Interview Advocaat Liesbeth Zegveld

‘De waarheid ligt nu op tafel: deze mensen zijn geëxecuteerd’

Advocaat Liesbeth Zegveld . Beeld Jiri Buller

Toen Liesbeth Zegveld aan de treinkapingszaak tegen de staat begon, merkte de advocaat al snel hoe gevoelig die ligt. ‘Als ik uit kantoor kwam, dacht ik: misschien krijg ik nu kogel door m'n kop.’

Het woord 'liegen' wil ze liever niet gebruiken. Maar dat de Nederlandse staat al veertig jaar 'moedwillig verhult' hoe de treinkaping in 1977 is beëindigd, is wat haar het meest verbijstert. 'En nu weer hè - met alle getuigen is vooraf cruciaal belastend bewijs doorgenomen. Sorry, maar dat mag niet.'

Mensenrechtenadvocaat Liesbeth Zegveld (47) daagde eind 2015, namens nabestaanden van twee gedode treinkapers, de staat op verdenking van ongeoorloofde executies. Ze merkte direct dat het een 'uiterst gevoelige zaak, van beide kanten' is. De advocaat werd overspoeld met negatieve reacties en met de dood bedreigd, haalde het naambordje van haar huis, kreeg een noodnummer dat ze dag en nacht kon bellen en ging andere routes fietsen. 'Elke keer als ik uit kantoor kwam, dacht ik: misschien krijg ik nu een kogel door m'n kop.'

Zegveld ging procederen nadat de autopsierapporten via een onderzoeksjournalist naar buiten waren gekomen. Daarin concluderen pathologen dat sommige kapers zijn gedood door wapens 'die direct op de huid zijn gezet'. Die rapporten had de staat tot 2053 geheim willen houden, zei de landsadvocaat tijdens het proces.

Oud-minister van Justitie Van Agt ontkende destijds in de Tweede Kamer dat zes van de negen kapers 'in een regen van kogels' waren omgekomen. Zijn latere opvolger Hirsch Ballin liet het onderzoeken en constateerde dat dit niet klopte, maar deze conclusie moest eveneens geheim blijven. Ook beweerde de staat dat een gijzelaar door een kaper was doodgeschoten, terwijl het ging om 'friendly fire' van een marinier.

Het rijtje 'verhullingen' is erg lang, constateert Zegveld. Nabestaanden van de kapers mochten niet bij het afleggen van de doden zijn - hoewel dat in hun cultuur gebruikelijk is - en kregen de lichamen in verzegelde kisten die niet mochten worden geopend: 'Men mocht niet zien dat deze mensen helemaal aan flarden waren geschoten.' Ook werd de ouders verboden de autopsierapporten van hun kinderen in te zien. Wel gelastte de staat dat een patholoog Zeldenrust van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) de nabestaanden indirect, via een Molukse huisarts, informeerde over het feit dat alle kogels van militairen buiten de trein kwamen, maar ook dat bleek later onwaar. Bovendien had het NFI de lichamen helemaal niet onderzocht - dat deden pathologen uit het arrondissement Groningen -, maar dat vertelde Zeldenrust er niet bij.

'Alles werd steeds onder het tafelkleed geschoven', zegt Zegveld. 'En nu dit weer.'

Tijdens de verhoren, afgelopen najaar, van mariniers die in 1977 de gijzelaars bevrijdden, bleek dat zij de belastende geluidsopnamen van de treinbestorming, waarmee Zegveld hen had willen confronteren, van tevoren te horen hebben gekregen. 'Dat kan alleen betekenen dat de staat de getuigen inhoudelijk heeft willen voorbereiden op hun verhoor. Beïnvloeding is strafbaar.'

De door een kogelregen doorboorde trein na de kaping, 11 juni 1977. Beeld anp

Ook is Zegveld ervan overtuigd dat is afgesproken dat de mariniers uitsluitend over hun eigen handelen, en niet over dat van collega's, zouden verklaren. 'Hoewel ze hun eigen acties tot in detail kunnen beschrijven, zegt geen van de elf getuigen zich iets van collega's te kunnen herinneren. Dat is een te groot aantal om toeval te zijn.'

Zij doet aangifte van beïnvloeding van getuigen. 'De staat doet wat hij sinds 1977 heeft gedaan: het ondermijnen van de rechten van mijn cliënten, en dus van de rechtsstaat. Dat raakt me diep. Dat is dan ons voorbeeld in dit land. Door die jarenlange cover-up moesten die mariniers zich na veertig jaar komen verantwoorden. Ik dacht meteen, toen ze als getuigen werden toegewezen: nou zitten zij met de gebakken peren doordat de staat dit heeft laten rotten.'

Wat had de staat dan moeten doen?

'Ze hadden dit heel makkelijk kunnen oplossen. Ik dacht oprecht, toen we aan dit proces begonnen: ik krijg een briefje dat ze willen schikken - dit leek me voor hen kansloos. Bovendien moet je dit als staat niet willen; je loopt het risico dat die mariniers gehoord gaan worden, wat dus ook is gebeurd. Als ik adviseur van de staat was, zou ik hebben gezegd: de Molukkers zijn al ongelofelijk slecht door Nederland behandeld, dat is niet te rechtvaardigen, en in die trein zijn ook nog eens fouten door onze militairen gemaakt, dus dit gaan we netjes, stilletjes oplossen.

Dat is niet gebeurd omdat de staat slecht is in het inschatten van z'n proceskansen, meent Zegveld, en 'zich niet goed kan verplaatsen in het perspectief van slachtoffers en nabestaanden. Dat zie ik in al mijn zaken tegen de staat - Srebrenica, de weduwen van Indonesië, het dodelijke schietincident door Nederlandse militairen in Irak, die we allemaal wonnen. Elke keer als wij ergens aan trekken, rolt er een enorme bak ellende uit de kast.'

Het kapen van een trein is ook niet bepaald netjes, zacht uitgedrukt.

'Natuurlijk, er was iets heel ernstigs aan de hand. Ik moet er niet aan denken dat mijn kinderen in die trein zouden zitten. Maar dat rechtvaardigt niet dat je zwaargewonde, ongewapende kapers door het hoofd schiet. Die moet je, volgens internationaal recht, arresteren en berechten. Je moet best even een knop omzetten wil je dit proces kunnen begrijpen. Mijn cliënten krijgen het verwijt: jullie kapen een trein en nou willen jullie geld. Maar daar gaat het ze niet om. De materiële schade is maar een paar duizend euro. Het gaat om waarheidsvinding.'

In die zin hebben haar cliënten dit proces eigenlijk al gewonnen, stelt Zegveld. Ongeacht hoe de rechter uiteindelijk oordeelt; 'we weten nu wat er is gebeurd. Op het moment dat we in de rechtbank zaten en marinier 5B verklaarde dat hij in de kop van de trein schoot op een deken waaronder iemand ongewapend lag die nog bewoog, kreeg ik bijna tranen in mijn ogen. Ik draaide me om, keek naar mijn cliënten en dacht: dit is het. Nu zijn we er. Hetzelfde had ik toen commandant C2 over de vrouwelijke kaapster verklaarde: ze ligt daar, ik herken haar, ze roept mama mama en we schieten haar kapot.'

U stelt dat de staat heimelijk opdracht gaf om alle kapers te doden.

'Het woord heimelijk nemen we in onze conclusie terug. Het is gewoon: als je mariniers inzet en je je instructie beperkt tot 'uitsluitend aanhouden bij duidelijk waarneembare overgave', dan zeg je eigenlijk: in alle andere gevallen mag je de trekker overhalen. Buiten de trein werd duidelijk gesteld: als kapers vluchten, schiet je op de benen. Binnen werd dat onderscheid niet gemaakt. Dus de staat heeft de ruimte geschapen waarin de mariniers naar eigen welbevinden, strijdig met het recht, konden handelen. Bovendien waren de mariniers in de kop van de trein, waar de kapingsleiding lag te slapen, veel zwaarder bewapend dan de rest.'

Beeld Jiri Buller

Daarvan zegt de staat: daar werd meer tegenstand verwacht.

'Ja, maar verwachten en meemaken zijn wel twee verschillende dingen. Je mag wel eerst kijken voordat je iemand overhoop schiet. En dat hebben ze ook gedaan! Je hoort op die geluidsband: hier zit een vent, ik ga d'r in, knal hem neer, is hij dood? Ja, nu wel. En lachende collega's. Het bevel 'uzi op safe' werd niet opgevolgd.'

Hoe was het om die opnames, die niet openbaar mogen worden, te horen?

'Heftig. Eng. Het klinkt alsof het voor je voeten gebeurt. Je hebt als advocaat een beetje het gevoel alsof je het nog kunt voorkomen: doe het nou niet. Want de band begint in de situatie buiten de trein: het is nu vier uur twintig, we gaan benaderen, we gaan d'r in, en je denkt de hele tijd: doe het niet, nu leeft hij nog. Zometeen heeft zij geen zoon meer (doelend op haar cliënt, de moeder van kapingsleider Max Papilaja, red.). En dan: (Zegveld maakt een gebaar alsof ze met een mitrailleur schiet): Rrrrrrrrrrrrr. De geluidsbanden en de autopsierapporten sluiten naadloos op elkaar aan. En dat láchen... Sommige mariniers zijn echt onnodig tekeergegaan.'

Hebben hun commandanten dat geweten?

'Ja natuurlijk. Die zijn verantwoordelijk voor wat hun mannen doen. Daar wordt aan gerapporteerd.'

Heeft de politiek het geweten?

'Honderd procent zeker. Getuige C2, de commandant van aanvalsploeg 2, heeft de Rijksrecherche op de stoep gehad. Die doet onderzoek naar strafbare feiten van overheidsfunctionarissen. Hij moest zich verantwoorden, dus men heeft ervan geweten.

'C2 weigerde overigens aan dat onderzoek mee te werken, en men heeft het daarbij gelaten. Hij is daar mee weggekomen. De rechtbank was daar in een tussenvonnis heel fel over. Die verwijt de staat ernstig dat er destijds niks is onderzocht. Dat is een plicht. Als mensen door politie- of militaire acties het leven laten, maakt niet uit wat voor mensen dat zijn, dan moet je dat op grond van artikel 2 EVRM - het recht op leven - onderzoeken.'

Dries van Agt was destijds verantwoordelijk als minister van Justitie. Waarom heeft u hem niet als getuige opgeroepen?

'De rechtbank vond in dat stadium dat er onvoldoende aanwijzingen waren dat de instructie van de overheid niet deugde. Van Agt zit in de hoek van de instructies, dus we hebben die ruimte gewoon niet gekregen. Inmiddels heeft de rechtbank al geoordeeld dat het geweld buiten de trein - de langeafstandsschutters die minutenlang schoten op plekken waar slapende kapers werden vermoed - proportioneel noodzakelijk was. Niet dat ik het daarmee eens ben, maar die optie is dus al afgekaart. Bovendien, heel eerlijk gezegd, weet ik niet hoe ik zou hebben gehandeld in dezelfde situatie. En ik vind: als je zelf niet kunt inschatten of iets goed of slecht is, moet je als advocaat je mond houden. Maar iemand met de loop van je wapen tegen het hoofd neerschieten terwijl die ongewapend en bloedend aan je voeten ligt, daarvan weet ik: dat doe je niet.'

Van Agt zei tegen de commissie die dit dossier onderzocht dat hij 'niets kan reproduceren'. Acht u dat aannemelijk?

'Nee. Ik denk dat dit een gebeurtenis is die je in je loopbaan als politicus sowieso nooit vergeet. En het was een heel zware afweging - van de vijf ministers waren er drie voor en twee tegen deze gewelddadige ontzetting van de trein. Dus dan bespreek je alle voors en tegens. Hij weet zich veel details van omringende zaken te herinneren, maar toevallig net niet dat waar het ons in deze zaak om te doen is.'

'Heel opmerkelijk is dat de onderzoekscommissie schrijft dat het was geaccepteerd dat alle kapers zouden komen te overlijden - zonder bronvermelding. Dat komt uit dat ministerieel overleg, natuurlijk. Dus dat is besproken en oké bevonden. Als je als regering zo'n zware beslissing neemt, moet je daar ook voor staan en je verantwoordelijkheid nemen, vind ik.'

Van Agt in 2013. Beeld anp

In oktober overwoog u aangifte te doen van meineed.

'We kunnen bewijzen dat marinier C2 niet de waarheid spreekt. Hij zegt bijvoorbeeld dat hij een noise-granaat gooide, terwijl uit een foto van direct na de bevrijding blijkt dat dat ding nog intact aan zijn uniform hangt. Maar mijn cliënten willen zich niet richten tegen de mariniers als persoon, die deden gewoon hun werk. Het gaat ze om de staat. Daar is het mee begonnen en zo maken we het af.'

Als de staat dit verliest, wat zijn dan de mogelijke consequenties voor overige nabestaanden, overlevende kapers en Van Agt?

'Daar wil ik niet op vooruitlopen. Heel veel consequenties zijn er al, namelijk dat de waarheid nu op tafel ligt: deze mensen zijn geëxecuteerd. Dat hebben de mariniers feitelijk bevestigd. De rechtbank heeft hun verhoren toegestaan, gelast dat we het NFI-onderzoek naar de doodsoorzaak kregen - dat probeerde de staat koste wat kost te voorkomen - en heeft in tussenvonnis de staat ernstig verweten dat naar de toedracht destijds geen onderzoek is gedaan.

'Een oordeel van een rechtbank is niet alleen juridisch, maar ook moreel. Voor de Molukkers is dit al een enorme genoegdoening: ze zijn gehoord. Voor hen betekent dit: we zijn een onderdeel van dit land, de rechtsstaat is er ook voor ons.'

Defensie: getuigen zijn niet beïnvloed

Het ministerie van Defensie ontkent dat er sprake is geweest van getuigenbeïnvloeding. 'De staat heeft als oud-werkgever de mariniers advocaat Knoops ter beschikking gesteld', zegt een woordvoerder. 'Deze heeft hen bijgestaan bij de getuigenverklaring. Van het optreden van de mariniers zijn geluidsopnamen gemaakt. De transcripts hiervan zijn door de andere partij in de media gebracht. Om die reden heeft de advocaat delen van de banden aan de oud-mariniers laten horen.'

Advocaat Knoops reageerde al eerder in de Volkskrant op aantijgingen van getuigenbeïnvloeding: 'Beïnvloeding is iets anders dan voorbereiding. Dat veel getuigen tegenstrijdige verklaringen hebben afgelegd over de gebeurtenissen in de trein, toont juist aan dat er géén sprake van beïnvloeding is geweest.'

Voormalig Justitieminister en oud-premier Van Agt liet de Volkskrant eerder weten dat hij 'geen reactie wil geven op de treinkapingszaak, zolang het proces loopt'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden