Der Nederlanden: Heijn, Albert;Drop

De zoektocht naar het typisch Hollands eigene leidt onvermijdelijk ook tot teleurstellingen. Neem het lemma drop, bijvoorbeeld. Wat is er Hollandser dan drop? Sturen wij geen ladingen drop naar verwanten overzee, om hun ondraaglijk heimwee te verlichten? Komen wij niet aangevlogen met koffers vol dropveters en droplolly's? Wat blijkt? De lekkerste drop komt uit Finland. Gelukkig eten we er wel onbehoorlijk veel van: twee kilo per persoon per jaar. Onder meer te koop bij Albert Heijn, de supermarktketen die ons drop zou hebben leren eten, als we het niet zelf hadden uitgevonden.

drop Na de eerste aflevering van Der Nederlanden, waarin we vroegen om typisch Nederlandse verschijnselen, vlogen de mailtjes binnen: of we toch vooral de heerlijke, zalige, verslavende, zachte, zoete en zoute Hollandse drop niet wilden vergeten. 'Muntendrop, boerderijdrop, honingdrop, Engelse drop, zoute drop, zoete drop, dropveters, droplolly's', schreef Joke Schilling likkebaardend. 'Holland is one-syllable names from outer space/ like Miep, Mip, Map, Mop/Holland is zoute drop, citeerde Reinier van Mourik de Amerikaanse schrijfster Ethel Portnoy.


Maar er was ook Rob Bolman uit Brielle. Hij verzocht ons juist dringend het door alle media in stand gehouden waanidee te ontkrachten dat alleen Nederlanders flink genoeg zijn om de smaak van drop te trotseren. Bolman: 'Radio 1 zond bijvoorbeeld een zeer lang interview uit met een mevrouw die jaarlijks maandenlang met haar met zakken drop volgestouwde camper door Scandinavië trekt: Want drop kennen ze niet in die landen. De kersverse AH-topman Anders Moberg zat met een mond vol tanden toen het AD hem vroeg of hij ooit drop had geproefd; het zeer bijzondere smaakje, dat alleen wij dappere Nederlanders in de mond durven te nemen.' Volgens Bolman getuigt het gedoe over het nationale snoepje vooral van onbekendheid met Scandinavië en Scandinavische snoepgewoontes. 'In Denemarken, Zweden en Finland wordt sinds jaar en dag drop geproduceerd. Sterker nog: De Nederlandse Lidls verkochten tijdens de Scandinavische week drop die in Denemarken wordt aangeduid als Lakritz til Voksne (drop voor volwassenen). Drop die ter plekke verboden is voor kinderen en volwassenen met problemen met bloeddruk en hart- en vaat ziekten. En heel wat sterker dan het slappe spul dat wij dappere Nederlanders gewend zijn.'


Bolman heeft gelijk. Drop is helemaal niet Nederlands. Erger: de lekkerste drop ter wereld komt niet eens uit Nederland, maar uit Finland. Hij heet Panda, wordt gemaakt in Vaajakoski, bestaat sinds 1927, en is samengesteld uit rietsuikermelassestroop, tarwebloem, zoethoutwortelextract, natuurlijk aroma (anijsolie). Er zit geen enkel kunstmatig viezigheidje in. De drop is kosjer, en bovendien geschikt voor veganisten en vegetariërs. De tweede allerlekkerste drop ter wereld is muntdrop van Klene, die in de mond tot verrassende sensaties leidt als je er tegelijk een pepermuntje van King tegenaan gooit (minimaal een minuut goed hard zuigen, en pas de kiezen erop voor de genadeklap als het pepermuntje heel dun is geworden.)


In Nederland wordt wel heel erg veel drop gegeten: ongeveer 32 miljoen kilo per jaar. Het grootste deel daarvan wordt geproduceerd door de Nederlandse dropfabrikanten Klene in Breda, Katja Fassin BV in 's-Heerenberg, Venco in Oosterhout, Meenk in Rijswijk en Kraepelien & Holm/Limecon BV in Oosterwolde.


Drop wordt gemaakt van de wortel van de zoethoutstruik Glycyrrhiza glaba, die je in de landen rond de Middellandse Zee vindt. De wortel wordt gedroogd, gesneden, uit elkaar getrokken, tot pulp gemaakt en ingedikt tot een extract. Dat extract wordt in blokken gegoten en gedroogd. Wat overblijft heet 'blokdrop', en dient als basis voor de meeste dropjes. Blokdrop wordt in de fabriek opgelost in water, vervolgens worden er zoetmiddel en verdikkingsmiddel (vroeger Arabische gom, tegenwoordig meestal gemodificeerd zetmeel) aan toegevoegd, en tot slot smaakmiddel.


Volgens het Nederlands Centrum voor Volkscultuur is de herkomst van drop onduidelijk. Het woord zou zijn afgeleid van druipen en een ander woord voor 'druppel' zijn: vroeger werd wel gesproken van 'een drop zoethoutwortelextract'.


Drop was niet altijd iets wat je in een grote glazen pot stortte om die vervolgens ongeremd leeg te vreten. In eerste instantie werd het gebruikt als medicijn, tegen de hoest of tegen maagzweren. Alexander de Grote en Napoleon verstrekten het aan hun soldaten om de dorst te lessen. Drop is verder erg goed voor de bloeddruk, in die zin dat het die enorm opstuwt; aangeraden wordt niet meer dan 50 tot 150 gram per dag te eten.


Engelse drop is officieel geen drop, maar valt onder de suikerwaren. Engelse honingdrop daarentegen, te krijgen bij dropwinkeltjes en een enkele verstandige drogist, is heel erg wél drop, namelijk het derde lekkerste dropje ter wereld. Recht uit het zakje kunnen Engelse honingdropjes soms wat stug overkomen, maar als je ze even op een warme bureaulamp legt of tegen de centrale verwarming aanplakt, herwinnen ze snel hun natuurlijke souplesse.


Heijn, Albert Op 27 mei 1887 nam Jan Heijn (21) de kruidenierszaak van zijn vader in Oostzaan over. Het was een winkeltje van 12 m2 op de hoek Weerpad-Kerkplein. Een replica is te bezoeken op de Zaanse Schans. 123 Jaar later is Albert Heijn in Nederland met 800 filialen en een marktaandeel van 32 procent veruit de grootste grutter.


Geen kruidenier heeft zoveel invloed gehad op de Nederlandse huishoudens als Appie Heijn, zoals de keten liefkozend wordt genoemd. AH veranderde de Nederlandse eet- en winkelgewoonten ingrijpend. 'Wat de boer niet kent dat eet hij niet', heette het hier, maar AH leerde de Nederlandse consument dingen eten die hij tot dan niet kende.


De lijst van door de Zaanse supermarktketen populair gemaakt voedsel is eindeloos. Toen de Nederlander in het begin van de jaren zestig van de vorige eeuw dankzij loonrondes van tien procent of meer snel welvarender werd, haakte AH daarop in met assortimentsverbreding en exotische producten.


De Nederlander kocht opeens champignons, ananas uit blik, camembert, paprika en broccoli. Het bedrijf haalde kiwi's uit Nieuw-Zeeland, avocado's uit Zuid-Amerika en olijfolie en pasta's uit Italië, begeleidde de introductie in het eigen huisblad Allerhande en binnen de kortste keren waren de producten ingeburgerd.


Meer dan dat, soms. De winkelketen voorzag de gezinnen in de jaren zestig van een goedkoop aperitief uit Spanje dat zich binnen de kortste keren in grote populariteit mocht verheugen. Soms té groot, talloze eenzame huisvrouwen raakten verslaafd aan de in de linnenkast verstopte fles Sandeman-sherry.


'De mediterranisering van de Hollandse keuken is vanuit de Zaanstreek georganiseerd', constateerde Paul Schnabel in 1990 in NRC. Terwijl de Nederlander lang genoegen had genomen met Siebrand vruchtenwijnen of ander azijnachtig bocht, liet Albert Heijn de klanten middels het illustere Genootschap Van Vrienden Van De Goede Wijn kennismaken met de betere wijn.


In 1962 bedachten ze in het hoofdkwartier in Zaandam nog iets. Via de Premie van de Maand Club konden klanten sparen voor een koelkast, met 252 gulden bijbetaling. Tot dan bezat maar 12 procent van de huishoudens zo'n apparaat. De eerste bestelling bij de Duitse fabrikant Liebherr bedroeg twintigduizend exemplaren - topman Albert Heijn lag er nachten van wakker. In het eerste jaar van de actie werden 145 duizend koelkasten verkocht - en vervolgens gevuld met producten van AH.


Albert 'Ab' Heijn, de in 1927 geboren kleinzoon van de oprichter, maakte de firma groot. Hij kwam in 1951 in het bedrijf, en nam om te beginnen de modernisering van het winkelbestand ter hand. In 1952 werd de eerste AH-zelfbedieningswinkels geopend, in Schiedam. Vier jaar later kwam de eerste supermarkt, in Rotterdam. Doordat AH in 1948 al naar de beurs was gegaan, was er kapitaal voor investeringen in de nieuwe winkelformules.


In 1950 bedroeg het marktaandeel van AH drie procent. De consument kocht bij inkoopcombinaties van zelfstandige kruideniers, als VéGé, Centra, A&O, Coöp, Spar of VIVO. Tot 1966 was De Brabantse grootgrutter De Gruyter de grootste keten van het land. In de jaren daarna werd het bedrijf door AH - dat in 1975 de andere concurrent Simon de Wit had ingelijfd - gepasseerd en ging uiteindelijk failliet.


Het nationale succes steeg Albert Heijn, in 1973 omgevormd tot Ahold, in de laatste decennia van de twintigste eeuw naar het hoofd. De nieuwe topman Pierre Everaert, opvolger van Albert Heijn, formuleerde als doelstelling dat het bedrijf moest uitgroeien tot de nummer één of twee van de wereld. In de jaren daarna werden daartoe ambitieuze pogingen ondernomen. Tot het, onder topman Cees van der Hoeven, misliep. Een schandaal rond de grote aankoop US Foodservices bracht het concern aan het wankelen.


Ahold slankte noodgedwongen af, van een omzet van ruim 62 miljard euro in 2002 naar bijna 28 miljard in 2009. In Nederland maken nu drogist ETOS en drankenwinkel Gall&Gall nog deel uit van Ahold. Dat is nu weer een voornamelijk op Nederland gericht bedrijf, dat via een harde prijzenoorlog het marktaandeel van de supermarkten weer boven de 30 procent bracht. Internationale groei-ambities zijn voorzichtig gericht op België. In Nederland lonkt het bedrijf, dat zich al steeds meer op non-food is gaan richten, naar de HEMA.


En de gemiddelde Nederlander is nog altijd herkenbaar aan de blauwe AH bonuskaart aan zijn sleutelbos.


mmv Ned. Centrum voor Volkscultuur


uw reacties en tips

Volgens mij zijn de gehaktballen die je moeder maakte, altijd de beste!


(Tjally Everaarts)


In Der Nederlanden van 13 november 2010 wordt gezegd dat Archie Bunker zijn schoonzoon meatball noemde, maar dat klopt niet! Archie noemde Mike altijd meathead (gehakthoofd).


(John Conradi)


Ik heb genoten van De Hollandse Gehaktbal. Dat Archie Bunker zijn schoonzoon Meat Ball zou hebben genoemd, is wat mij betreft een verschrijving, die mooi in het gehaktballenverhaal zou passen, als dat tenminste juist zou zijn. Volgens mij noemde Archie zijn schoonzoon consequent Meat Head, iets wat helemaal niets met gehakt te maken heeft. Maar, natuurlijk: waar gehakt wordt, vallen spaanders !


(Jelle Netten


Beste mensen, iedere zaterdag word ik getroffen door de onderwerpen van de encyclopedie der Nederlanden maar ook door de illustraties.


Vraag: wanneer is de encyclopedie compleet en komt er dan een boek van? Misschien vraag ik naar de bekende weg, maar ik zit ermee.


(Connie de Cleen-Genet, )


Volgende week: Nederland waterland mail: dernederlanden@volkskrant.nl of kijk op vk.nl/dernederlanden


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden