De vogelvrije payroll-werknemer

'Payrolling' is de trend in werkgeversland. Tot frustratie van de vakbonden.

Elsbeth Stoker
© thinkstock Beeld
© thinkstock

Payrolling is een vloek. Althans, dat beeld komt boven als je de verhalen van de bonden hoort. Payrolling- een constructie die doet denken aan uitzendwerk - maakt het voor werkgevers mogelijk via de achterdeur personeel te lozen. En dat niet alleen: de werkgever kan zich ook onttrekken aan allerlei andere arbeidsvoorwaarden.

En de werknemer? Die is de dupe. Inmiddels werken 150 duizend mensen als payroller. Deze trend moet aan banden worden gelegd, stellen de bonden. Om hun pleidooi kracht bij te zetten, trokken FNV Bondgenoten, CNV Dienstenbond en De Unie in maart hun handen af van de nieuwe payroll-cao.

Klopt de klacht van de bonden? Of biedt payrolling juist de flexibiliteit die de arbeidsmarkt nodig heeft? Het verhaal van payrolling begint in de Verenigde Staten. Werkgevers ergerden zich aan de hoeveelheid tijd die ze kwijt waren aan de personeelsadministratie. Immers: als je een café runt, tap je liever een biertje voor je klanten, dan dat je je verdiept in het arbeidsrecht. Dus ontstond de behoefte aan bedrijven die deze taken uit handen nemen. 'Een jaar of tien geleden is het naar Nederland overgewaaid', zegt Jeu Claes van de branchevereniging VPO. 'Het zit in de lift. Er is een enorme behoefte aan flexibiliteit op de arbeidsmarkt.'

Volgens Johan Zwemmer, die bij de Universiteit van Amsterdam onderzoek doet naar de effecten van payrolling, hebben de bonden de trend mede veroorzaakt. 'In 2006 werd de eerste payroll-cao afgesloten om de zaken rondom het werkgeverschap en afdracht van belastingen en premies beter te regelen. Het doel was om misstanden in bepaalde sectoren tegen te gaan. In bijvoorbeeld de horeca en de tuinbouw was vaak onduidelijk wie de werkgever was en of er überhaupt sprake was van een arbeidsovereenkomst.

Niemand voelde zich echt verantwoordelijk voor de afdracht van sociale premies.' Om orde te scheppen in deze chaos besloten de payrollbedrijven en de bonden een cao af te sluiten. Daarin staat onder meer dat de payroller evenveel salaris krijgt als de andere werknemers in die branche en dat het payrollbedrijf formeel de werkgever is. 'Het grote verschil is de ontslagbescherming. Als de opdrachtgever zegt: ik huur de payroller niet meer in, dan eindigt automatisch de arbeidsovereenkomst op bedrijfseconomische gronden.' En dat maakt het zo aantrekkelijk voor bedrijven. Immers: je bent geen tijd en geld meer kwijt aan het toepassen van de ontslagregels en een sociaal plan. Zwemmer: 'Wat begon als een project om orde te creëren in de horeca en de tuinbouw, werd een olievlek. Doordat de bond destijds een cao heeft afgesproken, kreeg de constructie een legitiem sausje.'

Zo werken er bij de overheid inmiddels honderden payrollers. Begin deze maand voerde FNV Bondgenoten actie tegen het ontslag van ruim vijfhonderd payroll-ambtenaren van Agentschap NL. Sommigen werken al jaren bij het Agentschap, dat onderdeel is van het ministerie van Economische Zaken. In tegenstelling tot hun collega's bij het Rijk hebben ze nauwelijks ontslagbescherming. 'Het gaat om personen die ooit hebben gereageerd op een personeelsadvertentie van het ministerie', zei Mariëtte Patijn van FNV Bondgenoten destijds.

'Pas bij het ondertekenen van het contract, ontdekten ze dat ze niet in dienst zouden komen van het ministerie. Er werd toen gezegd: er is geen verschil, het gaat alleen om uitbesteding van de administratie.'
Nu de overheid moet bezuinigen, komen ze op straat te staan. Wat FNV betreft is het onzin dat het ministerie formeel geen werkgever is. Alleen de loonadministratie werd uitbesteed, de overige werkgeverstaken niet. FNV wil de zaak bij de rechter aankaarten.

Hoogleraar arbeidsrecht Evert Verhulp van de UvA geeft de vakbond weinig kans. 'Een uitzendkracht die vijf jaar bij ABN Amro had gewerkt, werd ontslagen bij een reorganisatie. Hij vond dat onterecht omdat hij in zijn beleving ABN'er was, en vocht zijn ontslag aan. Daar heeft de Hoge Raad korte metten mee gemaakt.' Dat betekent niet dat Verhulp het payrollen toejuicht. 'Het blijft schimmig. Het is niet goed als werkgevers dit gebruiken om onder verantwoordelijkheden uit te komen.'

Vanuit juridisch oogpunt staan de bonden alleen, zegt ook promovendus Zwemmer. 'Er zijn inmiddels A- en B-werknemers ontstaan. De ene is lastig te ontslaan, en de ander heeft nauwelijks een rechtspositie.' Zijn advies aan de bonden? 'Je zult uiteindelijk moeten praten over versoepeling van het ontslagrecht. Als je de tweedeling op de arbeidsmarkt wilt tegengaan, ontkom je daar bijna niet aan.'

Opeens anders behandeld
'Woensdag is mijn laatste dag bij Agentschap NL', vertelt Brenda Gerritse (36). Ze werkt er al vierenhalf jaar. Toen ze signalen kreeg dat het voorbij zou zijn voor de payrollers, besloot ze op zoek te gaan naar een nieuwe baan. In mei begint ze.

'Ik heb altijd met veel plezier gewerkt bij Agentschap NL. Toen ik begon, hield ik, en velen met mij, geen rekening met het verschil in rechtspositie met ambtenaren in vaste dienst. Je verwacht zo'n grootschalige ontslagronde niet, ze hadden duidelijker kunnen communiceren wat de payrollconstructie in tijden van krimp waard is.

Bovendien werd mij voorgehouden dat ik na twee goede jaarbeoordelingen in aanmerking zou komen voor een ambtenarenaanstelling. Het is niet gebeurd, dat is ook wel logisch als je hoort wat de politiek zegt over taakstellingen van ambtenaren. Wat mij stoort, is dat wij nooit anders zijn behandeld, tot het moment dat de reorganisatie werd aangekondigd. Mensen die op basis van een flexcontract werkten, kwamen bijvoorbeeld opeens minder in aanmerking voor opleidingen. Bij Agentschap NL werkte ongeveer een kwart van de mensen op basis van een payrollcontract. Dat is veel te veel, op deze manier ontloopt de overheid haar verplichtingen als werkgever.'

Geen ontslagbescherming
'Sinds 1 april ben ik weg bij Agentschap NL', zegt Cees Maas (54). Ruim vier jaar werkte hij bij deze overheidsinstantie. 'Ik heb destijds gesolliciteerd op een advertentie van Senter-Novem, de voorloper van Agentschap NL. Tijdens het gesprek werd mij verteld dat Senter Novem mij niet in dienst wilde nemen, maar via een extern bureau wilde inhuren. Ze wilden een bepaald percentage flexibele krachten. Zo'n 15 procent. Ik vond dat vervelend. Ze kunnen toch ook flexibel zijn met een tijdelijk overheidscontract?

'Het verschil tussen mijn contract en een normaal dienstverband zit vooral in het pensioen en de ontslagbescherming. En ook de eindejaarsuitkering kreeg ik niet. Toen ik begon was die nog maar 1,6 procent, in de loop der jaren werd dat een volledige dertiende maand. 'In oktober 2010 kreeg ik te horen dat Agentschap NL moest bezuinigen, het was duidelijk dat ik moest vertrekken.

Het payrollbedrijf zoekt, via uitzendbureaus en detacheerders, wel ander werk voor me. Een uitzendbureau probeert mij nu te helpen aan baan voor zes maanden. Ik heb een knots van een hypotheek en twee kinderen, dus je begrijpt dat ik geïnteresseerd ben in een duurzamer dienstverband. Maar ja, je moet toch wat?' (Tekst Elsbeth Stoker, foto thinkstock)

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden