De vier hoofdzonden van planners

Het was twee jaar geleden nog zo’n voorbeeldig project. Hoe je Marokkaans-Utrechtse hangjongeren kunt omtoveren van klieren in enthousiaste en verantwoordelijke speeltuinbegeleiders. Nu wordt het kapot gemaakt. Niet door hangjongeren, maar door de gemeente.

Evelien Tonkens

Klieren waren het, die zich meester maakten van de schommel en de wip. Die zo de kinderen wegpestten voor wie Speeltuin de Bijnker in het Utrechtse Transwijk eigenlijk bedoeld was. De speeltuinleidster, laten we haar Annemarie noemen, ging dagelijks huilend naar huis en had al bijna haar ontslag ingediend.

Tot ze bedacht dat ze de klieren zou kunnen inzetten om de kinderen te helpen. Vrijwilligerswerk van minimaal 5 uur per week, een jaar lang, in ruil voor gesprekken over levensvragen. Zo konden de kinderen weer gewoon spelen en kregen jongeren steun en perspectief. Wel jammer dat Annemarie het in haar vrije tijd moest doen. Maar verder een groot succes (zie mijn column van 11 juli 2006).

Het project werd populair bij beleidmakers én jongeren. Het kreeg prijzen en subsidie. Tachtig jongeren wilden meedoen, maar er waren maar tien plaatsen per jaar. Sommige afgewezenen gingen alsnog klieren. De subsidie ging op aan verantwoordingseisen.

Lastige problemen, maar oplosbaar. Maar nu wil de gemeente de speeltuin verplaatsen naar het hart van de aangrenzende wijk Kanaleneiland. ‘De speeltuin heeft veel achterstallig onderhoud en er wordt niet optimaal gebruik gemaakt van de ruimte’, stelt het college van B&W in een brief aan de raad van 24 januari.

Op de nieuwe plek zijn 1.100 kinderen in speeltuinleeftijd, op de oude maar 120, betoogt de gemeente. Er komt een school voor de Bijnker in de plaats en ‘er blijft evenveel speelgelegenheid’, aldus de gemeente. De nieuwe speeltuin kan ook mensen van buiten de wijk aantrekken en zo kunnen bevolkingsgroepen mengen.

Vier zonden

Het verplaatsingsplan is een schoolvoorbeeld van vier gangbare hoofdzonden van beleidmakers en planners.

Ten eerste: men denkt dat successen direct verplaatsbaar zijn. Maar successen zijn meestal sterk aan persoonlijke en toevallige factoren gebonden. De persoon van Annemarie was zo’n factor – die had men moeten koesteren. Uit frustratie is zij al vertrokken. De plek van de Bijnker is een andere succesfactor.

De Bijnker aan de Van Bijnkershoeklaan ligt aan de rand van de wijk, in een sfeervol, besloten hoekje met veel groen. Je kunt er maar op één plaats in en uit. Ideaal voor een veilige speeltuin, zeker in een probleemwijk. Het beoogde Van Peltplantsoen ligt inderdaad centraal: het is aan alle kanten open. Dus moeten er hoge hekken omheen, want jan en alleman kan er anders komen klieren!

Kanaleneiland kan best nog een speeltuin gebruiken, maar waarom ten koste van de Bijnker? Goede praktijken zijn niet direct verplaatsbaar, ze zijn hoogstens vertaalbaar. En het is niet alleen de speeltuin die je kapot maakt maar ook de inzet van de jongeren, die hier op een wachtlijst stonden om te mogen helpen in plaats van klieren. Krijg dat op een nieuwe, grootschalige plek maar eens voor elkaar. Wat spontaan is ontstaan, kun je beter koesteren, als een vogelnestje in een boom.

Zonde twee: succesvolle kleinschalige initiatieven opblazen via verantwoordingseisen. Subsidie die meer tijd kost dan hij oplevert is een symptoom van een bureaucratisch verziekte samenleving.

Zonde drie: miskenning van de waarde van onderhoud. Een slecht onderhouden speeltuin vraagt om onderhoud, niet om verplaatsing. En hoezo is ‘niet optimaal gebruiken van de ruimte’ een reden voor verplaatsing? Kan er dan geen speeltoestelletje bij? En waarom moet het groter? In de Bijnker was belangstelling genoeg. Welke speeltuin kan nu 1.100 kinderen aan?

Zonde vier: dogmatisch bevolkingsgroepen mengen aan de hand van algemene, abstracte noties. Door mensen van buiten de wijk te willen aantrekken, moet contact ontstaan tussen de overwegend Marokkaanse bewoners van Kanaleneiland en de kaaskoppen van buiten.

Maar je zult wel iets heel spectaculairs en dus duurs moeten bieden om mensen van buiten Kanaleneiland te lokken. Een speeltuin hebben ze in Wilhelminapark of Houten zelf wel. Voor de buurtjeugd is iets spectaculairs niet nodig, want voor de Bijnker was belangstelling zat. Het wordt hoogstens een plaatje van menging, want echt samen spelen doen kinderen zelden met passanten. Het veel intensere contact tussen Annemarie en de Marokkaanse jeugd is intussen verstierd.

Beleid maakt soms meer kapot dan je lief is.

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden