Die vandalen vernielden echt zèlf de winkelruiten

MARK VAN DE VOORDE

Ze waren te verwachten, de commentaren die de oorzaak van de brandstichtingen, de vernielingen en de plunderingen in de Britse steden zoeken bij de sociaal-economische context. Niet dat het helemaal onwaar is dat de groeiende kloof tussen rijk en arm en de kansloosheid van een hele klasse jongeren tot frustraties en misschien wel tot wandaden leiden. Ook dat de verloedering van de buurt dergelijke frustraties voedt, is een feit. Die 'verklaringen' zijn niet onjuist, maar wel onvoldoende.

Niemand zal ooit durven beweren dat diezelfde sociaal-economische realiteit - armoede, kansloosheid en verloedering - in Duitsland na de Eerste Wereldoorlog de enige oorzaak was van de Tweede Wereldoorlog. Zoals het Verdrag van Versailles niet volstaat om het nationaal-socialisme te verklaren, volstaat ook niet de bezuinigingspolitiek van de Britse regering om de onlusten van deze week te verklaren.

We mogen de persoonlijke verantwoordelijkheid (en schuld) nooit uitschakelen. Hadden we dat in het geval van de Tweede Wereldoorlog gedaan, dan hadden de processen van Neurenberg niet kunnen plaatsvinden, maar zouden misschien wel de geallieerden van de Eerste Wereldoorlog terecht hebben gestaan.

Zij hadden immers de voorwaarden voor Duits revanchisme gecreëerd. Natuurlijk gaat de vergelijking niet op, maar zo ongeveer is de redenering van de commentatoren die de schuld voor de Britse rellen bij de politiek en de sociaal-economische context leggen: niet de relschoppers en plunderaars zijn te veroordelen, maar het Britse establishment.

Waarom is ons er zoveel aan gelegen de daders te ontlasten? Allereerst willen we een gevoel van overzicht hebben. Daardoor tillen we de problemen naar een hoger, maatschappelijk niveau, waar ons abstractievermogen vat op heeft, want voor individueel crimineel gedrag hebben we geen theoretische verklaring.

We zien dus liever het bos dan de bomen: ideeën liggen ons verstandelijk oordeel beter dan feiten. Natuurlijk zijn ideeën belangrijk, maar wel in die mate dat ze de confrontatie kunnen doorstaan met de feiten. En dat is bij de Londense rellen alvast niet het geval.

Jongetjes van 10 en 11 kunnen nog niet zo gefrustreerd zijn dat zij een hele winkel plunderen. Een universiteitsstudent heeft ook alvast meer kansen dan een ongeschoolde knaap. Een jeugdwerker kent wel andere manieren om jongeren te mobiliseren. Maar jongetjes, universiteitsstudenten en jeugdwerkers waren ook betrokken bij de rellen. Dit spoort niet met de uitleg.

Wie alleen de ideeën wil zien, wil de werkelijkheid brengen naar zijn analyse in plaats van de analyse uit de werkelijkheid te distilleren. Dat heeft te maken met onze maar niet te stoppen drang om de geschiedenis te sturen of althans vanuit ideeën te verklaren.

De geschiedenis is echter geen berekenbaar project zoals Hegel ons wilde doen geloven. Het toeval is meestal belangrijker dan het plan. Dat heeft vooral te maken met het feit dat de belangrijkste factor en actor van de geschiedenis de mens is. De factor mens is onberekenbaar, alle gedragswetenschap ten spijt; de actor mens is onbestuurbaar, alle social engeneering ten spijt.

De mens laat immers zijn handelen leiden zowel door redelijkheid als door passie, zowel door de wilskracht van zijn eigen beslissing als door de willoosheid van zijn kuddegedrag.

Bovendien wordt dat handelen, bij redelijkheid en bij passie, uit wilsbesluit en uit navolging, mede gestuurd door wat wij het geweten noemen, de morele weegschaal waarop de mens zijn daden legt. Maar die weegschaal wil wel eens anders of niet goed geijkt zijn. En dat heeft met moreel besef te maken, met normen en waarden.

Daar hebben we het liever niet over. Immers, het idee van het geweten brengt ons naar de moeilijkste begrippen van het menselijke existentie: de vrije wil en het kwaad.

Het zal geen toeval zijn dat het vandaag bon ton is te beweren dat de vrije wil niet bestaat. Maar wie de vrije wil ontkent, omdat hij hem niet kan ontwaren op de hersen-scan, moet ook de moed hebben elke verantwoordelijkheid te lichten van de schouders van daders. Ze kunnen het immers niet helpen, als ze geen vrije wil hebben.

De ontkenning van de vrije wil laat ons ook toe om het kwaad te negeren (als je het niet kan helpen dat je iets fout doet, is het ook geen kwaad). Bovendien: wat kwaad is en wat goed, is in een samenleving die slechts één ideaal kent, dat van het 'goed gevoel', een kwestie van persoonlijke keuze. Wie van normen en waarden een individuele aangelegenheid maakt, moet ook doorredeneren: die Londense jongeren moeten dan ook het recht hebben op een andere opvatting over 'mijn en dijn'.

De gebeurtenissen in Groot-Brittannië confronteren ons met het morele tekort van deze tijd. En die confrontatie durven we niet aan. We zoeken bij elke vorm van criminaliteit naar 'verklaringen' die ons toelaten de daad met omtrekkende beweging te omcirkelen, zodat we het mysterie 'kwaad' alsnog kunnen vangen in het net van ons verstand.

Soms vinden we daarvoor aanwijzingen in de persoonlijke psychologie van de dader (Breivik), soms ontdekken we oorzaken in de sociaal-economische context (Londen). Die verklaringen zijn niet onjuist, hoewel onvolledig, maar ze laten ons vooral toe om de grote metafysische vraag over het kwaad te ontlopen.

Als we die vragen wel zouden durven stellen, zouden we ook constateren dat er tussen de individuele schuld en de sociaal-economische context nog twee tussenniveaus zijn die grote morele verantwoordelijkheid dragen: dat van de gezinnen en dat van de populaire media. Twee tussenniveaus die in bepaalde lagen van de (Britse) samenleving hun morele plicht verwaarlozen.

De auteur is Belgisch publicist, raadgever van de Belgische premier Yves Leterme en van de minister van Buitenlandse Zaken. Hij verbaast zich over de neiging wangedrag sociaal-economisch te verklaren.

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden