Delft Instruments koopt strafzaak nachtkijkers af

In de strafzaak over illegale levering van nachtkijkers aan Irak heeft de officier van justitie in Den Haag schikkingen getroffen met zes functionarissen van het bedrijf Delft Instruments, onder wie bestuursvoorzitter R....

Van onze verslaggever

DEN HAAG/DELFT

In een brief aan de Tweede Kamer noemt de inmiddels afgetreden minister van Justitie Hirsch Ballin de transacties 'verantwoord'. Met de brief heeft de bewindsman het vertrouwelijke onderzoeksverslag van het OM in Den Haag meegestuurd. De affaire leidde eind 1991 tot Kamervragen omdat justitie Delft Instruments aanvankelijk niet wilde vervolgen.

Met de schikkingen komt een eind aan een kwestie die het Delftse hightech-bedrijf achtervolgt sinds de Golfoorlog, begin 1991. Amerikaanse militairen troffen toen uiterst geavanceerde nachtzichtapparatuur aan op Iraakse stellingen aan het front in Koeweit. De kijkers bleken afkomstig van Delft Instruments. De Verenigde Staten besloten prompt tot een boycot van het bedrijf.

Bestuursvoorzitter Kingma erkende dat Delft Instruments de warmtebeeldsystemen, met een waarde van anderhalf miljoen gulden, aan Irak had geleverd. Maar volgens hem was de fout gemaakt bij het Belgische dochterbedrijf OIP Instrubel. Dat had geen Amerikaanse onderdelen in de kijkers mogen verwerken, omdat daarvoor een vergunning van de autoriteiten in de VS nodig was.

De leveranties aan Irak maakten deel uit van een order van 55 miljoen gulden. De eerste vier nachtzichtkijkers werden geleverd tussen december 1989 en december 1990. Voor de eerste leveringen was een exportvergunning afgegeven door de Belgische autoriteiten. Maar bij de laatste levering was het algehele wapenembargo tegen Irak al vier maanden van kracht.

De boycot van de VS betekende voor Delft Instruments dat het geen essentiële onderdelen meer mocht importeren die in de VS werden gemaakt. Aanvankelijk mocht de onderneming ook geen niet-militaire produkten leveren aan bedrijven in de VS. De boycot, die later werd afgezwakt en inmiddels is opgeheven, heeft de onderneming tientallen miljoenen guldens gekost.

Nadat het openbaar ministerie in Den Haag juist vanwege de grote verliezen die Delft Instruments leed, besloot het bedrijf niet te vervolgen voor overtreding van de In- en Uitvoerwet, moest Hirsch Ballin onder druk van de Tweede Kamer de beslissing herzien. Vervolgens besloot justitie te wachten op de uitkomst van een Amerikaans strafrechtelijk onderzoek.

In de Verenigde Staten leidde de strafvervolging van Delft Instruments uiteindelijk in juli 1992 tot een schikking van 3,3 miljoen dollar (5,3 miljoen gulden). Uit onderzoek in Nederland is volgens het openbaar ministerie in Den Haag inmiddels vast komen te staan dat zes werknemers van Delft Instruments direct betrokken waren bij de illegale leveringen aan Irak.

Bestuursvoorzitter Kingma en een directeur moeten de hoogste bedragen betalen. Het openbaar ministerie doet de strafzaken via een transactie af, omdat het bedrijf al aanzienlijke schade heeft geleden door nationale en internationale negatieve publiciteit. Een openbare strafprocedure, zo meent de officier van justitie, zou wederom aanzienlijke schade met zich meebrengen voor het bedrijf.

De hoogte van de transacties is in het bijzonder beïnvloed door het feit, dat het hier strafbare zaken betreft waarvoor het maximale transactiebedrag 100 duizend gulden kan bedragen. Ook hebben de verdachten lange tijd in onzekerheid vertoeft over de afloop van de zaak. 'De directieleden accepteren de schikking, zonder daarmee schuld te erkennen', is het enige commentaar dat Delft Instruments wil te geven.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden