Dertig jaar laveren

Ed van Westerloo, tv-directeur van de NOS, houdt ermee op. Per 1 januari wordt de NOS gesplitst. Hij is het er niet mee eens en trekt de consequentie....

NA DERTIG jaar omroep is Ed van Westerloo, scheidend tv-directeur van de NOS, nuchterder en laconieker geworden. De discussies van de Van Nieuwenhovens, de Nuizen, de Van Dammen, de Herstellen over twee of drie netten, vijf of vier radiozenders: 'Laat ze maar gaan, als de programma's maar bij de mensen komen.'

Nadat de Eerste Kamer in mei de nieuwe Mediawet had aangenomen, zei een omroepvoorzitter tegen hem: 'Nou hebben we tien jaar rust.' Van Westerloo: 'Jaaaa, toen ging Veronica eruit en nu blijft de TROS er weer in. Rust?' Koud zijn die woorden gezegd, of de onrust dient zich opnieuw aan. Hetzelfde Veronica heeft deze week een geruchtmakende overeenkomst met de publieke omroep verbroken nog voor die in september volgend jaar in werking zou treden.

Grapje: 'Ik kijk wel uit om er iets over te zeggen. Je vraagt het me donderdag en het is voor de krant van zaterdag.' Twee dingen wil hij kwijt over de jongste onrustzaaiende ontwikkeling in Hilversum. Als Veronica en Endemol zich inderdaad bekeren tot RTL in plaats van de publieke omroep: 'Dan kan dat het grote voordeel hebben dat we een echt publiek bestel krijgen.

'Bovendien zijn er heel wat mensen die wat uit te leggen hebben. Van den Ende die zei: ik ben die smerige boeven van Luxemburg kwijt. Van der Reijden (Veronica): als ik pacteer met RTL, loopt het slecht af met de publieke omroep. De NOS: we moeten wel, anders gaan we kapot. Iedereen moet nu totaal andere verklaringen afleggen. Het is een nieuw bewijs van mijn opvatting dat de kaarten per dag anders geschud kunnen worden.'

De geschiedenis van de omroep, de geschiedenis van Ed van Westerloo. Zeker, op de dag van koude oliebollen en smeulende rotjes zal de televisie als gewoonlijk het schansspringen in Garmisch Partenkirchen vertonen. De programma's blijven, maar de omroep die ze altijd uitzond is dood, leve twee nieuwe omroepen. Als gevolg van de splitsing van de NOS - in NOS en NPS - per 1 januari zal Van Westerloo vertrekken.

'Tegen die splitsing heb ik me verzet. Ik vind het slecht, het is slecht voor het bedrijf, het is slecht voor de programma's, het is niet goed omdat er tal van eenheden dwars doormidden worden geknipt. Jammer. Meer versnippering. En de samenwerkingsverbanden die ervoor in de plaats moeten komen, zie ik nog niet groeien. NOVA is een samenwerking van tweeënhalf jaar geleden. Dat was al voor die tijd. Ik zie geen vormen van samenwerking op programmatisch gebied. Er wordt over gepráát. Op Nederland 3 wordt eindeloos gepraat over gezamenlijke huisvesting, That's it. Een net-charter, ook al anderhalf jaar. De NOS was een eenheid waarin hevig werd samengewerkt. Die wordt uit elkaar gehaald. En voorlopig komt er niks voor in de plaats wat het beter maakt.'

Hij dacht: 'Verdorie, nu heb ik me verzet. Het is anders afgelopen. De Eerste Kamer zegt: het moet maar gebeuren. Ben ik dan nog wel de geknipte figuur om ook over de nieuwe situatie te gaan? Nee, dan is het beter voor beide bedrijven als er nieuwe mensen komen, jonger dan ik, die niet aan, wat is het, hun 36ste reorganisatie bezig zijn, wat bij mij zo'n beetje het geval is.'

Vlak na het besluit van de Eerste Kamer vond hij het zelf beter dat hij weg zou gaan bij de NOS. Maar ook 'de omroep' vond dat. 'Als een directeur zich zo verzet tegen een ontwikkeling die het bestuur wil, dan heeft dat zijn gevolgen natuurlijk.'

Niet dat hij na 1 januari achter de geraniums gaat zitten. 'Ik hoop innig dat ik nog iets ga doen hierna. Ik ben 56 en een half jaar, dus eh, ik hoop dat ik wat ga doen, maar ik weet absoluut niet wat.' Eigen baas zijn, dat staat vast. 'Het summum van je eigen baas zijn, is schrijven. Of ik dat nog kan, weet ik niet, dat zal ik moeten uitvinden. Ik heb de afgelopen tien jaar alleen maar brieven, contracten en memo's geschreven.' Hij denkt bijvoorbeeld aan het schrijven van een boek. Geen roman, geen dagboek als Ed van Thijn, maar een journalistiek produkt. 'Als me dat lukt, als ik nog kan schrijven, want dat weet ik niet.'

Altijd als hij in Amsterdam is, eens per week, rijdt hij terug naar Soest via het huis van zijn jeugd. In De Pijp. 'Het is nu een koffieshop onder een kraakpand. Ik rij erlangs, ik sta stil, dan kijk ik even, denk ik: ja, hier heb ik gewoond, en dan rij ik weer door. Echt, iedere keer. Vreselijk hè. Fons ook. Ik wilde naar boven toe, maar Gerard zei: wat zoek je nou, joh, je vindt toch niet wat je zoekt.'

Hij zegt: 'We waren daar de gelukkigste kinderen van de wereld.' Op de middelbare school had hij een vriend wiens vader hoofdredacteur was van de katholieke krant Het Centrum. Hij kende die man, Paul de Waard, ook van de KRO-radio. Zo begon de zucht naar schrijven, de journalistiek: 'Via zijn zoon kwam ik in aanraking met die wereld.'

Later heeft hij gedacht: op de etalageruit van zijn vaders sigarenwinkel hingen de voetbal- en verkiezingsuitslagen. In de winkel werden de toenmalige katholieke dagbladen De Tijd en de Volkskrant verkocht. 'Ik herinner me nog de Flying Enterprise, die scheepsramp met kapitein Kurt Carlson.' Met gevoel voor dramatiek: 'De Flying Enterprise gezonken.' Hij associeerde het toen eerder met klantenbinding dan met journalistiek.

De journalistieke ambitie sloeg toe. Zijn vader zei: 'Jongen, ga toch bij de gemeente, kies toch voor zekerheid.' Maar hij zou en moest in de journalistiek: 'Het vertegenwoordigde: op de eerste rij staan, spanning, andere wereld.' Het ANP werd in 1959 zijn eerste opdrachtgever.

Toen J. M. Lücker, toenmalig hoofdredacteur van de Volkskrant, hem een tijd daarna een baan aanbood, zei Van Westerloo eerst ja, een dag later nee. Lücker belde op met de boodschap dat hij vanaf dat moment twaalfeneenhalf jaar op de zwarte lijst zou staan. Zijn vader vroeg hem wat hij nóu had gedaan. Toen Van Westerloo een paar maanden daarna het gebouw van de Volkskrant binnenwandelde, op de Nieuwe Zijds in Amsterdam, hield de portier hem tegen: 'U heeft nog twaalf jaar te gaan.'

0 O GING HET in die tijd. Verzuiling, nestgeur, het speelde mee in zijn keuze voor de KRO, in 1964. En: 'Wat ik wel wist: ik wilde ontzettend graag naar de televisie toe. Er kwam een nieuwe wereld aan en daar wilde ik bij horen. De wereld was nieuw. Televisie was toch wat toen.' Wat hij en verslaggevers als Aad van den Heuvel, Frits van der Poel, Han Mulder en Ad Langebent daarna deden bij Brandpunt, verklaart hij uit de geest van de jaren zestig: 'Wij waren young and angry, we vonden het prachtig wat er allemaal gebeurde.'

Als hij nu Brandpunt-beelden terugziet, denkt hij: 'Nou, nou, was dat waar zoveel ophef over gemaakt werd? Als je opnamen van mij ziet van toen: uiterst braaf. Maar voor die tijd was het schokkend, nieuw, prikkelend.' Zoals de reportage over de nacht van Schmelzer, de val van het kabinet Cals. Geen interviews, zei Cals, hij moest naar de koningin. 'Ja maar', vroeg Van Westerloo, 'het is toch uw eigen KVP geweest die u heeft laten vallen?' Begint te lachen. 'Het klinkt dramatisch, maar toen liep er een traan over zijn wang en toen zei hij: dat is het ergste, m'n eigen KVP.'

Het werden de openingsbeelden van een geruchtmakende Brandpunt-uitzending. Achteraf: 'Teksten die volstrekt onverantwoord waren.' Gedragen: 'Dan - shot van de klok - wordt het tien voor drie. De beul beklimt het schavot.' Lacht: 'Dan zag je Schmelzer het spreekgestoelte oplopen. Een hele suggestieve reportage. In de wereld van de KVP, KRO, Romme, niet in dank afgenomen.' Maar toenmalig KRO-voorzitter Van Doorn - 'een van de meest wijze mannen die ik ontmoet heb' - beschermde hem en zijn Brandpunt-kornuiten tegen een lastige achterban. 'Wat er speelde wisten we niet. We gingen door naar het volgende onderwerp.'

Toen zijn zoon in 1971 werd geboren, wilde hij niet langer tweehonderd dagen per jaar reizen. Het eindredacteurschap van Brandpunt volgde, daarna het hoofdredacteurschap van het Journaal. 'Het is allemaal niet gepland gegaan, niet bewust. Over het algemeen vind ik: als je iets zes of zeven jaar doet, moet je weer eens iets anders doen.' Hij vond bovendien, in zijn ANP-tijd: 'Als je 55 bent moet je toch niet meer gemeenteraadsverslagjes maken van een half kolommetje.'

Door de stap richting bazendom kreeg hij steeds meer te maken met onrust in Hilversum. Toen al. Het Journaal mocht van de omroepen wel nieuws brengen, geen nieuws máken. Dat soort omroepdirectieven, hij begon het leuk te vinden ze te pareren. 'En wat ik van Van Doorn geleerd had: laat de mensen maar hun gang gaan, ik zorg wel dat ze er, als het even kan, niks van merken.'

In 1985 werd hij tv-directeur van de NOS. Drie jaar later begon onder zijn leiding het derde tv-net. Zijn kindje, zijn droom, aldus Journaal-presentator Marga van Praag onlangs. Dat is waar, zegt Van Westerloo. Nederland 3 moest een Channel 4-achtige uitstraling hebben. Het informatieve, culturele, educatieve net van de NOS. Is hij daarin geslaagd? 'Zorgvuldig antwoord. Ja, we zijn erin geslaagd. Als we er niet in geslaagd waren, had het nu nog bestaan.'

De geschiedenis van veel NOS-programma's: waren ze goed, dan moesten ze verdwijnen. Het verhaal van de splitsing van de NOS is in wezen hetzelfde. 'Zoals altijd stond de hele omroep ter discussie.' De publieke omroepen waren bang dat de overheid zou zeggen: één van de drie publieke tv-netten gaat naar de commercie. Duidelijk was dat dat niet het derde net zou zijn. 'Niet omdat het zo goed was, maar omdat het publieke dienstverlening bood. Maar dat zou ten koste gaan van de uitingsmogelijkheden van alle anderen. Toen is het besluit genomen: we moeten daar een einde aan maken.'

Het verliep in etappes. Een jaar of twee geleden werd besloten dat VARA en VPRO de NOS zouden vergezellen op Nederland 3. Aanvankelijk dacht Van Westerloo: 'Het kan een versterking van Nederland 3 zijn. De VPRO wilde in die tijd ook absoluut alleen met een ongedeelde NOS verder. Verkeerde inschatting gemaakt.' Snel werd duidelijk dat, om te beginnen, de programma's van de NOS moesten worden verdeeld over drie netten.

'We zeiden: als we verdeeld worden over drie netten, hoe zit het dan met een splitsing? Max de Jong (voormalig NOS-voorzitter) zei nee. Van den Heuvel (voormalig vice-voorzitter) zei nee. Vier kroonleden in het NOS-bestuur zeiden nee. Van den Heuvel en die vier kroonleden gingen naar de minister. Ze kwamen terug en zeiden: splitsing is niet de bedoeling. Het NOS-bestuur sprak uit, unaniem: de NOS blijft een eenheid. En een half jaar later spraken ze uit: de NOS moet gesplitst worden. Ja.'

Op wiens initiatief gebeurde dat? 'Van Dam.' De VARA-voorzitter wilde niet samenwerken op Nederland 3 met de NOS, omdat deze wordt bestuurd door alle publieke omroepen. 'Van Dam ziet het beter dan wie ook, hij is slimmer en doorziet alles beter dan alle anderen bij elkaar. Het slimste jongetje van de klas. Geen twijfel over mogelijk. Van Dam zag wel in dat een sterke NOS meer dan een kiem zou zijn voor een nationale omroep en dus in strijd met de belangen van de individuele omroepen.'

Niet dat de andere omroepvoorzitters naar het plafond zaten te staren. Van Dam kreeg EO-voorzitter Van der Veer zover dat hij de woordvoerder werd van de gedachte om de NOS te splitsen. Maar op de vraag wie het in Hilversum nu werkelijk voor het zeggen heeft, antwoordt Van Westerloo: 'Dat is een vraag waarop je het antwoord allang weet. Er is er een die qua inzicht, politiek vernuft, performance, het weten te brengen, met kop en schouders boven iedereen uitsteekt. Dat is Marcel. Echt, ik heb grote bewondering voor hem.'

Het NOS-bestuur besloot dat de NOS zou worden gesplitst in een deel NPS dat met VARA en VPRO vanaf januari gaat samenwerken en een deel NOS. De Jong, die tegen was en dat ook publiekelijk uitdroeg, zag dat een meerderheid van de omroepen vóór was. Wijzer geworden door wat hij aan omroeppolitiek gepalaver had meegemaakt, liet hij het gebeuren. Van Westerloo kan dat bevestigen.

Het gevolg was dat hij besloot te vertrekken, nadat Tweede en Eerste Kamer met het plan hadden ingestemd. Nee, hij kómt niet terug, zoals Albert van den Heuvel, die na een sjiek afscheid bij de NOS enkele maanden later zijn opwachting maakte als beoogd voorzitter van de NPS. 'Hij had niet terug moeten komen. Als je weggaat, moet je weggaan. Als je denkt: ik kom over een half jaar misschien terug, moet je een beetje stiekem weggaan en weer terugkomen.'

Hij neemt niemand iets kwalijk. Marcel van Dam niet, de omroepen niet. Hij kan begrijpen dat ze vechten voor hun eigen voortbestaan. Hij mokt niet, hij is niet zuur, niet gefrustreerd. Hooguit kijkt hij wat onthecht tegen de aanhoudende organisatorische onrust in Hilversum aan. Eén ding is voor hem duidelijk: programma's zoals de NOS die maakt, zullen altijd blijven bestaan, omdat de overheid nu eenmaal de taak heeft borg te staan voor informatieve, parlementaire, educatieve, culturele minderheden en jeugd-programmering bij de publieke omroep.

'Niet meer in dat ene aangename organisatorische verband waar ik over ging, waar ik van hield. Maar die programma's blijven bestaan. Als dat niet het geval was, zou ik heel verdrietig zijn. En ja, ik ben natuurlijk gewend geraakt aan reorganisaties, politieke discussies, invloeden et cetera. Nou, dat is zo. Het kan er geen jota aan af doen, dat ik zeg: die ruim dertig jaar omroep die ik heb gedaan... Ik had mijn leven me niet mooier kunnen voorstellen dan het achteraf is geweest en ik hou er nog steeds iedere dag van.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden