De vloek, de spugende vrouw

Toen mijn vrouw en ik pas in Moskou woonden – zij was toen zwanger – maakten we eens met onze dochter een wandeling over de Dmitrovskoje Sjosse....

Arnout Brouwers

We wandelden over de stoep ernaast. Wel 4 meter breed is die, daar kunnen ze in Nederland nog een puntje aan zuigen, zulke ruime stoepen als ze hier hebben. En een streep gras van 3 meter breed op de koop toe, om de wandelaars te scheiden van het verkeer. Aan echt alles is gedacht, toen deze chaussee ontworpen werd. Gek word je er bijna van.

Mijn dochter zat in een kinderkarretje. Van achter werden we ingehaald door een haastig lopende vrouw die bijna tegen ons aanschuurde. Die stoep was blijkbaar toch niet breed genoeg. Toen ze ons inhaalde, spuugde ze een dikke klodder speeksel over mijn dochter. Die bleef gewoon met haar beentjes trappelen.

Wij waren echter ontsteld. Zulke woorden moet je niet te vaak gebruiken, zeker niet in de politiek, maar hier was het wel op zijn plaats. Mijn vrouw riep de voorbijgangster tot de orde, met een Russische variant van ‘Weet je wel wat je doet!?’ Een kind bespugen!

Maar deze vrouw was boos, heel boos. Ze zou het zo weer doen, tierde ze. ‘Ik haat jullie! Ik ben mijn kind verloren en ik hoop dat jullie ook jullie kind zullen verliezen!’ Uit haar rood doortrokken ogen sprak inderdaad een felle haat. Ze veinsde niet.

We waren vervloekt. Rusland is een land waar mensen nog een vloek over een ander kunnen uitspreken en dat wordt niet als een kleinigheid opgevat. Een vloek is een vloek – je kunt het wel gaan zitten relativeren of wegrationaliseren, maar de vloek blijft staan.

Omdat we aan de grond vastgenageld stonden (wij waren immers, zoals dat heet, ‘in blijde verwachting’) zagen we de vrouw verdwijnen in de wandelende menigte. Dat verkeer bleef gewoon doorsluizen, als altijd. Als ooit het einde van de wereld zich aankondigt, denk ik wel eens, zullen de Moskovieten dat als laatste merken.

Mijn vrouw prevelde snel enkele bezweringen en spuugde drie keer over haar linkerschouder – een bekend tegengif. Maar dat heeft mij altijd getroffen als een futiele exercitie. Zeker in dit geval: dat geprevel verbleekte bij de kracht waarmee we vervloekt waren. De woede over het gedrag van de vrouw was trouwens direct na haar laatste woorden weggevloeid. Haar was iets vreselijks overkomen, wie waren wij om haar gedrag te bekritiseren?

Armoede, drugs, ongelijkheid, je komt het vergezeld van ingesleten uitingen van inhumaniteit nog steeds overal tegen in Rusland. Vooral als het net niet schikt. Misschien juist daarom dat talloze mensen die, nu het beter gaat, dromen van een normaal bestaan – een conditie die voor menig Nederlander juist aanleiding is geestelijke bijstand te zoeken.

Ook daarom kan het beeld van de spugende vrouw me niet loslaten: ik weet inmiddels dat haar lot niet zo bijzonder is. Veel Russen blijken bij nadere kennismaking op de ene of andere manier ‘geamputeerd’ te zijn. Dat is niet zo gek, dit is een land met een onstuimig recent verleden. Dat maakt het perspectief van een betere toekomst des te aantrekkelijker. Het zij hen gegund.

De vraag is of het land aan de vloek van zijn eigen geschiedenis kan ontsnappen. Ligt de volgende ramp niet om de hoek? Het is beter op deze vragen geen voortijdig antwoord te geven. Met het uitspreken van vloeken over mensen – of landen – kun je beter voorzichtig zijn.

Arnout Brouwers

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden