De verkeerde kant van de geschiedenis

De scheiding van Nederland en Indonesië duurde langer en ging gepaard met meer militair geweld dan achteraf nodig was geweest, zegt Ben Bot, zelf een kind van Indië....

Met de capitulatie van Japan, zestig jaar geleden, kwam een einde aande Japanse bezetting van Nederlands-Indië, een bezetting die zovelen vanons leed heeft berokkend. Wij gedenken de familieleden en vrienden dietijdens de Japanse bezetting het leven lieten of hebben geleden. Wijgedenken ook de talloze Indonesische dwangarbeiders, de romushas, dievaak naamloos stierven.

Na de capitulatie was het leed, in tegenstelling tot wat toen vurig werdgehoopt, nog niet geleden. Er volgde een pijnlijke, langdurige engewelddadige scheiding der wegen van Indonesië en Nederland. Voor watbetreft grote delen van de Nederlands-Indische gemeenschap spreken wij dusover vele jaren van fysiek en psychisch leed.

Zelf kijk ik met gemengde gevoelens terug op mijn kamptijd in Tjideng.Als kind word je misschien iets minder snel geraakt door het leed en deontbering om je heen, vat je de dingen wat makkelijker op. Maar je wordtook sneller volwassen. Een verblijf in het weeshuis, toen mijn moeder inhet ziekenhuis werd opgenomen, maakte mij, zoals dat heet, vroegstreetwise. Waarschijnlijk daarom staat die periode scherp in mijngeheugen.

Ik herinner me nog levendig de internering, het vertrek van mijn vadernaar Birma, de koempoelans s morgens en s avonds, het urenlangewachten en daarna buigen voor kampcommandant Soni. Ook weet ik dat jeduizend angsten uitstond als je wegens ziekte niet bij de koempoelanaanwezig kon zijn, omdat de Japanners je zouden kunnen betrappen bij eencontrole. De herinnering aan de honger is iets dat, denk ik, bij mijngeneratie sterk voortleeft in de zin dat je niet snel iets weggooit wat nogenigszins eetbaar is.

Er wordt weer veel geschreven over de Japanse capitulatie. Natuurlijkis het verschrikkelijk wat er in Hiroshima en Nagasaki is gebeurd. Maar ikweet ook dat de oorlog niet veel langer had moeten duren of wij hadden datkamp niet overleefd. En mijn vader zou zeker niet zijn teruggekeerd uitBirma en Siam. 15 Augustus is daarom een dag die voor mij een specialebetekenis heeft.

De bevrijding, de terugkeer van mijn vader (die ik uiteraard bij dieeerste ontmoeting niet kende) en de terugkeer in Nederland zijn evenzoveleonuitwisbare herinneringen die ik vandaag graag met u deel. De ontvangstin Nederland kwam enigszins als een koude douche. En ik zeg dat nietvanwege het koude klimaat waarin ik terechtkwam. Het was moeilijk uit teleggen wat wij hadden ondergaan. Steevast kwam er als reactie dat bij onsin Indië in ieder geval het zonnetje had geschenen, terwijl zij in dehongerwinter kou hadden geleden. Kortom, al snel werd duidelijk dat niemandin Nederland zat te wachten op die uit Indië afkomstige groepNederlanders. Je leerde al snel niet te veel te praten over wat je hadmeegemaakt en juist wel met sympathie te luisteren naar de verhalen overde oorlog in Nederland, de Duitsers en de vernietigingskampen.

Misschien is dat ook wel de reden waarom wij zo goed en snel in deNederlandse samenleving wisten te integreren. Misschien daarom hebben wesnel pleisters geplakt op al die wonden en gewoon de draad van ons levenweer opgepakt. En natuurlijk was er ook aanleiding om dankbaar te zijn. Wehadden het immers overleefd en in ieder geval een nieuw thuis gevonden.Persoonlijk ben ik dus dankbaar dat ik hier voor u mag staan, dat ik zoalszo velen van u die periode goed heb doorstaan en heb laten zien dat je ookgesterkt uit zon beproeving tevoorschijn kunt komen.

Op 17 augustus vertegenwoordig ik ons land bij de Indonesischeherdenking van de op 17 augustus 1945 uitgeroepen onafhankelijkheid. Ik zalaan het Indonesische volk uitleggen dat mijn aanwezigheid mag worden gezienals een politieke en morele aanvaarding van die datum.

Waar het nu in de eerste plaats om gaat, is dat wij de Indonesiërseindelijk klare wijn schenken. Al decennialang zijn Nederlandsevertegenwoordigers op 17 augustus aanwezig bij vieringen van deIndonesische onafhankelijkheid. Ik zal met steun van het kabinet aan demensen in Indonesië duidelijk maken dat in Nederland het besef bestaat datde onafhankelijkheid van de Republiek Indonesië de facto al begon op 17augustus 1945 en dat wij zestig jaar na dato dit feit in politiekeen morele zin ruimhartig aanvaarden.

Aanvaarding in morele zin betekent ook dat ik mij zal aansluiten bijeerdere spijtbetuigingen over de pijnlijke en gewelddadige scheiding derwegen van Indonesië en Nederland. Bijna zesduizend Nederlandse militairenlieten in die strijd het leven, velen verloren ledematen, of werdenslachtoffer van psychische traumas, waarvoor, opnieuw, in Nederland maarweinig aandacht bestond.

Door de grootschalige inzet van militaire middelen kwam ons land als hetware aan de verkeerde kant van de geschiedenis te staan. Dit isbuitengewoon wrang voor alle betrokkenen: voor de Nederlands-Indischegemeenschap, voor de Nederlandse militairen, maar in de eerste plaats voorde Indonesische bevolking zelf. Pas wanneer men op de top van de bergstaat, kan men zien wat de eenvoudigste en kortste weg naar boven zou zijngeweest. Zoiets geldt ook voor diegenen die betrokken waren bij debesluiten die in de jaren veertig werden genomen. Pas achteraf is te ziendat de scheiding van Indonesië en Nederland langer heeft geduurd en metmeer militair geweld gepaard is gegaan dan nodig was geweest.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden