Dichter op hol in luie Uilenspiegel

Het is op de rand van donker en het sprookjesachtige uitzicht is volmaakt. Een imposante bruine beuk maakt zich breed, in de bomen kwetteren vogels en ver weg, bij de muzikantentent gaan lichtjes aan....

Het is een uitgelezen locatie waar Oude Honger, de zomerproductie van het Arnhemse gezelschap Oostpool, zich afspeelt. Naast een rij grote, rode lichtbakens waarin het licht als in een vuurtoren verspringt, op een reusachtige lichtblauwe steiger. De associatie met water die dit decor oproept, versterkt het landelijke karakter van Park Zijpendaal nog extra. Maar zulke enorme zetstukken zijn wel bepalend, alsof ze niet dulden dat zich in hun buurt veel beweeglijks afspeelt.

De beeldende kunst houdt het theater in toom. En het is zeer de vraag of dat een voordeel is. Zeker bij zo'n overvloedige tekst van Peer Wittenbols, waarin de dichterlijke zinnen elkaar om de oren vliegen en de fantasievolle overdaad soms alleen maar doet verlangen naar stilte. De dichter lijkt op hol geslagen en niemand, zelfs regisseur Rob Ligthert niet, heeft hem kunnen beteugelen.

Eigenlijk gaat Oude Honger over de liefde. En over oud zijn. Deugniet Tijl en zijn lieve Nele zijn in de zeventig en nog steeds dol op elkaar. In Nele woelt de jonge zinnelijke meid van achttien die wil vrijen, maar Tijl en zijn eeuwige vijand Philips II zijn vadsig en lui. En Nele maar stralen met die blauwe ogen en maar lonken en proberen of ze die vent van zijn plaats krijgt.

Ook wij snakken naar wat actie. De naam Uilenspiegel roept immers een middeleeuws kermisgevoel op in de stijl van de commedia dell'arte. In plaats daarvan worden we opgescheept met een taalbombardement dat de acteurs kennelijk zo verlamt dat ze aan spelen nauwelijks toekomen.

Gaandeweg hangt de verbintenis met de Uilenspiegel-legende steeds meer in de lucht. Wittenbols heeft de symboliek van de rebelse held willen gebruiken om te laten zien dat ook een oud mens nog vurig kan zijn en liever opbrandt dan uitdooft. Af en toe treft je een mooie zin, een fraai beeld, maar de figuur en zijn verhalen komen niet tot leven. Laat staan dat we geloven in de held. Meer dan een loze literaire verwijzing is het niet.

Dat ligt ook aan de mannelijke acteurs. Iwan Walhain als Tijl is met zijn dikgemaakte pens overtuigender in zijn vermoeidheid dan in zijn rebellie. Ook Remco Melles (Philips II) slaagt er niet in om zijn rol acceptabel te maken. Manon Nieuweboer als Nele gaat dat beter af, zij is teder en fel tegelijk. Maar ze krijgt weinig ruimte en blijft gevangen in deze statische regie die meer lijkt op een poëtische exercitie dan op theater.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden