INTERVIEWFamilieleden corona-overledene

Dick van der Ploeg overleed van de ene dag op de andere aan het coronavirus. ‘Vader wilde dóór, hij was zo levenlustig’

Jacqueline van der Ploeg en haar vriend Leo Onderwater. Hun vader en schoonvader Dick van der Ploeg overleed afgelopen weekend van de ene dag op de andere. Hij bleek het coronavirus te hebben. Donderdag 26 maart is de begrafenis. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Dit weekend overleed Dick van der Ploeg binnen 24 uur. De coronadoden moeten een gezicht krijgen, vinden zijn familieleden. Daarom doen ze hun verhaal. ‘Mijn vader lag echt naar adem te happen.’

‘Elke dag’, zegt Leo Onderwater, ‘kijk ik naar de coronacijfers van het RIVM. Dan lees ik hoeveel doden er weer bij zijn gekomen. Afgelopen maandag zag ik de cijfers opnieuw en toen realiseerde ik me ineens: o, daar zit hij bij.’

‘Mijn dappere, humoristische schoonvader’, zegt Leo, ‘was ineens één van die getallen geworden.’

Samen met zijn vriendin Jacqueline van der Ploeg beschrijft Leo, regisseur van televisieprogramma Het Klokhuis, wat hun vader en schoonvader Dick dit weekend overkwam.

Van zaterdag op zondag. Want zo snel ging het: binnen één dag.

Ze vertellen het verhaal ook namens hun zus Debby Martienus, die overal bij was.

Wilt u dit artikel liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie.

Een kwieke, taaie man

Het is zaterdag 22 maart en er is nog niets aan de hand als Leo bij het huis van Dick (87) in Zoetermeer aanklopt om zijn boodschappen af te leveren. ‘Hallo Jumbo’, roept Dick naar hem als hij de deur opendoet. Geintje. Hij voelt zich goed. Al wekenlang houdt hij zich aan alle regels van het RIVM.

Dick van der Ploeg.Beeld Privé-archief familie Van der Ploeg

Leo: ‘Hij volgde alles keurig op, maar hij moest er ook wel om lachen. Alsof het hem niet zou overkomen.’

Eerder die week hadden ze nog wc-papier bij hem afgegeven en was hij uit gewoonte bijna op hen afgelopen. Na hun afwerende geluiden had hij gelachen. ‘Ik heb toch zeker geen corona’, had hij gezegd.

Zijn schoonvader is een taaie. Oud worden zit in de familie. En zo kan het dat Dick al van alles overleefde: een aneurysma, een longontsteking, nierproblemen, een gebroken nekwervel. Als oud-postbode met een ijzeren conditie en een voorliefde voor lange wandelingen, incasseerde hij. En klaagde hij nooit. ‘Hij zei altijd: ik wil nog door hier.’

Die zaterdagmiddag staat de taxi voor de deur: de nierdialyse, dat doet hij drie keer in de week. ‘Ik zag hem erheen lopen en ik dacht: hij loopt best kwiek’, zegt Leo. De taxichauffeur draagt een mondkapje en vraagt of hij achterin gaat zitten.

Vanuit de taxi zwaait zijn schoonvader naar hem. ‘Ik zie je morgen’, roept hij nog.

Ergens na zeven uur komt het telefoontje, naar de zus van Jacqueline. Haar vader is net met de taxi vanuit het ziekenhuis vertrokken. ‘Wil je je vader alsjeblieft terugsturen naar ons?’, zegt de verpleegkundige. ‘Hij heeft koorts gekregen en we maken ons zorgen.’

Als de taxi aankomt bij het huis, staat haar zus er al.

‘Ze wist niet wat ze zag’, zegt Leo. ‘Zijn toestand was in vijf, zes uur tijd totaal veranderd. Hij kon niet meer zelf uit de taxi komen, niet meer op zijn benen staan. Samen met haar man heeft mijn schoonzus hem uit de taxi getild en hem in hun auto gezet. Hij vond het eerst niet nodig. Hij zei: nee joh, ik blijf wel hier.’

Maar uiteindelijk rijden ze toch naar het ziekenhuis.

Als ze bij het Reinier de Graaf Ziekenhuis komen, zijn de voorwaarden duidelijk.

‘Er mag maar één familielid bij’, zegt het ziekenhuispersoneel. ‘En verder niemand.’ Debby, de zus van Jacqueline, besluit mee naar binnen te gaan. Haar man blijft buiten achter.

De artsen onderzoeken Dick. Zijn wangen zijn rood en hij heeft 39 graden koorts, maar hij is niet verkouden, hoest niet, en is niet kortademig. Aanvankelijk denken ze niet dat het corona is, maar omdat hij zo weinig zuurstof in zijn bloed heeft, maken ze toch een keeluitstrijkje. 

En dan begint het vermoeden te komen. Het ziekenhuis besluit Dick op corona te testen. Zijn dochter wordt gevraagd naar huis te gaan; ze mag hem niet meer aanraken, vertelt Leo. 

Onmiddellijk wordt Dick in isolatie geplaatst. Van het ene op het andere moment belandt hij in een wereld van mondkapjes en volledig in isolatiekleding ingepakte artsen. Leo vertelt dat zijn schoonvader er berustend op reageert. ‘Hij zei: ja, dat moet dan maar. En hij was een beetje verbouwereerd. Stil. Maar hij snapte wel dat het moest.’ 

De artsen vragen of hij in geval van nood gereanimeerd wil worden, zegt Jacqueline. ‘Altijd als hij in het ziekenhuis kwam, kreeg hij die vraag. Hij zei altijd ja. Dus nu ook. Hij wilde door, hij wilde híér blijven.’ Leo: ‘Hij was heel levenslustig.’

Jacqueline: ‘Maar de arts vroeg of hij zich realiseerde wat dat betekende. Kijk, eigenlijk was reanimatie of beademing in zijn toestand - met zijn gezondheidsproblemen - geen optie meer. Na wekenlang op de intensive care zou hij geen kwaliteit van leven meer hebben gehad. Hij had nog best een paar jaar door kunnen leven, maar dit coronavirus had zó plotseling en zó agressief toegeslagen, dat hij niet meer te redden was.’

‘En toen zei mijn vader tegen de arts: nee, dan maar niet’, vertelt Jacqueline.

Die nacht praat de verpleegkundige nog met hem. Ze maken grapjes en ze lachen.

Ze weten dan nog altijd niet zeker of het om corona gaat.

Een laatste zwaai via de telefoon

De volgende ochtend om half zes spreekt Dick de verpleegkundige aan. 

‘Ik krijg het ineens zo benauwd’, zegt hij.

Het ziekenhuis belt met zijn dochter en zegt haar dat ze meteen moet komen. Als ze aankomt, krijgt ze een bril, een mondkapje, handschoenen en wordt ze tot over haar haren ingesnoerd in plastic. Ze voelt zich onherkenbaar en denkt aan de verpleegkundigen die dit elke dag moeten doen. Haar vader kan dan al niet meer praten. 

‘Heb je het zo benauwd, papa?’, vraagt ze.

Hij kijkt haar aan en knikt drie keer met zijn hoofd. De verpleegkundige van die nacht zegt dat ze verbaasd is, en dat het juist zo goed leek te gaan, vertelt Jacqueline.

Haar vader heeft zijn ogen dicht. Maar op bijna alle vragen die zijn dochter hem stelt, reageert hij.

‘Pap, ik ben hier’, zegt ze tegen hem. ‘Ik ben bij je.’

Het wachten thuis is bijna ondraaglijk. Via een videoverbinding op hun telefoon zien Leo en Jacqueline hem voor de laatste keer. Hij zwaait naar hen en naar zijn kleinkinderen. ‘Zo gaat afscheid nemen in tijden van corona dus’, zegt Leo. 

Dick van der Ploeg met zijn kleindochter.Beeld Privé-archief familie Van der Ploeg

‘Hij lag naar adem te happen’, zegt Jacqueline. 

‘De man die ik zo goed kende, herkende ik bijna niet meer', zegt Leo. 

Jacqueline: ‘Mijn zus zat ernaast en keek ernaar. Ze voelde zich machteloos. Het was vreselijk om te zien. Mijn zus hoopte voor hem dat het snel afgelopen zou zijn. Ze dacht: ga maar pap, dit is zo onmenselijk.’

Haar vader krijgt morfine, gaat kalmer ademen, en rond kwart voor twaalf verandert er ineens iets in zijn gezicht. Een soort rust is het, zegt zijn dochter.

Zondagmiddag laat komt de bevestiging. Hun vader had corona.

Ze begrijpen het allemaal. Dat er maar één iemand bij mocht zijn. Dat het zo is gelopen. Sterker nog: ze prijzen het ziekenhuis om de uiterst zorgvuldige manier waarop er met hun vader is omgegaan. Ze nemen de artsen niets kwalijk.

En tegelijkertijd doet het pijn dat ze er niet konden zijn. Voor hun vader. Voor hun zus.

Leo: ‘Mijn schoonzus is daar helemaal alleen geweest. Het was zo erg. Telkens als ze erover praat, wordt ze erg emotioneel. En door de quarantaine kan ze naar niemand toe en kan niemand haar troosten.’

Gissen naar de bron

Na zijn overlijden wordt hun vader in een dichte ‘isolatiezak’ afgevoerd naar het mortuarium, waar hij minstens 48 uur in moet blijven liggen. ‘Om besmetting te voorkomen’, zegt Leo.

Ze pijnigen zichzelf met de vraag: wie heeft hem besmet? Waren ze het zelf? De taxichauffeur? De verpleegkundige op de dialyseafdeling? De thuiszorg? Iedereen hield zich aan de voorschriften, hopen ze, maar niemand weet het. Ze verwijten niemand iets. En het blijft door hun hoofden spoken.

Leo vertelt wat een goede band hij met zijn schoonvader had, een man die het nieuws op de voet volgde, en alles van voetbal en wielrennen wist. Een man die om zijn familie gaf. Die hem op de schouders sloeg als Feyenoord eindelijk weer eens had gewonnen.

Een boze film

‘Het is een boze film’, zegt Leo. ‘We realiseren ons echt dat hij een broze gezondheid had en tot een risicogroep behoorde, maar dit is zo snel en abrupt gegaan.’

Jacqueline: ‘Het overviel hem gewoon. Dit virus is zo venijnig, zo gemeen, zo agressief. Het is een sluipmoordenaar.’

Vandaag, donderdag, zal Dick van der Ploeg worden begraven in Zoetermeer. Ze zullen er met zijn vieren zijn. De twee dochters en hun mannen. Als gevolg van de voorschriften van het RIVM moet het vandaag zo karig en sober zijn, dat het geen recht doet aan hun vader.

Omdat zij vieren nog altijd besmet kunnen zijn - ze zijn niet getest, maar ook niet ziek  - moeten ze tijdens de begrafenis afstand houden van de kist, vanwege de dragers. Vanwege het besmettingsgevaar mogen zelfs de kleinkinderen niet in hun buurt komen. Die mogen wel naar de begrafenis – maar apart, zonder hun ouders. Alleen van een afstand mogen ze naar elkaar kijken.

Ze willen dit verhaal graag vertellen, omdat ze het belangrijk vinden dat de coronadoden uit hun anonimiteit worden gehaald. Het zijn geen getallen, het zijn mensen die door hun geliefden zullen worden gemist. En die moeten een gezicht krijgen, vindt Leo.

Elke dag publiceren het RIVM, de ziekenhuizen, wereldgezondheidsorganisatie WHO en allerlei landen cijfers over de uitbraak van het coronavirus. Maar welke cijfers zijn belangrijk? En hoe moeten we ernaar kijken? We zetten de belangrijkste grafieken en kaarten op een rij.

Heldere analyses, de laatste cijfers, vraag en antwoord, reportages en meer staan overzichtelijk bij elkaar in het dossier: volkskrant.nl/coronavirus

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden