Reportage

Deze zelfverzekerde buurtmoeders smoren rellen in de kiem: ‘Het is een vorm van empowerment’

Waarom breken in de ene stad rellen uit naar aanleiding van de coronamaatregelen en blijft het elders rustig? Dat komt, stellen jongerenwerkers en onderzoekers, door de kwaliteit van het buurtwerk.

Noël van Bemmel
De buurtmoeders van het Amsterdamse stadsdeel Nieuw-West op hun dagelijkse patrouille.  Beeld Sabine van Wechem
De buurtmoeders van het Amsterdamse stadsdeel Nieuw-West op hun dagelijkse patrouille.Beeld Sabine van Wechem

Een normaal mens loopt een blokje om, als de donderende knal van illegaal vuurwerk klinkt tussen de galerijflats van de Amsterdamse wijk Osdorp. Helemaal als ook nog een groep jongens opduikt met een – zoals dat in politieberichten heet – mediterraan uiterlijk, gestoken in zwarte kleding met hoodies over hun hoofd.

Zo niet jongerenwerker Mohammed Ettajiri. Die trekt juist een kort sprintje. Links en rechts slaat hij jongens op hun prijzige donsjas, deelt hier en daar een boks uit en noemt de vermoedelijk gooier bij naam. ‘Hé, kom jij eens hier. Doe normaal man, waarom ren je weg? Kom hier of ik bel je vader!’

En daar komt de jongen al aan drentelen. Een ventje van 14 jaar; zijn gezicht een en al verontwaardiging. ‘Waarom wil jij praten? Ik doe niks! Waarom moet je mij hebben?!’ Hij noemt de naam van een vriend, als Mohammed vraagt wie dan wel dat vuurwerk heeft gegooid. Euh nee, die jongen is er niet meer. Wat opvalt tijdens het gesprekje afgelopen week op een van de hotspots waar makkelijk rellen kunnen uitbreken uit onvrede met het coronabeleid: jongerenwerker Ettajiri (42), tevens mede-eigenaar van plaatselijke sportschool, kent iedere jongen. En hun ouders. ‘Hé boys, er wonen hier mensen. Kom op nou!’

Degelijk buurtwerk – dagelijks en intens – verklaart volgens betrokkenen en onderzoekers waarom in de ene buurt of stad rellen uitbreken, en in de andere niet. Terwijl de ingrediënten voor een escalatie – boosheid, frustratie, verveling, bewijsdrang – in vergelijkbare mate aanwezig zijn. Eindelijk positief nieuws uit het Amsterdamse stadsdeel Nieuw-West dat kampt met alle uitdagingen van een prachtwijk (voorheen achterstandswijk) en waar relatief veel jongeren met een immigratieachtergrond wonen. Terwijl in Rotterdam vorige week politieauto’s in vlammen opgingen, en ook elders in het land boze burgers de confrontatie met de politie zochten, bleef het relatief rustig in Amsterdam. Een vergelijkbaar verschil viel op tijdens de avondklokrellen begin dit jaar.

Grimmig

Dat gaat niet vanzelf, stelt voormalig kickbokser Ettajiri – klein van stuk, maar gespierd en rap van tong. ‘Ik heb vorige week letterlijk de stenen uit handen van de jongens moeten trekken.’ Circa 150 jongeren hadden zich verzameld op een bekende kruising in de buurt. ‘Er hing spanning in de lucht; iedereen stond te wachten; wie durft te beginnen?’ De politie was nergens te bekennen en dat was de bedoeling. Uren eerder had manager Jeugd en Veiligheid van het stadsdeel Ettajiri gevraagd – naar aanleiding van opruiende berichten op sociale media - in actie te komen. Die trommelde ruim tien jongens op via zijn stichting Ajuau & Etta, maar ook jongerenwerkers en buurtmoeders en -vaders uit omliggende buurten. Allen herkenbaar aan hun kleurrijke hesjes. Toen de eerste stenen toch richting een passerende tram en een politieauto vlogen, belde Ettajiri de wijkagent. ‘De sfeer wordt grimmig, we zijn stenen aan het afpakken.’

De wijkagent volgens Ettajiri: ‘Wat wil je doen? Sturen we de Mobiele Eenheid?’

Ettajiri wil nog even wachten. ‘Anders krijgen ze hun zin en staan we hier morgen weer.’ Dan duikt de wijkagent zelf op, wat redelijk gewaagd is. ‘Ze gingen hem uitschelden en treiteren. Maar het is een doorgewinterde agent, hij trok zich daar niks van aan. Dus zakte de spanning weer.’ De jongeren steken nog wat zwaar vuurwerk af, proberen met een jerrycan benzine een gebouwtje in de fik te steken, maar dat is buiten de wijkagent en zijn brandblusser gerekend. ‘Het was een avondje koorddansen. Maar we waren met zoveel buurtwerkers, ze kregen geen kans.’

Jongerenwerker Mohammed Ettajiri in Osdorp. Beeld Sabine van Wechem
Jongerenwerker Mohammed Ettajiri in Osdorp.Beeld Sabine van Wechem

Avondklokrellen

De gedoofde rel bevestigt volgens hoogleraar Marie Rosenkrantz Lindegaard (Universiteit van Amsterdam en het Nederlands Studiecentrum voor Criminaliteit en Rechtshandhaving) recent onderzoek naar de rol van buurtwerk bij het vermijden van conflicten. Haar team bekeek de camerabeelden van negen Amsterdamse probleemlocaties tijdens de avondklokrellen in januari en interviewde veertig aanwezigen. De conclusie: daar waar buurtwerkers ruim op tijd aanwezig waren en de politie zich niet liet zien, bleef escalatie uit. ‘De beelden laten heel overtuigend het positieve effect van de vrijwilligers zien.’ Vergelijkbaar onderzoek uit Engeland bevestigt dat volgens haar.

Lindegaards verklaring: ‘Het is een bekend gegeven uit de sociale psychologie: mensen met gedeelde waarden, met een gedeelde identiteit, hebben meer de neiging elkaar te helpen. En naar elkaar te luisteren.’ Buurtwerkers krijgen volgens haar dat voordeel, een wijkagent ook een beetje, maar de ME absoluut niet. ‘Dan wordt het jullie tegen wij.’ De hoogleraar vermoedt dat steden als Rotterdam minder hebben geïnvesteerd in buurtwerk. ‘Wij gaan dat komende maanden onderzoeken aan de hand van een landelijke vergelijking van recente rellen.’

Buurtmoeders

Een speciale rol is weggelegd voor buurtmoeders. Sinds anderhalf jaar patrouilleren die dagelijks in kleine groepjes door de straten van het Amsterdamse stadsdeel Nieuw-West. De Volkskrant liep afgelopen week mee met trotse en zelfverzekerde Marokkaanse vrouwen als Hafida, Hassana, Souad, en Rabia in haar scootmobiel. ‘We spreken jongeren aan als ze rotzooi maken, of als ze nog laat op straat hangen’, zegt Hassana. ‘We praten met ze alsof het onze eigen kinderen zijn. We leggen uit dat we onze beurt leuk, schoon en veilig willen houden.’ De hangjeugd luistert volgens hen meestal met respect. ‘Als ze weglopen, lopen we gewoon mee.’

Als voorbeeld noemt Hafida een zomers incident op het plaatselijke strandje. ‘Er zou een helm zijn gestolen, de politie was al gebeld. Toen ik daar aan kwam fluisterde een jongen: “Khalto!, het is maar verstoppertje, ik laat zien waar dat ding ligt als u het niet doorvertelt.” In vijf minuten had ik het probleem opgelost en de politie vroeg: “Hoe heb je dat gedaan? We staan hier al een uur!” Haha!’. Khalto is Arabisch voor tante en groeide uit tot aanspreektitel voor alle buurtmoeders.

Volgens sociaal onderneemster Fatimzahra Baba zijn dertig buurtmoeders actief. Zij coördineert hun inzet en organiseert workshops ter verhoging van hun weerbaarheid; of over het herkennen van verslavingen; de-conflicterend communiceren, het corona-virus. ‘Iedereen kent de moeders nu en vraagt hen bijvoorbeeld ook of ze wel of geen vaccin moeten nemen.’ Als de kans op rellen stijgt, gaat ook het aantal patrouilles omhoog. Zo reden ze vorig week na een appje snel naar Osdorp om daar te helpen. Eén moeder werd door haar zoon achterop de scooter gebracht. ‘Kijk je wel uit met dat zware vuurwerk’, adviseerde hij nog volgens de vrouwen die daar hartelijk om moeten lachen. Zij verzekeren dat hun kinderen trots zijn, nu blijkt dat hun moeders een belangrijke rol in de buurt vervullen.

Empowerment

De moeders ontvangen geen vergoeding voor hun dagelijkse tochten, stelt Fatimzahra. Maar toch is het volgens haar niet moeilijk vrijwilligers te vinden. ‘Ze doen het ook voor zichzelf. Het is een vorm van empowerment.’ Ze knikt richting nieuwkomer Souad die een beetje stilletjes achteraan loopt. Die legt met zachte stem - half-Nederlands, half Arabisch - maar zonder aarzeling uit: ‘Eerst vroeg ik hulp aan de moeders en nu loop ik zelf mee. Iedereen vindt dat we goed werk doen en daar word ik blij van. Ik voel me gewaardeerd en dat gevoel heb ik in 22 jaar huwelijk nooit gekregen. Nu weet ik dat ik meer kan dan ik dacht.’

De vraag dringt zich echter op of het wel veilig is om buurtbewoners in te zetten om de orde op straat te handhaven. Hoe effectief en voordelig dat ook kan zijn voor de gemeente. Vorige week kreeg buurtmoeder Hafida nog een steen tegen haar hoofd. En stoeptegels uit de handen van boze relschoppers trekken kan ook verkeerd uitpakken. Ettajiri: ‘Nee, ik krijg geen klappen. Ik ken die jongens! En dan nog, als ze het willen proberen...’ Hij vindt het risico aanvaardbaar, omdat hij zo – naar eigen zeggen –een jongen uit een brandhaard kan trekken. ‘Zij realiseren zich niet dat je een leven lang last kan hebben van een veroordeling.’

Hoogleraar Lindegaard signaleert dat de gemeente Amsterdam inderdaad belangrijk werk heeft overgedragen aan burgers. Afgelopen week prees burgemeester Femke Halsema de buurtmoeders, -vaders en straatcoaches nog en bedankte hen voor hun moedige inzet. Lindegaard: ‘Het is een kwetsbaar systeem. Je moet burgers bereid vinden en hen voldoende ondersteuning bieden. De cruciale vraag is op welk moment de vrijwilligers zich moeten terugtrekken en de politie het overneemt. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Dat valt of staat met goede communicatie tussen vrijwilligers, politie en gemeente in het heetst van de strijd.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden