De zorgmarkt kreeg een peppil en is nu wat ongedurig

Zorgverzekeraars zetten dit jaar een flinke stap in de richting van marktwerking. Zij gaan dit jaar voor het eerst selectief zorg inkopen bij de ziekenhuizen. Voor beide partijen zijn de risico's groot. Het spel van loven en bieden wordt tot op het laatste moment keihard gespeeld. Maar komt er nu echt beweging in de markt?

'Verzekeraars zetten ons het mes op de keel. Is dat de manier om het nieuwe onderhandelingsspel te spelen?'. Chiel Huffmeijer, bestuursvoorzitter van het HagaZiekenhuis , maakt zich grote zorgen over deze volgende stap in de liberalisering van de zorgmarkt, waarbij verzekeraars meer financieel risico gaan lopen op de zorg die ze voor patiënten inkopen bij de ziekenhuizen.


Dat risico zet de onderhandelingen op scherp, beamen ook de zorgverzekeraars. 'Ziekenhuizen hebben grotere ambities dan het budget toelaat', verklaart Roelof Konterman, voorzitter zorg & gezondheid van Achmea. 'Begin februari lieten de plannen van de ziekenhuizen een groei zien van meer dan 9 procent per jaar, terwijl 2,5 procent is afgesproken.'


De belangen bij de budgetonderhandelingen, die vóór 1 april moeten zijn afgerond, zijn dit jaar bijzonder groot. Verzekeraars moeten zorgen dat ze de kosten in de hand houden, maar lopen tegelijkertijd voor het eerst financieel risico. Ziekenhuizen op hun beurt vrezen dat ze in de strijd om het zorgbudget van 20 miljard omzet verliezen aan beter presterende ziekenhuizen of zelfstandige behandelcentra (zbc's).


En dus zijn de messen geslepen, zo merkt ook Hugo Keuzenkamp, bestuurder van het Westfriesgasthuis in Hoorn: 'Ik hoor om mij heen dat de grootste verzekeraars hun onderhandelingen beginnen met de boodschap dat tien of vijftien procent van het ziekenhuisbudget af moet. Dat is volstrekt onrealistisch. Maar als een ziekenhuis geen contract kan sluiten, is dat heel vervelend voor de patiënten. Moeten we hen de nota mee naar huis geven?'


Huffmeijer en Keuzenkamp staan bepaald niet alleen in hun zorgen. Afgelopen maandagochtend kwamen zo'n zestig ziekenhuisbestuurders bijeen voor een speciaal ingelaste ledenvergadering van de vereniging van ziekenhuizen NVZ. Van de stralende lentezon buiten is binnen in Hotel Mitland langs de Utrechtse ringweg weinig te merken. Daar is de sfeer tussen de grijze pakken - zacht uitgedrukt - bedrukt.


De bestuurders vrezen in directe betalingsproblemen te komen als verzekeraars niet voor 1 april over de brug komen. NVZ-bestuurder Hans den Hollander, in het dagelijks leven bestuursvoorzitter van het Diaconessenhuis in Leiden, legt uit waarom: 'Geen contract betekent ook geen financieel voorschot en dan kunnen we straks de salarissen niet uitbetalen.'


Dubbeltje

Ziekenhuizen en zorgverzekeraars zijn vorig jaar met minister Schippers van Volksgezondheid overeengekomen dat de zorgkosten voortaan nog maar met 2,5 procent per jaar mogen stijgen. Maar krap twee weken voor de deadline is nog amper een contract getekend. Volgens de ziekenhuizen omdat de verzekeraars voor een dubbeltje op de eerste rang willen zitten. Volgens de verzekeraars zijn de ziekenhuizen gewoon te duur en willen ze allemaal in omzet groeien - veel harder dan afgesproken.


Ziekenhuizen herkennen zich helemaal niet in dit beeld. 'Wij proberen er helemaal geen excessieve groeipercentages uit te slepen', zegt Olof Suttorp, vicevoorzitter van NVZ en in het dagelijks leven bestuursvoorzitter van het Amphia Ziekenhuis in Breda. 'Vrijwel alle ziekenhuizen zien een groei van de vraag naar zorg, terwijl ze van sommige verzekeraars contracten met een min krijgen aangeboden. Dan klopt er iets niet.'


De bedoeling van het akkoord met de minister was om de markt in beweging te brengen. Dat wil zeggen: betere en goedkoper werkende ziekenhuizen belonen met grotere contracten en minder behandelingen inkopen bij slechtere of te dure ziekenhuizen. Selectieve zorginkoop is daarbij het toverwoord. Dat zou ziekenhuizen dwingen zich toe te leggen op die specialismen waarin ze goed zijn. En het zou leiden tot een verschuiving van de eenvoudige, planbare zorg, zoals staar- of heupoperaties, naar de veel goedkopere zbc's. Die verschuiving is al in volle gang. De omzet van de zbc's steeg van 64 miljoen in 2005 tot 402 miljoen vorig jaar - 5 procent van de totale omzet in de ziekenhuiszorg. Hun aantal verviervoudigde in dezelfde periode tot ruim 200.


Maar het kan nog veel harder gaan. De zbc's staan te popelen. Zij zien graag dat grote delen van de planbare zorg naar hen worden overgeheveld. Goedkoper voor de verzekeraar - 15 procent, beweren de zbc's - en fijner voor de patiënt. Want: geen wachtlijsten en betere dienstverlening.


Het geheim, vertelt Jak Dekker, voorzitter van de branche-organisatie van zbc's ZKN, is 'meters maken'. 'Wij behandelen veel patiënten die simpele zorg nodig hebben, na elkaar. Zo creëren we een pure productieomgeving. Artsen in zbc's behandelen veel meer patiënten voor hetzelfde geld.'


Maar zelfstandige behandelcentra komen er tot nu toe bekaaid van af in de onderhandelingen. 'Wij hebben alleen een contract met Achmea, meldt Wim Malenstein, bestuursvoorzitter van Bergman Clinics, met meer dan 500 medewerkers en een omzet van 70 miljoen het grootste zbc van Nederland. 'Substantieel minder dan vorig jaar. Zeer teleurstellend. We moeten constateren dat de zorgverzekeraars nog steeds niet hun rol als regisseur van de zorg waarmaken.'


Noten

De vlag kan nog niet uit, zegt ook ZKN-voorzitter Dekker. 'Er worden nauwelijks contracten met ons als nieuwkomers afgesloten.' Verzekeraars handelen volgens Dekker uit angst bestaande relaties op het spel te zetten. 'Ze zijn als de dood dat een regionaal ziekenhuis omvalt. Zij worden immers in diskrediet gebracht als de plaatselijke politiek op de barricades springt om zo'n ziekenhuis te redden.'


Volgens Achmea-directeur Konterman hebben zbc's gewoon te veel noten op hun zang. De helft van de 100 zbc's die überhaupt offertes bij hem heeft ingediend, wil de omzet dit jaar maar liefst verdubbelen. 'Wij willen wel een verschuiving van ziekenhuizen naar zbc's, maar niet zo veel als de zbc's willen.'


De ziekenhuizen zijn daarom nog niet bang voor grote verschuivingen. De praktijk laat dat bovendien niet toe, omdat medisch specialisten vorig jaar hebben bedongen dat hun honorarium al is toegekend aan het ziekenhuis waar ze werken. 'Het verplaatsen van omzet is hierdoor vrijwel onmogelijk', zegt Malenstein van Bergman Clinics. 'Het honorarium mag alleen worden verplaatst van een ziekenhuis naar een zbc als alle betrokken partijen akkoord gaan. Oftewel: u koopt uw boodschappen altijd bij Albert Heijn en wilt overgaan naar C-1000, maar dat kan alleen als Albert Heijn daar toestemming voor geeft. Wij verwachten voor 2012 in het geheel geen mogelijkheden voor groei of verplaatsing van zorg.'


De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa, die toeziet op de onderhandelingen namens de overheid) heeft begrip voor de zorgen van de zbc's. 'Het duurt inderdaad wel heel lang voordat die contracten er zijn. Dat zien wij ook', aldus woordvoerster Jaco van Lambalgen. Ook erkent de NZa dat de dynamiek op de markt wordt geremd door de afspraak met de medisch specialisten. 'De honoraria zitten vast aan de instellingen en dan kun je dus geen grote delen van de omzet verschuiven.'


Die belemmering verdwijnt pas in 2015. Dan worden de specialistenhonoraria integraal onderdeel van het ziekenhuisbudget. Maar minister Schippers wil de weg naar meer markt in de zorg alleen stapsgewijs afleggen. Pas in 2015 wil ze de teugels meer gaan vieren.


Voorlopig ziet Karel Nicolas, financieel directeur van Orthopedium in Delft - een nog jonge, maar snel groeiend zbc - de toekomst somber in. 'Wij krijgen hier per jaar zo'n tienduizend patiënten; daarvan hebben we er nu al tweeduizend in behandeling zonder dat we weten hoeveel budget we krijgen. Dramatisch. Alle risico's worden nu afgewenteld op patiënten en zorgaanbieders.'


Het HagaZiekenhuis is een van de weinige ziekenhuizen die inmiddels een contract heeft afgesloten. Met Menzis, de belangrijkste verzekeraar in de regio, is een vast bedrag afgesproken voor meerdere jaren. Wordt minder zorg geleverd dan afgesproken, dan mag het ziekenhuis het geld in eigen zak steken. Wordt er meer zorg geleverd dan zijn de kosten voor het ziekenhuis. Volgens bestuursvoorzitter Huffmeijer is dat risico het einde van de onzekerheid waard.


'Wij hebben nu tenminste geld in kas. En voor ons is het een prikkel om te kijken of we dingen goedkoper kunnen doen. Wij gaan bijvoorbeeld zeker in gesprek met huisartsen om te kijken of zij delen van de zorg kunnen overnemen. Met name als het gaat om het oneigenlijke gebruik van de spoedeisende hulp.'


Voor Huffmeijer is 2012 een overgangsjaar. Maar ZKN-voorzitter Jak Dekker heeft minder geduld: 'Het moet anders, en het gaat ook anders. Maar wij willen veel sneller.'


De markt

Bij de invoering van de Zorgverzekeringswet in 2006 kregen zorgverzekeraars de regierol. Zij zouden namens hun klanten de beste zorg moeten inkopen bij ziekenhuizen. Van die selectieve zorginkoop is tot nog toe weinig terechtgekomen, maar dat verandert nu zorgverzekeraars vanaf dit jaar financieel risico lopen. Ziekenhuizen, zelfstandige behandelcentra (zbc's), zorgverzekeraars en het ministerie van Volksgezondheid hebben afgesproken dat het totale budget niet meer dan 2,5 procent per jaar mag stijgen.

De spelers

Voor 1 april moeten de zorgverzekeraars met ruim negentig ziekenhuizen en ruim 200 zelfstandige behandelcentra (zbc's) contracten hebben afgesloten over de jaarlijkse omzet. De risico's zijn groot. Zorginstellingen verliezen mogelijk omzet aan hun concurrenten, verzekeraars kopen mogelijk te weinig zorg in en laten de patiënten in de kou staan.

Het budget

De zorg in ziekenhuizen en zelfstandige behandelcentra (zbc's) kost dit jaar 20 miljard euro. Verzekeraars en zorginstellingen onderhandelen met elkaar over de verdeling van dat budget, waarvan 70 procent van de prijzen vrij onderhandelbaar zijn. De rest (spoedeisende hulp met name) valt buiten de onderhandelingen. Als het afgesproken budget voor het eind van het jaar op is, moet het ziekenhuis de patiënt gratis behandelen of doorsturen naar een ander ziekenhuis.

De patiënt

Patiënten kunnen straks alleen terecht bij het ziekenhuis of zelfstandig behandelcentrum (zbc) waarmee hun verzekeraar een contract heeft afgesloten. Willen ze naar een ander ziekenhuis, dan lopen ze de kans een deel van de kosten zelf te moeten betalen.

De specialisten

Spelbreker in de nieuwe liberaliseringsronde vormen onbedoeld de vrijgevestigde medisch specialisten. Zij hebben bedongen dat het honorarium (zo'n 2 miljard euro) bij voorbaat is toegekend aan het ziekenhuis waar zij werken. Het is hierdoor moeilijk voor verzekeraars om zorg (en dus het bijbehorend budget) over te hevelen naar een andere instelling. Het specialistenhonorarium verhuist namelijk niet mee. Vooral zelfstandige behandelcentra (zbc's) - die slechts 90 miljoen honorariumbudget hebben te verdelen - hebben hier last van in hun groeiambities. Want zij moeten in overleg met het ziekenhuis en de verzekeraar een ontheffing vragen bij de NZa om dat extra honorariumbudget naar hen over te hevelen. Hiervoor is een potje van 65 miljoen euro gereserveerd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden