Column

'De woonkamer is overgenomen door de katten. Ach, de man alleen'

Columnist Martijn Simons kon niet zappen toen hij afgelopen woensdag midden in een aflevering van 'Hoe schoon is...' viel. 'Jan, de man die geholpen moest worden, leek zo weggelopen uit een van de boeken van 'De tandeloze tijd', de beroemde romancyclus van A.F.Th. van der Heijden.'

OPINIE - Martijn Simons
Drukte in de RAI op de Huishoudbeurs. Bezoekers kunnen bij meer dan 450 stands van alles zien en beleven op het gebied van mode, verzorging, wonen en eten. Beeld anp
Drukte in de RAI op de Huishoudbeurs. Bezoekers kunnen bij meer dan 450 stands van alles zien en beleven op het gebied van mode, verzorging, wonen en eten.Beeld anp

In 'De helleveeg', de nieuwe roman van A.F.Th. van der Heijden, is de hoofdrol weggelegd voor tante Tiny. Haar bijnaam is Tientje Poets. Altijd heeft ze een 'helgele stofdoek' bij zich, om er, overal waar ze maar de woonkamer binnenkomt, 'links en recht een terloopse veeg over de armleuningen van het meubilair te geven'.

Die stofdoek wordt uitgebreid beschreven, zo uitgebreid (de manier waarop zo'n doek is afgebiesd, waar Tientje Poets haar doeken vandaan haalt, welke handelingen ze er allemaal mee uitvoert) dat ik zelf een stofdoek ter hand moest nemen om het te voelen. Om te zien hoe het is. Verder draagt Tientje Poets altijd een dienstbodeschortje. Dat heb ik maar laten zitten.

'De helleveeg' is geen roman die het edele ambacht van het schoonmaken als onderwerp heeft - althans niet letterlijk. Toch kon ik niet zappen toen ik afgelopen woensdag midden in een aflevering van 'Hoe schoon is...' viel.

De Amsterdamse nichtjes Inge en Sonja zitten in een paars busje. De bestemming is Son en Breugel (toevallig maar zo'n vijftien kilometer van Geldrop, homeground van Tientje Poets), waar een alleenstaande stratenmaker woont die er een bende van gemaakt heeft.

De hulptroepen zijn onderweg.

Jan, de man die geholpen moet worden, lijkt zo weggelopen uit een van de boeken van 'De tandeloze tijd', de beroemde romancyclus van Van der Heijden. Een verre achterneef van hoofdpersoon Albert Egberts, zoiets. Een oog dichtgeknepen, stuurse blik, krampachtige prater, noeste werker. Een goede, geboetseerde kop die vanonder een capuchon de schoonmaakdames argwanend beloert, een mes aan de binnenkant van zijn been. Gewoon, voor de zekerheid.

Zijn huis is - dat moet gezegd - een bende. De woonkamer is overgenomen door de katten en Jan verklaart zelf alleen te slapen en te douchen in het huis.

Ach, de man alleen.

Het programma ging verder, Jans huis werd opgeknapt, zo ongeveer al zijn spullen werden in een grote, gele afvalcontainer gestort. Er kwamen nieuwe voor in de plaats. Op de salontafel werden kaarsen geplaatst, het was duidelijk dat een vrouw de inrichting voor haar rekening had genomen.

Aan het eind kwam Jan thuis, hij was dankbaar en zijn ene oog zat ineens een stuk minder dicht. Hij gaf de dames een doosje 'Merci'. Ze waren er blij mee.

Schoon huis of niet, ik dacht de hele tijd: als stratenmaker Jan iemand als Tientje Poets in de familie zou hebben, was het nooit zo ver gekomen.

Martijn Simons is schrijver en columnist voor Volkskrant.nl.
Twitter: @MartijnSimons

A.F.Th. van der Heijden is aan het woord na de uitreiking van de P.C. Hooft-prijs. Beeld anp
A.F.Th. van der Heijden is aan het woord na de uitreiking van de P.C. Hooft-prijs.Beeld anp

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden