De zegen van hoge grondstoffenprijzen

Het mooiste nieuws van de week kwam uit de Verenigde Staten, waar autofabrikant General Motors de sluiting aankondigde van vier Noord-Amerikaanse fabrieken waar SUV’s geproduceerd worden....

Dit autonieuws illustreert twee economische mechanismen die dezer dagen volop aan het werk zijn. Ten eerste: een structurele aanpassing van de prijzen van grondstoffen. Twee: gedragsaanpassing van burgers en bedrijven aan de nieuwe omstandigheden, wat vervelende consequenties kan hebben, zoals loonstijgingen, maar ook mooie: de daling van de Hummer-verkoop.

De prijzen van grondstoffen (waaronder olie en voedsel) zijn de afgelopen twee jaar snel gestegen, en het ziet er naar uit dat dit een structurele verandering is. De sterkste stijging is wellicht achter de rug, maar een terugkeer naar de prijzen van twee jaar geleden is onwaarschijnlijk. Los van alle tijdelijke en toevallige invloeden op de prijzen neemt de wereldwijde vraag naar olie en voedsel ieder jaar toe. Dat is het gevolg van de welvaartsgroei in delen van de wereld die voorheen arm waren.

De groeimarathon in de zogeheten BRIC-landen (Brazilië, Rusland, India en China) is nog lang niet ten einde. Nu ze eenmaal op gang zijn gekomen, is de beste aanname voor de lange termijn dat de welvaart in deze landen zich zal ontwikkelen naar een niveau dat in de buurt komt van dat van ons, rijke westerlingen. De olie- en voedselconsumptie zullen navenant mee stijgen.

Dezer dagen kunnen we in de kranten lezen dat vooral monetaire autoriteiten zich zorgen maken over de ‘tweede orde-effecten’ van de hoge olie- en voedselprijzen. Die vertalen zich in hoge inflatie. Als de werknemers daarop reageren met hoge looneisen zouden prijzen en lonen haasje-over kunnen gaan spelen. Hierbij stuwt elke nieuwe loonronde de prijzen omhoog en lokt de prijsstijging een nieuwe loonronde uit. Dat is het gruwelverhaal van de jaren zeventig. Laten we inderdaad hopen dat het ons bespaard blijft.

Maar door die nadruk op negatieve tweede orde-effecten blijven de zegenrijke gevolgen van de hoge prijzen onderbelicht. Die doen zich ten eerste voor op korte termijn: de instorting van de vraag naar slurpende auto’s illustreert dat hoge prijzen de vraag naar energie afremmen. Hoge olieprijzen zijn dan ook het beste recept voor het temperen van het broeikaseffect; beter nog dan emissiehandel in CO2-rechten. Maar de zegenrijke effecten doen zich ook voelen op langere termijn. Dat zijn derde orde-effecten.

De kern: structureel hogere grondstoffenprijzen lokken ander gedrag uit van de aanbieders. De productie van olie, landbouwproducten en andere grondstoffen heeft met elkaar gemeen dat het aanbod in fysieke zin beperkt is. Er is maar zoveel hectare landbouwgrond op de wereld, er zit nu eenmaal een beperkte hoeveelheid olie in de aardkorst. Bij een gegeven prijsniveau en een gegeven stand van de techniek is de maximale productie op korte termijn dus bekend.

Maar een structureel hoger prijsniveau heeft minstens drie gevolgen. Ten eerste: op dat hogere prijsniveau kan met de bestaande techniek meer geproduceerd worden (denk aan olie die met dure technieken toch opgepompt kan worden, of aan irrigatiekosten die op een hoger prijsniveau wel rendabel gemaakt kunnen worden). Afrika lijkt me een continent dat hier, door toepassing van westerse landbouwtechniek, sterk van zou kunnen profiteren. Want grofweg gesteld geldt dat arme landen doorgaans een grote, maar improductieve landbouwsector hebben.

Ten tweede: nieuwe technieken waarmee op het oude prijsniveau niet concurrerend kon worden aangeboden, worden plots wel interessant om grootschalig toe te passen. Denk aan zonne-energie.

Ten derde: het is op dat hoge prijsniveau interessant om te investeren in nieuwe technologie, zowel voor de oliewinning als voor alternatieve energiebronnen. Dat geldt ook voor methoden om de opbrengst per hectare landbouwgrond te verhogen.

Hoge prijzen voor olie en voedsel zijn op lange termijn dus goed nieuws. Het belangrijkste verschil tussen beide is de impact op korte termijn. In het geval van olie gaat het vooral om minder Hummers en meer morrende automobilisten, en is het grootste risico een loon/prijs-spiraal. Bij voedsel gaat het om hongerende armen. Het is daarom terecht dat er wereldwijd miljarden aan publiek geld bijeen worden gebracht om juist dat laatste effect te verzachten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden