Demonen

Ik zit in de Drôme Provençale. De zon schijnt. De mistral woedt onophoudelijk. Ik kan niet schrijven. Niets is goed genoeg en alles wat ik lees klinkt belachelijk en banaal....

Het is mij een raadsel hoe anderen het doen. Hoe anderen kennelijk ontspannen en genietend kunnen schrijven. Ik kan gek worden van deze zin: 'Er zijn columnisten die het in een half uur doen.' In een half uur? De eerste keer dat ik die zin hoorde viel mijn mond letterlijk open. Wat zijn dat voor Übermensen? Hebben zij een abnormale dosis aangeboren zelfvertrouwen? Of zijn ze van nature arrogant genoeg om te denken dat alles wat ze schrijven het schrijven en het lezen waard is?

Hoe dan ook: ik geloof er helemaal niets van. Onmogelijk. Al was het waar: ik heb niets aan hoe anderen het doen. In mijn donkerste uren moet ik het hebben van mijzelf en dat is de clou van mijn ongeluk. Ik ben een onverbiddelijke, kritische meester. Helaas weet ik mijn leerling niet tot grote hoogten te brengen maar enkel uit te hollen en na mijn ravageslag als een hoopje ellende achter te laten. Ontsnapt aan het zwaard en voor even veilig, tot de volgende deadline zich aandient.

In het hol van de schepping is het niet leuk. Het is een kwelling. Een gevecht van leven op dood. Je bedwingt het beest of je wordt verslagen. Als je recht hebt op victorie dan zweef je en ben je voor even intens gelukkig. Als je wordt verslagen, wordt je strijdlustig. Het zwaard wordt geslepen en je wacht tot de volgende ronde komt. Het ergst zijn de onbesliste matches. Het beest en ik, moe geworden door het gevecht en van elkaar met als resultaat achthonderd woorden die er niet toe doen. Die net zo goed niet geschreven hadden kunnen zijn. Wat houdt mij tegen? Wat is het dat mij verlamt in het schrijven? Ik kan me er vanaf maken met de woorden dat het mijn ontzag en liefde voor het woord is. Dat klopt gedeeltelijk. Maar de waarheid is natuurlijk de angst ontmaskerd te worden. Als iemand die niet kan schrijven. Iemand wiens woorden niet belangrijk genoeg zijn om gelezen te worden. Een bevuiler van een klein plekje in de krant. De noodzakelijke kleur in het rijtje autochtone columnisten op de Forumpagina. Misschien toch een vergissing van de redactie. In het begin werd deze gedachte gretig uitgemolken door het beest. Zou ik ook hebben gedaan. Schot voor open doel.

Elke column die niet over een 'blank' onderwerp ging werd afgedaan als een mislukte column. Al was die nog zo goed geschreven. Ik had pas bewezen werkelijk te kunnen schrijven als het over een 'blank' onderwerp ging. Wat een blank onderwerp is? Al sla je me dood, ik weet het zelf niet eens. Ik vermoed dat het een onderwerp is dat niets met allochtonen te maken heeft. Maar goed, daar heb ik na veel strijd mee afgerekend. Ik moest wel want anders had ik niet zo veel te schrijven gehad. Dat wat mij raakt en interesseert heeft meestal een tintje, is oud en eenzaam of anderszins door het leven getekend. Maar dan nog ben je er niet klaar mee. Om heerlijk ontspannen te kunnen schrijven moet je jaren van ervaring hebben zodat je weet dat het altijd hoe dan ook goed komt of een ontzettend dik bord voor je kop. Ik heb geen van beide . Helaas. Ik hanteer de meest absurde eisen voor mij zelf: het minimale van al die eisen is genialiteit. Een mooie column die bij de lezer recht in het hart binnen komt, zich verspreidt naar de hersenen en genot en verrijking verschaft. En natuurlijk de lezer achterlaat met immense adoratie voor de schrijver.

Nu ik toch bezig ben moet ik geen halve waarheden verkopen. De eis van genialiteit gaat helaas niet samen met de wetenschap van al mijn tekortkomingen. Ik ken mijn zwakheden als de beste. Zelfs nu zit ik om de woorden heen te draaien. Zeg ik niet wat ik werkelijk wil zeggen en dat is mijn strijd. De enige oplossing die ik tot nu toe heb gevonden om uit die lamlendige lafheid te geraken is mijzelf zo erg in het nauw drijven tot ik durf te schrijven wat ik denk en vooral wat ik voel. Door simpele tijdsdruk. Als er geen tijd meer is dan moet je wel. Als ik de strijd verlies heb ik het uiteindelijk toch niet gedurfd. Als het onbeslist is heb ik mijzelf zo vermoeid dat er geen kracht meer over is om dat wat werkelijk geschreven wil worden tot zijn recht te laten komen.

Er is ook een iets aardigere oplossing: vrienden bellen, wanneer de onzekerheid en paniek op zijn hevigst is. Vrienden die weten hoe ik in elkaar steek en weten wat ze moeten zeggen: 'Het is goed. Schrijf het op.' Soms probeer ik het zelf. Ik heb een zin aan de muur van mijn werkkamer hangen: 'Life is short. Say what you got to say now.' Op de een of andere manier werken dat soort spreuken beter in het Engels. Maar deze bevestigt enkel mijn lafheid telkens weer opnieuw. Waarom toch is het zo moeilijk te schrijven wat er werkelijk op je hart ligt? Het antwoord is simpel: het is de ultieme kwetsbaarheid. De uitlevering aan de genade van de lezer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden