Die Amerikaanse cultuuroorlogen moeten veel beter om tot vrede te leiden

Column Ross Douthat

De cultuuroorlogen die Donald Trump voert zijn inhoudsloos, schrijft New York Times-columnist Ross Douthat. Maar dat is zijn keus. In het verleden leverde dit soort gevechten wel iets op.

Spelers van de New England Patriots knielen tijdens het volkslied voor hun westrijd tegen de Houston Texans. Beeld EPA

Het geheim van een cultuuroorlog is dat hij vaak goed en noodzakelijk is. Mensen hebben een hekel aan cultuuroorlogen als ze zelf aan de verliezende kant staan. En dan beginnen ze vaak te klagen dat cultuuroorlogen afleiden van 'echte' problemen, in het onderwijs of de zorg, of van de vraag welke terroristennest we nu weer moeten bombarderen.

Maar in de Amerikaanse geschiedenis zijn het vaak de gevechten over culturele normen en zogeheten sociale kwesties - over ras en religie, verdovende middelen en seks, vrijheid van meningsuiting en censuur, immigratie en assimilatie - die ons gemaakt hebben tot wat we zijn.

Niettemin moet zelfs een trotste cultuurridder erkennen dat niet alle cultuuroorlogen hetzelfde zijn. Een goede cultuuroorlog heeft beleidsimplicaties, gaat om een morele of juridische kernvraag, en moet gewonnen of verloren kunnen worden - of kunnen leiden tot een nieuwe consensus. In een slechte cultuuroorlog gieren tribalisme en angstaanjagende spookbeelden in het rond zonder dat ze verbonden zijn aan een specifieke juridische kwestie, regeert het wederzijdse misverstand en worden duizenden grieven geuit zonder dat er ooit een kwestie wordt opgelost.

Helaas voor ons allen is Donald Trump een meester, een virtuoos in het tweede type cultuuroorlog. Hij is niet de enige speler die Amerikaanse discussies in die richting duwt, maar hij is de president en dat geeft hem een unieke invloed om discussies te verzieken. En hij is ook uniek in de zin dat hij - in tegenstelling tot de meeste cultuurstrijders - nooit echt om iets of iemand anders gegeven heeft dan om zichzelf. En dus lijkt hij nooit blijer dan wanneer het hele land een cultuuroorlog beleeft over, nou ja, Donald Trump.

De controverse over zwarte football-spelers die knielen bij het spelen van het volkslied is een schoolvoorbeeld van een slechte cultuuroorlog. Die kant ging het al op voordat Trump zich ermee bemoeide. De protestvorm die de speler Colin Kaepernick koos om aandacht te vragen voor het neerschieten door agenten van ongewapende zwarte mannen, was duidelijker gericht op het beledigen dan op het oplossen van dit specifieke onrecht; duidelijker in zijn vuistslag richting Racistisch Amerika dan als recept voor rechtzetting.

Maar op zijn gebruikelijke tartende manier heeft Trump het veel en veel erger gemaakt, door het aantal redenen waarom je redelijkerwijs zou willen knielen te vermenigvuldigen (uit solidariteit met medespelers; als protest tegen het gedrag van de president; als gebaar om vrije meningsuiting te verdedigen; als daad van raciale trots) om vervolgens zijn eigen achterban aan te moedigen om dat knielen te zien als algemene belediging van hun patriottisme. Dus nu 'discussiëren' we - ik gebruik de term losjes - over van alles en nog wat, terwijl de oorspronkelijke kwestie, wangedrag onder agenten, onder een diepe laag controverse is bedolven.

Je zou kunnen zeggen: zo ging het altijd bij cultuuroorlogen en discussies over ras; maar dat is in wezen onjuist en zo hoeft het niet te gaan. Discussies over ras waren vaak giftig in de jaren zeventig en tachtig, maar het ging wel om kernzaken waarover gediscussieerd kon worden - en waarover compromissen uiteindelijk mogelijk waren: misdaad, de bijstand en positieve discriminatie. Zo was het, tot zekere hoogte, ook in de jaren negentig toen raciale spanningen behoorlijk afnamen. In 2001 beschreef tweederde van de Amerikanen interraciale betrekkingen als 'vrij goed of goed' en dat bleef zo tot het einde van het vorige decennium - toen de rellen in Ferguson en andere controversen daaraan een eind maakten. En toen Trump het toneel betrad maakte het optimisme over die betrekkingen een duikvlucht.

Om de hoop in het debat terug te brengen, moeten we het weer over specifieke kwesties gaan hebben. Kunnen we de verantwoordingsplicht voor agenten vergroten, een redelijke eis van activisten? Kunnen politiediensten een betere omgang ontwikkelen met de gemeenschappen waarin ze optreden? En kunnen we de trend naar minder opsluiten van mensen voortzetten - iets waar tot voor kort zowel Democraten als Republikeinen voor waren - zonder dat het geweld in binnensteden weer toeneemt?

Dit zijn moeilijke vragen zonder eenvoudige antwoorden, maar debat hierover zou uiteindelijk tot consensus over nieuw beleid kunnen leiden omtrent ras en strafrecht - iets wat de cultuuroorlog tussen 'Make America Great Again' en 'Jullie zijn allemaal witte superioriteitsdenkers' nooit zal lukken. We moeten niet streven naar beëindiging van de cultuuroorlog, maar naar een betere cultuuroorlog - waarin winnen en verliezen duidelijk zijn afgebakend, en die weer uitzicht biedt op vrede.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.