Reportage WePod

De zelfrijdende WePod staat nog vaak stil: ‘Als het misgaat, moet de mens het oplossen’

De WePod moest de zelfrijdende toekomst zijn op de openbare weg, maar zover kwam het niet. Het karretje rijdt nu stapvoets rond op de luchthaven van Weeze – als het niet stilstaat. Kwestie van ‘defensief rijden’. 

De WePod op de luchthaven van Weeze. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Wilt u dit verhaal liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie.

Vrolijk tuft ons zelfrijdende karretje over de rijbaan als het midden op straat zomaar ineens stilstaat. Jürgen Engelen kijkt op het scherm in de cabine en wijst dan op een verkeersbord naast de weg. ‘Ik denk dat het systeem dat voor een voetganger aanziet. Het maakt geen onderscheid tussen een verkeersbord en een levend persoon.’ Handmatig zet hij het wagentje weer in beweging.

Engelen is de ‘steward’ van de WePods: twee zelfrijdende wagentjes die sinds afgelopen donderdag rondrijden op de luchthaven van Weeze, net over de grens bij Nijmegen.

Deze WePods zijn oude bekenden. Drie jaar geleden werden ze door de provincie Gelderland vol trots gepresenteerd aan de wereldpers: de eerste autonoom rijdende busjes op de openbare weg. De belofte was dat de karretjes een pendeldienst zouden onderhouden tussen station Ede-Wageningen en de campus van de universiteit in Wageningen.

Zover kwam het niet. Het afleggen van een route op de openbare weg bleek ingewikkelder dan gedacht. Bovendien reed de WePod tergend langzaam over het traject van 6,5 kilometer. Met de fiets ging het vele malen sneller. Eind 2017 werden de busjes WURby en WElly aan de kant gezet.

Dat wil niet zeggen dat het project is mislukt, onderstreept een provinciewoordvoerder. ‘Ons doel was dat we ervan zouden leren.’ Dat is gelukt, zegt ze. Een van de lessen was dat het beter is niet al te hoge verwachtingen te scheppen.

Miljoenen

Weggegooid geld – de provincie stak er 4,1 miljoen in – is het volgens haar ook niet. De Gelderse WePods zijn ingebracht in het I-AT (Interregional Automated Transport), een samenwerkingsproject van de provincies Gelderland, Brabant en Limburg met de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen voor innovatief transport.

Zelfrijdend vervoer heeft de toekomst, voorspellen deskundigen: geschakelde vrachtwagens op de snelweg (truck platooning), auto’s en bussen zonder bestuurder. Op tal van plaatsen wordt ermee geëxperimenteerd.

Zo snort op een bedrijventerrein in Capelle aan den IJssel al jaren een busje autonoom rond. In Den Haag rijdt sinds kort een shuttlebus van halte Leyweg naar het Hagaziekenhuis. Zuid-Holland en Schiphol doen testen met zelfrijdende bussen. Dan gaat het om afgeschermde routes, niet op de openbare weg.

De proef in Weeze is wel op de openbare weg, zegt de Duitse projectleider Sven Robertz. Dat heeft alleen al grote gevolgen voor de vergunningsaanvraag die langs diverse instanties gaat: van een technische keuring tot de deelstaatregering.

Weeze is een van de ‘living labs’ van het I-AT, aldus Robertz. ‘We willen niet alleen mooie dingen bedenken. We willen ze ook in praktijk brengen.’ Het volgende project is een zelfrijdende bus tussen Aken en Vaals die eind dit jaar moet gaan rijden.

Steward 

De WePods gaan in Weeze zes maanden rondjes draaien: van de luchthaventerminal naar de parkeerplaats en het hotel. Maximale afstand 3,2 kilometer. De afgelopen maanden zijn gebruikt om de wagentjes de route te laten verkennen.

De WePods hebben aan boord een computer met een kaart van de route en obstakels onderweg, ze zijn uitgerust met een GPS-tracker en beschikken over sensoren die bewegende objecten detecteren. In principe moeten ze het daarmee zonder bestuurder af kunnen. Al schrijft de wet voor dat er altijd een mens bij de knoppen moet zitten die kan ingrijpen als het nodig is. In Weeze heet die ‘steward’.

Tussen droom en daad staat de weerbarstige werkelijkheid, zo blijkt aan boord bij Engelen, een tot WePod-bestuurder omgeschoolde ex-drukker. Als we wegrijden bij de halte laat Engelen een ouderwetse trambel rinkelen. Met een slakkengang – de WePod heeft een maximale snelheid van 15 kilometer per uur – draaien we de weg op.

De WePod, een soort skigondel op wielen, heeft zes zitplaatsen en een krukje voor de steward. Die heeft voor zich een schermpje waarop hij storingen kan aflezen en tevens de toeter, de lichten en de ruitenwissers bedient. ‘Die gaan niet automatisch.’ De verwarming draait op diesel. In zijn handen heeft Engelen een joystick voor handbediening en een rode noodstopknop.

Steward Engelen in de WePod. Beeld de Volkskrant/Marcel van den Bergh

Ingrijpen

Het terrein van Weeze is dan officieel wel openbare weg, maar er is nauwelijks verkeer: af en toe een auto, geen fietsers, een enkele voetganger, geen enkel stoplicht. Toch moet Engelen regelmatig ingrijpen.

Zoals wanneer de WePod stil blijft staan voor een geopende slagboom. ‘Ik denk dat we iets te ver naar rechts zijn uitgeweken, zodat hij de paal naast de slagboom als een obstakel ziet’, legt Engelen uit. Als een auto ons te dicht van achteren nadert, stopt het karretje ook. De WePod is ingericht op ‘defensief rijden’, legt projectleider Robertz uit. ‘We willen voorkomen dat er ongelukken gebeuren.’

De proef met de WePod in Weeze is onder andere bedoeld om te zien hoe passagiers erop reageren. Maar die zijn er nauwelijks. Engelen heeft in twee dagen tijd zeven mensen aan boord gehad: een jongeman met een fiets als bagage, een bejaard echtpaar en vanmorgen vier senioren uit de buurt die speciaal op de fiets waren gekomen om een rondje mee te rijden. Voor de tijdwinst hoeft niemand het te doen. Te voet ben je vanaf de parkeerplaats even snel bij de terminal.

‘Stom’

Een stukje verderop rijdt de WePod met zijn rechterwielen de berm in. ‘Misschien dat de bewolking de GPS verstoort’, denkt Engelen. Even later staan we midden op een kruispunt stil. Storing, meldt het schermpje van Engelen. ‘Dat is stom.’

Het is fascinerende techniek, zegt Engelen, als we even later de weg naar bushalte weer opdraaien. ‘Maar als er iets misgaat, moet de mens het oplossen. Dat kan dit apparaat nog niet.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden