Deze jongeren zijn niet zo slim en hoogopgeleid als leeftijdsgenoten. 'Ik ben niet zielig, ik ben beperkt'

Stel: je bent jong en niet zo snel, slim en hoogopgeleid als er van je verwacht wordt. Hoe ziet het leven er dan uit? 'Mensen met een perfect IQ zien vaak niet hoe hard wij moeten knokken.'

Emmely Heeren: 'Oké, ik doe dan wel geen studie, maar binnen Albert Heijn kan ik ook mooi carrière maken.'Beeld Erik Smits

Emmely Heeren (22) werkt als vakkenvuller bij Albert Heijn en woont bij haar ouders.

'Ik heb een takje te veel in mijn dna. Zo legde de dokter het aan me uit. En door dat takje heb ik een lager IQ. Ik ben blij dat ik het nu weet. Ik wilde begrijpen waarom ik ben zoals ik ben. Ik denk dat je het 't best kunt vergelijken met mist in je hoofd. Dat je niet helder denkt.

Vooral met de kleine dingetjes heb ik moeite. De fijne motoriek noemen ze dat met mooie woorden. Dan moet ik bijvoorbeeld een draad in een naald stoppen en dan zit ik zo een uur te priegelen. Of een theezakje in mijn kopje dopen... Soms klotst de helft van het water eroverheen. Heb ik dan niet eens door.

Studeren lukt me niet. Ik wilde graag niveau 2 doen op het mbo, heb het overal geprobeerd, maar de docenten zeiden: 'Dat red je toch niet'. Zuur. Ik vind het vooral frustrerend dat je zo veel superslimme mensen ziet afhaken. Die doen dan een jaartje universiteit, en dan redden ze het niet omdat ze het toch niet zo leuk vinden of te veel feesten. Daar word ik boos om. Geef mij jouw IQ, denk ik dan.

Ik heb me een tijdje heel dom gevoeld. Een hbo-studie zou ik nooit kunnen doen. Maar gelukkig ben ik een sociaal persoon - een kletskousje. Laatst zei een meisje op werk: 'Je ziet er gewoon uit zoals anderen'. Dan denk ik: nou, fijn, maar soms is het ook lastig. Mensen houden niet altijd rekening met je. Dan gebruiken ze veel moeilijke woorden in een gesprek - die duizelen dan zo voor mijn ogen. Soms floep ik er ook gewoon wat uit. Dan zeg ik ineens: 'Die persoon vind ik niet aardig'. Oeps... Ik moet eigenlijk eerst nadenken voor ik iets zeg.

Ooit wil ik op mezelf gaan wonen. Stofzuigen kan ik als de beste, maar het bed opmaken, daar had ik in het begin hulp bij nodig. Mijn ouders en begeleiders leggen me veel dingen uit. Werken doe ik ook. Eerst bij Mc Donald's, maar het ging te snel achter die grillplaat. Nu werk ik bij de Albert Heijn. Ik begon als vakkenvuller, maar krijg steeds meer verantwoordelijkheid. Dan voel ik me minder dom. Want dan denk ik: oké, ik doe dan wel geen studie, maar binnen dit bedrijf kan ik ook mooi carrière maken. Dat is dus ook precies wat ik ga doen. Niemand is namelijk perfect. Je moet je minder leuke kanten niet te serieus nemen. Ik vertelde mijn begeleider laatst heel trots dat ik al 17 duizend euro had gespaard voor mijn uitzet. Ik bedoelde 1.700. Nou, dat is dan misschien niet zo slim, maar we kunnen er wel lekker om lachen.'

Niels Mittertreiner (23) werkt als communicatiemedewerker bij een lotgenotenvereniging. Hij woont met leeftijdsgenoten in een begeleide woongroep.

'Je ziet het niet aan mijn buitenkant. Maar als ik praat, ben ik trager dan anderen. Alles moet ook een paar keer worden uitgelegd. Ik kan mijn rijbewijs niet halen vanwege mijn late reactievermogen, ingewikkelde nieuwsberichten over bijvoorbeeld Syrië moet ik een paar keer lezen voor ik ze snap. Soms vraag ik me af: hoe zou het zijn met snellere hersens?

Ik kan niet naar het reguliere onderwijs en date geen reguliere meisjes. Op de basisschool zat ik vaak apart voor extra uitleg, dat voelde niet leuk. Na groep vijf ging ik naar een speciale school, veel beter. Daar waren mensen met hetzelfde als ik.

Zorgen om de toekomst heb ik niet. Ik heb lieve ouders en fijne begeleiders die mij helpen en ben een harde werker. Wel moest ik andere dromen bedenken. Ik wilde altijd een opleiding doen, sport en beweging - dat kon niet. Nu sport ik zelf veel. Ik doe aan hardlopen, fitness. Ik zit in een speciaal voetbalteam voor mensen zoals ik - de tactiekbespreking wordt net zo lang herhaald tot iedereen het snapt.

Soms zie ik andere mensen die wél een opleiding doen, zoals mijn zus. Die studeerde in Amsterdam en heeft nu een goede baan. Ze doet iets moeilijks, iets met economie. En ze woonde tijdens die studie op kamers. Toen dacht ik wel vaak: dat zou ik ook wel willen.

Maar ik leid ook een beetje een studentenleven. Ik woon in een groep waar veel mensen mijn vriend zijn. We koken voor elkaar. Pasta is mijn specialiteit. En we gaan soms uit. In de kroeg denken mensen niet: hij heeft iets. Ik ben een gewone, blonde jongen. Tot ze met me praten. Ik ben niet goed in die snelle, gevatte opmerkingen. Soms heb ik het gevoel dat als ik met een meisje klets - een regulier meisje bedoel ik dan dus - ze me een beetje gek vindt, en daarom afhaakt. Of ze vinden het spannend, kan ook. Ik vertel altijd over mijn probleem. Ik vind het stom om niet eerlijk te zijn. En ik schaam me niet, waarom zou ik? Ik zet het alleen niet op mijn Tinderprofiel, anders ziet iedereen het. Dat hoeft ook weer niet.

Ik ben nu vrijgezel, maar vind dat niet erg. Ik heb veel vrienden. De meesten hebben ook een leerachterstand. Je begrijpt elkaar toch beter. Misschien is het ook wel makkelijker om een vriendin te hebben van hetzelfde nadenkniveau.

Heel af en toe ben ik boos. Dan wil ik dat alles perfect werkt, daarboven. Maar weet je? Ik heb het nu goed. Ik heb een mooi huis, leuk werk, gezellige mensen om me heen. Als je naar mijn Instagram of Facebookprofiel kijkt, dan denk je: die jongen heeft een leuk leven. En niet: die jongen heeft een beperking.'

Niels Mittertreiner: 'Als je naar mijn Facebookprofiel kijkt, denk je: die jongen heeft een leuk leven. En niet: die jongen heeft een beperking.'Beeld Erik Smits

Lisa Swart (21) werkt bij een lunchcafé in Almere, heeft een relatie en woont semi-zelfstandig.

'Ik doe mijn best. Echt waar. Maar soms moet ik in een gesprek wel drie keer vragen aan iemand: 'Wat bedoel je nou?' Na de tweede keer denken mensen vaak: 'Nu snap je het toch wel?' Nou, niet dus.

Na de middelbare school zag ik veel leeftijdsgenoten naar het ROC gaan. Dat wilde ik ook. Je wil toch een zo moeilijk mogelijke studie doen. In die tijd vergeleek ik mezelf continu met anderen van mijn leeftijd die wel goed konden leren. Waarom kan ík dat niet?

Ik heb niveau 1, het laagste niveau, op het mbo afgemaakt - met pijn en moeite, hè. Ik had zo graag als medewerker in een animatieteam op campings gewerkt, maar daarvoor heb je niveau 2 nodig. Nu zit ik in de leiding bij de scouting, dat lijkt er een beetje op.

Ook zoiets moeilijks: mijn rijbewijs! Theorie heb ik wel gehaald, maar ik heb geen inzicht. Echt nul komma nul. Na twee jaar en honderd lessen zeiden mijn ouders: 'Als je nu niet afrijdt, kun je beter stoppen'. Toen was ik boos en verdrietig. Wéér iets wat niet lukt. Terwijl ik op Facebook alleen maar mensen zag slagen.

Daarom is het fijn om vrienden te hebben met hetzelfde 'dingetje'. Hier op de werkvloer werken veel mensen met een lager IQ. Ik ben hier misschien wel een van de slimmere. Ik werk in de bediening en de keuken. Ik vind die variatie geweldig.

Ik heb steeds beter door hoe mijn hoofd werkt. Ik zit bijvoorbeeld op streetdance, ik dans mee met een 'gewone' groep. Wil ik mee komen met de rest, dan moet ik de pasjes thuis oefenen.

Wat hielp voor mijn zelfvertrouwen: een relatie. Kelvin en ik zijn nu drie jaar samen en we zijn gelukkig. Hij is ook verstandelijk beperkt. We vullen elkaar goed aan: hij kan niet goed opruimen, ik wel. Hij is handig, ik niet. Als we gaan bowlen, bijvoorbeeld, gooit hij strikes en ik mik die bal alléén maar in de goot.

Kelvin en ik kunnen niet alles doen wat andere stelletjes doen. Met z'n tweetjes op vakantie gaan, is niet slim. Ik heb vaak dat ik dingen doe zonder erbij na te denken, en dan gebeurt er weleens een ongeluk. We gingen een keer met een groep op vakantie in Spanje en toen viel ik van een glijbaan. Dus belandden we op de eerste hulp. Hoe hadden Kelvin en ik dat samen moeten regelen, in een gekke taal?

Soms praten we over kinderen. Of we dat willen. Dan maak ik me zorgen: je wil niet dat het kindje krijgt wat wij hebben. Maar als het kan leren, hoe moet ik het dan helpen met zijn natuurkundehuiswerk? Het is een zorg voor later. Ik probeer nu te kijken naar wat ik heb. Een vaste baan, een eigen huis, een relatie. Hoeveel 21-jarigen kunnen dat zeggen?'

Lisa Swart: 'Over een kind maak ik me wel zorgen. Als het kan leren, hoe moet ik het dan helpen met zijn natuurkundehuiswerk?'Beeld Erik Smits

Michiel (22) woont bij zijn ouders in Zeist en werkt als facilitair medewerker op een advocatenkantoor.

'Als je niet zo slim bent, word je soms onzeker bij de simpelste dingen. Bijvoorbeeld fooi geven in een restaurant: weet ik veel hoeveel euro ik erbij moet tellen en wat dan het eindbedrag wordt. Of geld terugkrijgen in de supermarkt: ik zeg dan wel 'dankjewel', maar heb géén idee of het echt klopt. Er worden in het leven eisen gesteld waaraan niet iedereen kan voldoen. Verre reizen maken, zoals veel mensen van mijn leeftijd nu doen, durf ik niet. Ik voel me te kwetsbaar.

Koken is mijn passie, spaghetti bolognese is mijn specialiteit. Maar ik kan niet goed rekenen. Nogal lastig met het afmeten van hoeveelheden. Dan doe ik er te veel zout bij, of te weinig pasta in de pan. Ik vraag vaak aan mijn vader of moeder: 'Is het zo goed?' Maar je wil het ook zélf kunnen.

Ik zat altijd op speciale scholen. Binnen de schoolmuren was het veilig. Een beschermd thuis. Daarbuiten, in de maatschappij, gaat alles snel. Iedereen wil naar de universiteit, of het hbo. Logisch; een mens wil meedoen. Zodra ik een boek zie, word ik nerveus. Er staan altijd dingen in die ik niet snap. Op het ROC kon ik niveau 1 aan, een horeca-opleiding. Het laagste niveau. Een koksopleiding leek me fantastisch, maar werd 'm niet. Dat rekenen, hè... Het zou mooi zijn als er voor moeilijk lerenden meer speciale vakopleidingen zouden zijn, want ik wil best nog verder.

Nu werk ik op een advocatenkantoor. Op dag één zei ik: 'Ik wil niet anders dan anderen worden behandeld. Ik ben niet zielig, ik ben beperkt.' Ik heb een begeleider aan wie ik alles kan vragen, dat heb ik nodig, maar ik zit ook bij vergaderingen. Gaat het over moeilijke dingen, 'hoger beroep' ofzo, dan vraag ik: wat is dat? De mannen in pakken gaan daar goed mee om. Bovendien: ik draag ook een nette blouse. En ik werk even hard. Wel in een ander tempo - dat ik even snel moet zijn als de rest, heb ik losgelaten.

Mensen met een perfect IQ zien niet altijd hoe wij moeten knokken. Hoe graag we het willen. Toen ik die horecaopleiding deed, ben ik bij twee restaurantkeukens weggestuurd. Ik was altijd op tijd, deed mijn stinkende best, maar had een te laag werktempo. Zonder begrip en geduld zijn mensen zoals ik nergens.

Nu heb ik het gevoel dat ik meedoe. Komt door mijn werk. En doordat ik vrienden heb, hobby's. Ik ben aan het daten met een leuk meisje. Het is nog pril. Ze heeft geen beperking. Ik denk daar van tevoren niet over na. Je hebt een klik of niet. Je moet niet kijken naar het uiterlijk of naar iemands opleiding. Ik kan me niet voorstellen dat iemand aardiger is doordat-ie een studie heeft gedaan.'

Michiel: 'Iedereen wil naar het hbo. Logisch, een mens wil meedoen.'Beeld Erik Smits
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden