Reconstructie

Deze zzp’ers kwamen diep in de schulden na fouten met toeslagen van de Belastingdienst. Klinkt bekend?

Marloes Hoeks moest haar schuld aflossen, terwijl de ­Belastingdienst erkende dat die on­terecht was. ‘Ik voelde me gevangen.’ Beeld Eva Roefs
Marloes Hoeks moest haar schuld aflossen, terwijl de ­Belastingdienst erkende dat die on­terecht was. ‘Ik voelde me gevangen.’Beeld Eva Roefs

Dit is geen verhaal over de toeslagenaffaire. Het is een verhaal over een ándere affaire met toeslagen. Een regeling die mensen voor de bijstand moest behoeden, hielp duizenden zzp’ers onbedoeld in de schulden. En weer is er een hoofdrol voor Eric Wiebes.

Het was op de eerste verdieping van het Belastingkantoor in Goes dat er iets bij haar knapte. Met haar dossier onder de arm en vol goede moed was Marloes Hoeks (43) ernaartoe gereisd. De Belastingtelefoon had haar maandenlang ‘nee’ verkocht, haar bezwaren waren afgewezen en ze had dwangbevelen gekregen ‘in naam der koningin’, maar ze was ervan overtuigd dat ze hier in dit krappe kantoortje kon laten zien dat die schuld van 5.704 euro een vergissing was.

Ze trof een ambtenaar met ogen vol begrip. Ze legde hem nog eens uit dat er een fout was gemaakt, dat ze recht had gehad op de toeslagen en dat ze haar twee jonge kinderen als alleenwonende moeder met een klein inkomen al genoeg ontzegde. En de Belastingdienst had in een brief nota bene erkend dat haar financiële ellende buiten haar schuld was ontstaan.

De ambtenaar liet haar rustig uitpraten, schoof een doos tissues toe, gevolgd door een formulier – om een betalingsregeling te treffen. Want die schuld mocht dan onterecht zijn en Hoeks en haar gezin tot ver onder het bestaansminimum duwen, zoals ze net had uitgelegd, ze moest ’m wel aflossen, zei de belastingman. Dát was dus het moment dat er iets knapte bij Hoeks en ze in huilen uitbarstte tegenover de nog altijd even begripvol kijkende ambtenaar. ‘Ik voelde me gevangen in het systeem, een slaaf van de Belastingdienst. Ik voelde me niemand.’

Dit is geen verhaal over de toeslagenaffaire, het debacle over de onterechte fraudeverdenkingen tegen tienduizenden ouders met kinderopvangtoeslag waar het kabinet in januari om aftrad. Al is het, verwarrend genoeg, wel een verhaal over een affaire met toeslagen, en over net zo’n moeras aan onrechtvaardige regels, onbuigzame belastingambtenaren en onmachtige rechters waarin de slachtoffers van de toeslagenaffaire kopje onder zijn gegaan. Een verhaal ook met mogelijk duizenden gedupeerden. Én een verhaal waarin Eric Wiebes, destijds staatssecretaris van Financiën, eveneens een hoofdrol speelt.

Een anonieme tip

Dat verhaal begint met een tip die vlak na Nieuwjaar binnenkwam bij de Volkskrant. ‘Helaas moet ik deze brief anoniem versturen omdat ik de gevolgen voor mijn baan niet kan overzien als bekend zou zijn dat ik dit bericht heb verstuurd.’ Was getekend: ‘een zeer betrokken medewerker van de Belastingdienst’.

De belastingambtenaar had zich mateloos geërgerd aan Wiebes’ optreden tijdens het parlementaire onderzoek naar de toeslagenaffaire. ‘Ik kan het niet uitstaan dat Wiebes met krokodillentranen zegt hoe ‘verbijsterend’ en ‘buitengewoon verdrietig’ het onrecht was dat de ouders is aangedaan.’

Want waar Wiebes na zijn aftreden als minister nog volhield dat hij in het geval van de toeslagenaffaire niet had kunnen ontdekken ‘wat ik redelijkerwijs had kunnen weten of doen om dit te voorkomen’, ging die vlieger in het geval van het ‘groot onrecht’ waarop de tipgever doelde niet op. Wiebes had duizenden burgers ‘bewust in de kou laten staan’. Burgers zoals Marloes Hoeks.

‘Ik ben trots op mijn werk’, schreef de anonieme bron aan de Volkskrant. ‘Echter, vanwege dit soort misstanden schaam ik mij er dikwijls voor om voor de overheid te werken.’

Financiële steun

Wat was er gebeurd? In de herfst van 2003 zette Mark Rutte, de toen 36-jarige staatssecretaris van Sociale Zaken, zijn handtekening onder het ‘Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004’. De Bbz, zoals de financiële steun in beleidsbargoens heet, helpt bijstandsgerechtigden en WW’ers om een bedrijfje te beginnen, zoals een bakkerswinkel of een tekstbureau. Als het ondernemerschap in het begin te weinig geld oplevert om van te leven, kunnen ze hun inkomen via de Bbz maximaal drie jaar lang aanvullen tot bijstandsniveau. Ook tijdelijk in zwaar weer geraakte zelfstandigen kunnen aankloppen voor deze inkomensondersteuning. Ruttes wet was de zoveelste reïncarnatie van een regeling die terugging tot 1937, toen de staat boeren en tuinders te hulp schoot als ze door het mislukken van pak ’m beet de witte kooloogst de eindjes niet meer aan elkaar konden knopen.

Het procedé van de Bbz lijkt op het eerste gezicht simpel. Ondernemers krijgen de aanvulling op hun inkomen in de vorm van een renteloze lening. Blijkt achteraf uit de jaarcijfers dat ze inderdaad niet meer hebben verdiend dan de bijstandsnorm, dan wordt de lening omgezet in een gift.

Er zat echter een addertje onder het gras. Door een boekhoudkundige kronkel telde de Belastingdienst de gift namelijk op bij het toetsingsinkomen dat bepaalt of iemand recht heeft op huurtoeslag, kindgebonden budget en andere toeslagen. De Belastingdienst deed dit over het jaar waarin de Bbz-lening in een gift was omgezet, niet over het jaar waarin de zelfstandigen het geld – dikwijls duizenden euro’s – daadwerkelijk hadden ontvangen. Dit betekende bijvoorbeeld dat iemand wiens in 2011 verstrekte Bbz-lening tijdens het jaar erna was kwijtgescholden, in 2012 plots een abnormaal hoog toetsingsinkomen had.

Het resultaat was een ‘papieren inkomen’, een sprookjesbedrag dat bijna net zo weinig met de werkelijkheid had uit te staan als potten met goud aan het eind van de regenboog. Hun toetsingsinkomen was immers veel hoger dan wat de Bbz-gebruikers in dat jaar echt hadden verdiend. De gevolgen waren niet zo sprookjesachtig: naar schatting 10- tot 15 duizend zzp’ers moesten duizenden euro’s aan zogenaamd onterecht ontvangen zorgtoeslag, huurtoeslag, kinderopvangtoeslag of kindgebonden budget terugbetalen. En zo hielp een regeling die bedoeld was om mensen aan de WW of bijstand te laten ontsnappen hen onbedoeld in de schulden.

Terugvordering

Zoals de Eindhovense freelancefotograaf Femke Cox (42), die door de kredietcrisis haar opdrachten zag verdampen. Toen ze in 2012 onder het bestaansminimum dreigde te raken, bood de gemeenteambtenaar aan haar inkomen aan te vullen met de Bbz. Het leek destijds de manier ‘om wat stress weg te nemen’ bij de alleenstaande moeder, maar deed uiteindelijk precies het tegenovergestelde. ‘In 2014 was alles afgehandeld en kreeg ik ineens een terugvordering. Ik dacht: foutje, moet ik even regelen. Het duurde even voordat ik doorhad dat ik echt een groot probleem had.’

Het probleem was er een met drie nullen. Cox moest ruim 7.000 euro aan toeslagen en inkomstenbelasting terugbetalen. Terwijl ze al moeite genoeg had haar ‘kostje bij elkaar te verdienen’. Ze liet het er niet bij zitten. Ze plande de dagen waarop ze zich in de zaak vastbeet als een militaire operatie. ‘Dan zei ik tegen de kinderen: vandaag heeft mama een k-dag en moeten jullie iets voor jezelf doen. Ik twijfel of ik in die tijd de leukste moeder was, je kon me soms echt opvegen.’

De gemeenteambtenaar voelde zich er zo rot over dat hij Cox vanuit een gemeentepotje 1.200 euro betaalde, maar op enig mededogen van de Belastingdienst hoefde ze niet te rekenen. ‘Je krijgt iemand aan de telefoon die duidelijk een communicatietraining heeft gevolgd. Die probeert je steeds maar af te schepen en heeft het over wetsartikel zus of zo. Ik snap dat ze bij de feiten moesten blijven, maar daar zat iemand met een verhaal – ik.’

Weinig clementie

Het is zoals de Nationale Ombudsman later zou schrijven in een brief aan staatssecretaris Wiebes: ‘Het papieren inkomen levert ernstige betalingsnood op bij betrokkenen. Iedereen constateert dit, maar het probleem blijft bestaan’. Ook rechters zagen het probleem, maar net als in de toeslagenaffaire hoefden gedupeerden in de rechtszaal op weinig clementie te rekenen. Zeker 23 gedupeerden stapten naar de rechter, soms tot de Hoge Raad of de Raad van State aan toe, uit protest over de papieren inkomens en de vele duizenden euro’s aan teruggevorderde toeslagen. In slechts drie gevallen trokken gedupeerden aan het langste eind.

De redenen waarom rechters de getroffenen nul op het rekest gaven, waren soms ronduit krom. Zo erkende de rechtbank Rotterdam in 2015 dat het probleem met de papieren inkomens als een ‘ongewenste uitkomst van een strikte wetstoepassing wordt beschouwd’. Toch oordeelde hij dat de gedupeerde in kwestie haar bijna 1.100 euro schuld moest terugbetalen. ‘Er is wel politieke aandacht voor deze problematiek, maar daar kan de rechtbank niet op vooruitlopen.’ Vergelijkbaar was de redenering van de Raad van State in een zaak uit 2017. Of het toetsingsinkomen dat de Belastingdienst had vastgesteld nu klopte of niet, was irrelevant. Diens woord was nu eenmaal wet, en zolang de Belastingdienst de fout niet herstelde, had de burger geen poot om op te staan.

Het toont eens te meer hoe slecht burgers beschermd zijn onder het bestuursrecht, constateert jurist Peter Kamp van het Zwolse advieskantoor Frankhuis & Twistvliet. ‘Het bestuursrecht is er niet voor de burger. Er is simpelweg geen doorkomen aan als je het als individu opneemt tegen de overheid, want de Belastingdienst of de gemeente krijgt vrijwel altijd gelijk. Dat zie je in de toeslagenaffaire en ook hier weer.’

Veel advocaten wilden hun handen überhaupt niet branden aan de kwestie, merkte Leidenaar Gert Ringenoldus (64). Na een ingrijpende kankeroperatie had hij met behulp van de Bbz geprobeerd zijn tekstbedrijf weer op te starten. De 37 duizend euro die hij over drie jaar ontving, kwam hem op een terugvordering van 6.376 euro aan toeslagen te staan. Hij ging er meerdere malen tegen in bezwaar. En al werden zijn brieven steeds beter – op een gegeven moment repte hij als een halve wetgeleerde zelfs over ‘artikel dit’ en ‘besluit dat’ – ze haalden niets uit.

‘Uiteindelijk kreeg ik van het juridisch loket een briefje voor een advocaat. Ik voelde me twee keer zo groot, ik dacht dat daarmee alles goed zou komen. Maar zodra ik aan de telefoon ‘papieren inkomen’ liet vallen, zei die advocaat: houdt u maar op, procederen heeft geen zin. Dat was een klap in mijn gezicht.’

Gert Ringenoldus ging meermaals in bezwaar, zonder effect. ‘Ik had de mazzel dat ik al op het bestaansminimum zat. Ze wisten: bij Ringenoldus is niks te halen.’ Beeld Eva Roefs
Gert Ringenoldus ging meermaals in bezwaar, zonder effect. ‘Ik had de mazzel dat ik al op het bestaansminimum zat. Ze wisten: bij Ringenoldus is niks te halen.’Beeld Eva Roefs

Ringenoldus kon niet betalen en ‘douwde’ de schuld jarenlang voor zich uit. ‘Ik had de mazzel dat ik al naar de kloten was en op het bestaansminimum zat. Daardoor wisten ze: bij Ringenoldus is niks te halen.’ Toch gingen de problemen hem allerminst in de koude kleren zitten: op zeker moment durfde hij niet eens meer naar zijn brievenbus te kíjken als hij het bellenblok van zijn flat passeerde. De angst voor de deurwaarder werd zo groot dat hij zijn computer en speakers bij de buurman wilde verstoppen tijdens diens kerstvakantie. Toen er geen ontkomen meer aan was, meldde hij zich, moegestreden en depressief, bij de schuldhulpverlening.

Vijftig gedupeerden wendden zich in arren moede tot de Nationale Ombudsman, uit frustratie over de muur waar ze tegenaan liepen. Die schreef eind 2014 een brief aan toenmalig staatssecretaris Wiebes. Hij verzocht Wiebes niet alleen om de bestaande regeling aan te passen om problemen in de toekomst te voorkomen, maar ook om bestaande gevallen met terugwerkende kracht te verlossen van ‘een groot probleem en zware last’, veroorzaakt door een schizofrene overheid, ‘die met de ene hand geeft en de andere neemt’.

Ondertussen had de Arnhemse fotograaf en muzikant Michael Voogsgerd (‘51, maar nog altijd in afwachting van een hitje’) zich de blaren op de vingers getikt over zijn schuld van 7.120 euro. Zijn eerste brief kwam in 2013 terecht in het postvak van oud-PvdA’er Mei Li Vos, die daarop Kamervragen stelde. Toen dat tot niets leidde, wendde hij zich tot CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt, die samen met Renske Leijten van de SP ook de toeslagenaffaire aan het rollen bracht. Omtzigts motie om met een oplossing te komen voor het vraagstuk werd vlak voor het kerstreces van 2016 unaniem aangenomen.

Muzikant Michael Voogsgerd hielp de problemen aankaarten, maar viste bij de schadevergoeding achter het net. ‘Mijn geloof in het systeem heb ik verloren.’  Beeld Eva Roefs
Muzikant Michael Voogsgerd hielp de problemen aankaarten, maar viste bij de schadevergoeding achter het net. ‘Mijn geloof in het systeem heb ik verloren.’Beeld Eva Roefs

Blij met een dode mus

Toen Wiebes in 2017 dan eindelijk met een oplossing kwam, bleken veel gedupeerden blij te zijn gemaakt met een dode mus. Dankzij een belastingfoefje waardoor niet langer de ondernemers, maar de gemeenten opdraaiden voor de belasting die de fiscus over de Bbz-gift rekende, zou vanaf Nieuwjaarsdag 2017 niemand nog in de problemen komen door het papieren inkomen. Maar dit was slechts een ‘zeer klein doekje’ voor het bloeden, zoals de tipgever van de Belastingdienst aan de Volkskrant schreef. De regeling gold namelijk niet met terugwerkende kracht. De mensen die al in de schulden zaten, hadden dus pech.

Terugwerkende kracht zou namelijk ‘een onbeheersbaar proces opleveren, resulterend in een stroom van fouten’, schreef staatssecretaris Wiebes in de herfst van 2016 aan de Tweede Kamer. Een wrede logica, vonden de gedupeerden. Wiebes weigerde dus de eerste fouten te repareren – terwijl daardoor mogelijk duizenden mensen in een onbeheersbaar proces van schulden verzeild waren geraakt – uit angst dat een goedmakertje de sluizen open zou zetten voor een tweede stroom van fouten.

De Tweede Kamer zette Wiebes onder druk om toch met zijn hand over het hart te strijken. Maar de staatssecretaris wilde niets weten van schadevergoedingen. ‘In de meest verstrekkende vorm zou dan teruggegaan kunnen worden tot het moment dat de toeslagen zijn ingevoerd (in het jaar 2006)’, schreef Wiebes op vragen van Pieter Omtzigt en Ed Groot (PvdA). Dit zou mogelijk 10- tot 15 duizend verzoeken om schadevergoeding tot gevolg hebben, een strop van 56 miljoen euro. ‘Hiervoor is geen budgettaire dekking.’

Toch wist de Tweede Kamer een jaar later via een motie van Omtzigt gedaan te krijgen dat een deel van de gedupeerden een schadevergoeding kreeg. Alleen was het kabinet niet bereid om verder terug in de tijd te gaan dan 2014, het jaar dat de Nationale Ombudsman bij Wiebes had aangedrongen op een oplossing. Dat de brief van de Ombudsman als ijkpunt diende, was niet alleen arbitrair – het probleem met de papieren inkomens was al zeker sinds 2010 bekend, blijk uit zowel Kamervragen als jurisprudentie – maar ook een hard gelag voor gedupeerden, voor wie de ellende met de Bbz al voor 2014 was begonnen. Zij visten achter het net.

Zo ook Michael Voogsgerd, die de Bbz-problemen juist had helpen aankaarten. Doordat de muzikant leeft rond het bestaansminimum, hoeft hij – net als veel andere gedupeerden – zijn schuld op dit moment niet verder af te lossen. Maar die 7.000 euro hangen nog altijd als een molensteen om zijn nek. De afgelopen jaren liep hij meerdere keren huurtoeslag en teruggave van de inkomstenbelasting mis doordat de Belastingdienst deze verrekende met zijn schuld. ‘Mijn geloof in het systeem heb ik erdoor verloren’, zegt hij. ‘Ik kijk ook geen Nederlands nieuws meer. Het is alsof je relatie uit is en je een bepaald liedje niet meer kunt horen, omdat dat je eraan doet denken.’

Parallellen met de toeslagenaffaire

De zaak vertoont veel parallellen met de toeslagenaffaire, zegt Omtzigt nu. ‘Er lag een rapport van de Ombudsman, daar is jarenlang niks mee gedaan, slachtoffers werden heen en weer gestuurd van het ministerie van Sociale Zaken naar dat van Financiën, de Kamer heeft steeds weer vragen gesteld, de minister heeft er lang over gedaan om met een oplossing te komen en toen kon het weer niet met terugwerkende kracht.’ Ook vergelijkbaar met de toeslagenaffaire is volgens Omtzigt dat de Belastingdienst, toen er eenmaal een compensatieregeling was, nauwelijks moeite heeft gedaan gedupeerden te benaderen die ervoor in aanmerking zouden komen. Veel van de gedupeerden met wie de Volkskrant sprak, zeggen per toeval op de compensatieregeling te zijn gestuit.

Het ministerie van Financiën laat weten dat slachtoffers zich zelf moesten melden ‘omdat de Belastingdienst/Toeslagen in de systemen niet kan zien wie de gedupeerde ondernemers zijn’. Wel is de regeling gecommuniceerd via onder meer gemeentenieuwsbrieven. Dat heeft erin geresulteerd dat 1.169 mensen, onder wie Ringenoldus, zijn gecompenseerd van de naar schatting 10- tot 15 duizend mensen die sinds het begin van het toeslagenstelsel in 2006 gedupeerd zijn. Dat is maar een deel van de 3.000 à 4.500 mensen die vielen onder de compensatieregeling over de jaren 2014, 2015 en 2016. Zij kregen in totaal 2,8 miljoen euro uitgekeerd van de 17 miljoen euro die voor de regeling was begroot. De compensatieregeling is vorig jaar gesloten. Omtzigt gaat Kamervragen stellen over de kwestie.

Toen Marloes Hoeks vorig jaar de Belastingdienst belde om te vragen hoeveel van haar schuld nog openstond, werd ze verwarrend genoeg teruggebeld door een speciaal door de overheid aangestelde zaakwaarnemer die slachtoffers van de toeslagenaffaire moet helpen. Maar Hoeks was bij haar weten helemaal geen slachtoffer van de toeslagenaffaire.

Hoezeer ze dit de zaakwaarnemer ook aan het verstand probeerde te brengen, ze bleef op het verkeerde stapeltje met gedupeerden liggen. Naast uitnodigingen voor therapeutisch bedoelde webinars met ‘toeslagenouders’ kreeg ze in december ook de ‘kerstgift’ van 750 euro voor, zoals de overheid het omschreef, ‘het lange wachten op herstel’ van de toeslagenaffaire. Die heeft ze maar gehouden.

Wilt u naar aanleiding van dit verhaal informatie delen met de Volkskrant? Mail dan naar tips@volkskrant.nl. Liever anoniem? Ga dan naar Publeaks.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden