieren moet je meer rekening houden, omdat die waarschijnlijk meer lijden zoals wij mensen.'

In Wageningen zegt hoofddocent toegepaste filosofie Jozef Keulartz er steeds meer van doordrongen te zijn geraakt dat natuurlijke processen meer ruimte moeten krijgen. En ja, daarbij kunnen inderdaad conflicten tussen soorten ontstaan: 'Als door ganzen andere soorten dreigen te verdwijnen, dan moet je ingrijpen.'

Van Keulartz mag de menselijke bemoeienis met wilde en halfwilde natuur in het algemeen dan ook gerust wat minder. 'Als je toevallig een ernstig lijdend dier vindt, moet je helpen of het laten inslapen. Maar het is wat anders als je dieren in problemen actief gaat zoeken. Vergelijk het met een dierenambulance die actief rondjes rijdt op zoek naar verongelukte katten.'

Keulartz is niet blij met de recente tendens die erop gericht lijkt ieder mogelijk dierenleed te voorkomen. 'In elke context, zolang het technisch kan. Dan krijg je dus: wél de grote grazers in de Oostvaardersplassen, maar niet de muizen.' Ook lijkt niemand meer te letten op het leven van dieren vóór hun doodsstrijd, zegt de filosoof: 'Een heckrund in de Oostvaardersplassen leeft zó 25 jaar in vrijheid; een melkkoe 4 jaar. We hebben een incoherent beeld van de dood van dieren.'

Een probleem is dat dierenactivisten vaak goed weten wat ze níet willen, maar geen helder beeld hebben van een rechtmatige omgang met dieren, zegt filosoof Erno Eskens intussen. Dat geldt net zo goed voor biologen en andere populatiedenkers. De oplossing zoekt Eskens in dierenrechten - een boodschap die hij drie jaar geleden uitdroeg in zijn boek Democratie voor dieren.

'Omdat mensen ook dieren zijn, kun je zeggen dat mensenrechten onderdeel horen te zijn van een omvattend dierenrecht', verduidelijkt Eskens, werkzaam aan de Internationale School voor Wijsbegeerte in Leusden. 'Het uitgangspunt bij dieren zou moeten zijn: gelijke gevallen, gelijke behandeling. Als pijn bij dieren vergelijkbaar is met die van mensen, dan zou voor die dieren ook het recht moeten gelden om niet gemarteld te worden.'

Op zo'n manier valt ook te kijken naar het recht op vrij bewegen, seksualiteit en het recht niet in een groep gedwongen te worden, vindt Eskens: 'Problemen zoals die met vrij bewegende dieren die schadelijk zijn, vallen ook binnen het recht. Als je aangevallen wordt, mag je terugslaan - dierenrecht is niet voor watjes.' Waarmee niet gezegd is dat bijvoorbeeld het ganzen ruimen bij Schiphol 'noodweer' is. Eskens: 'Het probleem is het sappige gras rond de luchthaven: een gedekte tafel voor ganzen. Dat kun je weghalen. Bij schadelijke dieren is de reflex meteen: bestrijden, zonder te kijken naar alternatieven. Dieren die levensgevaarlijke ziekten verspreiden waartegen geen medicijnen zijn, moet je wel bestrijden, maar verder moet je terughoudend zijn.'

Praktisch denken vanuit de behoeften en belangen van het dier, dus. Ook Eskens volgde de ontwikkelingen rond orka Morgan, en begreep dat er gerede kans was dat Morgan toch zou kunnen aansluiten bij soortgenoten: 'Daarom had zij moeten worden losgelaten, ondanks de kans op mislukking.'

Het optuigen van een veel verdergaand systeem van dierenrechten dan het huidige, waarin dieren voornamelijk als bezit of bijzondere soort worden gezien, is hard nodig, vindt Eskens. Makkelijk zal het niet zijn, want die rechten moeten worden gekoppeld aan de eigenschappen van soorten: 'Een sidderaal is gevoelig voor elektrische velden, een varken eerder voor sociale stress.'

Daar ligt nog een schone taak voor gedragsbiologen, zegt Eskens. 'Linnaeus verdeelde de levende wereld in soorten; nu moeten we dieren indelen naar hun behoeften en gevoeligheden. Laat daarna de juristen en filosofen die eigenschappen maar vertalen in rechten.'

DE HEILIGE FRANCISCUS

Werelddierendag, 4 oktober, is de geboortedag van Franciscus van Assisi (1181-1226), katholiek patroonheilige van de dieren. Franciscus (geheiligd 1228) zou vriendschap hebben gesloten met een wolf en de vogels zaten op zijn armen. Maar in de teksten van Franciscus blijkt hij helemaal geen dierenvriend.

De zaak met de zieke zeehonden

De zeehondencrèche in het Groningse Pieterburen begon in 1971 zeehonden te verplegen. Destijds hadden de dieren last van pcb-vervuiling en zwommen er minder dan 500 in de Waddenzee.

Tegenwoordig vangt de zeehondencrèche nog steeds zo'n 400 zeehonden per jaar op - terwijl de populatie is verachttienvoudigd, naar 9.000. Volgens zeeonderzoeksinstituut Imares, dat in opdracht van het ministerie zeehondenonderzoek doet, is er wat de populatie betreft geen enkele reden meer de zeehonden te verzorgen, want de zeehondenbevolking groeit als kool en is daarom evident gezond. Laat zwakke exemplaren over aan hun lot volgens de natuur, aldus Imares.

Nou nee, zegt Pieterburen, zeehonden laten creperen is zielig. Bovendien hebben de dieren last van nieuwe vervuilende stoffen in zee, aldus de beschermers.

De zaak met de zielige ganzen (1)

De grauwe gans heeft ontdekt dat het in Nederlands weideland goed toeven is. De gras etende ganzen broeden niet meer in Scandinavië, maar blijven het jaar rond in Nederland. Driehonderdduizend stuks, volgens de laatste tellingen. Ze eten voor koeien bedoeld gras - al krijgen boeren hiervoor compensatie - vertrappen volgens sommigen weidevogelnesten, poepen de recreatiegebieden onder en kunnen met hun mest zeldzame planten schaden.

Om de overlast tegen te gaan wilde de gemeente Texel in 2008 een gespecialiseerd bedrijf ganzen laten ruimen, door ze in een container met verstikkend koolzuurgas te drijven. 'Een barbaarse methode', vindt Bram van Liere, Statenlid in Noord-Holland voor de Partij voor de Dieren, en van huis uit bioloog. 'Het gas brandt vreselijk in de luchtwegen, en ganzen in doodsangst vertrappen de jongen die ze dan nog verzorgen.' Het eiland bleek te klein voor de protesten van dierenbeschermers.

De zaak met de boze wolf

De wolf werd het laatst in Nederland gezien in 1897, maar keert mogelijk terug. Door ontvolking en verwildering van landbouwgebieden in Oost-Europa gaat het goed met de wolf. En wolven leggen met gemak in luttele dagen honderden kilometers af. Grote kans dat een in 2011 bij het Gelderse Duiven gefotografeerd dier inderdaad een wolf was, denken experts. Wolven zouden weleens een natuurlijke rem kunnen zijn op te grote populaties reeën en wilde zwijnen, volgens voorstanders van echt wilde natuur. Maar in Litouwen vergrijpen wolven zich ook aan schapen en honden. De Litouwse zoöloog Linas Bal¿iauskas: 'Stadsmensen zijn voor de wolf, maar plattelanders fel tegen.'

De zaak met de zielige ganzen (2)

Ook bij Schiphol, waar ganzen in vliegtuigmotoren gezogen kunnen worden, togen deze zomer 'fauna-beheerders' aan het werk, gadegeslagen door geëmotioneerde ganzenvrienden. Van Liere: 'Je zou de oorzaak van het probleem moeten wegnemen: de enorme bemesting, waardoor er voor ganzen zoveel voedsel is.' Verdere ganzenruimacties zijn er vanwege alle protesten bij Schiphol niet geweest.

Desondanks is vergassen volgens een deze zomer verschenen studie van onderzoeksinstituut Alterra de effectiefste manier is om ganzenaantallen te beperken: jagen helpt bijvoorbeeld niet, omdat ganzen leren waar de jagers komen. Ganzenonderzoeker David Kleijn van Alterra: 'Bij drie miljoen grauwe ganzen is boeren nauwelijks meer mogelijk in Nederland. Ik ben benieuwd wat de mensen die tegen ingrijpen zijn bij zulke aantallen zeggen.'

De zaak met de hongerige grazers

In de Oostvaardersplassen, het omheinde, moerassige 'Serengeti' van Nederland tussen Almere en Lelystad, zijn 'grote grazers' vrijgelaten om het gebied open te houden. Intussen zijn er zoveel heckrunderen, konikpaarden en edelherten, dat elke winter honderden dieren een langzame hongerdood sterven.

Schandalig, vinden dierenliefhebbers, omringende boeren en de vereniging van dierenartsen. Intussen is het beleid van terreinbeheerder Staatsbosbeheer om verhongerende dieren die het duidelijk niet zullen redden een genadeschot te geven. Lijken de dieren toch nog een kans te hebben - bijvoorbeeld omdat het voorjaar is aangebroken - dan worden zij toch aan hun lot overgelaten.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden