Dekker onverwacht snel op 100 meter vlinder

EINDHOVEN - Rio 2016 is haar grote doel, inclusief een persoonlijke olympische medaille. Maar Inge Dekker vertoeft volgende week al in Brazilië. Ze zwemt in Sao Paulo clubcompetitie voor Fiat Minas Gerais. De voormalige wereldkampioene op de 50 meter vlinder heeft haar manager een mooi contract voor een tweejaarlijks optreden laten uitonderhandelen.

'Ik ben daar heel slecht in', zegt de vlinderslagspecialiste die haar lange internationale carrière, sinds 2001, hoopt te besluiten met een paar vette jaren. Donderdag maakte ze daar bij de Swim Cup in Eindhoven een begin mee door op de 100 meter vlinder een duel aan te gaan met wereldkampioene Sarah Sjöström uit Zweden.

Na de verloren aantik stond er een royaal persoonlijk record: 57,33. Het verloop van de wedstrijd had haar verwonderd. Meestal denkt Dekker bij het keerpunt na 50 meter dat het nog een heel eind is naar de finishmuur. 'Dit keer dacht ik bij het keerpunt: zo, nu gaat het beginnen. Ik was verbaasd dat ik zo goed kon bijblijven bij Sjöström.'

Het zijn de eerste resultaten van haar samenwerking met Martin Truijens, de achtste coach uit haar lange loopbaan. 'Martin zei me bij mijn entree in september in Amsterdam dat hij mij geen 50-meterzwemster vond, maar juist een 100-metervrouw. Hij wil me zelfs 200 meter vrije slag laten zwemmen. Hij zal het goed gezien hebben. Ik doe wat hij zegt. Als ik maar een medaille haal in 2016.'

De 50 meter vlinderslag, de afstand waarop ze in Shanghai (2011) wereldkampioen werd, leek altijd haar logische krachtnummer. Het had één minpunt. De afstand staat niet op het olympische programma. In een olympisch zwembad wordt maar één nummer van blok naar muur gezwommen en dat is de 50 meter vrije slag, de discipline waar Ranomi Kromowidjojo de olympische en wereldtitel bezit.

De kunst is een race over 100 meter vlinderslag goed in te delen. Dekker: 'Ik ging altijd te snel naar het keerpunt. Dat gaat het zo gemakkelijk, dan is het lastig jezelf in te houden. Maar daar moet je voor boeten op de weg naar de finish. Ik moet van Martin rustig starten, zoals Sjöström doet, en dan zorgen dat ik sterk finish.'

Ze ging donderdag 'af' in 26,9, om in 30,3 naar de aantikplaat te gaan. 'Dat moet 29,9 worden. Dat is ons grote doel', verklapte Dekker. Dan zal ze voor het eerst in haar carrière een tijd in de 56 seconden kunnen zwemmen. Het onneembaar geachte Nederlandse record van Inge de Bruijn uit 2000 (56,61) zou daarmee in beeld kunnen komen.

'Ik wil alles goed doen', is voorlopig Dekkers voornemen na de zoveelste overstap, na de beslissing de zaak nog één keer serieus aan te pakken. Het Nationaal Trainingscentrum in Amsterdam, waar Martin Truijens werkt, is de zesde pleisterplaats in haar zwemjaren.

Dekker (28) kan intussen een boekje schrijven over de Nederlandse zwemtrainers. Ze heeft bij elke coach die meetelt gezwommen. Het rijtje is fors: Ellis van der Meulen, Cees Robbertsen, Dick Bergsma, Jacco Verhaeren, Marcel Wouda, Patrick Pearson en Martin Truijens. Tussendoor zwom ze in Frankrijk onder een Fransman, Romain Barnier, en een Brit, James Gibson.

Ze beloofde donderdag zeker drie jaar bij Truijens te blijven. Dat is haar gemiddelde verblijf bij een trainer met wie het klikt, zoals met Bergsma en met Verhaeren. Dat ze vaak wisselt van coach heeft een simpele oorzaak. 'Ik verveel me snel. Coaches hebben de neiging een succesvol programma voortdurend te herhalen. Dat is dan hun filosofie. Hij gelooft erin, dus doet hij dezelfde dingen. Maar ik ben op zoek naar variatie, afwisseling.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden