InterviewAnnelien de Dijn

‘De wetenschappelijke reputatie van Nederland staat op het spel’

Onder de noemer ‘Op naar een Normaal Academisch Peil’ voert een brede coalitie van universitaire medewerkers, studenten, hoogleraren en bestuurders vandaag actie voor meer geld voor academisch onderwijs. Annelien de Dijn, hoogleraar moderne politieke geschiedenis aan de Universiteit Utrecht en betrokken bij de beweging WO in Actie, licht toe.

 Annelien de Dijn, hoogleraar moderne politieke geschiedenis aan de Universiteit Utrecht. Beeld Rebecca Fertinel
Annelien de Dijn, hoogleraar moderne politieke geschiedenis aan de Universiteit Utrecht.Beeld Rebecca Fertinel

Wat is ‘normaal’ binnen de universitaire wereld? Een wereld die het afgelopen jaar met een ogenschijnlijke gelatenheid alle beperkingen als gevolg van corona tot zich neemt. Dat zal iets met de volksaard te maken hebben, veronderstelt De Dijn, een Vlaamse die sinds tien jaar in Nederland woont en werkt.

‘Normaal’ is volgens De Dijn dit beeld achter de muren van de 14 universiteiten: studenten dreigen niet meer het onderwijs te krijgen wat ze verdienen, er wordt roofbouw gepleegd op de docenten, de wetenschappelijke reputatie van Nederland staat op het spel. ‘Zo verder gaan houden we niet meer vol.’

Over de financiering van het universitair onderwijs

‘Zeker, de ministers Slob en Van Engelshoven van Onderwijs hebben redelijk recent een grote financiële injectie van 8,5 miljard euro aangekondigd. Dat is een incidentele injectie vanwege alle corona-inspanningen. Voor universitair onderwijs en onderzoek komt er maar 0,4 miljard euro bij. Ik ben blij met die injectie, ook als moeder van een 6-jarige dochter, maar het is compensatie.

‘Met WO in Actie vragen we al jarenlang om structurele maatregelen. De financiering van universiteiten staat eigenlijk al sinds 2000 onder druk. Het aantal studenten blijft toenemen, de financiering per student neemt juist af. Door die krappe financiering komt vooral de verwevenheid tussen onderwijs en onderzoek in het gedrang. Ik geloof dat minister Van Engelshoven dat probleem van structurele onderfinanciering nu ook wel erkent. Op haar verzoek heeft accountantsbureau PwC onlangs onderzoek gedaan. Die komt tot de conclusie dat er jaarlijks 1,1 miljard euro bij moet. Daar pleiten wij nu ook voor.’

Over de aantasting van de kerntaak van wetenschappelijk onderwijs

‘Zeventig procent van de docenten aan de universiteiten kampt met te hoge werkdruk. Er zijn veel burn-outs, veel stressgerelateerde klachten. Ik zie het om me heen. Het is niet omdat we het leuk vinden maar omdat de financiering anders niet rond te krijgen is, dat we nu bij alle universiteiten met heel veel tijdelijke docenten werken. Die hebben veelal geen onderzoeksstatus. Dat is geen verwijt, dat is een constatering. En dat raakt rechtstreeks de kwaliteit van het onderwijs. Je mag als student verwachten dat je les krijgt van mensen die ook onderzoeker zijn. Dat is nu eenmaal het eigene aan universitair onderwijs. Daarom heet het ook wetenschappelijk onderwijs.

‘Een actieve onderzoeksagenda is van het grootste belang voor de kwaliteit. Natuurlijk kun je ook onderwijs geven door te herkauwen wat iemand twintig jaar geleden heeft uitgevogeld, maar dat druist wel in tegen de essentie van universitair onderwijs. Op dit moment is het bijna zo dat de enige mensen die echt nog onderzoek kunnen doen aan de universiteiten, degenen zijn die hele grote beurzen winnen.

‘Als ik een vacature uitzet voor een vaste baan krijg ik reacties vanuit de hele wereld. In die banen kan althans nog enige onderzoekstijd worden ingebakken. Voor tijdelijke jobs, waarmee de universiteiten nu noodgedwongen het onderwijs mee op peil proberen te houden, is minder belangstelling. Als je mij in het begin van mijn carrière zo’n baan had aangeboden, weet ik ook niet of ik die wel had aangenomen.’

Over de wetenschappelijke status van Nederland

‘De bezorgdheid over de afbrokkeling van onze wetenschappelijke status is volgens mij nog lang niet groot genoeg. We moeten niet eroderen naar wat er bijvoorbeeld in een land als Italië is gebeurd. Daar staat de kwaliteit van het universitair onderwijs nog veel meer onder druk en je ziet dat dat ook in economisch opzicht een heel land gaat infecteren. Ook het maatschappelijk leven.

‘Nederlandse universiteiten scoren internationaal eigenlijk al jaren boven hun gewicht, waarmee ik de financiële slagkracht bedoel. Als Vlaamse vind ik het typerend dat Nederlandse universiteiten veel meer open staan voor internationale onderzoeken, voor internationale studenten, dan in Frankrijk, Italië, mijn eigen land. Dat ervaar ik als een grote plus, het heeft een kwalitatieve impact op wat er op de universiteiten gebeurt.

‘Ook op universiteiten hoor je wel de discussie dat de toestroom nu juist hét probleem is waardoor we leerfabrieken zijn geworden. Persoonlijk ben ik geen voorstander van het instellen van een numerus fixus. Het zou misschien beter zijn voor ons, docenten, maar funest voor studenten en de maatschappij in zijn geheel.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden