De week van de herlancering van Barack Obama

Slecht nieuws voor de Democraten uit het plaatsje New Brunswick in de staat New Jersey. De regionale instantie voor ongediertebestrijding organiseerde daar een race tussen twee kakkerlakken die de namen van Barack Obama en John McCain droegen....

Het kan verkeren. Begin juni, toen hij Hillary Clinton definitief had bedwongen, leek Obama onafwendbaar af te stevenen op het Witte Huis. Op bijna alle punten was hij in het voordeel.

Een hechtere en beter geëquipeerde campagneorganisatie dan die van McCain. Veel meer geld in kas. Een superieur oratorisch talent. De uitstraling van een man die in de kracht van zijn leven is, versus McCains hoge leeftijd. De breed levende onvrede met de oorlog in Irak. Het feit dat maar liefst 80 procent van de Amerikanen van oordeel is dat de zaken verkeerd gaan in hun land, wat hen ontvankelijk maakt voor de oproep tot verandering. De onrust over de stijgende benzineprijzen. Het grotere vertrouwen dat de kiezers stellen in de Democraten als het gaat om het opkrikken van de economie. De toestroom van nieuwe, jonge kiezers die zich in meerderheid als Democraat laten registreren.

Twee maanden geleden was er een bijeenkomst in Den Haag, waar CNN-commentator Bill Schneider sprak over de verkiezingscampagne. Mede vanwege zijn rol van neutrale analist laat hij zich niet gauw verleiden tot stellige prognoses. Maar zijn verhaal kwam er toch op neer dat de kaarten waren geschud ten gunste van Obama. Hem zou de overwinning alleen nog kunnen ontgaan vanwege een grote blunder of als de Verenigde Staten verzeild zouden raken in een ernstige veiligheidscrisis, waardoor de kiezers hun toevlucht zouden nemen tot McCain met zijn grotere internationale ervaring.

Welnu, Obama heeft misschien een paar foutjes gemaakt, maar zeker geen grote blunder. En er is ook geen sprake van een majeure veiligheidscrisis – daarvoor is het conflict in de Kaukasus te ver weg en te beperkt van omvang. Toch heeft McCain de laatste weken zijn achterstand in de peilingen vrijwel weggewerkt. Nu zeggen nationale peilingen voorafgaand aan de partijconventies niet heel veel, maar er is wel sprake van een trendbreuk. De strijd om het Witte Huis is duidelijk niet gestreden.

Hoe is dit te verklaren? Bij gebrek aan een actuele ontwikkeling als voor de hand liggende reden valt al snel het woord ras. Obama zou aanlopen tegen racistische vooroordelen.

Dat lijkt me geen afdoende verklaring. Het is waar dat vermoedelijk zo’n 3 tot 4 procent van de kiezers op voorhand afkerig staat tegenover een zwarte politicus. Maar dit segment is vooral te vinden in staten waar de Democraten toch al niet veel kans maken. Daarnaast is er een groep kiezers, vooral in het Midden-Westen, die vrezen dat een zwarte Democratische president zich meer zal bekommeren om het lot van (vaak zwarte) bijstandsmoeders met zeven kinderen dan om de bestaanszekerheid van (merendeels blanke) werkende mensen. Er schuilt allicht een racistisch element in die vrees, maar ze is niet geheel ongegrond. De Democratische partij is nu eenmaal doortrokken van bepaalde gevestigde groepsbelangen.

Zo wensen zwarte pressiegroepen niet te tornen aan de ‘positieve discriminatie’-regelingen, die in brede kring zeer omstreden zijn geworden. Ander voorbeeld: ook Obama heeft zich niet durven uitspreken voor vrijere schoolkeuze. Daar is namelijk de nationale onderwijsbond mordicus tegen, en die is in de partij zeer sterk vertegenwoordigd: rond de 10 procent van de gedelegeerden op de Democratische conventie in Denver is er lid van.

Bovendien valt niet te verklaren waarom de raciale factor Obama twee maanden geleden geen parten speelde in de peilingen, en nu ineens wel. Er moet iets anders aan de hand zijn. Dat andere zou wel eens kunnen zijn dat een deel van de kiezers nu pas heuse aandacht begint te krijgen voor de race.

En dat ze bij de junior senator from Illinois een aantal handicaps signaleren die de Obama-watchers in hun euforie tot nu toe over het hoofd hebben gezien. Handicaps die deels zijn persoon betreffen, maar die ook een structurele inslag hebben. Feit is dat de Democraten sinds 1968 slechts drie keer hebben gezegevierd bij presidentsverkiezingen – eenmaal met Jimmy Carter en tweemaal met Bill Clinton, allebei gematigde gouverneurs uit het Zuiden. Liberale noordelingen, hoe goed opgeleid en competent ook, hebben het niet gehaald.

Obama is een fascinerend figuur, maar zijn achtergrond bevat weinig waarmee de doorsnee Amerikaan zich kan identificeren. Hij lijkt meer vertrouwd met een Bordeaux dan met een Budweiser. Hij heeft op bijzondere wijze gereflecteerd over zijn levensweg, maar heeft nooit een zware beproeving ondergaan zoals zijn Republikeinse tegenstander.

Reken erop dat de Democratische strategen er in de resterende tijd alles aan zullen doen om van Obama een regular guy met herkenbare geneugten te maken. Dat was al in belangrijke mate de inzet van de conventie, met name van het optreden van echtgenote Michelle. Maar deze operatie is niet zonder risico. Want je moet een politicus geen imago opdringen dat niet bij hem past. Michael Dukakis werd in 1988 met een te grote helm op een tank gezet, en dat bezegelde zijn neergang.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden