Aankoopmakelaar bekijkt samen met een cliënt een huis en klopt op de muren.

reportage woningmarkt Utrecht

De Utrechtse prijzen stijgen en de starter komt er niet meer tussen

Aankoopmakelaar bekijkt samen met een cliënt een huis en klopt op de muren. Beeld Marcel van den Bergh

In Amsterdam komt de woningmarkt iets tot bedaren, maar in een stad als Utrecht duurt de gekte voort. Kom je een huis bekijken, staan er 35 anderen. ‘Het is kijken en kopen.’

Het kan verkeren in makelaarsland. Als iemand Egon Rosenberg (43) eind 2013 had verteld dat zijn makelaardij met 150 woningen in de aanbieding het volgende jaar zou ‘leeglopen’, had hij die voor gek verklaard. Maar ineens was de crisis voorbij, de huizen vlogen weg. Vijf jaar later is zijn aanbod minimaal. Hij heeft maar twintig huizen in de etalage. Want het is ‘kijken en vrijwel meteen kopen’.

Alle voorbehouden zijn overboord. ‘Je moet zorgen dat je aanbod krijgt. Als je iets hebt, staat de telefoon meteen roodgloeiend’, zegt de makelaar van Rosenberg Van Leusden Makelaars in Utrecht. Per huis zijn er zomaar 35 kijkers.

De makelaar die onder dergelijke omstandigheden de concurrentie voor wil blijven moet zijn kansen spreiden. Rosenberg is in te huren aan beide kanten: bij de verkoop en de aankoop. Nog niet zo lang geleden verkocht zijn kantoor 180 huizen in een jaar en was hij bij twintig transacties de aankoopmakelaar. Nu is de verhouding honderd verkopen en honderd aankopen. Bij een verkoop weet hij: tussen de 35 kijkers zitten er zo twintig zonder aankoopmakelaar. Dan deelt hij kaartjes uit.

Bijna geen keuze

Kopers hadden nog nooit zo weinig keuze, meldt makelaarsvereniging NVM: 3,1 huizen per huizenzoeker. In Utrecht daalde het aanbod het afgelopen kwartaal met nog eens 11 procent. Rosenberg laat een grafiek zien. In 2016 werden in zijn stad bijna 4700 woningen verkocht. De tussenstand in oktober 2019: net 3000. Het aantal transacties is terug op het niveau van 2014, maar toen ging de trein rijden en nu remt ie af.

Kijk naar de Livingstonelaan in Kanaleneiland, zegt Rosenberg. Tijdens de crisis nam hij de huizen in die straat niet eens aan, zo slecht verkochten ze. Laatst had hij een klant die er een half jaar geleden een appartement kocht voor 180 duizend euro. Onlangs bood hij dat weer aan voor 210 duizend. Hij kreeg er 260 duizend voor. Of de arbeidershuisjes in Oudwijk: in de crisis deden die ‘tweedertig’, nu ‘vierzestig’.

De makelaar die onder dergelijke omstandigheden de concurrentie voor wil blijven moet zijn kansen spreiden. Beeld Marcel van den Bergh

Triest voor de starter

De starter is de klos. Die heeft het nakijken terwijl commerciële investeerders en vermogende particulieren hun geld in stenen stoppen en die stenen verhuren. Rosenberg: ‘De starter heeft het al twintig jaar moeilijk, zolang ik in het vak zit. Nu is het gewoon onmogelijk om met een eerste salaris iets in Utrecht te kopen. Het is in- en intriest.’

Ook Ben Steegenga (51) van Lauteslager Makelaars is al twintig jaar makelaar. Hij kan zich september 2008 nog goed herinneren. ‘De telefoon ging nauwelijks meer. Dan zit je daar met vier makelaars en meerdere collega’s van de binnendienst. Doodeng.’ Inmiddels zijn de huizen in Utrecht 20 procent meer waard dan voor de crisis, zegt hij. De telefoon draait overuren. ‘En de groei is er nog niet uit.’

Donderdagmiddag toont hij een benedenverdieping met tuin in de Vogelenbuurt aan een jong stel uit Amsterdam: 65 vierkante meter, vraagprijs bijna 370 duizend euro. Ze kunnen het zich veroorloven omdat ze een appartement hebben in Amsterdam dat ze met overwaarde kunnen verkopen. ‘Die overspannen markt heeft voor ons ook een voordeel.’ Anders hadden zij het wellicht ook moeten afleggen tegen een belegger.

Beleggers, expats en uitwijkers

Steegenga heeft te doen met de jonge mensen die er niet meer tussen komen. Naast de beleggers die vaak zonder voorwaarden bieden, zijn er meer groepen op de markt gekomen: expats die voorheen huurden en nu zijn gaan kopen en ‘die Utrecht zien als wijk van Amsterdam’. En Amsterdammers die uitwijken omdat de prijzen daar nóg hoger zijn.

Maar er lijkt verandering op komst. In Amsterdam ‘vlakt het af’, hoort makelaar Rosenberg van Amsterdamse collega’s. Utrecht zal uiteindelijk volgen, is zijn verwachting, al merkt hij er nu nog weinig van.

Ook Steegenga ziet voorlopig de Utrechtse prijzen nog stijgen. Mocht de crisis toch komen, dan zal die, denkt hij, minder schrijnend zijn dan de vorige, omdat kopers de kostenkoper niet meer mogen lenen en verplicht maandelijks moeten aflossen. En als huizen toch ooit weer onder water komen te staan, is zijn devies: ‘Bij een crisis niet bewegen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden