'De veelbesproken Reve is vrijdag jarig'

Zuster Immaculata heeft werkelijk bestaan. Het klassiek geworden gedicht 'Roeping' uit de bundel Het Zingend Hart (1973) van Gerard Reve, met de opdracht 'Voor de Zusters van Liefde, te Weert', lijkt in te zetten met een vroom verzinsel: 'Zuster Immaculata die al vier en dertig jaar/ verlamde oude mensen wast,...

Toen Reve in de jaren 1972-1975 onderdak vond bij Guus van Bladel (personeelschef, en voorzitter van het COC Eindhoven) aan de Nieuwe Markt 12 in het centrum van het Limburgse plaatsje, woonde hij pal naast een commune van zo'n tien kloosterzusters. Onder wie, jazeker, zuster Immaculata, die zich de schrijver in 1993 nog goed herinnerde: 'Hij had veel devotie tot Maria. Hij was een heel rustige, goede man'.

Dit is één van de biografische wetenswaardigheden die zijn opgetekend door radiomaker Bert Boelaars in zijn boek Koninklijke jaren - de Weerter periode van Gerard Reve (Veen; euro 15,-). Boelaars meent dat de jaren in Weert tot de kleurrijkste behoren uit het leven van de Volksschrijver. Vast staat dat Reve in de spuuglelijke flat aan de Nieuwe Markt boven vlaaibakker Korsten een flink aantal boeken (Lieve Jongens, Het Lieve Leven, Ik Had Hem Lief, Een Circusjongen), gedichten en brieven heeft geschreven.

In het regionale huis-aan-huisblad Op de Keper verklaarde hij tegen de verslaggever, dat hij 'niks merkte van de mensen' en zich in Weert erg veilig voelde: 'Ik kan me voorstellen dat iemand anders het niet een fijne stad vindt. Ik bedoel: d'r is niks, hè? Er is volstrekt niets.'

Juist dat gebrek aan afleiding was een zegen voor de rusteloze schrijver. Als hij niet thuis werkte, of op zijn Franse Geheime Landgoed vertoefde (waar hij zich later permanent zou vestigen), trok hij er met de Citroën-bestelbus op uit en schreef daarin. Als katholieke, homoseksuele en drankzuchtige schrijver was hij een ongewone verschijning in het snurkende plaatsje. Chroniqueur Boelaars was die jonge verslaggever, die Reve zelfs wist te verleiden tot een redacteurschap van Op de Keper, in welke hoedanigheid de schrijver regelmatig nieuws over zichzelf bracht: 'De veelbesproken schrijver Gerard Reve, die nog steeds in Weert woont, is aanstaande vrijdag 14 december jarig'. 'Gerard Reve klimt ongedeerd uit wrak van zijn auto.' Op 3 januari 1974 vroeg hij de lezers per ingezonden brief om een stenen Madonna ('één Kind geen bezwaar', een lezer schonk hem prompt een porceleinen Maria) en enkele liters petroleum: 'Olie voor Gerard Reve zijn lampen.'

Dat is ook de titel van de expositie in het Gemeentemuseum De Tiendschuur. Met trots laat Weert de Revecollectie zien, die de gemeente vorig jaar voor een ton kocht van fan en weldoener Van Bladel, die al weer jaren in Singapore woont. De zogeheten 'Augustini Revianum', zoals uitgever Johan Polak de verzameling doopte, omvat een groot aantal eerste drukken met opdracht (waaronder de 'editio princeps' van De Avonden, het exemplaar waarin de 23-jarige Reve schreef: 'Voor mijn ouders, met alle goede wensen. Van de schrijver, de eerste November 1947, te Amsterdam'), foto's, brieven, handschriften, drie gebakken wandtegels met Reve-gedichten, inktpot, kroontjespennen, penhouders en een pennenlap.

Een mooie verzameling, met soms bizarre opdrachten, zoals die voorin Lieve Jongens: 'Eigen eksemplaar van de Grote Schrijver zelf. Weert, 20 Januari 1973: Proficiat Gerard, het is 1 geweldig boek! Dat meen ik echt. Gerard Reve.' Helaas kunnen we geen blik werpen in de 165 brieven die Reve aan Van Bladel heeft gestuurd, want de ontvanger heeft ze destijds - om zijn verhuizing naar Singapore te bekostigen - aan Johan Polak verkocht, die na zijn dood in 1992 bepaald bleek te hebben dat op zijn nalatenschap 125 jaar een embargo rust. Voorts heeft Joop Schafthuizen alias Matroos Vos, Reves levensgezel sinds het najaar van 1975, geen medewerking willen verlenen aan Boelaars' boek noch aan de expositie. Weert mag derhalve geen ongepubliceerd materiaal tonen.

Maar het museum laat zich niet kennen, en heeft ter compensatie een heuse stadswandeling uitgezet, die begint bij het NS-station (waar Reve diverse liefdesvrienden opwachtte) en voert langs de Scapino-winkel in de Stationsstraat (waar de Hema was, alwaar Reve bij voorkeur 'kaas, rookworst, verf en enveloppen' aanschafte), de ABN-bank waar Reve klant was, de Douglas-zaak in de Langstraat (destijds Chinees restaurant Dong Long, waar Reve regelmatig voor fl 7,50 nasi haalde. Hij nam dan 'altijd de grootste pan mee, onder het motto: dan krijg je meer') en de St. Martinus-kerk op de Markt, in welks rechterbeuk Reve voor het Maria-beeld vaak 'een of meer kaarsen opstak en knielde bij het altaar'.

Topmateriaal, in het boek en op de tentoonstelling, vormen de foto's die Wil Linders maakte op maandag 29 april 1974, toen de vijftig-jarige Volksschrijver Ridder in de Orde van Oranje-Nassau werd. Een ontspannen Reve poseert met burgemeester Breekpot onder het staatsieportret van Juliana in de raadszaal, en mag daarna bij de serenade op het bordes de bekkens bedienen van de Stedelijke Harmonie St. Antonius. 'Het was net een Franse film', schreef hij aan kunstbroeder Carmiggelt, 'er was in mijn hart ook iets als geluk. Bijna gehuild, weet je dat, maar net nog niet.'

In 1975 liet Reve zich uitschrijven uit het bevolkingsregister van Weert. Hij ging definitief in Zuid-Frankrijk wonen. Daarna werd het Machelen aan de Leie, en binnenkort verhuizen Joop en Gerard naar Gent. Eind juli 1978 kwam Reve voor het laatst naar Weert, om zijn autobus op te halen. 'Hij keerde nooit weerom,' schrijft Boelaars met gevoel voor dramatiek.

Daarmee was de Weerter periode definitief voorbij, en kon ze als literairhistorische voetnoot worden geboekstaafd. De zorg die Van Bladel, Boelaars en museum De Tiendschuur aan de dag hebben gelegd - zodat de voetnoot is uitgegroeid tot een leuk boek, een dappere expositie en een surrealistische stadswandeling -, grenst aan heroïek. In maart 2001 zei de schrijver in het tv-programma NOVA 'geen slechte herinneringen' aan het 'eigenaardige stadje' te hebben. Gezien het onbekrompen eerbetoon is het omgekeerde eveneens geval.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden