Column

De vernedering van vroege selectie in het onderwijs

Wat een timing. Net in de week dat de Tweede Kamer debatteert over het rapport waarin de Onderwijsinspectie waarschuwt voor een groeiende ongelijkheid in kansen, komt het Centraal Planbureau met een internationale literatuurstudie, Kansrijk Onderwijsbeleid, waaruit zou blijken dat kinderen er baat bij hebben al op de basisschool in groepen van gelijk niveau te worden gezet. Dus nóg vroegere selectie dan nu bij ons, op 12-jarige leeftijd. Daar zouden ze beter van gaan presteren.

Basisschoolleerlingen uit groep 8 van de Prinses Marijkeschool. Beeld anp

Ik kende tot nu toe een vracht aan onderzoek waaruit blijkt dat vroege selectie leidt tot ongelijke kansen en verspilling van talent. Kon al dat onderzoek bij het grofvuil? Net als al dat overtuigende onderzoek dat zegt dat beter opgeleide docenten tot betere leerresultaten leiden - óók al niet waar volgens het CPB. En dat terwijl de PvdA net voorstelt om meer geld voor de academische pabo beschikbaar te stellen. Wat moeten we nu hiermee? Het CPB gehoorzaam volgen?

Dat lijkt me voorbarig. Meteen na de publicatie van het CPB-rapport, stond er een stuk online waarin twee onderwijssociologen van de UvA, Herman van de Werfhorst en Thijs Bol, gehakt maakten van het rapport. Een korte versie ervan stond in de Volkskrant.

Lees dat stuk en je begrijpt waar het verschil vandaan komt. Duidelijk is dat het CPB nogal selectief heeft geshopt in het internationale onderzoek. Het keek alleen naar studies die een direct causaal verband aantonen, en die zijn als het om onderwijs gaat zeldzaam; meestal wordt er longitudinaal vergelijkend onderzoek gedaan. Het CPB negeerde vrijwel al het sociologische en onderwijskundige onderzoek. Het keek niet naar de gevolgen van vroege selectie, zoals een groeiende sociale tweedeling, alleen naar onderwijseconomische effecten. Van de 310 literatuurverwijzingen zijn er 222 gepubliceerd in economische tijdschriften.

Komisch wordt het bijna als de sociologen laten zien dat de aanbeveling om vroeg te selecteren gebaseerd is op één Keniaanse studie over het basisonderwijs. In Kenia bleken de leerkrachten zich na de indeling in niveaugroepjes, anders dan daarvoor, wél in de klas te vertonen, en hé, de kinderen gingen met sprongen vooruit.

Uit studies in landen die wél met Nederland vergelijkbaar zijn, zoals Australië, bleek geen positief effect van aparte niveaugroepen. Die studies nam het CPB niet mee. En dat westerse landen die late selectie kennen - de VS, Canada, Zweden, Finland - goed scoren op de internationale PISA-onderzoeken en economisch toch niet op instorten staan, interesseert het CPB evenmin. Het weerwoord van het CBP, dat ze alleen naar studies 'met kwaliteit' keken, klinkt nogal slap.

Wat het CPB zeker niet meenam, is het effect van een wrede, vroege selectie op een mensenziel. De frustratie, de wrok. Ik moest aan mijn ouders denken. De drie rijen in de zesde klas: een rij voor de toekomstige hbs'ers en gymnasiasten, een rijtje ambachtsschool of huishoudschool, en in het midden de mulo-klanten. Mijn vader, de beste van de klas, werd in de middelste rij gezet, omdat zijn ouders niet tot de notabelen behoorden. Precies wat nu gebeurt met kinderen van migranten aan wie met liefde en 'voor hun bestwil' een lager schooladvies wordt gegeven dan hun Cito-score uitwijst.

Hoe zou het voelen om in het 'domme' rijtje of groepje te zitten? Die vernedering wil je toch niemand aandoen?

Het onrecht bleef mijn vader altijd als een graat in de keel steken; na drie jenever kolkte de woede eruit. Het kostte hem vele jaren avondschool en schriftelijke cursussen om te bewijzen dat hij minstens zo goed was als een econoom of jurist. Mijn moeder zat wel in het slimme rijtje, zij woonde aan een statige gracht en kon goed leren. Maar zij was een meisje, dus werd ze voortijdig van school gehaald. Geen wonder dat mijn ouders erop stonden dat wij gingen studeren.

Natuurlijk, het is een stammenstrijd, tussen de economisch georiënteerden en de aanhangers van gelijke kansen en 'verheffing'. Op zo'n moment mis ik Jaap Dronkers. De onlangs overleden socioloog zag al jaren geleden dat homogene groepen (ook etnisch homogeen, heel politiek incorrect) gunstig zijn voor de allerslimsten, maar wees er meteen op hoe rampzalig zulk beleid voor anderen uitpakt. Het is maar wat we willen en belangrijk vinden, ook nu.

Aleid Truijens is schrijfster, literatuurrecensente en biografe. Reageren? opinie@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden