De Tweede Renaissance van een getto

Denkend aan Harlem ziet Amerika een getto met dichtgetimmerde huizen, drugshandelaren en diepe armoede. Maar achter de façade van verval zijn de eerste tekenen van een opleving zichtbaar....

Taxi-chauffeur Arnold Chernansky, een ingenieur uit Moskou, markeert met een druk op de knop de onzichtbare grens, de colourline, die Harlem scheidt van Manhattan. Bij het passeren van de 110de Straat vergrendelt hij de deuren van zijn Chevrolet en tracteert zijn passagier ongevraagd op zijn onversneden racistische opvattingen.

Blanken gaan alleen naar Harlem om drugs te kopen, heeft deze nauwelijks Engels sprekende Rus geleerd. Vandaar dat hij niet zo happig was op dit ritje. Maar een weigering zou hem zijn vergunning kunnen kosten. Hoofdschuddend zet hij zijn klant af op de hoek van Lenox Avenue, beter bekend als de Malcolm X Boulevard, en de 125ste Straat. Hij geeft gas en negeert de stopsignalen van twee wachtende vrouwen. Wat een asshole!

De bedelaar, die in Vietnam niet alleen zijn benen, maar ook zijn broer verloor, manoeuvreert behendig in een aftandse rolstoel naar de ingang van Sylvia's, het bekendste, maar niet het beste soulfood-restaurant van Harlem.

'Kom je uit Duitsland', roept hij, terwijl hij zijn muts met de symbolisch X strakker over zijn oren trekt. 'Nee? Dan kom je uit Zweden, Denemarken of Holland.' De mogelijkheid dat hij misschien wel met een blanke landgenoot van doen heeft, komt niet eens bij hem op.

Blanke Amerikanen, zelfs New Yorkers, mijden als het even kan de zwarte metropolis ten noorden van Central Park. Zij beschouwen Harlem als een oude wond, als de gevangenis voor de verliezers, zoals James Baldwin zijn artistieke geboortegrond omschreef. En dat geldt nog steeds. Denkend aan Harlem ziet Amerika, inclusief de zwarte middenklasse, alleen een landschap na een nucleaire aanval; een getto met dichtgetimmerde huizen, drugshandelaren op iedere straathoek en diepe armoede.

Het cliché wil dat Harlem de begraafplaats is van de New Deal en de Great Society-programma's van de Democratische presidenten Roosevelt en Johnson. Armoede, drugs, aids, wanbeleid en onroerend-goedspeculatie hebben hier inderdaad een ravage aangericht. En een handjevol speculanten, waaronder het bestuur van New York City, laat panden doelbewust verloederen in de hoop dat eens de grondprijzen weer zullen stijgen. Laks bestuur heeft zelfs de schade van de rellen van de jaren zestig - reacties op de moord op dominee Luther King - nog niet overal hersteld.

Harlem is zeker geen plaats voor de argelozen, blank of zwart. Wat eens het sjiekste buiten van New York was, Nieuw Haarlem, de residentiële wijk van de Bleekers, de Beekmannen, de Delanceys en de Rikers, is echter geen stadsjungle zoals het zuidelijk deel van de Bronx. Achter de façade van verval zijn de eerste tekenen van een opleving zichtbaar en is bovendien veel moois bewaard gebleven.

'Je hebt New York City niet gezien als je niet in Harlem bent geweest', zegt Anthony Bowman, inwoner van Harlem, en directeur/eigenaar van A La Carte New York Tours. 'Er is een Tweede Renaissance van Harlem in aantocht. Er wordt weer gebouwd en gerenoveerd. Het zal niet te vergelijken zijn met de Renaissance van de jaren twintig, dat was vooral een culturele ontdekkingsreis. Nu gaat het vooral om het herstel van een buurt. Je voelt 't, je ziet 't, het hangt in de lucht.'

Dat klopt. Althans tot op zekere hoogte. Er moet nog heel veel werk verricht worden, maar in een groot aantal straten staan huizen en flatgebouwen in de steigers. Kerken, bedrijven, waaronder Chemical Bank, en de gemeente hebben tientallen restauratie- en renovatieprojecten opgezet, die zich in verschillende stadia van uitvoering bevinden. Vanwege winterverlet ligt de bouw nu stil, maar hijskranen, containers en bouwketens in de straten van midden- en west-Harlem wijzen op voor deze buurt ongekende activiteit.

'En het belangrijkste is dat de misdaad sterk is verminderd', vertelt Londel Davis, een voormalige politiedetective van de NYPD. Hij is nu eigenaar van een kapperszaak en een restaurant aan de Frederick Douglas Boulevard. In het kantoortje achter in de volle kapperswinkel beraamt hij plannen voor uitbreiding van zijn restaurant. 'De drugshandel trekt langzaam weg naar het noorden. Het gebruik van crack neemt af en jongeren vinden het niet langer cool lid te zijn van een bende. Het belangrijkste is dat de middenklasse weer druppelsgewijs terugkeert naar Harlem.'

Londel - met zijn Stetson en lange leren jas een imposante verschijning - is daarvan zelf een voorbeeld. Hij is in de wijk waar hij is geboren, om twee redenen teruggekeerd, vertelt hij met veel zelfspot: 'To do some good in the eyes of the Lord and to earn an honest buck.'

Het zou zijn trots strelen als er een dag aanbreekt dat algemeen erkend wordt dat zijn keuken met gerechten als Louisiana Blackened Catfish en Chicken and Belgian Waffles aanzienlijk beter is dan die van Sylvia's. 'De kwaliteit van Sylvia's is niet maatgevend voor soulfood', bromt Davis.

Zijn restaurant, waar in de weekeinden lokale jazz- en bluesbands optreden, ligt vlakbij Strivers Row, een elegante straat, waar in de periode van de Eerste Renaissance van Harlem prominente auteurs, bandleiders en sporthelden woonden. Iets verderop is Hamilton Heights met het huis van Alexander Hamilton, Amerika's eerste minister van Financiën, en de schitterende art-decopanden naar Brussels model. Een paar blokken naar het noorden beginnen Sugar Hill, waar Duke Ellington woonde, en het Saint Nicolas Historic District.

Veel van deze negentiende-eeuwse architectuur van 'Nieuw Haarlem' is goed bewaard gebleven of gerestaureerd. Hier staan de verborgen, architectonische schatten van New York City. Het zijn dorpen in de grote stad, waar bewoners en vreemden elkaar op straat nog goedendag wensen. Als je dat elders in Manhattan doet, word je voor mafkees versleten.

Wat bij alle overdaad aan geschiedenis en architectuur vooral opvalt, is de etnische trots. De meeste grote boulevards en straten zijn herdoopt met namen van zwarte helden. Sixth Avenue werd Malcolm X Boulevard, Eight Avenue werd Frederick Douglas Boulevard en er is ook een James Brown-wasserette en een Lionel Hampton-appartementencomplex. In groente- en viswinkels hangen ingelijste foto's van Malcolm X en Luther King, vaak zij aan zij. De zaken, die vernoemd zijn naar Mandela, zijn niet te tellen. Maar ook Marcus Garvey, die wordt beschouwd als de vader van de zwarte apartheidsbeweging is, net als zijn denkbeelden over raciale segregratie, niet vergeten.

Tot niet geringe verrassing van de zwarte bevolking hebben de Republikeinse gouverneur van de staat New York, George Pataki, en de Republikeinse burgemeester van de stad, Rudy Giuliani, ingestemd met een stadsvernieuwingsplan voor Harlem, Washington Heights en een stukje van de Bronx. Sinds vorige week is Harlem een zogenaamde Empowerment Zone, waar de economie met subsidies, belastingvoordelen en andere financieel-economische maatregelen zal worden opgekrikt.

Zwarten, die bij de burgemeesters- en gouverneursverkiezingen op Democraten hebben gestemd, hadden niet verwacht dat de Republikeinen geld zouden steken in zwarte buurten en programma's, waar Republikeinse Revolutionairen juist vanaf willen.

'Er is een verschuiving aan de gang in de zwarte gemeenschappen in de richting van de Republikeinen. Heel wat jonge zwarte ondernemers denken en stemmen Republikeins en dat weten Pataki en Giuliani, die allebei herkozen wilden worden, ook', denken Bowman en Davis.

In de vitrines van het Schomburg Center for Research and Black Culture is een beknopt overzicht te zien van de nieuwbouw en restauratie-plannen. Twee nieuwe winkelcentra, waaronder La Marqueta in Spaans Harlem, zijn onlangs opgeleverd. Op dertig plaatsen wordt gewerkt aan betaalbare huisvesting, want een meerderheid van de Harlemites heeft een inkomen van minder dan dertigduizend gulden per jaar.

De bouw van een tweede politiebureau zal binnenkort beginnen. Londel Davis: 'Dat is van belang om de terugkeer van de zwarte middenklasse te bevorderen. Naast de komst van crackcocaïne heeft het vertrek van deze koopkrachtige groep geleid tot de neergang van Harlem. Zij komen alleen terug als het veilig is.'

Bowman: 'Wat ontbreekt, is een aantal hotels. Als we dat nog eens voor elkaar kunnen krijgen, dan hoeven toeristen en zakenlieden niet steeds terug naar midtown Manhattan.' Toeristen, zwarten uit de VS en Afrika en blanken uit Europa, blijven komen, omdat Harlem nog steeds beschouwd wordt als een culturele hoofdstad van Afrikaanse-Amerikanen en bakermat van de jazz. Maar sinds de hoogtijdagen van de jaren twintig is Harlem al lang niet meer het centrum van jazz, blues en literatuur.

Natuurlijk, het Apollo-theater, waar Motown-acts zoals Patti Labelle, James Brown en Martha Reeves and The Vandella's nog regelmatig optreden, is onverwoestbaar. Heilige grond, want daar debuteerden Billy Holliday en Aretha Franklin. Woensdag is het Amateuravond, waar nieuw talent bikkelhard wordt getest.

Hoewel bijzonder vermakelijk is het Apollo-theater niet de belangrijkste attractie. Clubs van wereldklasse zijn hier niet meer te vinden en ook Aretha Franklin woont allang in een huis van drie miljoen dollar in een lommerrijke voorstad. Dat neemt niet weg dat er nog enkele clubs zijn waar het soulfood uitstekend smaakt en de muziek pas bij zonsopgang stopt. Het gebrek aan grote namen wordt ruimschoots gecompenseerd door sfeer, betaalbare drankjes en het enthousiasme van de bands. La Famille is helaas sinds de zomer wegens slecht management gesloten, St Nicks is voor toeristen, een aanrader is The Lickety Split Supper Club, 2371 Seventh Avenue.

Lickety Split Supper is slang voor een vlugge, snelle hap, maar dat moet niet al te letterlijk worden genomen, zeker niet wanneer saxofonist Ray Blue of drummer Tyrone Gomez soli weggeven. De kippepoten zijn perfect, de voorraad bier gaat nooit op en miss Tina achter de bar heeft een decolleté tot aan haar navel en verwelkomt iedere vrouw met een suikerzoet 'dag liefje' en iedere man met 'you handsome devil, whadeye want, beer or whiskey?'

Op zondagochtend gaat deze club pas dicht als in de kerken de gospeldiensten beginnen, zodat de gasten niet eerst naar huis hoeven. In sommige kerken, zoals de Abyssinian Baptist Church, is de belangstelling van buiten Harlem zo groot dat de dominees en de koren twee diensten houden: één voor de toeristen en één voor de congregratie.

Het leven in Harlem speelt zich voor een belangrijk deel af in de kerken, en niet alleen op zondag. Door de week zijn ze gemeenschapshuizen, die open staan voor iedereen en waar gediscussieerd wordt over de invloed van rapmuziek, de crisis in zwart Amerika en de toekomst van Zuid-Afrika en Haïti. Geen plaats waar zo intens en met weemoed over de opkomst van de zwarte vrouwenbeweging, de literatoren en kunstenaars van het Harlem in de jaren twintig wordt gesproken als een van de vele kerkforums.

In Lenox Lounge en Casablanca, populaire kroegen aan Lenox Avenue, ligt het intellectuele peil wat lager, maar stroomt het bier sneller. Hier komen gepensioneerde gemeentereinigers, metrobestuurders op weg naar huis, ex-politieagenten en mannen en vrouwen, die thuis niets te zoeken hebben. Lenox Lounge is vanwege het art-deco-interieur een populair decor voor films en tv-series.

Lenox Lounge ligt vlakbij de 125ste Straat, de economische ader en belangrijkste winkelstraat van Harlem. Filialen van bekende ketens als The Foot Locker en McDonalds wisselen af met muziekwinkels en uitdragerijen. Jonge handelaren in rap-muziek, oude platen en boeken en tweedehandskleren lappen de verordening tegen straatverkoop aan hun laars en hebben foto's van zwarte filmsterren met een Afro-kapsel en de cd's van Snoop Doggy Dogg en Tupac Shakur uitgestald naast langspeelplaten van Duke Ellington en Fats Waller. Buttons en opnames van de Mars van een Miljoen Mannen in Washington DC en Happy Kwanzaa-kaarten zijn populaire handelswaar.

Op iedere straathoek delen meisjes pamfletten uit voor de kapperszaken die zijn gespecialiseerd in haarvlechten. Het mode-beeld is zeer gevarieerd. De jongens van de Nation of Islam zijn direct herkenbaar aan hun keurige pakken en vlinderdassen. Mannen en vrouwen in kleren van Kente-stof leggen een verklaring af over hun Afrikaanse identiteit. De zwarte middenklasse in Harlem, is herkenbaar aan BMW's en pakken van Giorgio Armani en Anne Klein. Ethiopiërs, Haïtianen en Jamaicanen completeren met hun kleding, produkten en taal het beeld.

Alleen op nummer 274 zijn op het drukste tijdstip van de dag - vijf uur 's middags - de rolluiken dicht. Roetsporen op de gevel maken duidelijk dat de zaak is uitgebrand. De deur van de aanpalende zaak is open en binnen is de verwoesting zichtbaar. Hier, in wat eens Freddy's Mart was, speelde zich half december een tragedie af die vanwege de raciale aspecten niet snel vergeten zal worden. Een zwarte jongen, Ronald Smith, rende de kledingzaak binnen, schoot en stak bezoekers neer en gooide een brandbom. In de vuurzee kwamen acht mensen, onder wie de dader zelf, om het leven. Smith had het duidelijk gemunt op de joodse eigenaar en bezoekers, want voordat hij in actie kwam, maande hij de zwarte aanwezigen de winkel te verlaten.

Hij behoorde tot een groepje activisten die wekenlang op de stoep van Freddy's Mart hadden gedemonstreerd tegen het plan van eigenaar Freddy Harari om de huur van Record Shop niet te verlengen. Record Shop was eigendom van Sikhulu Shange. De joodse Harari werd door de demonstranten beschouwd als een 'bloedzuiger', die erop uit was het leven van een brother te verpesten. Geen enkele demonstrant wist dat niet Harari, maar een van de grote zwarte kerken in Harlem eigenaar was van dat pand. Deze kerk had de huur verhoogd en Harari wilde een deel daarvan afwentelen op onderhuurder Shange.

De tragedie veroorzaakte een schok, die nog niet is uitgewerkt. In Amsterdam News, de enige krant in Harlem, wordt een intens debat gevoerd of Sharpton wel of niet over de schreef is gegaan. Spanningen tussen zwarten, joden, Koreanen en Latino's zijn in Harlem, net zo min als antisemitisme, nieuw. Harlem heeft in dat opzicht een lange en pijnlijke geschiedenis.

De eigendomsverhoudingen zijn echter ten gunste van zwarten aan het veranderen. Van de 322 winkels aan de 125ste Straat zijn er 158 in handen van zwarte Amerikanen. De overige zijn in het bezit van Koreanen, joden en Latino's, die vrijwel allemaal zwart personeel in dienst hebben. Dat vertaalt zich in meningen op straat, waar maar weinig mensen belang hechten aan het geloof en de huidskleur van de winkeleigenaren.

'Zolang de prijs en het produkt goed zijn, kan het mij niets schelen wat iemand is', zegt Michelle Rutherford, moeder van drie kinderen. Arthur Rosen, de joodse eigenaar van Bargain World, beschouwt de dodelijke explosie als een incident, veroorzaakt door een gek. 'Het zijn gekken hier, in Israël en de rest van de wereld, die het leven zo moeilijk maken, niet de gewone man of vrouw, blank, zwart, joods of mohammedaans', aldus Rosen, die zijn hele leven in Harlem woont, van antisemitisme nooit iets gemerkt heeft en alleen in zijn kist de buurt zal verlaten. Hij heeft gelijk, maar dat neemt niet weg dat de spanningen als gevolg van een lange geschiedenis van discriminatie, woekerhuren en vernedering realiteit is.

Harlem heeft simpelweg te veel gezichten. Iets na middernacht wordt de verslaggever aangehouden door een rijzige vijftiger met zwarte baret en groen legerjack. 'Weet je niet dat je hier niet welkom bent, mothafucker. Je bent hier niet welkom. Sodemieter op, witte klootzak.' Een voormalig lid van de Zwarte Panters, zo blijkt uit zijn teksten.

Opa is zeker blijven steken in de sixties. Shithead is na afhoudende beleefdheden het ironische weerwoord. Maar nog voordat het gesprek echt interessant wordt, wordt hij weggejaagd door voorbijgangers.' Weer zo'n loslopende idioot', mompelt een strenge vrouw schouderophalend. Een meisje lacht en wijst naar haar voorhoofd. Inderdaad, een zwarte Chernansky, de taxi-chauffeur uit Moskou.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden