Denise Jannah tekent world wide contract

Eind 1992 stuurde Denise Jannah een kerstkaart naar de Newyorkse jazzcriticus Gary Giddins, om hem te bedanken voor de 'fijne, weldoordachte recensie' van haar debuut-cd Take it from the top....

Van onze verslaggever

Erik van den Berg

UTRECHT

Wel een bedankje waard, vond Jannah thuis in Utrecht, die nog geen flauw idee had dat Giddins' oproep zo snel effect zou hebben. Een half jaar later wàs ze in New York, voor de opname van haar tweede Timeless-cd, A heart full of music, waarop ze werd bijgestaan door drie Newyorkse topmusici - precies zoals Giddins het had gewenst. En nu, even na de bekroning van haar Newyorkse album met een Edison, is er het volgende persbericht, waarin opnieuw de lange arm van Giddins te herkennen is.

Denise Jannah (Paramaribo, 1956) gaat een world wide contract met de platenfirma Blue Note aan, een van de oudste en meest prestigieuze jazzlabels in de Verenigde Staten. De papieren werden gisteren getekend in Rotterdam, tijdens een feestelijke bijeenkomst waarvoor Bruce Lundvall, de hoogste baas van Blue Note, speciaal was overgevlogen. De enige die in Rotterdam opvallend ontbrak was Jannah's eerste en grootste fan in New York, eens te meer omdat hij de band met de Nederlandse zangeres nog wat strakker aanhaalt: Gary Giddins wordt de producer van Jannah's komende Blue Note-cd.

Denise Jannah is niet de eerste Nederlandse muzikant die voor plaatopnamen naar Amerika gaat (zie zangeres Rita Reys, die in 1956 met Art Blakey's Jazz Messengers zes stukken in New York opnam), maar ze is wèl de eerste die op eigen naam een contract met een Amerikaanse firma sluit, inclusief de wereldwijde promotie en distributie die daarbij horen. Natuurlijk is Jannah in de wolken ('het geeft erkenning en extra vertrouwen en verder: yippie-ay-yay'), maar ze blijft graag met beide benen op de grond. 'Ik zie mezelf straks heus niet met een zonnebril en twee lijfwachten uit een limo stappen.'

Ze heeft nog geen idee welk materiaal ze voor Blue Note zal opnemen en met welke muzikanten ze zal spelen. Aanstaande zaterdag vliegt ze, op eigen initiatief, naar New York om met Giddins - met wie ze al vast een hartelijk telefonisch contact heeft opgebouwd - over de opzet van haar eerste cd te praten ('ik ben al songs aan het verzamelen, al weet ik nog niet wat de rode draad wordt'), maar ze vindt het vanzelfsprekend dat Blue Note het laatste woord houdt.

'Bruce Lundvall wil drie cd's met me maken, waarvan de eerste een duidelijk Amerikaans produkt moet worden, om marketing-technische redenen neem ik aan. Zodra die eerste cd goed loopt, wordt er meer mogelijk. Alles op z'n tijd. Daarom waarschuw ik maar vast. Als aan die eerste plaat helemaal geen Nederlandse muzikanten te pas komen, is dat niet omdat Denise zegt dat die Amerikaanse jongens nu eenmaal beter zijn.'

Jannah vindt dat Europese jazzmusici niet onderdoen voor hun Amerikaanse collega's. 'Alles wat uit Amerika komt was a priori beter, maar dat a priori kunnen we zo langzamerhand wel schrappen.' Dat bleek ook bij de Newyorkse opname van A heart full of music. Voor de Amerikaanse muzikanten die haar begeleidden, was het een alledaagse klus: 'Denise who? Wat betaalt het en wanneer is het, meer hoeven ze niet te weten. Pas tijdens het spelen maak je kennis met elkaar, al is dat is ook wel weer het leuke. Op die manier leer je elkaar snel goed kennen, want het moet van binnenuit komen om het echt te maken.'

De samenwerking tussen pianist Cyrus Chestnut en 'Denise Who' liep van aanvang af op rolletjes. Chestnut vroeg haar afgelopen november zelfs voor een tournee van vijf concerten in Japan. 'Hij belde me toen ik op vakantie in Suriname was. Zelfs al was het niet doorgegaan, dan blijf ik hem voor dat telefoontje eeuwig dankbaar. We hebben geweldig gespeeld in Japan, op vleugeltjes.'

Ze zegt het zonder dweperij, zoals ze ook heel kalm onder haar 'Amerikaanse avontuur' blijft. 'Ik zal genieten zo lang het duurt, maar ik ga niet te veel dromen. Als ik het gas en licht kan betalen ben ik tevreden, eerlijk waar. Ik heb nooit gedroomd van naar Amerika gaan. Nooit. En ik heb ook geen fantasieën over dat ik nu de beste zangeres van het land ben of zo, flauwekul.

'Ik realiseer me maar al te goed dat die stem van mij een geschenk is, dat ik zo goed mogelijk moet benutten. Dankbaarheid is het sleutelwoord, al heb ik er kei- en keihard voor gewerkt.'

Ze houdt er rekening mee dat het Blue Note-contract haar promotieconcerten door de Verenigde Staten zal opleveren, maar laat zich door dat vooruitzicht evenmin meeslepen. Nederlandse concerttournees zijn haar even lief, en haar baan als jazzdocente aan het Conservatorium in Rotterdam mag er niet onder lijden.

'Ik zal in elk geval altijd lekker les blijven geven. Als ik iemand op het podium zie staan bibberen, moet ik altijd aan mezelf denken, hoe ik vroeger óók de zenuwen had. Dan moet ik me inhouden om niet het podium op te rennen om een knuffel te geven - joh, je kan het, je zal zien, het komt allemaal goed.'

Ze kan niet zeggen welke van haar cd's haar het beste bevalt, al zijn beide heel verschillend. 'Als ik ze nu hoor denk ik: jij bent dit gewoon, beide zijn een afspiegeling van de periode toen je dit zong. Met alle stress en toestanden die er ook bij kwamen. De Newyorkse cd moest bijvoorbeeld ongerepeteerd worden opgenomen, er was geen geld voor repetities.

'Ik ben vanzelfsprekend dankbaar dat Timeless me de kans bood naar New York te gaan, maar ik heb eerst bedenktijd gevraagd. Ik had net zo graag met mijn eigen jongens, mijn mannen moet ik zeggen, willen spelen. Maar die vonden juist dat ik m'n kans moest grijpen. De pianist Jack van Poll legde me bijvoorbeeld uit dat het heel gewoon is om naast je working band een recording band te hebben.

'Als ik het mocht zeggen, dan neem ik op mijn derde cd in elk geval weer een aantal jazz-standards op. Standards zijn onvergankelijk en bovendien, ik zing ze op mijn manier. Verder zal ik mijn Surinaamse roots nooit verwaarlozen. Met het Surinam Music Ensemble en met de band van drummer Eddy Veldman heb ik ontdekt hoe je een standard als I'll remember April op een kaseko-ritme kunt zingen. Het zou mooi zijn als ik zoiets voor Blue Note zou kunnen doen. Kaseko is een van de dansstijlen van de Creoolse bevolkingsgroep waar ik ook toe behoor. Het is een vrijwel onbekend genre in New York, maar reken maar dat jazzmuzikanten van die kaseko-ritmen uit hun bol gaan.

'Ik heb heel veel kanten in mij zitten, die nog lang niet allemaal aan bod zijn gekomen. Muziek is voor mij een ontdekkingsreis. Als je me ongelukkig wil maken, moet je me in het jazzhokje opsluiten en de sleutel weggooien. Ik zou ook reuze graag een Latin- of fusion-project doen.

'House gaat misschien te ver, maar een rap-plaat voor Blue Note kan ik me wel voorstellen. Denise Jannah, the rap album? Yo! wie weet. . .'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden