Deze merkwaardige man is een strijder van IS. Of niet

Toine Heijmans in Rotterdam

Waarom het vervolgen van jihadstrijders nog niet eenvoudig is.

Zijn naam is Ibrahim Ali A. Zijn naam is Ali Haydar A. Zijn naam is K. Zijn naam is Abu Khalil al-M.

Zijn geboortedatum is 3 juli 1986. Zijn geboortedatum is 3 juli 1978. Zijn vader is dood. Zijn vader is een juwelier. Hij heeft een zus en een broer. Hij heeft twee broers. Hij is ergens geboren, dat klopt.

De merkwaardige man is aangehouden met twee nationaliteiten, drie bankpassen en een creditcard. Hij is een Nederlander en een Jemeniet; zijn paspoort is vol stempels. Hij kent de wereld, maar de wereld kent hem niet. Hij draagt een Adidas-jack waarin hij luimig zijn handen stopt. De man bestaat want hij is hier - de rest verdwijnt in de mist van de recente wereldgeschiedenis.

Hij is een strijder van IS. Of niet.

'Dan denk ik', zegt de rechtbankpresident: 'hoe zit het nou?'

'Ik weet helemaal niks.'

Alle ogen op de man in het centrum van de zwaarbeveiligde rechtbankzaal. Meer politie dan publiek. De tribune is leeg. Hij is niet groot, maar ook niet klein. Alle over hem verzamelde data cirkelen door de zaal, als herfstbladeren. Gebeurtenissen, namen, paspoorten, ambtsberichten, de geheime lijst. Telkens gaat de bladblazer aan.

De officier van justitie ziet een terrorist. De advocaat ziet een slachtoffer van identiteitsdiefstal. Ze vinden elkaar in één conclusie: 'dit is een wat merkwaardige man'.

Terugkeerders, jihadisten: er is meteen een beeld. Krijgers met baarden. Ze zijn een 'topprioriteit' voor justitie. Twee Syrische vluchtelingen aangehouden deze week, verdacht van terrorisme. Dat is één. Probeer het vervolgens te bewijzen. Probeer alleen al te bewijzen wie ze zijn. Er is vaak onvoldoende, zei Dick Schoof, de terrorismecoördinator, 'om ze daadwerkelijk goed voor een rechter te brengen'.

De rechtbank in Rotterdam.

Weet deze man zelf wel met wie hij te maken heeft? Hij kijkt om zich heen als een kind, terechtgekomen in een nieuwe klas. Zijn glimlach, die telkens opsteekt als een briesje, kan drie dingen betekenen: hij is leep, hij is gek, of hij is zenuwachtig. Kiest u maar.

'Bent u Ali Haydar A.?'

'Nee.'

'Ben u zo geboren?'

'Misschien. Ik weet niet.'

Een kopie van zijn verlopen Jemenitische paspoort is gevonden in het Syrische strijdgebied. Hij staat op een geheime lijst van 5.158 namen, die door de Amerikanen is onderschept. Over hem is een ambtsbericht gemaakt door de AIVD. Maar dat kan dus ook iemand anders zijn.

De man strijkt zijn haar glad, veegt pluisjes van zijn vest. 'Ik zie alleen movies met zulke dingen.'

Hij is een vluchteling, elf jaar geleden genaturaliseerd tot Nederlander. Hij reist de wereld rond. Hij was in Amerika, in Engeland, in Saoedi-Arabië, in Jemen, Egypte en Marokko - altijd soepel door de terreurbeveiliging gekomen. Een halfjaar terug aangehouden op Schiphol, met z'n bankpassen en z'n creditcard: hij komt uit Caïro en staat internationaal gesignaleerd. Sindsdien zit hij op de zwaarbeveiligde terroristenafdeling van de gevangenis in Vught, tussen 'de jongens', zoals hij ze noemt.

IS-aanhanger in Raqqa, 2014. Beeld reuters

Hij vliegt in 2013 naar Istanbul, reist naar de grens en verdwijnt van de radar. Maanden later duikt hij op in Jemen.

'Kunt u vertellen waar u geweest bent in die tijd?'

'Istanbul.'

'Waar in Istanbul?

'Herinner ik me niet.'

'Wat heeft u gedaan?'

'Niks gewoon.'

Dan zijn er drie mogelijkheden, concludeert de rechtbankpresident: 'U bent in Noord-Syrië geweest. Of iemand anders is daar geweest, met uw paspoort. Of dit is één grote contraspionageaffaire van Islamitische Staat, en daar bijten wij ons nu op kapot, en zij lachen zich een hoedje.'

Het is een uitstekende samenvatting van de problemen waar het Nederlandse rechtssysteem op stuit, als het om jihadi's gaat.

De man kijkt omhoog, alsof hij iets in de lucht ontwaart, een libelle misschien, of een schim van zijn verleden. Hij glimlacht, en de rechtbankpresident glimlacht terug. Zo kijken pokerspelers naar elkaar.

IS-aanhangers in Raqqa, 2014. Beeld afp

De neuroloog vond 'geen hersenorganisch lijden'. Wel heeft de man 'metaalfragmenten in zijn schedelhuid'.

De psycholoog: zijn denken is coherent, maar moeilijk te volgen. Mogelijk simuleert hij zijn merkwaardigheid.

De psychiater: vreemd gedrag, maar niet te duiden.

De rechter vraagt: 'bent u steeds aan het liegen?'

'Niet echt.'

'Liegen over A', zegt de advocaat, 'hoeft niet te betekenen dat je je schuldig maakt aan B.'

Er is geen getuige die de merkwaardige man in Syrië zag. Geen foto's. Geen video's. Hij heeft geen strafblad. 'Hij lijkt me kwetsbaar', zegt de advocaat, iemand 'die je relatief gemakkelijk een paspoort afhandig maakt'.

De man veegt zijn neus af, en lacht de ruimte in.

'Wilt u', zegt de rechter, 'aanwezig zijn bij de uitspraak?'

'Is goed.'

t.heijmans@ volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.