Deutsches Theater speelt stuk over Anne Frank en de Toren van Babel Rijnders geeft Berlijn een bouwkeet: Moffenblues

Het gesprek van de dag in Berlijn was de afgelopen dagen niet de nieuwe voorstelling Moffenblues van Gerardjan Rijnders bij het Deutsches Theater, maar de opening van het Berlijnse filiaal van het Franse warenhuis Galeries Lafayette....

Van onze verslaggever

Hein Janssen

BERLIJN

De Stadtmitte van Berlijn is sowieso een toeristische trekpleister van de eerste orde. Overal worden gebouwen afgebroken en opgebouwd. Halt! Hier wird gebaut! staat er op borden met fraaie afbeeldingen van hoe het er straks allemaal uit zal zien. Het centrum van het oude Berlijn is één grote bouwput. Ontelbare hijskranen dansen zuchtend en puffend een ballet van vooruitgang, de betonmolens draaien 's nachts op volle toeren door. Stukje bij beetje wordt het fundament gelegd voor een nieuwe hoofdstad, waar winkelcentra, kantoren en luxe appartementen straks tegen elkaar op zullen glimmen.

In die hectiek heeft Gerardjan Rijnders de afgelopen twee maanden bij het Deutsches Theater Moffenblues gemaakt. Een titel die de lading wonderwel dekt - de voorstelling gaat over Duitsers en over weemoed. Rijnders heeft in Berlijn een bij zijn eigen Toneelgroep Amsterdam ontwikkeld procédé toegepast: veel praten met de acteurs terwijl de bandrecorder aan staat, veel televisie kijken, de kroeg en de sportschool in, en natuurlijk de stad verkennen - de voeten vertellen immers de waarheid. Vervolgens met dat alles en met zijn van God gegeven talent het repetitielokaal in. Montagetheater heet dat hier, met het rijtje Bakeliet, Ballet en Count your blessings als de beste voorbeelden ervan.

Het was nogal een schok voor de acteurs van het Deutsches Theater, die nog een beetje gevangen zitten in hun (Oostduitse) traditie: het spelen van de klassieken (Schnitzler, Von Kleist), van hun aartsvaders Brecht en Müller, en dat allemaal in een pikorde van rangen en standen. Herr Rijnders deed het anders, die vroeg ze naar wat ze vonden van hun stad, nu en vroeger, toen de muur er nog stond. En wat ze vonden van die bouwputten en van de hoovolle toekomst. Het kostte enige moeite de acteurs los te krijgen - Duitse acteurs laten zich nu eenmaal niet zo graag 'in hun onderbroek kijken'. Maar het is hem uiteindelijk gelukt. Eén actrice heeft de eindstreep niet gehaald, die vond het allemaal maar flauwekul, maar de rest van het ensemble speelt in Moffenblues alsof hun leven ervan afhangt. Misschien is dat ook wel zo, in deze verwarring die zich ook van het theater meester heeft gemaakt.

Teksten van de acteurs schieten als trekvogels door de voorstelling heen. Daarin gaat het vooral over hoe het vroeger was in Oost, en nu in West. Over nog steeds te veel ketchup kopen, en: 'nu kun je alles zeggen, maar niemand luistert nog'. Belangrijker is het raamwerk waarbinnen Rijnders deze teksten plaatst. Dat wordt gevormd door het decor van Paul Gallis (een enorme bouwstellage in de vorm van een niet afgemaakte toren) en de figuur van Anne Frank die als een rode draad door de voorstelling loopt. Anne is als een Vliegende Hollandse in het moderne Berlijn op zoek naar iemand die haar verhaal horen wil. 'Sie müss ihre Geschichte los werden' heet dat zo mooi het in het Duits. Vioolspelend - Für Elise wil maar niet lukken - trekt ze door de stad, als een zwerfster en niemand luistert.

Om haar heen fladderen de moderne stadsbewoners, mensen die gemanipuleerd worden door de media, de commercie, Internet en door elkaar. De taal heeft zijn functie verloren, men luistert niet, men rent maar wat rond deze halve Toren van Babel. Rijnders schetst de liefdeloosheid van dit bestaan. Op klanken van Beethovens Mondscheinsonate vraagt de ene man aan de ander of hij zijn hand tussen diens benen mag leggen. 'Waarom?', vraagt die ander. 'Om van dat waarom af te zijn.' In dat soort scènes gaat Moffenblues niet meer over Duitsers, niet meer over de oorlog, en al helemaal niet meer over Berlijn. Nee, het gaat dan over de wanhopige poging van de mens ergens affectie te vinden, alles nog te kunnen volgen, niet achterop te raken, of weg te zinken in de bouwput van de ziel. Die meta-betekenis maakt Moffenblues tot de beste Rijnders-voorstelling sinds Ballet uit 1991. Het lijkt wel of deze stad en deze mensen hem zo geïnspireerd hebben dat zijn sombere statements zijn veranderd in poezië. Voor het eerst sinds lange tijd raken mensen bij Rijnders elkaar aan, doen ze een poging tot liefhebben.

Moffenblues is, zoals het bij een echte Rijnders hoort, een collage van smartlappen, pijnlijke stiltes, razernij, aforismen, quasi-wijsheden en wijsheden, in dit geval briljant gemonteerd. 'Ik ben de beul, niet het slachtoffer - en dat is moeilijker om te zeggen', wordt ergens in Moffenblues opgemerkt. Zoiets kan alleen een niet-Duitse toneelschrijver zich permitteren. Anne Frank vindt uiteindelijk een jongen die naar haar luisteren wil, maar ineens, op dat moment suprême, kan ze de woorden niet meer vinden. Godzijdank heeft ze eerder - begeleid door al die mooi zingende Duitsers - nog wèl Willeke Alberti's Samen Zijn gezongen. Dat maakt haar definitieve verscheiden nog enigszins dragelijk.

Het Deutsches Theater houdt Moffenblues onregelmatig op het repertorie. Of het stuk aanslaat, zal de komende week moeten blijken. Berlijn loopt op dit moment vooral uit voor de filmkomedie Männer Pension, en voor de jubileumtournee van Nicole, ooit winnares van het Songfestival met Ein bisschen Frieden. Een enkeling bezoekt het graf van Heiner Müller waarop sinds kort een fles whisky schijnt te staan. Een volle fles, dus het zal wel niet van een echte bewonderaar wezen. Het Berliner Ensemble speelt in een niet aflatende hommage aan Müller Der Bau, een van zijn vroege stukken over het communisme, waarvan de laatste resten in deze merkwaardige stad voortvarend worden weggepoetst.

In die spanning van oude en nieuwe tijd, van weemoed en hoop, van onthechting en zoeken naar een nieuwe Heimat, in die verwarring dus, in dat spergebied, heeft Rijnders een bouwkeet neergezet en die keet heeft Moffenblues. Het is een plek om te schuilen, de dingen te duiden, wat liedjes met elkaar te zingen, samen te zijn. Moffenblues is een bloem in de storm, maar die storm blijft verontrustend, zodat na afloop alleen nog maar Goethe in het hoofd rondspookt:

'Meine Ruh' ist hin, mein Herz ist schwer,

ich finde sie nimmer und nimmer mehr.'

Moffenblues van Gerardjan Rijders, Deutsches Theater Berlin: 9 en 30 maart, 11 en 30 april. In Nederland op 29 augustus in Stadsschouwburg Amsterdam, als opening van het Theaterfestival.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden