Interview

'De zorgverlener moet de patiënt dienen, niet de verzekeraar'

Behandelingen die moeten worden gestopt omdat de verzekeraar niet meer betaalt, diagnoses die worden aangepast om toch voor vergoeding in aanmerking te komen. Psychiaters en psychotherapeuten zijn het beu. 'De zorgverlener moet de patiënt dienen, niet de verzekeraar.' De Volkskrant interviewde psychotherapeut Hieke Bos en psychiater Kaspar Mengelberg.

Beeld Getty Images

Hieke Bos, psychotherapeut

Weigert contract met verzekeraars

Hieke Bos, psychotherapeut in Amsterdam, tekent geen contracten meer met verzekeraars. 'Als ik een contract met een verzekeraar zou tekenen, krijg ik een behandelplafond opgelegd. Dan kan ik maar enkele patiënten behandelen, en soms moet je dan halverwege de behandeling stopzetten omdat de verzekeraar niet meer betaalt.' Vooral bij moeilijkere gevallen, waarvoor meer tijd nodig is, kan dat tot problemen leiden. Geen contract, geen plafond, zegt Bos. Een andere verzekeraars is geen oplossing, want die werkt ook met zo'n plafond, 'en andere verzekeraars hebben wel weer andere eisen'.

Sommige verzekeraars schreven voor welke behandeling wel en niet mocht worden toegepast. Bij sommige diagnoses waarbij ze zelf graag een EMDR-therapie (een behandeling tegen trauma's) zou willen toepassen, werd dat door de verzekeraar verboden. Althans: niet vergoed.

Bos: 'Voor ons is contractvrij werken van groot belang. Wij willen meer te zeggen hebben over de behandeling die wij geven. Als je een contract met de verzekeraar afsluit, moet je gewoon maar bij het kruisje tekenen en heb je niets te zeggen.'

Hieke Bos, psychotherapeut Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Zorgverleners zonder contract met een verzekeraar kunnen alle patiënten met een restitutiepolis gewoon helpen; de rekening wordt voor 100 procent vergoed. Patiënten met een goedkopere naturapolis moeten 25 tot 40 procent zelf bijbetalen. Maar, zegt Bos, 'daar maak ik soms betalingsafspraken over'.

Verzekeraars denken juist dat daar een groot probleem zit. Aanbieders van niet-werkende therapieën, met als schoolvoorbeeld de verslavingstherapie op een mooi en zonnig eiland, krijgen zo alsnog 60 procent van hun geld binnen, en dat is voor hen vaak voldoende.

Minister Schippers is vast van plan 'contractvrije' zorgverleners het leven moeilijker te maken. Zij wilde de 'vrije artsenkeuze' afschaffen, juist omdat ze de verzekeraars meer macht wil geven. De verzekeraars zijn immers ingehuurd als kostenbewakers in het hele systeem. Nu haar wetsontwerp in de Eerste Kamer is gesneuveld, wil ze met andere maatregelen toch de positie van de verzekeraar versterken.

Psychiaters boycotten verzekeraars

Veel psychiaters en psychotherapeuten zijn de bemoeienis van de verzekeraars met hun praktijk en hun behandelingen beu. Ze weigeren contracten met hen te tekenen. Lees hier meer.

Dat wil Schippers doen door de naturapolissen (waarbij de verzekeraar bepaalt welke zorgverlener wordt vergoed) aantrekkelijker te maken. Verder wil ze, bij overschrijding van het budget in een tak van zorg, de kosten daarvan alleen nog verhalen op contractloze zorgverleners. Hoe groot dat risico is, is moeilijk te zeggen. Tot nu toe is deze financiële noodrem (macrobeheersinstrument) nog nooit in werking gesteld.

Hieke Bos, psychotherapeut

Weigert contract met verzekeraars

Een kleine groep psychiaters en psychotherapeuten gaat een flinke stap verder dan te weigeren een contract met een verzekeraar te ondertekenen. De Amsterdamse psychiater Kaspar Mengelberg weigert elke samenwerking met verzekeringen. 'Het is principieel fout om dat wel te doen. De patiënt wil optimale behandeling. De verzekeraar wil zorglastbeperking. Die twee zijn niet met elkaar te verenigen. De zorgverlener moet de patiënt dienen, niet de verzekeraar.' Het verzekeringssysteem bestempelt hij als 'een kongsi van de politieke elite en de verzekeraars om de professionele autonomie van zorgverleners te breken'.

Mengelberg begon de website devrijepsych.nl en verzet zich al jaren tegen de verzekeraars. Met succes, want uiteindelijk bepaalde de rechter dat ook rekeningen waarop geen diagnose stond, door de verzekeraar moesten worden betaald. Mengelberg: 'Maar dat saboteren ze bijna allemaal. Dus ik zeg nu tegen al mijn klanten dat ik niet zeker weet of hun rekening zal worden vergoed. Gek genoeg is nooit iemand een rechtszaak begonnen tegen een verzekeraar.'

Kaspar Mengelberg Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

De Amsterdamse gezinstherapeut Frans Holdert behandelt alleen patiënten die hun rekening niet bij de verzekeraar declareren. Al toen hij in 2005 proefdraaide met het systeem dat toen nog nieuw was, was het voor hem helder: 'Dit ga ik niet doen.'

Hij moest, soms tot op de minuut, bijhouden hoeveel tijd hij aan zijn patiënten besteedde. 'Gekkenwerk', vond hij het. Hij werd ook gedwongen zijn werkwijze te veranderen. De verzekeraar eiste een heldere diagnose, terwijl de meeste patiënten helemaal niet met glasheldere problemen komen. Vroeger, zegt hij, schreef je dat iemand een aanpassingsstoornis had. 'Die had bijvoorbeeld wat problemen bij de overgang naar ander werk, of een andere woning. Maar nu moet je minstens 'depressie' schrijven, anders wordt er niet vergoed.' Een betrekkelijk lichte 'identiteitsstoornis' wordt nu al snel een 'persoonlijkheidsstoornis'.

Holdert vindt ook dat de verzekeraars de informatie over zijn cliënten misbruiken. Hij zegt twee keer te hebben meegemaakt dat een patiënt geen hypotheek kon afsluiten omdat die was behandeld voor een depressie. Dat kon de verzekeraar uit de databank opmaken.

Dat hij alleen mensen behandelt die de rekening zelf betalen, heeft Holdert geen schade berokkend. 'Mensen betalen wel. Komt misschien omdat die markt voor gezinstherapie vooral een middenklassemarkt is.' Hij zegt dat slechts een kwart van zijn potentiële patiënten afhaakt als hij zegt dat hij alle medewerking aan de verzekering weigert.

Vreemde effecten

Het kat-en-muisspel tussen psychotherapeuten en verzekeraars heeft merkwaardige effecten op de geestelijke gezondheidszorg. Zo is het aantal mensen met de diag-nose aanpassingsstoornis in korte tijd spectaculair gedaald. Tot 2010 hing het aantal van die diagnoses tegen de 13 duizend aan. Daarna ging het zakken. Toen in 2012 de aanpassingsstoornis uit het verzekeringspakket verdween, werd de diagnose vrijwel niet meer gesteld. Gek genoeg steeg in dezelfde periode het aantal mensen met een angst- dan wel stemmingsstoornis enorm. In 2010 maakten die twee samen nog 35 procent van de diag-noses uit. In 2012 52 procent, en in 2013 zelfs bijna 65 procent. In aantallen: van 11 duizend in 2010 naar 27 duizend.

Deze drie diagnoses bij elkaar bleven tot 2012 vrijwel op hetzelfde niveau: 58 procent van de gevallen. In 2013 steeg het aantal angst- en stemmingsstoornissen verder. Nu zijn de drie diagnoses goed voor 67 procent van alle diag-noses. In aantallen namen de drie wel iets af: van rond 31 duizend naar bijna 28 duizend.

Volgens psychotherapeut Frans Holdert is de reden simpel. De lichte aanpassingsstoornis werd niet meer vergoed, dus stelden psychotherapeuten andere diagnoses om toch voor vergoeding in aanmerking te komen. En vaak waren die zwaarder.

Ook Pieter Coppoolse van de wetenschappelijke psychologenvereniging NVP kent dit verschijnsel van 'upcoding'. Hij denkt niet dat het de psychotherapeuten zijn die op deze manier hun diagnose aanpassen aan de verzekerbaarheid. 'Maar het kan natuurlijk heel goed dat huisartsen in hun verwijzing al rekening houden met wat er verzekerbaar is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden