'Deze twistzieke tijd vraagt niet om strijd voor de eigen zaak, maar om empathie'

Als ongelovige volgde ik in mijn studietijd colleges aan de theologische faculteit. Dat kan. De gelovigen daar hebben mij nooit kwaad gedaan en al met al behoorden de theologische colleges tot het prettigste en meest leerzame onderwijs dat ik heb genoten....

Marjolijn Februari

Dat kwam toen ik tentamen deed in de tuin bij de theologische hoogleraar thuis. De zon scheen en de hoogleraar vroeg me wat ik vond van een artikel over religieuze pluriformiteit. Ik mopperde wat op de conclusie van het artikel, dat ongelovigen verscheurd moesten worden en over de vier windrichtingen verspreid. Omdat hij verbaasd keek, legde ik uit: 'Ik heb me dat nogal persoonlijk aangetrokken.' Hij schoot in de lach. Nee, zo had hij de zin nog niet eerder gelezen. Ja, hij kon zich voorstellen dat ik bezwaar had tegen de suggestie.

Bedenkelijk op dat moment waren niet zozeer de vier windrichtingen. Wat ik bedenkelijk vond, toen en nu nog steeds, is de kennelijk vanzelfsprekende gedachte dat je ongelovig moet zijn om te schrikken van een aanval op de ongelovigen. Alsof onrecht alleen onrecht is wanneer het de eigen soort betreft. Alsof je niet evenzeer geraakt moet zijn wanneer een ander wordt belaagd. Ieder voor zich en God voor ons allen.

Na de moord op Theo van Gogh had ik verwacht dat we nu langer en uitgebreider zouden spreken over de kritiek van Ayaan Hirsi Ali op de positie van vrouwen in de islamitische cultuur. Maar nee. Aan alle kanten zagen deelnemers aan het publieke debat kans de eigen zaak naar voren te schuiven. CDAminister Donner streed de strijd der gelovigen en interpreteerde de hele nationale warboel als een probleem van godslasterlijkheid. Hiertegen moest volgens hem onmiddellijk en krachtig worden opgetreden.

Het belang van de gelovigen werd daarna in de Tweede Kamer meteen ook ijverig behartigd door kamerlid Van der Staaij van de SGP, die heel zeker wist dat 'domme christen' een kwetsender belediging is dan 'domme neger'. Mijn hemel. Welk vreselijk godsgeloof gaat schuil achter deze onthutsende ongevoeligheid en dit liefdeloze gebrek aan inlevingsvermogen? Als ik de God van de christenen was, zou ik Van der Staaij eens flink aanspreken op blasfemie.

Aan de andere kant van de tafel werd ook al geen actie ondernomen het debat een andere richting in te sturen. Een grote verzameling 'cabaretiers, schrijvers, kunstenaars, theatermakers, cineasten en anderen die zich op creatieve wijze uiten in het publieke debat' greep de gelegenheid aan om net als de gelovigen voor de eigen zaak te strijden. In een open brief vol taalfouten aan minister Donner van Justitie nam de creatieve mens het exclusief op voor zichzelf.

'Als een cabaretier, kunstenaar, schrijver, columnist, cineast, theatermaker of iemand anders die zich op creatieve wijze mengt in het publieke debat een ironisch, sarcastisch of satirisch bedoelde grap of opmerking maakt die kwetsend of godslasterlijk kan worden opgevat (sic), riskeert hij of zij dan een boete of celstraf?' vroegen de briefschrijvers angstig. Om dan weer stoer af te sluiten: 'Kunnen wij nog zeggen wat we willen, en worden we daar wellicht nog in beschermd? Zo niet: tot ziens in de rechtszaal.'

Steeds meer Nederlanders overwegen emigratie, las ik in de krant. Als ik wel eens naar emigratie verlang, dan is het niet omdat er in Nederland moorden worden gepleegd door criminelen. Dan is het omdat mensen van het woord hier keer op keer laten weten voor weinig anders warm te lopen dan voor het eigen recht op kwetsen en beledigen.

Eigenlijk, nogmaals, moet de moord op Theo van Gogh nu reden zijn eens langer en inhoudelijker te spreken over de positie van vrouwen in de islamitische cultuur. Dat hoeft niet te gebeuren door vrouwen uit de islamitische cultuur. Daarvan zijn er immers maar weinig in de politiek. En daarvan zijn er ook maar weinig die zich 'op creatieve wijze uiten in het publieke debat'. De positie van de islamitische vrouwen is ook niet een zaak van de islamitische vrouwen, het is een zaak van algemeen belang.

En dat wil zeggen dat de positie van de islamitische vrouwen dus een zaak van de mannen is.

Want hoe vanzelfsprekend dat ook lijkt, er zijn toch nog steeds mensen die denken dat de belangen van mannen en vrouwen per definitie botsen. Zo kreeg ik bij toeval deze week het commentaar onder ogen van een man die beweerde dat mijn hart ligt bij het feminisme. Maar, voegde hij er geruststellend aan toe: 'Haar standpunten zijn nooit zo duidelijk dat ze op gespannen voet staan met het masculiene perspectief.'

We hoeven hier niet mijn hart te bespreken, dat is geen onderwerp van nationaal belang. En feministe? Toe maar. Dat is niet wat me deed schrikken. Wat mij deed schrikken is die klakkeloze veronderstelling dat vrouwen als ze zich sporadisch verdiepen in de positie van vrouwen hun hart bij het feminisme hebben liggen. En dat vervolgens dat feminisme, mits duidelijk uitgesproken, op gespannen voet staat met 'het masculiene perspectief'. Die klakkeloze veronderstelling dat er geen gedeeld belang is. Een algemeen belang.

Eigenlijk moeten we nu eens rustiger en systematischer de werkelijkheid onderzoeken achter alle verhalen over onderdrukking, mishandeling en gijzeling van islamitische vrouwen. En voor zover dat om strafrechtelijke inzet vraagt, is de minister van Justitie de meest aangewezen voorvechter in die zaak. Want weliswaar is minister Donner zelf geen vrouw, is hij zelf geen moslim en is hij zelf geen allochtoon maar voor een bestuurder die is aangesteld om het algemeen belang te dienen moet dat geen beletsel vormen.

Deze twistzieke tijd vraagt niet om strijd voor de eigen zaak, de tijd vraagt om empathie. Om de bereidheid ook eens het belang van de ander te bepleiten. De minister van Justitie het belang van de moslimvrouwen, de moslimvrouwen het belang van de moslimmannen, de moslimmannen het belang van de ongelovigen en de ongelovigen het belang van de christenen, de christenen het belang van de cabaretiers en de cabaretiers het belang van de minister van Justitie. In godsnaam!

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden