Deze agenten vergeten nooit een gezicht

Supergezichtsherkenners

In Londen huist een politie-eenheid met een bijzondere gave. Op pad met de agenten van New Scotland Yard, die dieven en relschoppers overal herkennen.

Agent/gezichtsherkenner Pete Williams van New Scotland Yard op pad in Londen. Beeld WassinkLundgren

Rond half één 's middags arriveert agent Kenny Long van de Londense Metropolitan Police samen met zijn partner Pete Williams in een lunchroom in Macklin Street, in een gebied vol hippe kroegen en winkels. De agenten installeren zich aan een tafel en bestellen een kop koffie. 'We houden de flat hier schuin tegenover in de gaten', zegt Long. 'We beschikken over informatie dat Caballero daar zit.'

Potige kerels

Long en Williams zijn potige kerels die eruitzien alsof ze iemand moeiteloos naar de grond kunnen werken. Vandaag loopt vooral Austin Caballero dat risico, een man die zij ervan verdenken een gewiekste winkeldief te zijn. Ze jagen al weken op hem. 'Figuren zoals Caballero zijn de Robert de Niro's van hun vak', zegt Long. 'De top van de top.'

Volgens getuigen is de dief een charmante man die altijd gekleed gaat in een duur pak. Met gelikte praatjes en vingervlugge technieken maakte hij de exclusieve designerboetieks in de stad al voor minimaal 100 duizend Britse pond lichter.

Het net rond Caballero begint zich te sluiten. Want ook Long en Williams zijn 'top van de top'. De agenten zijn zogeheten superherkenners, mensen die vrijwel nooit een gezicht vergeten. Dankzij die gave wisten zij een wazige foto van Caballero na een recente diefstal te koppelen aan nog eens 35 andere foto's uit het misdaadarchief. Op die manier ontdekten zij dat het hier ging om een man met een hele serie diefstallen op zijn naam, waarvan de totale buit meer dan 100duizend pond is. Dat promoveerde de zaak van eentje die voorbestemd was ergens in een la te eindigen tot eentje met hoge prioriteit.

Hoe goed kunt u zelf gezichten herkennen? Doe de test en daag vrienden uit op volkskrant.nl/gezichtsherkenning.

Gezichtsblindheid

Volgens psycholoog Josh Davis van de University of Greenwich, die superherkenners bestudeert, is gezichtsherkenning een glijdende schaal en zitten mensen als Long en Williams aan het hoogste eind. 'Er is hier sprake van een normaalverdeling', zegt Davis. 'Net zoals er mensen bestaan die ongelooflijk lang zijn, zijn anderen ongelooflijk goed in het herkennen van gezichten.'

Aan de onderzijde van de schaal zitten mensen met prosopagnosie, oftewel: gezichtsblindheid. Zij herkennen hun beste vrienden niet en hebben soms zelfs geen idee wie ze zien wanneer ze in de spiegel kijken. Naar prosopagnosie doen wetenschappers al sinds de jaren zeventig onderzoek, maar pas sinds kort kijken ze ook naar de bovenkant van de verdeling. Dat begon in 2009, toen de Amerikaanse psycholoog Richard Russell, destijds verbonden aan Harvard University, voor het eerst een vakartikel publiceerde over 'super recognisers'.

Een van zijn proefpersonen was de Amerikaanse Jennifer Jarett. Tijdens haar studententijd onthield ze mensen al nadat ze een paar seconden met iemand had gesproken. Dat zij haar vervolgens later niet herkenden, bevreemdde haar enorm. 'Ik dacht in het begin echt dat iedereen op de universiteit volkomen nep was. Ik dacht dat ze bewust deden alsof ze me niet meer kenden', zegt Jarett.

Opschepperij

Long merkt in het dagelijks leven weinig van zijn herkenningsgaven, maar tijdens zijn werk is het een zegen. 'Ik kan mensen herkennen wanneer ze hun haardracht veranderen, ouder worden, aankomen, afvallen of een baard laten staan. Ik herken ze aan de vorm van hun oren of hun hoofd en soms zelfs alleen aan hun ogen', zegt hij.

Voor gewone stervelingen klinken de claims van Long al snel als opschepperij. Ook Davis toonde zich sceptisch toen hij voor het eerst van superherkenners hoorde. Tijdens een conferentie over gezichtsherkenning ontmoette hij Detective Chief Inspector Mick Neville. Die vertelde hem dat hij bijhield welke agenten het vaakst gezichten op camerabeelden herkenden en dat steeds weer dezelfde agenten kwamen bovendrijven.

'Ik dacht: dit is allemaal grootspraak', zegt Davis. Dat sloeg om toen hij de agenten begon te testen. Hij liet ze de Cambridge Face Memory Test doen, een standaardtest die blootlegt hoe goed iemand is in het herkennen en onthouden van gezichten. Van de 152 mensen die tegenwoordig op Nevilles lijst staan, testte Davis er al 100. 'Iedereen bleek bovengemiddeld. Ik schat dat we straks op ongeveer 50 agenten uitkomen die echt exceptioneel goed zijn', zegt Davis.

Superherkenners

Toch nam de politietop superherkenners in eerste instantie nauwelijks serieus. Dat veranderde toen in 2011 de rellen in Londen uitbraken. De agenten op Nevilles lijst herkenden keer op keer mensen op wazige en soms zelfs incomplete beelden van de vele beveiligingscamera's in de metropool, terwijl de meest geavanceerde gezichtsherkenningssoftware van de politie slechts één verdachte vond. Superherkenner Gary Collins herkende in zijn eentje zelfs 180mensen die zich op de beelden misdroegen en die hij als wijkagent al eens eerder had gezien. En dat terwijl veel van de deelnemers aan de rellen vermommingen droegen, zoals capuchons, shawls of maskers.

De oorspronkelijke scepsis bij de Metropolitan Police sloeg om in bewondering. 'Het was augustus 2011 en de hoge officieren die zich eerst twijfelend over mijn project hadden uitgelaten, boden hun excuses aan', zegt Neville. Uiteindelijk werden dankzij een groep van 20 superherkenners ruim 609 verdachten gearresteerd, waarvan 65procent voor een rechter belandde.

Het politieke kapitaal dat dat opleverde, zorgde ervoor dat Neville zijn superherkenners tot een eenheid binnen de politie kon smeden. De agenten in de eenheid steken een hoop vrije tijd in hun werk. De meesten van hen hebben geen relatie, zodat ze buiten werktijden om op straat naar gezichten speuren en in het weekend 'gewoon' onbetaald naar het werk komen. Wanneer ze 's avonds op de bank naar een sportwedstrijd kijken, bespreken ze in hun whatsapp-groep niet de score, maar de laatste stand van zaken van hun onderzoek. 'Ik sta altijd, continu, aan', zegt Long. 'Je kunt dit niet uitzetten.'

De moord op Alice Gross

Op 28 augustus 2014 verdween de 14-jarige Alice Gross in Londen. Ze werd voor het laatst gezien op beelden van een beveiligingscamera terwijl ze zorgeloos door een zomers buitje stapte, met een zwarte rugtas op haar rug. De Metropolitan Police zette zeshonderd agenten in om haar op te sporen, maar vonden haar levenloze lichaam pas nadat tien superherkenners van de zojuist opgerichte eenheid aan de slag gingen. Zij tuurden werkenlang naar duizenden uren aan gruizige beveiligingscamerabeelden en ontdekten op die manier de belangrijkste verdachte, de bouwvakker Arnis Zalkalns. Zij zagen van een afstandje hoe hij terugkeerde van een plek waar agenten later het lichaam van Gross vonden. Zalkalns hing zichzelf op voordat hij in staat van beschuldiging kon worden gesteld.

Sherlock Holmes

De agenten werken vanuit politiestation New Scotland Yard, dat wereldberoemd werd dankzij de verhalen van Sherlock Holmes en Britse televisieseries zoals The Sweeney. Toch spat de Hollywoodglamour niet bepaald af van de kantoorruimte waarin de superherkenners werken. De kamer staat vol pc's van een paar ict-generaties terug, waarop agenten hun verslagen tikken en foto's van verdachten bekijken. Alleen aan de honderden keurig georganiseerde foto's aan de muren zie je dat dit geen ingedut kantoorpand is.

Van die honderden foto's zijn er 35 van de vermoedelijke meesterdief Caballero. De superherkenners kwamen hem op het spoor door een nieuwe techniek die 'snapping' heet. Wanneer een misdaad wordt gepleegd waarbij een foto beschikbaar is, stopt de dienstdoende agent deze in een database, inclusief tags als 'man met baard' of 'platte hoed'. Superherkenners kunnen aan de hand van die tags in de database zoeken naar foto's waarop mogelijk dezelfde verdachte staat. Dankzij hun superieure gezichtsherkenning kunnen ze dan zelfs bij beelden van lage kwaliteit vaststellen of het om dezelfde persoon gaat.

Snapping is de reden dat de foto van Caballero 35 keer aan de muur van New Scotland Yard hangt. En een week geleden kwam Long een handlanger van Caballero op het spoor, die hij met snapping aan nog eens twaalf diefstallen koppelde. Hetzelfde deed hij met de vriendin van die handlanger die bij veertien diefstallen opdook. Het leverde concrete aanwijzingen op dat Caballero onderdeel is van een netwerk van geraffineerde winkeldieven. 'Ik schat dat ze samen voor miljoenen euro's schade hebben toegebracht aan de economie', zegt Long.

Foto uit de serie Sherlock Holmes. Beeld Reuters

Netwerk

Dat netwerk is de reden dat hij en Williams vandaag besloten koffie te drinken in lunchroom Deca. Dat etablissement bevindt zich namelijk schuin tegenover de woning van Nigel Cooper, een bekende winkeldief. En hoewel Cooper op dit moment van niks wordt verdacht, beschikken de agenten over informatie dat Caballero die dag bij hem verblijft.

Terwijl de agenten naar buiten kijken, gebeurt er iets. 'Pete, dat is Nigel. Snel, draai je hoofd weg', zegt Long opgewonden. 'Ik zag hem echt maar heel even, alleen uit een ooghoek', vervolgt hij zodra Cooper de hoek om is. 'Maar hij was het zeker.'

Zodra bekend is dat Cooper de flat uit is, gaat Long richting de voordeur. 'Als we nu iets horen, weten we dat het Nigel niet is. Dan is het misschien de man die we zoeken. Als het nodig is, schoppen we de voordeur in en pakken hem op.'

Williams blijft achter om de straat voor de flat in de gaten te houden. 'Als ik bel, neem dan niet op en ren meteen naar boven', zegt Long voordat hij gaat. Maar een paar minuten later is hij al terug. 'Ik hoorde wel wat, maar de buurman van Cooper maakt veel lawaai. Het is moeilijk om te bepalen of er echt iemand is.'

Verhoogde breinsnelheid

Nu de agenten weten dat Cooper weg is, wandelen ze om beurten door de buurt. Bij elk kruispunt probeert Long razendsnel te bedenken welke kant Cooper op ging. Long denkt dat hij een 'verhoogde breinsnelheid' heeft en dat dat misschien de reden is dat hij een superherkenner is.

Davis heeft ons de dag daarvoor verteld dat de redenen die agenten zelf geven wetenschappelijk weinig gewicht dragen. 'Wanneer je iemand die heel intelligent is vraagt naar het waarom, dan zeggen ze misschien dat ze hard werken of veel leren', zegt Davis. 'Maar intelligentie is gedeeltelijk genetisch bepaald, dus dat klopt niet.'

Waar superherkenning wel vandaan komt, weet Davis niet. 'We hebben geen idee welk breinproces hierachter schuilgaat', zegt hij. Wel zijn er aanwijzingen over de richting waarin hij kan zoeken. 'Superherkenners zeggen vaak dat het bij hen in de familie zit', zegt Davis, wat suggereert dat je dna misschien bepaalt hoe goed je bent in gezichten herkennen. Dat anekdotisch bewijs werd versterkt door een recent onderzoek van twee psychologen verbonden aan King's Cross College. Nadat zij 2.149 Britten, stuk voor stuk deel van een tweeling, hadden onderworpen aan een onderzoek, kwamen zij in het vakblad PNAS tot de conclusie dat genen vermoedelijk inderdaad een bepalende rol spelen bij gezichtsherkenning.

De busaanrander

Dit jaar kwamen drie aangiftes binnen over een man die jonge vrouwen betastte op Londense bussen. Van de verdachte waren alleen wazige beelden beschikbaar. Het uitpluizen van zijn (verder anonieme) oyster card de Britse versie van de ov-chipkaart leverde niets op, behalve de bevestiging dat de man elke dag wel vijftien verschillende bussen nam.

Nadat de beelden intern waren vrijgegeven, herkende superherkenner Alison Young de dader afgelopen mei van een afstandje op straat. Hij was vlak bij een metrostation een krant aan het kopen. Het bleek dezelfde krant die hij gebruikte om zijn hand te verbergen wanneer hij stiekem aan het binnenste van de dijbenen van vrouwen voelde. De man wacht nu op zijn rechtszaak.

Hersenscanner

Uit verschillende onderzoeken waarbij mensen onder de hersenscanner werden gelegd terwijl ze naar gezichten keken, bleek dat gezichtsherkenning vermoedelijk huist in de zogeheten Gyrus fusiformis, een langgerekt hersengebied dat aan zowel de linker- als de rechteronderkant van het brein zit. In 2012 ontdekte psycholoog Ming Meng, destijds verbonden aan het Massachusetts Institute of Technology, dat de linker Gyrus fusiformis zelfs een rol speelt bij gezichtsherkenning als er helemaal geen sprake is van een gezicht, zoals wanneer het hoofd van Jezus onverwacht lijkt op te duiken op een verbrande tosti. Het rechtergebied bleek in dat soort gevallen te bepalen of het om een echt gezicht ging.

Naast gezichtsherkenning duikt de Gyrus fusiformis ook op bij onderzoeken naar kleurverwerking, woordherkenning en het herkennen van gezichtsuitdrukkingen. De exacte rol van het gebied, en of het in z'n eentje verantwoordelijk is voor gezichtsherkenning, is vooralsnog onbekend. Onderzoekers zoals Davis bekijken het daarom met EEG- of fMRI-scanners terwijl superherkenners hun ding doen. Op die manier hopen ze de fysieke oorzaak van superherkenning te ontdekken, maar ze vonden tot dusver niets.

Wel is zeker dat de gaven van superherkenners niet ontstaan omdat ze sowieso al beter zijn in het herkennen en onthouden van vormen. Davis onderwierp de superherkenners bijvoorbeeld aan testen met foto's van gewone voorwerpen. 'We lieten hen eerst bloemen zien', herinnert hij zich. 'Dat bleek een fout, want politieagenten vinden bloemen niet heel interessant. Ze scoorden enorm slecht.' De agenten deden het beter bij vervolgonderzoeken waarbij paddestoelen, kettingen, tafels en motoren werden gebruikt. 'Ze deden het net iets beter dan gemiddeld, maar waren geenszins uitzonderlijk.'

Pete Williams in een lunchroom tijdens de zoektocht naar een vermoedelijke winkeldief. Beeld WassinkLundgren

Vorm

Uit onderzoeken van Davis en anderen blijkt bovendien dat de superieure gezichtsherkenning van proefpersonen verdwijnt zodra je gezichten omdraait. Bij gezichten op z'n kop scoren superherkenners soms zelfs slechter dan gemiddeld. Davis vermoedt daarom dat ze vooral goed zijn in het herkennen van gezichten als geheel, iets dat psychologen 'holistisch herkennen' noemen.

'We leren al op jonge leeftijd hoe gezichtskenmerken zich tot elkaar verhouden', zegt Davis. 'We weten waar de neus zit, de ogen, de oren, en wat hun onderlinge afstanden zijn.' Wanneer we een vorm zien met die kernmerken, herkennen we terecht of niet - meteen een gezicht.

Toch helpt die kennis weinig bij het blootleggen van de reden voor superherkenning. 'In onderzoeken duiken verschillende definities op van wat holistische gezichtsverwerking precies is', zegt Davis. 'Ze meten vrijwel nooit hetzelfde. Daarom weet niemand zeker hoe holistische herkenning precies werkt.'

Statistieken

Voor de praktijk maakt dat weinig uit. 'Superherkenning bestaat echt, dat blijkt keer op keer uit experimenten en is onafhankelijk door verschillende onderzoeksgroepen bewezen', zegt Davis. En hoewel superherkenners fouten kunnen maken, zijn ze volgens Davis wel handig voor de politie.

Dat blijkt ook wel uit de statistieken. De superherkenners doen het zo goed dat Mick Neville hen heeft uitgedaagd meer misdadigers te identificeren dan alle CSI-eenheden van de Metropolitan Police bij elkaar. 'We zijn er bijna', zegt Neville. 'Met vingerafdrukken en dna zijn dit jaar ongeveer 5.500 verdachten geïdentificeerd. De superherkenners hebben er nu 4.500.'

Successen uit het verleden bieden nooit garanties voor de toekomst. Op Macklin Street hebben Long en Williams immers nog altijd geen spoor gevonden van Caballero. Ze overwegen naar een andere kansrijke locatie te verhuizen, wanneer Cooper om kwart over drie uit tegenovergestelde richting weer thuiskomt.

'Dat lijkt niet heel interessant, maar is voor ons extreem waardevol', zegt Long. 'Nigel heeft vermoedelijk een rondje gemaakt. Hij is van huis gegaan, heeft toen iets gestolen, heeft dat verkocht, heeft drugs gekocht en is weer terug. We weten nu hoe lang zo'n rondje duurt en iets van de richting die hij daarvoor opgaat. Dat verbetert ons profiel van hem.'

Zelfkennis

Mensen - zelfs superherkenners - zijn vooral goed in het herkennen van gezichten die op henzelf lijken. Zo herkennen mannen gemakkelijker mannen, herkent iedereen gemakkelijker leeftijdgenoten en wordt de eigen etniciteit ook het eenvoudigst herkend. Je kunt gezichtsherkenning wel trainen. In multiculturele steden zoals Londen is het andere-etniciteit-effect meetbaar kleiner dan in meer monoculturele steden.

Vergeefse moeite

Na overleg met het hoofdkwartier besluiten de agenten langer te blijven. Ze hopen dat Caballero of zijn handlanger langskomt voor de drugs. Maar uiteindelijk blijkt die extra moeite vergeefs. Vandaag vinden zij Caballero niet. Toch is Long optimistisch dat het snel zal lukken. 'We zijn de druk aan het opvoeren. Zijn maten weten dat we hem zoeken en dat we ze kunnen oppakken wanneer we hen samen met hem zien. Dit soort gasten houdt nooit op met stelen. Het is hun manier van leven. Ze lopen daarom altijd tegen de lamp.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.