DIERBARE PATIËNTEN

Voor de behandeling van hun zieke huisdier hebben baasjes veel over. Soms heel veel. ‘Ik werk voor de hond.’..

Patiënt Romy trekt haar baasje, meneer Bus, door de gangen van de Utrechtse Universiteitskliniek voor Gezelschapsdieren. 59 kilo weegt ze, een vijf jaar oude bullmastiff. ‘Ze is gruwelijk sterk’, vertelt Bus, ‘maar ook ontzettend lief. Ja, voor mensen dan. Ten opzichte van andere honden is ze enorm agressief, de schrik van de buurt.’ Wanneer Romy plots de uitgang van de kliniek ziet, geeft ze zo’n harde ruk aan de riem dat meneer Bus bijna voorover schiet. ‘Ze wil hier weg’, zegt Bus, die stevig aantrekt. ‘Ja, ze weet precies wat er gaat gebeuren.’

Een half uur later ligt Romy op haar rug in de OK, de glad betegelde operatiekamer. Volledig verdoofd, onder een groen operatiedeken, bewaakt door een regelmatig piepend anesthesieapparaat. Chirurg Bouvien Brocks rommelt met twee handen door Romy’s buik, op zoek naar dingen die daar niet horen. ‘Links een cyste. Ja, hier rechts ook. En in de vagina klopt ook iets niet. Scalpel!’

Brocks snijdt de buik nog wat verder open, zodat ze overal goed bij kan. Milt, blaas, darmen, baarmoeder – alles is nu zichtbaar. Met een verfijnd soort lasapparaat schroeit ze de complete baarmoeder los, en iets wat nog het meest lijkt op een bloederige kip- filet. ‘Eierstokweefsel’, verklaart chirurg Brocks. Romy was al eens geopereerd door een dierenarts, maar die heeft onvoldoende verwijderd. ‘Als er ook maar een halve eicel blijft zitten, groeit het gewoon verder.’

Na twee uur opereren mag Romy worden dichtgenaaid. Eerst waarschuwt chirurg Brocks de coassistenten: ‘In zo’n buik verlies je heel makkelijk gaaskompressen, dus altijd alles nalopen.’ Wanneer de hechtingen erin zitten, wordt Romy naar de uitslaapkamer van de universiteitskliniek gereden. Daar ligt ook hond Ulyss, een 12 jaar oude clumber spaniël, in een verwarmde kooi bij te komen van een operatie. Ulyss worstelt al een poosje met zijn gezondheid. Eigenares Patricia somt op: ‘Heupdysplasie, castratie, milt eruit, nierontsteking, hoornvliesdystrofie, Horner syndroom, suikerziekte, last van z’n schildklier, van z’n hartklep, halshernia tussen de vierde en de vijfde halswervel, en hij is insufficiënt.’

‘Hij lekt’, verduidelijkt de moeder van Patricia. En vandaag, vertellen moeder en dochter uit Amsterdam- Noord, heeft de chirurg een poliep verwijderd uit Ulyss’ linkeroor. ‘Het is een gecompliceerde hond’, stelt Patricia. De tel van het aantal behandelingen, consulten en operaties is ze kwijtgeraakt. ‘Ik werk voor de hond’, vat ze samen. ‘Qua financieel praat je over een nieuwe auto, een grote.’ ‘En onverzekerd’, zegt moeder. ‘Dat doen we dus nooit meer. Alle honden gaan vanaf nu meteen de verzekering in.’

Niet dat Patricia spijt heeft van de uitgaven. ‘Ulyss verdient het, voor de liefde die hij ons geeft.’

Het is een doodnormale doordeweekse dag in de Utrechtse Universiteitskliniek voor Gezelschapsdieren (honden, katten, vogels, kleine zoogdieren, reptielen en amfibieën). Niet druk, niet rustig. Gisternacht zijn er met spoed twee katten binnengebracht. Per ongeluk vergiftigd door de eigenares, die meende dat ze een voor honden bedoeld pipetje met één dosis vlooienmiddel, ook wel kon verdelen over haar twee raskatten. Eentje is inmiddels overleden, de ander strijdt voor haar leven op de intensive care, en wordt ondersteund met extra zuurstof en transfuusvocht.

Tegenover de kat, in een wat groter hok, herstelt hond Janis van het eten van 750 gram rozijnen – er lag een zak op de achterbank van de auto. Levensgevaarlijk, rozijnen voor een hond; de nieren kunnen de gedroogde druiven niet aan. Het is dat Janis een deel direct uitbraakte, anders had ze het waarschijnlijk niet gehaald. Nu herstelt ze goed en blaft ze waakzaam als ze bezoek ontwaart.

Het bezoek is voor hond Tess, die dertig zoenen op haar snuit krijgt van haar baasje, mevrouw Malherbe uit Den Haag. Tess, de labrador, heeft in haar 14-jarige leven al veertien operaties ondergaan. ‘Als pup is ze aangereden’, zegt Malherbe. ‘Alles gebroken. Een team artsen is een hele nacht bezig geweest met platen, pennen en schroeven. Later is haar milt ook weggehaald, en haar baarmoeder. En de tepels aan beide kanten, tegen kanker. En gisteren zakte ze ineens in elkaar. Bloedarmoede, denken we.’

Tess heeft een nacht op de intensive care doorgebracht, ter observatie. De vaste knuffel van Tess, een stoffen hond die meegaat bij elke operatie, ligt ook in de kooi. ‘Ze ziet nog wat bleekjes’, constateert Malherbe, die zeer te spreken is over de kliniek. ‘Twee artsen hebben hier eens een hele nacht om en om bij haar gelegen na een operatie. Waar vind je dat?’ Alles bij elkaar heeft de gezondheid van Tess mevrouw Malherbe al zeker 30.000 euro gekost. Haar echtgenoot: ‘Ja, je moet wel betalen, maar je krijgt ook wat.’

De verzorgingsstandaard in de universiteitskliniek is hoog, de apparatuur volstrekt gelijkwaardig aan die van een gewoon ziekenhuis. Ron van Wandelen – hoofd OK, witte klompen, groene operatiebroek – werkte ook jarenlang ‘humaan’, in een gewoon ziekenhuis. Gevraagd naar het verschil, antwoordt hij bloedserieus: ‘De hoeveelheid haar’.

Van Wandelen: ‘Of je nou de hond van mevrouw Jansen opereert of mevrouw Jansen zelf, met het operatielaken eroverheen maakt het geen fluit uit.’

Mensen hebben steeds meer voor hun huisdier over, zegt Van Wandelen. ‘Doe maar alles, horen we vaak. Onze rekeningen liegen er niet om. Wat we ervoor doen overigens ook niet.’

In de Utrechtse kliniek worden geregeld honden gedotterd of voorzien van pacemakers. En deze week hoopt een chirurg een hondenneus van een labrador te reconstrueren uit wangslijmvlies van dezelfde hond. ‘Nooit eerder gedaan, voor zover we weten.’ Maar het onder volledige verdoving opereren van konijnen, cavia’s of hamsters is misschien nog wel lastiger dan een gecompliceerde hondenoperatie. Anesthesist Renée van Notten, die ook wel eens een tijger onder narcose heeft gebracht: ‘Bij kleine dieren moet je snel zijn. Laatst haalden we een steen uit de plasbuis van een konijn, maar toen hield het konijn er vervolgens al mee op.’

In de Amsterdamse kliniek waar Van Notten hiervoor werkte, opereerde ze, samen met een team van artsen, een keer zes uur aan een konijn met een verbrijzeld bovenbeen. ‘Mickey, een Vlaamse reus. Dat stel was helemaal dol op hem. ‘Dan maar niet op vakantie, zeiden ze.’ De operatie kostte 2500 euro.’

Terwijl ze over haar beroep praat, waakt Van Notten over de van haar baarmoeder afgeholpen hond Romy, in de herstelkamer. Als Romy voor het eerst sinds de operatie even beweegt, zit de anesthesist direct op haar knieën naast haar. ‘Hé meis. Ja, je hebt een droge bek, hè? Getsiederries, meis.’

Een dag later, in de kliniek. Omdat het niet langer ging, is er met een spuitje een einde gemaakt aan het leven van de flamingo. Aan het begin van de week slofte de vogel, die moeilijk liep en daarom fysiotherapie kreeg, nog rondjes over de gang, ondersteund door een medewerker. ‘Er zat vooruitgang in’, zegt dierenverzorger Yvette, ‘tot hij last kreeg van zijn nieren en zijn bloedwaarde plots verslechterde. Vogels hebben heel snel last van stress.’

Op de flamingo, eigendom van een particulier, zal later op de dag sectie worden verricht, zo meldt een bord op de gang. Een geplande oogoperatie op een konijn gaat op het laatste moment niet door, wanneer de arts in overleg met het baasje besluit dat euthanasie ook hier de beste oplossing is.

Dan komt er telefonisch een spoedopdracht binnen; een hond die een lage hartslag heeft en al twaalf keer gereanimeerd is. ‘Dat begrijp ik tenminste van de dierenarts’, zegt de cardioloog van de kliniek. Heel even lijkt het erop dat er nog vandaag een pacemaker bij de hond zal worden ingebracht, maar als de eigenaar de kosten van de operatie verneemt (tussen de 2.000 en 3.000 euro) ziet hij er toch maar van af. Naarmate er meer mogelijk is in de dierenkliniek, lijken sommige dierenbezitters ook veeleisender te worden.

Eerder op de dag belde de bazin van een van de patiënten van anesthesist Van Notten naar de kliniek. Haar hond, waarbij later in de middag hechtingen uit het oog worden verwijderd, moet vandaag vasten vanwege de narcose. ‘De hond heeft honger’, zei ze. Toen het meisje van de balie uitlegde dat er voor de operatie echt niet gegeten mag worden, gooide die mevrouw boos de hoorn erop. Hollandse huisdieren zijn toch al vaak te dik.

Van Notten: ‘Dat merk je aan het aantal kruisbandoperaties bij honden; dat neemt toe. Honden met suikerziekte zie je ook veel meer. Exact dezelfde problemen als bij mensen. Het enige verschil is dat dieren niet roken.’

Aan het einde van de dag komt meneer Bus zijn hond Romy afhalen. De hond begroet hem met wat likken in het gezicht. Chirurg Brocks waarschuwt: ‘Ze moet nog wel even rustig aan doen.’ ‘Ja, ik zal er goed op letten’, belooft Bus, ‘de vorige keer sprong Romy na de operatie gelijk de sloot in.’

Verderop in de kliniek wacht een nieuwe patiënt in een van de behandelkamers. Het is de kat van Sylvia en het beest heeft last van hartruis. ‘Heel harde hartruis’, zegt de vrouw, en ze streelt de kat. ‘Het is een cornish rex. Die hebben meer ruggenwervels dan een gewone kat. Kijk maar.’

Ze rekt de kat uit, die dat niet onprettig lijkt te vinden. Het beest, dat Vindur heet, liep vroeger kattenshows. Thuis heeft Sylvia er nog eentje. ‘Die is regerend Nederlands kampioen binnen de soort.’

Vindur heeft behalve hartruis ook een blaasprobleem en last van verstopte darmen, en gebruikt daarvoor al medicijnen. De behandelend arts stelt voor de kat ‘toch nog eens door de molen te halen’.

Er kan vandaag al gescand en geëchood worden. ‘Super’, zegt Sylvia.

‘Ik dacht zelf al: dit is vast het eind.’

‘Nou, daar ga ik nog niet in mee, hoor’, zegt de arts.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden