De vanzelfsprekendheid van Balkenende is weg

Balkenende blijft..

Yvonne Doorduyn en Ron Meerhof

den haag Het kabinet kan op volle toeren door met het bestrijden van de financiële crisis. De opluchting daarover domineert de reacties op het nieuws dat premier Balkenende níet naar de Europese Unie vertrekt.

Is hij beschadigd door de ‘niet-bestaande sollicitatie’ naar het Europese presidentschap? Formeel was Balkenende nooit kandidaat, dus is hij ook niet gepasseerd. Maar het is een flinke tijd geleden dat die redenering nog door iemand serieus werd genomen. Balkenende wilde wel, de Europese leiders wilden uiteindelijk hém niet – dat heeft heel Nederland inmiddels wel begrepen.

Tast dat zijn gezag aan? Nee, zeggen de meeste betrokkenen. Hij had een mooie kans voor zijn persoonlijke carrière, ook nog in het landsbelang. Het is niet gelukt, jammer en nu gewoon verder.

Daar horen wel nuanceringen bij. Sinds de zomer heeft Balkenende een paar flinke schrammen opgelopen: het genante gesteggel over de Westerschelde, een slecht optreden tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen en een openlijk meningsverschil met zijn partijgenoot minister Verhagen hebben zijn gezag aangetast. Of het kwam doordat Balkenende met zijn hoofd in Brussel zat of niet – dát moet wel gerepareerd. Het is aan de premier om te bewijzen dat hij nog steeds met dezelfde passie aan de BV Nederland werkt.

Doorgaan als minister-president is bovendien nog iets anders dan in 2011 opnieuw als CDA-lijsttrekker de verkiezingen ingaan. Dat is volgens velen wél een brug te ver voor iemand die zichtbaar te kennen heeft gegeven in te zijn voor een hoger ambt.

In de aanloop naar het besluit van donderdag viel in Den Haag vaak de naam van de Belgische oud-premier Dehaene – als bewijs dat de misgelopen promotie voor Balkenende ook goed kan uitpakken. Dehaene was in de jaren negentig uitgeblust, werd toen genoemd als voorzitter van de Europese Commissie en won opeens aan populariteit. Hij werd het niet, maar was toch maar mooi een van de gegadigden.

Los van de publieke opinie is Balkenendes statuur binnen het kabinet zeker beschadigd. Veel ministers taxeerden dat zijn vertrek tussentijdse verkiezingen tot gevolg zou hebben – in hun ogen onverantwoord midden in een economische crisis, halverwege een kabinetsperiode en met vermoedelijk grote winst voor de PVV van Geert Wilders.

Daar komt bij, de ‘oogsttijd’ van het harde werk van de afgelopen twee jaar zou in dat scenario aan het kabinet voorbijgaan. Hebben we dan voor niets zo hard gewerkt, was het gevoel onder ministers toen Balkenende in Brussel nog hoge ogen gooide.

De vicepremiers Bos en Rouvoet deden om die reden meermaals een groot beroep op Balkenende om voor Nederland te kiezen en aan te blijven als premier. Die heeft dat níet toegezegd, en daarmee de indruk gewekt zijn opties open te houden, voor zichzelf te kiezen en niet voor het kabinet. Dat heeft de onderlinge verhoudingen geen goed gedaan.

Het CDA ziet in de smeekbedes aan Balkenende om te blijven een bewijs van zijn onmisbaarheid. Feit is dat de vanzelfsprekendheid van zijn premierschap, opgebouwd na zeven jaar gewenning, even weg is. Het vooruitzicht van een eventueel vertrek nodigde uit tot evaluatie van Balkenendes premierschap. Dat viel niet al te positief uit, en dat zal de premier voorlopig meedragen.

Yvonne Doorduyn, Ron Meerhof

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden