Demasqué van een oud-premier (Gerectificeerd)

Zijn Waterloo vond hij in Genève, bij de vrouwen. Vriend en vijand over de val van Ruud Lubbers. 'Hij wil charming zijn....

Stomverbaasd reageert Ruud Lubbers als hij eind 2000 te horen krijgt dat hij de gedoodverfde kandidaat is voor de functie van Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen van de Verenigde Naties. Secretaris-generaal Kofi Annan brengt hem persoonlijk op de hoogte van de voorkeur van een groot aantal landen.

In Nederland denkt niemand meer aan Lubbers. Af en toe sijpelen er berichten door dat hij het als hoogleraar globalisering niet onverdienstelijk doet. De studenten in Tilburg mogen hem wel. Met de actuele politiek bemoeit hij zich nauwelijks, althans niet publiekelijk. Achter de schermen wordt hij nog weleens om advies gevraagd, maar dat zet zich pas echt door na het aantreden van Jan Peter Balkenende.

Misschien dat hij destijds wel eens heeft geglimlacht om de ijver waarmee de Nederlandse regering de PvdA'er Jan Pronk naar voren schoof als kandidaat voor de post bij de UNHCR. Pronk, die net zo onfortuinlijk was gebleken als hij bij het verkrijgen van een internationale baan. Toen Annan voor zijn neus stond, moet hij zich niet alleen hebben gerealiseerd dat hijzelf in het buitenland nog niet was vergeten, maar ook dat Pronk er net iets meer vijanden had gemaakt.

In 1977 weigert hij een post als minister voor Ontwikkelingssamenwerking. Bijna vernederend, vindt hij dan nog. Dit keer bedenkt hij zich geen seconde. Der Macher luidt zijn koosnaam als hij op het toppunt van de macht staat in Nederland. Zondagskind, op z'n 20ste miljonair en gezegend met een bovenmatige intelligentie. Geliefd bij de vrouwen ook. Er gaan veel roddels, soms vallen er namen, maar nooit is er in Nederland een minnares opgestaan of anderszins een schandaal veroorzaakt.

Margaret Thatcher, de Engelse premier, noemt hem Ruud Shock, maar dat meer vanwege zijn sociale hervormingen in Nederland dan vanwege zijn charmes. Toch weet men in CDA-kring te vertellen dat Lubbers wel degelijk zijn charmes benutte om de iron lady in beweging te krijgen.

Hedy d'Ancona is minister in het derde kabinet-Lubbers. 'Het ging altijd om vrouwen die in elk geval geen hekel aan zijn charmes hadden. Lubbers is buitengewoon aardig. Hij is veel empathischer dan Wim Kok, toen toch mijn voorman en partijleider. Dat zal ook wel te maken hebben met het feit dat Lubbers van vrouwen houdt en Kok doodsbang is voor vrouwen. Hij bezit inderdaad datgene wat mannen hebben die vrouwen liefhebben: hij wil charming zijn. Ik heb dat altijd heel aangenaam gevonden.'

Twaalf jaar in totaal is hij minister-president en machtiger en invloedrijker dan ooit een naoorlogse politicus voor hem. Hij trekt aan alle touwtjes, totdat in de nadagen van zijn derde kabinet de touwtjes hem één voor één ontglippen. Het CDA, zijn partij, komt mede door zijn toedoen terecht in de vrije val. Prestigieuze posten in Europa en de NAVO gaan aan zijn neus voorbij, ook al lijkt hij als ex-premier van Nederland veruit de beste papieren te hebben. 'Hij heeft zich toen niet gerealiseerd dat hij te lang boven de wolken heeft gehangen, dat hij te weinig kritiek kreeg van anderen. Dan worden mensen hun eigen norm', zegt Hans Hillen, destijds Kamerlid voor het CDA.

Het 'demasqué van een premier' is ingezet, ook al kan dan nog niemand vermoeden dat de finale met zo'n luide knal zou komen. Hij wordt weggestuurd van de eindelijk bereikte internationale podia vanwege een 'seksschandaal'.

'Hij zal er heus geen blijvende schade van ondervinden. Daarvoor heeft hij te veel verdedigers van naam en faam', zegt Hedy d'Ancona. 'Neem mij nou. Ik ben een feministe en paranoïa genoeg hem van alles te verdenken. Maar als je al een positie hebt bereikt, kun je andere middelen inzetten. Het is anders als het om een meisje uit de koffiekamer gaat, of als die vrouw verliefd is geworden.'

Wijlen Martin van Amerongen beschrijft Lubbers in 1989 als 'een gemankeerde hulppastor, door een meerderheid van de natie verheven tot de betrekking van eerste minister.'

Van Amerongen citeert Lubbers uit een radio-interview: 'Veel van dat hummelige is weg - prima. Ik geniet er zelf met volle teugen van. Maar als u nu denkt dat dat zal leiden tot een volstrekt ikkige maatschappij: ik, ik, ik. . . zorgen als die warmte en verbanden. . . Vergis nu niet. . . helemaal niet.'

Lubbers ten voeten uit, de onnavolgbare Johan Cruijff van de politiek. Niet te citeren en niet te volgen. Hij wil dienstbaar zijn aan de politiek, zegt hij vaak, en daarom denkt hij mee. Hillen: 'Je moest zijn voorstellen niet alleen van een datum voorzien, maar ook van een uur. Een uur later kon het weer totaal anders zijn. Hij bedacht telkens andere varianten.'

Hoeveel had hij er voor de plaatsing van kruisrakketten in Nederland? Geen mens die het nog kan navertellen, maar in Washington komt die creativiteit hem duur te staan. In 1996 wordt hij in Washington ontboden door de Amerikaanse minister van Defensie, Warren Christopher, voor de functie van secretaris-generaal van de NAVO. Lubbers is niet de enige kandidaat, hij heeft wel de steun van de grote landen Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië. Wat kan er nog mis gaan?

Lubbers zelf aarzelt lang met het publiek maken van zijn kandidatuur. Door onder anderen de Britse premier Major komt die toch naar buiten, waarna Nederland de kandidatuur officieel bevestigt. In Washington zijn ze niet blij. Lubbers is niet goed gevallen. Te wollig, te warrig, te veel varianten voor een paar kruisrakketten, te weinig een NAVO-man die bereid is het Amerikaanse standpunt zonder eigen toevoegingen uit te dragen.

Het duurt even voordat Den Haag door heeft dat Lubbers is afgewezen. Hoe weldoordacht en terughoudend Lubbers zich ook heeft laten meevoeren, de klap komt hard aan. Het gezichtsverlies is groot. Den Haag, met name D66-minister Hans van Mierlo, reageert teleurgesteld, maar zonder grote woorden. Lubbers' kandidatuur voor de NAVO wordt schriftelijk ingetrokken.

Juist dezer dagen openbaart zich, bij monde van oud CDA-minister, Tjerk Westerterp een nieuwe reden voor de Amerikaanse bezwaren. Westerterp suggereert in gesprek met het tv-programma Nova dat een rapport van de CIA over Lubbers' handel en wandel (als vrouwenliefhebber) een van de redenen is.

Westerterp houdt zich aan de telefoon op de vlakte. Hij heeft het rapport niet gezien, erkent hij, maar hij heeft zo zijn bronnen. 'CIA-rapporten lekken doorgaans niet uit.'

In CDA-kring wordt schande gesproken over de interventie van Westerterp en wordt deze afgedaan als 'grote duim', blijkt achter de schermen. Hans Hillen, al jaren gebrouilleerd met Lubbers ('Dat accepteer ik als een fact of life'), schiet in de lach. 'Ik wist niet dat Westerterp bij de CIA werkte.'

Het is de tweede keer dat het buitenland de deur dicht heeft gehouden. Voor het eerst gebeurt dat in 1994. Lubbers wordt geen voorzitter van de Europese Commissie, hoe graag hij ook wil. Hij gaat er met volle kracht tegenaan, maar stuit op z'n Duitse evenknie Helmut Kohl.

Het CDA heeft net de verkiezingen verloren. Lubbers' opvolger Elco Brinkman is gruwelijk onderuit gegaan en heeft dat mede aan Lubbers te danken.

Vlak voor de verkiezingen zegt de oud-premier op Ernst Hirsch-Ballin te zullen stemmen, de minister van Justitie, die zwaar onder vuur ligt. Als Brinkman tot partijleider wordt gekozen, krijgt hij van Lubbers een doosje met incasseringsvermorgen. Lubbers lijkt losgezongen van de partij, die Brinkman steunt. De kiezer begrijpt er niets van en haakt af.

Lubbers is overspannen, doodmoe van twaalf jaar regeren. Hij ziet de partij die hij ooit opzweepte naar 52 zetels verkruimelen. Dan richt hij zich op Europa, waar hij een nieuwe vijand tegenkomt.

'Was ich habe gegen Lubbers?', briest een boze Kohl naar verslaggevers alsof hij ze op een leugen betrapt. Niks heeft hij tegen Loebers. Maar dat is niet waar. Kohl is Lubbers' kritiek op zijn plannen voor de Duitse hereniging niet vergeten. Hij neemt het Lubbers kwalijk dat die 'verraad' heeft gepleegd aan zijn opvolger Brinkman en dat hij zijn eigen partij in het verderf heeft gestort. Kohl wil Lubbers niet als baas van Europa.

De Nederlandse ex-premier mag naar de kant om uit te rusten. Hij is nog maar een schim van de jeune premier die op zijn 34ste aantrad in de politiek om minister van Economische Zaken te worden. Een nieuw hoofdstuk wordt ingeluid als de lokroep uit het buitenland weer klinkt, via Kofi Annan. Lubbers stort zich vol overgave op zijn baan, legt er geld op toe, reist naar vluchtelingenkampen en bedelt bij regeringsleiders.

Zijn Waterloo vindt hij in Genève bij de vrouwen. Ook in Den Haag heet Lubbers een liefhebber te zijn. Een bamboucheur, zegt Hillen, die het woord nog kent uit de geschriften van Godfried Bomans, een vreemdganger. Maar is dat imago een probleem? Komt vermenging van 'wijntje en Trijntje' in Den Haag niet vaker voor? 'Een ridder te paard die een verovering wil, stoot zijn neus ook weleens', zegt hij.

Ook D'Ancona kan zich niet herinneren getuige te zijn geweest van Lubbers' escapades of zelf door hem te zijn uitgenodigd voor een romantisch treffen. 'Hij heeft me weleens iets verteld over de romantische gevoelens die hij had voor de secretaresse van Mitterrand. Maar dat was een platonische liefde. Daar spraken we dan over. Ik viel wellicht ook niet in de prijzen, maar natuurlijk: op mijn leeftijd kén je dit soort mannen. Ze zijn niet bedreigend. De Franse politici Kouchner of Lang waren ook van het type prince charming, die hebben ook hun handen niet onder tafel vastgebonden. Juist in Europa krijg je nog weleens de kans vergelijkingen te trekken. Ik denk dat Lubbers nu pootje wordt gehaakt. Waarom? Dat weet ik niet.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden