Opinie

'De Tweede Kamer is geen debatingclub, en dat is maar goed ook'

Politieke partijen moeten in de Tweede Kamer zelf uitmaken of zij wil meewerken aan de agenda en debatvolgorde van de coalitiepartijen. 'Liever een democratisch proces dat de schoonheidsprijs niet verdient, dan de crypto-dictatuur van een technocratische bureaucratie', schrijft publicist Hans August den Boef.

Emile Roemer en Geert WildersBeeld anp

Volkskrantredacteur Raoul du Pré neemt de debatterende Kamerleden de maat. Anders dan zijn collega's van de debatjury, die zich vooral tot de technische kant van de zaak beperken, meet hij ook de inhoud. Du Pré eist dat 'onze volksvertegenwoordigers zich laten horen, naar anderen luisteren en, ná de uitwisseling van argumenten, hun finale oordeel geven. En dus niet bij voorbaat als mokkende kinderen aan de zijlijn gaan staan omdat het zogenaamd toch allemaal geen zin heeft.' 'Onrustbarend' vindt hij het dan ook dat Geert Wilders, Emile Roemer en Marianne Thieme zich 'zo nihilistisch' opstellen.

Ik ben het noch eens met de kritiek van Du Pré die meent dat het Kamerdebat zich binnen de kaders van de traditionele partijen van het midden moet bewegen, noch met die van de debatjury die zich tot technische punten beperkt.

Epochemachende prestatie
Laat ik met de jury beginnen. Ik heb ooit gestudeerd in een (Leidse) omgeving waar zo'n 'waardevrije' beoordeling hoog stond aangeschreven. Als een wedstrijd, waarbij het om de vorm ging. Een epochemachende prestatie vond men destijds in Leiden dat een corpsstudent op het laatste moment bedacht de tegenovergestelde stelling te verdedigen aan die waarop hij zich had voorbereid. En glansrijk de wedstrijd won. Ik vond dat pervers.

Maar nog steeds hecht men aan de vorm. De bekroonde debaters van de afgelopen jaren waren Femke Halsema, Alexander Pechtold en - twee keer - premier Mark Rutte. De eerste twee grossierden zozeer in vage begrippen als 'progressief' en 'moderniseren' dat GroenLinks en D66 voor de kiezer vrijwel inwisselbaar werden. Rutte verwijt men terecht een gebrek aan visie. De prijs die op 26 september aan een fractieleider wordt uitgereikt, is dan ook even weinig waard als die voor de mooiste hoed op Prinsjesdag.

 
Een epochemachende prestatie vond men destijds in Leiden dat een corpsstudent op het laatste moment bedacht de tegenovergestelde stelling te verdedigen aan die waarop hij zich had voorbereid.

Inhoudelijke kritiek gevaarlijker
De inhoudelijke debatkritiek van Du Pré is echter veel gevaarlijker. Volgens hem moet een fractieleider zich bewegen binnen de marges die de traditionele partijen uit het midden hebben vastgesteld en moeten zij zich ook constructief opstellen. Waarom?

Het is dezelfde redenering als die dat de oppositie in de Eerste Kamer niet om 'politieke' redenen regeringsvoorstellen mag torpederen die de Tweede Kamer heeft aangenomen, waarin de coalitiepartijen wel een meerderheid hebben. Dat is partijpolitiek misbruik van de positie van de Eerste Kamer. Die oppositie zou dan zelfs als zij in de Tweede Kamer een meerderheid heeft, geen regering laten vallen uit 'partijpolitieke' motieven. Waarom niet?

In Slowakije bracht de oppositie in 2011 de niet erg stabiele regering-Radi¿ová ten val, om vervolgens in te stemmen met een aantal door die regering voorgestelde maatregelen. De Slowaakse oppositie wilde geen deal, maar eerst nieuwe verkiezingen. De vorige waren namelijk glansrijk gewonnen door de sociaaldemocraten, maar die konden geen kabinet vormen. Is zulk gedrag schadelijk voor het landsbelang?

Neoliberale middenpartijen
Waarom valt dat in dit soort redeneringen altijd samen met een zittende coalitieregering uit de traditionele neoliberale middenpartijen?

Een politieke partij heeft het mandaat van de kiezer. Wanneer die partij op basis daarvan meent dat zij niet moet meedoen met de agenda van coalitie en middenpartijen, is dat haar goed recht. Eveneens wanneer zij de regering dwars wil zitten door in de Eerste Kamer tegen ingediende wetsvoorstellen te stemmen. Zelfs als zij daartegen niet eens zulke grote bezwaren heeft. Zelfs als deze partij geen zin heeft om daarover te debatteren.

De kiezer beoordeelt
Of deze attitude juist is, dat beoordeelt uiteindelijk de kiezer, niet de commentator. De Tweede Kamer is geen debatingclub. Liever een democratisch proces dat de schoonheidsprijs niet verdient, dan de crypto-dictatuur van een technocratische bureaucratie. Dan kunnen we net zo goed het land laten besturen door het Centraal Planbureau of het VNO/NCW.

August Hans den Boef is literatuurwetenschapper en publicist

 
Een politieke partij heeft het mandaat van de kiezer. Wanneer die partij op basis daarvan meent dat zij niet moet meedoen met de agenda van coalitie en middenpartijen, is dat haar goed recht.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden