Democratie Indonesië stagneert

Henk Schulte Nordholt vindt dat Indonesië een sterke rechtsstaat moet ontwikkelen en dat dat alleen kan lukken met een veel krachtiger overheid....

Tien jaar geleden kwam er in Indonesië een einde aan het autoritaire bewind van president Soeharto. Sindsdien hebben zich veel veranderingen voltrokken die niemand had durven voorspellen. Het land is na India en de VS de derde democratie in de wereld; er zijn geen binnenlandse oorlogen meer en het leger heeft zich formeel uit de politiek en het bestuur teruggetrokken; er is persvrijheid en mensen zijn niet langer bang om tegen onrecht te protesteren; op bestuurlijk vlak is er sprake van regionale autonomie die een einde maakte aan het centralistische regiem van Soeharto, en door ingrijpende wijzigingen in de grondwet is de terugkeer naar een autoritair bewind zeer onwaarschijnlijk.

Aanvankelijk zag het er niet naar uit dat dit alles gerealiseerd zou worden. Kort na de val van Soeharto braken bloedige onlusten uit in de Molukken, Midden-Sulawesi en West-Kalimantan; de onafhankelijkheid van Oost-Timor ging gepaard met ernstige schendingen van mensenrechten; de oorlog in Atjeh laaide op en ook Indonesië maakte kennis met moslimterrorisme. De drie presidenten die elkaar sinds 1998 in snel tempo opvolgden maakten geen bijster sterke indruk: Habibie struikelde in 1999 over het Oost-Timor debacle, Abdurrahman Wahid ging in 2001 aan zijn eigen grilligheid ten onder, en tijdens het presidentschap van de kleurloze Megawati leek het alsof conservatieve krachten het heft weer in handen kregen. Toch voltrokken zich belangrijke veranderingen, maar deze hebben elk hun schaduwzijde.

Er kwam een vernieuwde grondwet tot stand die een presidentiële democratie vestigde waarin het parlement een grote invloed heeft. Dit heeft echter tot gevolg dat politieke besluitvorming heel moeizaam tot stand komt.

De bevolking neemt met groot enthousiasme deel aan het nieuwe systeem van directe verkiezingen die over het algemeen eerlijk verlopen. In 2004 werd oud-generaal Yudhoyono de eerste direct gekozen president van Indonesië. Hij stond bekend als een eerlijke en bedachtzame man, maar door zijn aarzelende optreden wordt hem nu verweten besluiteloos te zijn. Op regionaal en provinciaal niveau werden veel oude corrupte bestuurders weggestemd, maar hun plaats wordt ingenomen door een nieuwe alliantie van rijke zakenlieden en bureaucraten die over voldoende geld beschikken om zich aan democratische controle te onttrekken.

Een van de grootste rampen die Indonesië trof was de tsunami die in december 2004 in Atjeh duizenden slachtoffers eiste. De ramp zorgde ook voor een doorbraak in het vredesoverleg tussen het leger en de verzetsbeweging GAM waardoor er in augustus 2005 een einde kwam aan een lange burgeroorlog. Hoewel de strijdkrachten een veel minder vooraanstaande rol spelen, onttrekken zij zich nog altijd aan democratische controle. Schendingen van mensenrechten blijven onbestraft en de opdrachtgevers van de moord op de mensenrechtenactivist Munir, die in september 2004 tijdens zijn reis naar Nederland werd vergiftigd, lopen nog altijd vrij rond.

Op economisch vlak boekte de Indonesische regering ook successen. Na de ernstige monetaire crisis van 1998 die de economie tot stilstand had gebracht, kwam er herstel en slaagde de regering er in haar schulden aan het IMF af te lossen. Tegelijk leeft de helft van de bevolking op of onder de armoedegrens. De meeste gezinnen in Indonesië moeten van anderhalve euro per dag rondkomen en hebben zwaar te lijden onder de prijsstijgingen van voedsel en brandstof.

Ook slaagde de regering er niet in grootschalige corruptie te bestrijden. Hoewel de anti-corruptie commissie telkens weer nieuwe zaken aan het licht brengt, blijft het dweilen met de kraan open. Economisch herstel trekt ook een zware wissel op het milieu. Indonesië hoopt veel te verdienen aan de export van palmolie en aanverwante biobrandstoffen, maar dit gaat vergezeld van grootschalige ontbossing die op termijn rampzalige gevolgen zal hebben.

De Indonesische regering is er in geslaagd islamitisch radicalisme te bedwingen. De belangrijkste terroristische netwerken zijn opgerold en de vrees voor nieuwe aanslagen is afgenomen. Tegelijkertijd is er sprake van een voortgaande islamisering van de samenleving als gevolg waarvan aanhangers van andere religies zich bedreigd voelen. Dit geldt ook voor groepen met een afwijkende opvatting binnen de islam, zoals de half miljoen aanhangers van de Ahmadiyya, die mogelijk door een officieel verbod worden getroffen.

Geconstateerd moet worden dat de belangrijkste politieke vernieuwing wordt vertegenwoordigd door de nieuwe islamitische Partij voor Gerechtigheid en Welzijn, PKS. De PKS beschikt over een sterk kader, verzet zich fel tegen corruptie en heeft, in tegenstelling tot andere partijen, een heldere toekomstvisie. Bij rampen is de PKS ter plekke om hulp te bieden en de partij is bereid binnen het democratische bestel te opereren. Het is opvallend dat aan de meer seculiere kant van het politieke spectrum geen enkele politieke vernieuwing heeft plaatsgevonden. De honderden zwaar gesubsidieerde ngo’s in Indonesië, die zich bezighouden met mensenrechten, arbeiders, vrouwen, zijn niet in staat gebleken gezamenlijk gestalte te geven aan een politiek alternatief. Dat falen zou wel eens nader mogen worden onderzocht.

Er blijven nog twee zaken onderbelicht die van fundamenteel belang zijn voor de toekomst van het land: een serieuze discussie over de betekenis van burgerschap en de omvang en het functioneren van de overheid.

De electorale democratie werkt goed, maar dit betekent nog niet dat de rechtsstaat naar behoren functioneert. Het is opvallend dat er in Indonesië wel veel gepraat wordt over ‘civil society’, maar nauwelijks over het belang van burgerschap, dat gestoeld is op democratie en beschermd wordt door de rule of law. In plaats daarvan wordt de nadruk over het algemeen gelegd op religieuze, regionale en etnische identiteiten en de populariteit van specifieke personen. Wat het betekent om Indonesiër te zijn, lijkt voor de meeste mensen nauwelijks relevant.

Er wordt ook weinig gedebatteerd over de rol van de overheid. Terwijl internationale instanties van mening waren dat een afgeslankte staat tot meer marktwerking, beter bestuur en meer democratie leidt, zou wel eens kunnen blijken dat Indonesië een veel krachtiger overheid nodig heeft.

Tijdens de Nieuwe Orde waren geld en macht geconcentreerd in het centrum van de staat, van waaruit een patrimoniaal systeem over het land uitwaaierde waarin geld en posities in ruil voor loyaliteit werden verdeeld. Sinds 1998 is de effectiviteit van het bestuur afgenomen. Ondanks de omvangrijke bureaucratie is het besturend vermogen van de overheid zeer beperkt. Met ruim 230 miljoen inwoners heeft Indonesië een begroting van iets meer dan 70 miljard euro, terwijl Nederland, met een bevolking van 16 miljoen mensen, een begroting heeft van 210 miljard euro. Met eenderde van de Nederlandse begroting moet de Indonesische overheid een land ontwikkelen met bijna vijftien maal zoveel inwoners.

Hierdoor heeft Indonesië de kenmerken van een soft state waarin wetten worden gemaakt die nauwelijks worden nageleefd. Dit heeft tot gevolg dat het staatsapparaat zwak functioneert. Het neoliberale idee dat minder staat tot beter bestuur en meer democratie zou leiden is daarom een gevaarlijke fictie. Alleen een krachtige staat kan de rule of law garanderen en burgerschap betekenis geven.

Na de ervaring met een autoritaire staat, gevolgd door jaren van betrekkelijke verwarring, is het ontwikkelen van een sterke rechtsstaat de grootste uitdaging waar Indonesië zich voor geplaatst ziet. En dat proces zal nog jaren vergen. Lukt dat niet, dan blijft Indonesië een stagnerende democratie waarin corruptie in plaats van de rule of law het systeem draaiende houdt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden