InterviewJac Rooijmans

Deze GGD-directeur brak met de regels: ‘We waren overtuigd dat we het goede deden. Gelukkig is dat ook gebleken’

Als enige in Nederland gaf de GGD Limburg-Noord overgebleven vaccins wél aan kwetsbare groepen. Na de ophef vorige week is directeur Jac Rooijmans blij dat zijn voorbeeld toch navolging krijgt. Want de nood is hoog.

Jac Rooijmans: ‘Als mijn huisartsen zeggen: we kunnen meteen beginnen, moet ik dan zeggen: ik doe het niet?’  Beeld Kiki Groot
Jac Rooijmans: ‘Als mijn huisartsen zeggen: we kunnen meteen beginnen, moet ik dan zeggen: ik doe het niet?’Beeld Kiki Groot

Ineens stond de GGD Limburg-Noord vorige week ‘vol in de wind’, constateerde directeur Jac Rooijmans tot zijn verbijstering. De reden: zijn GGD vaccineerde kwetsbare personen uit de regio met spillage – vaccin dat aan het eind van de dag over was – en week daarmee af van alle andere GGD’s. En dát was toch niet de bedoeling.

In zijn kantoor in een buitenwijk van Venlo praat Rooijmans (64) – donkerblauw pak, vriendelijk gezicht – zo rustig mogelijk. Hij wil geen ‘crisis binnen de crisis’, heeft hij voorafgaand aan het interview gezegd. Toch rinkelen af en toe de kopjes op tafel, als hij zijn hand laat vallen uit verbazing of frustratie.

‘Ik heb niets stiekems gedaan’, zegt hij. ‘Ik heb niks om me voor te schamen.’

Daar leek het vorige week wel even op, toen bekend werd dat jullie afweken van de landelijke koers van de GGD. Jullie moesten er direct mee stoppen.

‘Wat er gebeurde, was teleurstellend. De reactie van het ministerie en de GGD-koepel werkte demotiverend voor mijn mensen, omdat iedereen ervan overtuigd was dat we het goede aan het doen waren. Gelukkig is dat nu ook gebleken.’

Dit verhaal gaat over bureaucratie op z’n allerlelijkst. Over richtlijnen, over angst het verkeerde te doen, de vrees voor ongelijkheid. Over het verlammende effect van de poldercultuur.

Om het te begrijpen, moeten we terug naar begin dit jaar. Op advies van de Gezondheidsraad is de Nederlandse vaccinatiestrategie gericht op ‘het voorkomen van ernstige ziekte en sterfte als gevolg van het coronavirus’. Ouderen en mensen uit risicogroepen worden daarom als eerste geprikt. Daarna zal de rest volgen, van oud naar jong.

Het is de tijd waarin het vaccin nog zó schaars is, dat het vervoer wordt begeleid door beveiligers. Iedereen is het erover eens dat er geen druppel verloren mag gaan. Ook niet als er aan het eind van de dag vaccin over is. Om willekeur te voorkomen, komt er een richtlijn waarin staat wie in aanmerking komen voor de spillage.

Op de derde plaats in die richtlijn staat een groep die tot dan tussen wal en schip lijkt te vallen: de kwetsbaren, ook wel ‘schrijnende gevallen’. Mensen die zich soms ten einde raad met hun medisch dossier melden bij de vaccinatielocaties van de GGD, en smeken om een vaccin. Sommigen hebben niet lang meer te leven en willen in hun overgebleven tijd graag nog in de buitenwereld komen. Anderen zitten al een jaar in isolatie, om maar niet besmet te raken. De richtlijn biedt hoop.

Maar meteen ontstaat er discussie: wie vallen onder de categorie ‘kwetsbaren’? Zijn dat mensen met de spierziekte ALS? Mensen in psychische nood? Mensen met kanker? En welke soorten kanker dan?

De GGD’s willen daarover niet beslissen. Daarom kondigt het ministerie van Volksgezondheid een nieuwe richtlijn aan, waarin de categorie ‘kwetsbaren’ verder wordt gespecificeerd. Tot die er is, zegt GGD-koepel GHOR, wordt de spillage ingezet voor een andere categorie uit de richtlijn: medewerkers van de GGD.

Dat er één GGD is die het anders doet, bleek pas vorige week, toen een ALS-patiënt die via de spillagelijst van de GGD Limburg-Noord was gevaccineerd, de Volkskrant benaderde.

Jac Rooijmans: ‘In tijden van crisis moet je een besluit nemen, dan kijk je hoe het gaat, en eventueel stel je dat weer bij. Dan wordt het ook geaccepteerd als je fouten maakt.’ Beeld Kiki Groot
Jac Rooijmans: ‘In tijden van crisis moet je een besluit nemen, dan kijk je hoe het gaat, en eventueel stel je dat weer bij. Dan wordt het ook geaccepteerd als je fouten maakt.’Beeld Kiki Groot

Waarom besloten jullie af te wijken?

‘Wij wilden niet wachten op de casusdefinitie van het ministerie. Daarom hebben we het aan onze huisartsen voorgelegd. Zij gaven meteen aan: wij hebben die verdere uitwerking niet nodig, we kunnen zelf wel met een goede lijst komen. Patiënten van wie zij, vanuit hun integriteit en professionaliteit, denken dat ze voorrang verdienen vanwege hun schrijnende situatie. Zes dagen later was de lijst al klaar.’

Hebben jullie de huisartsen nog criteria meegegeven? Moesten het bijvoorbeeld patiënten zijn met een bepaalde ziekte, of konden het ook mensen zijn die door de maatregelen psychisch in de knel waren gekomen?

‘Dat hebben we bewust niet gedaan, omdat wij bij de GGD niet in de rol van God willen komen. Wij willen niet beslissen over levens. Om de doodeenvoudige reden: wij kennen jouw dossier niet. En ik wil je dossier ook niet kennen, want wij hebben geen vertrouwensband als behandelaar en patiënt. De huisartsen hebben dat wel, wij vertrouwen op hun keuzes.’

Hoeveel mensen stonden er op de lijst?

‘We hebben gezegd: we maken de lijst niet langer dan honderd, want we willen niet dat mensen heel lang moeten wachten. We hebben vier priklocaties, er zijn dagen dat we maar een paar vaccins overhouden. Toen de lijst leeg raakte, hebben we de huisartsen weer een belletje gegeven. Het is een eenvoudig proces, het loopt soepel. Ik vind het ook volkomen logisch. We doen dit nu ruim een maand en hebben meer dan 250 kwetsbaren in onze regio gevaccineerd.’

Toch waren jullie de enige GGD die schrijnende gevallen vaccineerde.

‘Ja, kennelijk. Op zichzelf ben ik er voorstander van om landelijk zo veel mogelijk dezelfde lijn aan te houden, want het is toch al zo moeilijk voor iedereen. Zo ongeveer elke week verandert er wel weer iets in de vaccinatievolgorde, het is bijna niet uit te leggen. Maar er lag gewoon een landelijke richtlijn waarin de kwetsbaren stonden. Als mijn huisartsen hier zeggen: Jac, wij maken een lijst, we kunnen meteen beginnen. Moet ik dan zeggen: nee, ik doe het niet? Ik blijf gewoon mijn gezonde medewerkers vaccineren? Volgens mij komen die vaccins nu terecht bij de mensen die ze écht nodig hebben.’

Dit klinkt zo logisch. Waarom deden andere GGD’s het niet net zo? Het zou ervoor gezorgd hebben dat duizenden kwetsbaren in Nederland inmiddels gevaccineerd zouden zijn.

‘Ja, en dat was voor veel mensen heel wezenlijk geweest. Daarom zijn we er zelf ook mee begonnen.’

Weet u wel dat GGD-artsen op verschillende priklocaties stiekem tóch ernstig zieke mensen hebben gevaccineerd? Dat zij hun eed verkozen boven de richtlijnen?

‘Natuurlijk ken ik de verhalen van artsen die zeggen: joh, ik heb de eed afgelegd. Mijn reactie is: we hoeven ze niet in die positie te brengen, als we via huisartsen met deze lijsten werken.’

Als de Volkskrant publiceert over de werkwijze van de GGD Limburg-Noord – vorige week – ontstaat er rumoer. Het ministerie van Volksgezondheid kondigt meteen de nieuwe richtlijn aan, die al anderhalve maand op zich laat wachten. Maar in plaats van dat daarin de criteria voor kwetsbaren verder zijn uitgewerkt, zoals beloofd, is de categorie nu helemaal geschrapt.

Tegenover deze krant laat een woordvoerder van minister Hugo de Jonge weten dat de GGD Limburg-Noord per direct dient te stoppen met het vaccineren van kwetsbaren. Het laten opstellen van een spillagelijst door huisartsen zou zorgen voor willekeur.

Sjaak de Gouw, directeur van GGD-koepel GHOR, beschrijft op Radio 1 waarom de kwetsbaren na anderhalve maand overleg helemaal uit de richtlijn zijn geschrapt. ‘Dat vergt criteria over wat schrijnende situaties zijn en wat niet. En de medewerking van specialistenverenigingen en huisartsen in heel Nederland. Aan al die voorwaarden kon niet worden voldaan en dan moet je constateren dat het niet lukt. Anders krijg je heel grote verschillen tussen regio’s en in deze tijd is dat niet te verantwoorden.’

De kwetsbaren lijken terug bij af. Mede door de media-aandacht is de publieke verontwaardiging deze keer groot. Neemt een GGD eens het initiatief, waarbij veelal doodzieke mensen enorm gebaat zijn, wordt het om zeep geholpen door de controledrift van het ministerie, is de teneur.

Tot verrassing van velen maakt minister Hugo de Jonge nog dezelfde dag een draai in de Tweede Kamer. Er is sprake van ‘een misverstand’, zegt hij. ‘Een aantal GGD’en, waaronder Noord-Limburg, het fantastische Noord-Limburg – laat ik dat ook eventjes zeggen – heeft, waar andere GGD-regio’s en ook andere huisartsengroepen en andere medisch specialisten dat wel heel ingewikkeld vonden, kennelijk wel een werkwijze uitgevonden die kan. Die werkt daar kennelijk.’

Een aantal uur nadat zijn eigen woordvoerder heeft gezegd dat Noord-Limburg moet stoppen, zegt De Jonge in de Kamer: ‘Laten we het een beetje aan de regio overlaten.’

Het moet voor u een bijzondere dag zijn geweest.

‘Er was die ochtend contact met de koepel, die ons vertelde dat de kwetsbaren uit de richtlijn waren geschrapt. Toen hebben we hier gezegd: als dat de nieuwe regeling is, dan kunnen we niets anders doen dan stoppen, dan wordt het ons feitelijk gewoon verboden. Ik had wel de reacties uit de samenleving gezien, die waren hartverwarmend. Als een van de weinigen hier had ik ook nog wel de hoop dat er medestanders waren, dat er tóch nog iets zou gebeuren. Die groep kwetsbaren negeren, dat is gewoon niet uit te leggen. We hebben toen gezegd: we gunnen onszelf een dag om de boel om te gooien. Vandaag werken we nog even met de lijst die we al hebben.’

Kreeg u mee wat De Jonge in de Tweede Kamer zei?

Rooijmans pakt zijn telefoon en start een filmpje. Het zijn de beelden van Hugo de Jonge in het Kamerdebat, terwijl hij het heeft over ‘het fantastische Noord-Limburg, laat ik dat ook even zeggen’. Rooijmans: ‘Deze hebben we hier nu allemaal op onze telefoon staan. Als we slechte zin hebben, dan zetten we gewoon dit filmpje aan. Ook al is het misschien politiek, ja, het is politiek. Maar toch, haha!’

Nu kunt u erom lachen. Maar wat gebeurt hier nou? Zien we hier een minister die een richtlijn maakt, schrikt van de reacties en erop terugkomt in de Kamer?

‘Ik constateer alleen dat er tussen de ochtend van de nieuwe richtlijn en de avond van het debat wel degelijk iets is veranderd. Ja, het is aannemelijk dat het ministerie erop terugkwam. Maar ik wil me niet laten verleiden om het in te kleuren. Ik ben vooral blij met het resultaat.’

Een twintiger die al meer dan een jaar binnen zit met een ernstige ziekte en op jullie spillagelijst stond, nam die dag contact met ons op. Hij had een aantal keer zelfmoordpreventielijn 113 gebeld toen hij hoorde dat de lijst zou verdwijnen, en daarmee zijn kans op snelle vaccinatie. We hebben het over richtlijnen, over politiek. Maar eigenlijk gaat het toch hierover?

‘Wat ik interessant vind: hoe kan het dat je in deze tijd, in een crisis, probeert tot op de komma nauwkeurig iets te regelen? Het feit dat wij daar in Nederland langer dan een maand over doen, en er dan ook nog niet eens uitkomen, laat wel zien hoe wij als land in elkaar zitten. Wij willen heel veel helemaal dichtgetimmerd hebben voordat we eraan beginnen. Maar in tijden van crisis moet je een besluit nemen, dan kijk je hoe het gaat, en eventueel stel je dat weer bij. Dan wordt het ook geaccepteerd als je fouten maakt.’

Snel handelen met het risico op fouten is beter dan laat handelen?

‘Wij hebben ook de brandweer in onze organisatie. Iemand zei vorige week: we gaan toch ook niet eerst kijken of het bluswater wel op temperatuur is? Dat vond ik een mooie, het is toch van de ratten?! Ja, dat zorgt voor teleurstelling bij mij. Ik heb geen tijd om te wachten op een regeling, als we met elkaar iets goeds kunnen doen wat helpt. En ja, het zal vast nóg beter kunnen.’

Na de ophef van vorige week kondigen steeds meer GGD’s aan jullie voorbeeld alsnog te volgen. Hoe belangrijk is dat voor jullie?

‘Dat er in de maatschappij wordt gezegd: goddomme, wat ze daar in Limburg aan het doen zijn, dat is wat we willen, dat geeft ons een gevoel van trots. De handen die we nu in onze rug voelen, dat is hartstikke waardevol. Ik hoop dat het landelijk oplevert dat we, binnen de lijntjes, toch zelf stappen vooruit gaan zetten. Dat we het lef krijgen om het als een crisis te benaderen.’

Dat is voor veel betrokkenen kennelijk lastig. Als er iets blijkt uit dit dossier, is het wel de angst om fouten te maken.

‘Iedereen heeft zijn eigen integriteitsnormen, zijn eigen waarden. Wat is mijn graadmeter? Of ik hier op het plein op een zeepkist zou durven staan en zou durven zeggen: dit heb ik gedaan. Als ik dat kan, zonder dat ik er buikpijn van krijg, dan zit het goed.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden