De zelfcensuur van Amerikaanse media

Het zijn frustrerende tijden voor de Amerikaanse media. Voor hun informatie zijn ze voornamelijk afhankelijk van het Pentagon. Bovendien deinst de regering-Bush er niet voor terug hen te vragen om zelfcensuur....

Bert Lanting

'AAN welke kant staan jullie eigenlijk?', zo viel minister van Defensie Dean Rusk tijdens de Vietnam-oorlog uit tegen het Pentagon-perskorps dat in zijn ogen bezig was het thuisfront te demoraliseren met een kritische houding tegenover de oorlog.

De betrekkingen zijn tijdens de jongste oorlog, die tegen het terrorisme, veel vriendelijker. De vragen op de persconferenties van het Pentagon over de militaire acties in Afghanistan zijn uiterst beleefd, en er wordt zelfs vaak gelachen als minister van Defensie Rumsfeld zijn droge humor etaleert.

Ondanks de vriendelijke sfeer zijn het frustrerende tijden voor de Amerikaanse media. De oorlog is grotendeels onzichtbaar, afgezien van de hapklare brokjes - videobeelden en satellietfoto's van geslaagde bombardementen - die het Pentagon dagelijks opdient. En als ze eindelijk iets te weten komen, kunnen ze het soms niet eens gebruiken.

Zo lichtte de regering-Bush de grote televisiestations en kranten naar verluidt vooraf in over de op handen zijnde aanvallen op Afghanistan, op voorwaarde dat ze het nieuws zouden achterhouden. In ruil daarvoor mochten ze verslaggevers afvaardigen naar de oorlogsschepen voor de kust van Pakistan, zodat die getuige konden zijn van de lancering van de eerste kruisraketten. Pas nadat die waren ingeslagen, mochten ze hun eerste berichten doorgeven.

Het was een gok waarmee de regering-Bush kennelijk het vertrouwen van de media probeerde te winnen. Omgekeerd waren de Amerikaanse media er natuurlijk ook op gebrand te laten zien dat zij het vertrouwen genieten. Uiteindelijk vallen de nieuwe oorlogen, die vooral vanuit de lucht worden gevoerd, nauwelijks meer te verslaan zonder medewerking van het Pentagon. Op verzoek van het Pentagon hielden sommige kranten ook het nieuws achter dat speciale Amerikaanse eenheden al actief waren in Afghanistan.

Uit vrees voor onpatriottisch te worden versleten gaven de grote televisiestations ook gehoor aan een oproep van nationale-veiligheidsadviseur Condoleezza Rice om de verklaringen van de terroristenleider Osama bin Laden voortaan niet zomaar uit te zenden. De regering had zich geërgerd aan het feit dat CNN en de andere televisiestations vlak na het begin van de militaire actie een videoverklaring van het Arabische televisiestation Al Jazeera hadden overgenomen waarin Bin Laden Allah dankte voor de aanslagen op het World Trade Center en het Pentagon en met een jihad tegen de VS dreigde. Rice betoogde dat de verklaring mogelijk geheime boodschappen aan terroristen in de VS bevatte. Waarom droeg Bin Laden een Amerikaans camouflagepak, of betekende zijn Timex-horloge misschien iets?

Dat de vijf grote televisiestations - ABC, NBC, CNN, CBS en Fox - voor het verzoek zwichtten, is volgens Larry Bartels, hoogleraar politicologie aan Princeton, voor een deel te wijten aan het veranderde politieke klimaat sinds de jaren zestig. 'Ik denk dat de neiging van journalisten om automatisch tegen de regering te zijn, veel minder sterk is dan destijds', zegt hij. Maar ook het feit dat de VS dit keer zelf zijn aangevallen, speelt uiteraard mee.

Toch blijken de networks moeite te hebben met de afspraak. Toen Al Jazeera kort daarna een nieuwe verklaring van de leiding van het terroristennetwerk Al Qa'ida uitzond, werd die door verscheidene stations toch doorgegeven.

Ook de door de regering gefinancierde radiozender Voice of America - tijdens de Koude Oorlog een van de belangrijkste propagandawapens van de VS - maakte bezwaar toen het State Department de zender onder druk zette om een interview met Talibanleider mullah Mohammad Omar niet uit te zenden.

De regering-Bush hamert erop dat het niet om censuur gaat - uiteindelijk verbiedt de regering niets: de media mogen zelf beslissen of ze eraan gehoor geven of niet. Maar volgens sommigen is het toch een bedenkelijke stap. 'Voor het eerst is er een Arabisch televisiestation dat vrijer en completer nieuws biedt dan de Amerikaanse media', aldus Belle Adler, die journalistiek doceert aan de Northeastern University. Volgens haar is het voor de Amerikanen juist van belang de vijand te leren kennen en inzicht te krijgen in wat hem beweegt.

'En nu mag Hitler zijn zegje doen', vatte de conservatieve commentator Charles Krauthammer die redenering samen. Volgens hem is het 'absurd' dat de Amerikaanse media Bin Laden gratis zendtijd geven. Anderen zetten vraagtekens bij de rol van Al Jazeera. Sommigen verdenken het station ervan dat het de verklaring van Bin Laden op de plank had liggen voor het moment waarop de militaire actie begon, maar Al Jazeera ontkent dat.

Volgens Marvin Kalb, ex-correspondent voor NBC en CBS, zullen de pogingen om de pers vrijwillig een muilkorf te laten opzetten, weinig effect sorteren. Uiteindelijk kan iedereen die dat wil Bin Ladens verklaringen via het internet bekijken. 'Het is een verloren strijd', voorspelt hij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden