Detroit: kunst verpatsen of failliet

Een miljardenschuld drukt op de begroting van het Amerikaanse Detroit. Crediteuren eisen dat het gemeentemuseum zijn collectie verkoopt. 'Kiest de stad voor mensen of schilderijen?'

AMSTERDAM - De failliete gemeente Detroit dreigt een deel van zijn kunstcollectie te moeten verkopen. Schuldeisers hebben juridische stappen gezet om de crisismanager van de Amerikaanse stad te dwingen tot verkoop van werken uit het Detroit Institute of Arts (DIA). De manager, die optreedt als financieel bewindvoerder, zou een half miljard dollar willen van het museum om de gemeentelijke begroting weer op orde te krijgen.


De hoogte van dat laatste bedrag is volgens het DIA - een museum met zestigduizend werken - 'zeer waarschijnlijk' maar nog niet officieel bevestigd. De gemeentelijke schuld bedraagt 18 miljard dollar (ruim 13 miljard euro), zo bleek woensdag toen de rechter de gemeente officieel failliet verklaarde.


De brede collectie van het kunstinstituut reikt van de prehistorie tot de 21ste eeuw. De collectie heeft topstukken van Bruegel, Rembrandt, Rubens, Degas en Van Gogh - onder meer diens beroemde portret van postbode Roulin - schilderstukken van Caravaggio en Titiaan en beelden van Bernini en Donatello. Een ander bekend werk is de muurschildering Detroit Industry van de Mexicaan Diego Rivera. Het zou in de periode waarin het is gemaakt, rond 1930, symbool hebben kunnen staan voor booming 'motor city' Detroit, waar bedrijven als General Motors en Ford de economie aanjoegen. Momenteel lijkt Rodins meesterwerk bij de museumingang een beter passende metafoor. De Denker oogt of hij tobberig en vermoeid een oplossing zoekt voor de hachelijke situatie waarin museum en stad verzeild zijn geraakt.


De discussie over een eventuele kunstverkoop wekt heftige emoties op, zo bleek woensdag tijdens demonstraties voor de rechtszaal. Ambtenaren vrezen voor hun pensioenen en stellen dat de keuze gaat tussen 'mensen of schilderijen'. Voor de prijs van een paar doeken hebben tienduizenden inwoners een onbezorgde oude dag, betogen ze. Kunstliefhebbers vrezen dat Detroit zijn culturele erfenis verkwanselt in een kortzichtige uitverkoop. De rechter zei woensdag dat eenmalige verkoop van meesterwerken geen langetermijnoplossing biedt voor de financiële problemen van de stad, maar daarmee is het gevaar niet geweken.


De officiële bankroetverklaring is de jongste ontwikkeling in een lange geschiedenis van stedelijk wanbeleid. In maart werd Kevyn D. Orr, een advocaat gespecialiseerd in faillisementen, aangesteld als crisismanager. In juli vroeg hij het faillissement aan van Detroit. Obligatiehouders, een ambtenarenvakbond en enkele grote banken slepen Orr nu voor de rechter omdat hij niet genoeg haast zou maken met het kapitaliseren van de kunst.


Orr heeft een inventarisatie gelast van alle bezittingen van de stad, met het oog op eventuele verkoop. Bij zijn aantreden gaf hij te kennen dat geen enkel bezit buiten beschouwing wordt gelaten. Ook de pensioenen zijn niet heilig. Het gebouw en de collectie van het in 1885 opgerichte kunstinstituut zijn eigendom van de gemeente. Dit in tegenstelling tot veel andere Amerikaanse musea, die meestal eigendom zijn van particuliere stichtingen.


Marktwaarde

Veilinghuis Christie's rondt dezer dagen de inventarisatie af van de kunstcollectie. 'Het is nog geen verkooptaxatie', zegt DIA-woordvoerster Pamela Marcil. 'Maar de situatie is ernstig. Wij vinden dat de collectie publiek bezit is en niet te gelde mag worden gemaakt. We zullen dat standpunt eventueel voor de rechter verdedigen.' Over de marktwaarde van de collectie wil het museum geen uitspraak doen, maar kunstkenners noemen bedragen van rond de 2 miljard dollar.


Het wrange is volgens Marcil dat het museum zijn financiën juist dankzij de gemeenschap goed op orde heeft. 'Drie provincies in de staat Michigan, waarin Detroit ligt, hebben vrijwillig ingestemd met een verhoging van de onroerendezaakbelasting voor investeringen in kunst. Dat levert ons, op een begroting van 31 miljoen dollar, jaarlijks 23 miljoen op. Deze bijdrage is niet bedoeld om de kosten van gemeentelijk wanbeleid te dekken; die belastingbetalers zullen zich terugtrekken als we oude meesters gaan verkopen. Het is onmogelijk om jaarlijks 31 miljoen dollar op eigen kracht bijeen te brengen. De stad heeft geen geld, dus dat zal het einde betekenen van het museum. We worden nu al dagelijks benaderd door bezorgde donateurs die vrezen dat hun bijdrage in de bodemloze put van de gemeentebegroting verdwijnt.'


Directeur Annmarie Erickson van het DIA zette vorige week uiteen dat met verkoop of verhuur van (opgeslagen) kunstwerken geen half miljard dollar bijeen te brengen is zonder dat de museale functies ernstig worden aangetast. Het museum heeft een reddingsplan ingediend bij de gouverneur van Michigan. Dit behelst een overdracht van museum en collectie van de stad Detroit - aan die staat of aan de non-profitorganisatie die het museum runt. Het kunstinstituut zou zijn programmering uitbreiden naar andere delen van Michigan, met reizende tentoonstellingen en educatieve activiteiten.


Het bestuur van Michigan moet zich nog buigen over het voorstel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden