De 'werpende huisvrouw' van Nederland

Terwijl haar kinderen in de verspringbak speelden, trainde Greet Versterre met de speer. Ze werd vijf maal Nederlands kampioen.

Greet Versterre. Beeld Nationaal Archief

Behalve de fameuze 'vliegende huisvrouw', zoals Fanny Blankers-Koen (vier maal goud in Londen) werd genoemd, kende het Nederlandse atletiekwereldje in de vorige eeuw ook de 'werpende huisvrouw'.

Zij heette Greet Versterre-van Zelm en was moeder van twee kinderen toen in de tweede helft van de jaren zestig haar carrière een hoge vlucht nam. Ze zou vijf keer Nederlands kampioen speerwerpen worden en leek in staat in 1968 eremetaal te gaan delven op de Olympische Spelen in Mexico.

Maar nadat ze de speer ver over de 50 meter had gegooid, forceerde ze zich bij een volgende worp. Ze brak bijna haar nek en haalde nooit meer haar oude niveau. Een jaar later beëindigde ze teleurgesteld haar topsportcarrière, hoewel ze op clubniveau nog wel enige tijd actief zou blijven.

Versterre-van Zelm overleed 4 oktober in een verpleeghuis in Heiloo, waar ze zeven dagen eerder was opgenomen. Ze leed aan Lewy Body dementie.

Van geboorte was ze Amsterdammer. Als kind werd ze geïnspireerd door de gouden medailleregen van stadsgenote Fanny Blankers-Koen in Londen. Greet van Zelm werd daarom lid van de vrouwenatletiekvereniging ADA. 'Hardlopen kon ik niet. Ik kan mijn benen niet snel verzetten. Bij verspringen weet ik niet met welk been ik moet afzetten. Aan de kogel heb ik mij altijd vertild en met de discus ben ik nooit verder gekomen dan 25 meter. Ik had een feeling voor speerwerpen. Voor de rest was ik ongeschikt', zei ze in 1972 in een interview met het blad Atletiekwereld.

Op het onderdeel speerwerpen bleek Greet Versterre al snel een groot talent. In 1958 en 1959 werd ze Nederlands kampioen. Ze wierp de speer tussen 38 en 40 meter ver. Met haar persoonlijk record van 43.20 meter stond ze toen bij de beste vijf op de wereldranglijst.

In die tijd werd Greet van Zelm verliefd op de Haarlemmer Gerard Versterre, die economie studeerde. Ze trouwde in 1959, ging in Haarlem wonen en kreeg twee kinderen. Greet Versterre werd in 1963 toch weer lid van een atletiekvereniging, het Haarlemse Atmodes. En tot haar verbazing ontdekte ze dat ze door de bevallingen sterker was geworden. Al snel haalde ze als 26-jarige weer de 40 meter. Ze kwam in een superteam van Atmodes met de atleten Ellen Ort en Mieke Sterk. Ze kreeg privétrainingen overdag, terwijl haar kinderen in het zand van de verspringbak speelden.

In 1965 kwam ze boven de 45 meter en veroverde een plek in de Nederlandse atletiekploeg. In 1967 wiep ze met 49.58 meter een Nederlands record dat vijf jaar zou blijven staan.

Archiefbeeld van Fanny Blankers-Koen. Beeld anp

Het clubblad van Atmodes heeft er lyrische dichtregels aan gewijd:
'In Dresden was een vrouwtje aan het speren,
Die zich niet door haar tegenstanders liet imponeren.
Ze ging rustig haar gang,
Haar eerste worp was meteen 'PANG':
Ze liet een Nederlands Record noteren.'

In 1966, 1967 en 1968 werd Greet Versterre opnieuw Nederlands kampioen met worpen van 41.70, 45.00 en 46.28 meter.

Met haar gezin was ze in Castricum komen wonen. Ze werd hier lerares: eerst in typen en steno, later in tekstverwerking en computers. Ze gaf les aan de W.Y. Bontekoe School in Amsterdam, waar vooral allochtonen onderwijs genoten. 'Ze kon er wonderwel goed mee opschieten', zegt echtgenoot Gerard.

Atletiek was nooit ver weg. Zoon Marco Versterre zou jarenlang een van de beste Nederlandse discuswerpers zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden