Column

De waarheid was wat Bomans ervan maakte

Godfried Bomans. Beeld ANP

Waar was ik? O ja, vorige week had ik dus in plaats van een chesterfield-driezitter 43 tweedehands boeken gekocht, gewoon, omdat er een antiquariaat in die meubelzaak zit, hoe stom kun je een winkel inrichten. Om mijn 43-voudige leesschuld z.s.m. af te lossen, pakte ik een boek van de stapel en begon er luidkeels uit voor te lezen. (Dat doet de Grexit-soap met mij, in combinatie met een zonnesteek.)

Wat ik Suzy voorlas, waren de eerste alinea's van De wereld van Godfried Bomans, een boek van Jeroen Brouwers. Het ging over Bomans' opa, een man die verzot was op verhuizen, stond er, hij deed het wel drieëntwintig keer, 'en het verhaal gaat', schrijft Brouwers, 'dat grootvader Bomans soms, als de verhuisrommel juist aan kant was, opmerkte: 'Ik heb de indruk dat ik hier al eens eerder heb gewo....'

Ik stopte.

'Dat verhaal ken ik', zei Suzy. 'Je hebt het al een keer in een column verteld.'

Ik knikte langzaam. 'Maar dan anders. Over de vader van F. Bordewijk, namelijk. En opgetekend door Willem Frederik Hermans.'

Buiten steeg het kwik naar 39 graden. Snel pakte ik Hermans' essay over Bordewijk erbij. Dat bleek van 1979. Brouwers' Bomans-tekst verscheen in 1981 als aparte bijlage in Vrij Nederland.

'Als ik Loeki de Leeuw was', zei Suzy, 'dan weet jij wel wat ik nu zou zeggen.'

Ik zweeg. In mij was de literatuurwetenschapper gewekt, ook een leeuw, maar eentje in wiens woordenboek 'asjemenou' niet voorkomt, integendeel: ik ging niet rusten voor ik wist wat hier gaande was.

'Iemand liegt', zei ik. 'Of Bordewijks vader, of Bordewijk, of Hermans, of Bomans opa, of Bomans, of Brouwers.'

'Of juist niemand, dan wel iedereen', geeuwde Suzy. 'Wie weet is het sowieso een broodje aap. Ik bedoel, wie herkent er nou zijn eigen oude huis niet? Misschien zetten twee mensen onafhankelijk van elkaar dezelfde mop naar hun hand.'

Ik zat inmiddels op schoot met Hermans' Volledige Werken, deel 13, waarin hij in een naschrift korte metten maakt met de broer van Bomans. Die broer suggereerde in 1982 middels een briefje naar Vrij Nederland dat Hermans Bomans had geplagieerd, volgens die man nadat hij Bomans 'live of van een bandje' de anekdote had horen vertellen.

Zozo. Even Willem Frederik Hermans op zwavelzuur zetten, zeker?

Behalve dat Hermans met vrijwel alle adressen komt waarop Bordewijks vader ooit woonde, noemt hij ook het precieze huis waarin Bordewijk senior vermoedde dat hij er al eens eerder had geleefd. Ook noemt Hermans de precieze datum waarop Bordewijk de anekdote aan hem vertelde, 20 maart 1962. Tenslotte draagt hij ook nog een stuk aan van Bordewijks echtgenote, waarin zij hetzelfde sterke verhaal opdist, reeds in 1953. (Dat klopt. Ik bleek dat artikel te hebben. Staat erin.)

'Waarom bel je Brouwers niet op', zegt Suzy, die journalist is.

Ik moest lachen. 'Jeroen Brouwers dertig jaar later op zwavelzuur zetten, zeker.' Nee, dacht ik, die heeft het zeker niet van Hermans. Brouwers die Hermans' Bordewijk-essay zit te lezen en denkt: kom, laat ik die verhuisanekdote eens toedichten aan Bomans' opa?

Nee.

En bovendien slecht leeswerk, besefte ik plotseling. Dat eerste hoofdstuk van De wereld van Godfried Bomans gaat er nou juist over dat Bomans de waarheid steevast bij elkaar loog.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden