Die rotgans is zo vervelend niet

Er is iets goed mis met de ganzenliefde in Nederland. De gans is verworden tot de slechterik onder de vogels. Vergassen, zo klinkt het, afschieten! Maar, beste lezer, de gans is een prachtvogel.

Het is donker, het is half acht in de ochtend, de wind is guur en het sneeuwt zo af en toe; vooralsnog vergt het enige fantasie om de amusementswaarde te zien van deze onderneming. Romke Kleefstra heeft zijn bestelautootje geparkeerd aan de rand van een aantal ondergelopen zomerpolders bij het Friese dorpje Akmarijp. Een blauwgraslandreservaat van Staatsbosbeheer dat in de winter onder water staat en zo een ideale slaapplaats vormt voor ganzen.


In de verte zien we wat lichtjes, van Akkrum, van Akmarijp, van Joure en we horen het geraas van een snelweg. Een snelweg? Nee, zegt Kleefstra, geen snelweg, dat is het geluid van een enorme groep ganzen. Net ontwaakte ganzen op het water. Een grommend monster, zo noemt Kleefstra dat. Een grommend monster in de duisternis.


En dat bedoelt Kleefstra positief, want het geluid is de voorbode van een van de grootste spektakels die de Nederlandse natuur te bieden heeft: de dagelijkse verplaatsing van ganzen van hun slaapplaats naar hun foerageergebied, de omliggende weilanden, ganzengedooggebied. Tienduizenden ganzen in dit centrale merengebied van Friesland, naar schatting twee miljoen overwinterende ganzen in heel Nederland die zich bij zonsopgang ongeveer tegelijkertijd in de lucht begeven.


En 's avonds, tegen zonsondergang, keren ze even massaal en rumoerig weer terug. Kleefstra, die voor de Fryske Feriening voor Fjildbiologie (vereniging van amateur veldbiologen) al vijftien jaar achtereen slaapplaatstellingen doet in dit gebied, spreekt in dit verband van de ochtendspits en de avondspits.


Zelf vindt Kleefstra het een prachtig verschijnsel, het tellen van de vogels was voor hem ook altijd een excuus om erbij te zijn. En ook internationaal worden de overwinterende ganzen in Nederland gezien als een indrukwekkend natuurfenomeen. Nederland is als overwinteringsgebied voor de arctische ganzen (Rusland, Spitsbergen, Groenland, Nova Zembla) van levensbelang en ook dat is allemaal netjes vastgelegd in wetten en verdragen die de wintergasten moet beschermen.


Maar in Nederland zelf wordt de liefde voor het typische beeld van ganzen die in V-formatie vliegen onder Hollandse luchten nog maar zelden beleden.


De vogel is een probleem, dat is het overheersende geluid,sinds een jaar of tien. Boeren klagen, jagers willen jagen en zelfs natuurorganisaties maken zich zorgen over het groeiende aantal ganzen, die kwetsbare, schrale natuurgebiedjes onderpoepen.


Imagoprobleem

Het gaat dan vooral om het groeiende aantal 'zomerganzen', die blijven na de winter en vestigen zich massaal als broedvogel (de brandgans). En het gaat om onze eigen, inheemse grauwe gans, die spectaculair in aantal is toegenomen, vooral vanwege het vette, kunstmestrijke boerenland in de intensieve landbouw. In de winter vinden boeren de vogels op hun land nog niet zo erg, maar vanaf het voorjaar moeten gewassen groeien en koeien buiten eten, ganzen veroorzaken dan schade.


Eigen schuld, kun je dan zeggen, ga dan gewoon extensief boeren, maar zo werkt het in de praktijk niet. In de praktijk heeft vooral het imago van de gans een flinke deuk opgelopen, wintergast of niet. Hij is verworden tot de slechterik onder de vogels, en zelden nog wordt zijn naam genoemd zonder dat ook de woorden 'vergassen' en 'massale afschot' vallen.


Monogaam

Er komt beweging in het reservaat. De ochtend gloort rond kwart voor acht en dan komt opeens een grote groep kolganzen los van het water en vliegt luid gakkend in grote groepen over.


Ook groepjes Canadese en grauwe ganzen vliegen voorbij. De ene gans is de andere niet - met een beetje goede wil kom je op bijna twintig overwinterende soorten in Nederland - en ook in gedrag zijn er verschillen. Op deze plek zijn het altijd de kolganzen die als eerste vliegen, simpelweg omdat ze hier de grootste soort zijn en dus het meeste eten.


In dit deel van Friesland overwinteren vooral grote aantallen kolganzen en brandganzen, in Friesland als geheel overwintert naar schatting 40 procent van alle Nederlandse wintergasten. Daarmee is Friesland de ganzenprovincie bij uitstek. Kleefstra: 'Friesland zou in de winter enorm saai zijn zonder ganzen. Want als je eerlijk bent, is het boerenland in Friesland gewoon dood. Geen plantjes meer, geen weidevogels. De enige soort die wel vaart bij de intensieve landbouw is de gans.'


Zelf slaat zijn hart over als hij in september vanuit zijn slaapkamerraam 's ochtends vroeg de eerste kleine rietgans hoort die ons land komt binnenvliegen. Al op zijn 8ste knipte hij, zoon van de melkboer in Akkrum, plaatjes uit van ganzen. En hoe meer je van ze weet, hoe liever je ze hebt. Het idee dat ze in familieverbanden leven en vliegen, het idee dat ze onderling praten tijdens het vliegen, het gegeven dat ze monogaam zijn... Maar die ganzenliefde wordt in Friesland niet breed gedeeld, zo is zijn ervaring.


Er klinken schoten. Ze komen uit de buurt van het dorp Akmarijp, achter ons, de rand van het ganzengedooggebied. Kleefstra is eraan gewend, hij kent veel jagers. Sommige jagers doen ook mee aan ganzentellingen.


De lucht breekt nu her en der open en overal komen grote groepen vogels los van het water. Door de telelens die Kleefstra heeft opgesteld kijken we in de verte naar een groep van duizenden brandganzen die zich opmaken voor vertrek. Een beetje stileren en je hebt een perfect shot voor Life Earth. Dan gaan ze ook daadwerkelijk, duizenden brandganzen, luid blaffend (dat doen brandganzen), onder een soort van Hollandse lucht, vliegend in een halve cirkel.


Denk er een zwak ochtendzonnetje bij en je zit alweer midden in een natuurfilm.


(Het tafereel is nog iedere ochtend te aanschouwen, op vele plekken in Nederland, zeker tot eind februari. Op: goosetrack.nl en op vogelbescherming.nl zijn de beste ganzengebieden te vinden.)


Ganzenakkoord: de zomergans wordt aangepakt

In het Ganzenakkoord dat acht natuur- en boerenorganisaties en aanvankelijk ook de jagersvereniging KNJV twee jaar geleden sloten, kwamen de partijen overeen dat de zomerpopulaties ganzen in een periode van vijf jaar drastisch worden verkleind. Dat betekent dat er in de komende jaren honderdduizenden vogels zullen worden afgeschoten of vergast. De in Nederland overwinterende ganzen worden dan grotendeels met rust gelaten.

De uitvoering van het Ganzenakkoord heeft al diverse malen vertraging opgelopen. Recentelijk werd op aandrang van Dierenbescherming Nederland besloten nader onderzoek te doen naar alternatieven voor afschot en vergassing. Niet alleen dierenbeschermers, maar ook veel jagers hebben bezwaar gemaakt tegen de plannen; de laatsten voelen er weinig voor om ganzen in hun broed- en ruiperiode - als de dieren kwetsbaar zijn of niet vliegen - te vangen of te schieten. Sommige critici stellen bovendien vraagtekens bij het effect van de operatie.

Volgens de laatste planning wordt in het voorjaar van 2014 begonnen met de uitvoering van het plan.

Bronnen: SOVON Vogelonderzoek, Vogelbescherming Nederland, goosetrack.nl


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden