Die onafhankelijkheidsdag komt er nooit

Elke week op VKGeschiedenis: een column over het actuele verleden. Vandaag: Willem de Bruin over onze nationale feestdagen.

Sommigen zullen het jammer vinden, anderen kijken juist uit naar het moment, volgende week dinsdag, dat er een einde komt aan de aaneenrijging van feestdagen die zo kenmerkend is voor het Nederlandse voorjaar. Pasen, Hemelvaartsdag, Pinksteren, 30 april, 4 en 5 mei. En dan viert Nederland nog niet eens 1 mei.

Waar Pasen en Pinksteren oorspronkelijk voor staan, weten velen allang niet meer, maar dat leidt zelden tot discussie. Vrij is vrij. Ook 30 april wordt ieder jaar uitbundig gevierd, al is niet altijd duidelijk wat. Over de dodenherdenking op 4 mei lijkt geen verschil van mening te bestaan, maar met 5 mei weten we daarentegen niet goed raad. Eigenlijk zitten deze dagen elkaar in de weg.

Positief beschouwd vormen de drie dagen bij elkaar een soort langgerekte onafhankelijkheidsdag. Negatiever geformuleerd onderstrepen deze dagen juist het gemis van een echte nationale feestdag naar het voorbeeld van Independence Day (4 juli) in de Verenigde Staten of Quatorze Juillet in Frankrijk.

Hoewel de betekenis van de Dodenherdenking op 4 mei steeds verder is opgerekt, blijft het referentiekader de periode 1940-‘45. Dat geldt ook voor 5 mei.

Onbevredigend

Een voorstel van de nieuwe PvdA-leider, Job Cohen, om van Bevrijdingsdag een jaarlijkse feestdag te maken waarop iedereen verplicht vrij heeft, lijkt dit keer meer kans dan voorheen op een Kamermeerderheid te maken – al kan dat na 9 juni weer veranderen. Maar ook dan zal die dag een onbevredigend substituut blijven voor een nationale feestdag zoals andere landen die kennen. De Nederlandse geschiedenis gaat immers verder terug dan de Tweede Wereldoorlog.

Discussie

Het VPRO-radioprogramma OVT vroeg een paar weken geleden luisteraars een suggestie te doen voor een nieuwe nationale feestdag. Het leidde tot een verrassend groot aantal reacties en een nog steeds voortdurende discussie op internet. Er bleek een duidelijke voorkeur te bestaan voor 26 juli, de dag waarop de Staten-Generaal in 1581 de Acte of het Plakkaat van Verlatinghe aanvaardden. Hierin verklaarden de vertegenwoordigers van negen Noord- en Zuid-Nederlandse gewesten het gezag van de Spaanse koning Filips II niet langer te erkennen. Het zou de opmaat zijn naar volledige onafhankelijkheid van de Noordelijke Nederlanden.

Er waren er ook die pleitten voor de herdenking van de Unie van Utrecht (23 januari 1579) die daaraan vooraf ging. Anderen kozen juist voor de Vrede van Münster (15 mei 1648), die het einde van de Tachtigjarige Oorlog markeerde.

Wat deze data gemeen hebben is dat zij teruggrijpen naar het ontstaan van Nederland als natie.

Daad

Waar 4 en 5 mei vooral refereren aan Nederland als slachtoffer van de geschiedenis, getuigde het Plakkaat van Verlatinghe van de wens het lot in eigen hand te nemen. In dat opzicht laat deze datum zich vergelijken met de historische gebeurtenissen die aan nationale feestdagen in andere landen ten grondslag liggen: momenten waarop onze voorvaderen een daad stelden die nog steeds een bron van inspiratie vormt.

Dat dergelijke gebeurtenissen achteraf soms mooier worden voorgesteld dan ze in werkelijkheid waren, hoeft het samenbindende karakter niet in de weg te staan.

Koopman

Toch is de kans klein dat 26 juli ooit de plaats van 30 april of 4 en 5 mei zal innemen en dan niet alleen omdat deze datum middenin de vakantieperiode valt. Een dag die niet al bij voorbaat in het collectieve geheugen staat gegrift, maakt weinig kans de nationale (niet per se nationalistische) gevoelens los te maken waarop wordt gehoopt. In elk geval zou dan eerst fors in het geschiedenisonderwijs moeten worden geïnvesteerd.

Los daarvan is op de keuze voor 26 juli het een en ander af te dingen. De uiteindelijke onafhankelijkheid van de Noordelijke Nederlanden was eerder een onbedoeld gevolg van de opstand, dan het doel zelf. Katholieken beleefden deze onafhankelijkheid bovendien heel anders dan protestanten. Van de door Willem van Oranje nagestreefde eenheid van alle Nederlandse gewesten kwam niets terecht. De scheiding tussen de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden had ook tot gevolg dat de provincie Limburg – na in tweeën te zijn gehakt - pas na de mislukte hereniging met België in de 19de eeuw definitief bij Nederland kwam. Daar zal dus op 26 juli de vlag niet snel in top gaan.

En dan is er natuurlijk nog het in Nederland niet zelden doorslaggevende argument dat nu al door de tegenstanders van een vaste vrije dag op 5 mei van stal wordt gehaald: wat kost dat allemaal? Wellicht dat daarin de Nederlandse identiteit nog het beste tot uitdrukking komt. Het verklaart ongetwijfeld mede de populariteit van 30 april, als iedereen zich voor één dag koopman kan wanen. In de handel zijn we pas echt één.

Bevrijdingsdag 2009 (ANP) Beeld
Bevrijdingsdag 2009 (ANP)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden