'De topsportmentaliteit is een beetje zoek'

tafeltennis


nk

EINDHOVEN - Straks bij de WK tafeltennis in Rotterdam wil Barry Wijers winnen van de mindere spelers en tegen een sterke tegenstander hoopt hij een goede wedstrijd te spelen. Hogere verwachtingen heeft hij niet. Zou ook niet realistisch zijn, want Nederlandse tafeltennissers op een internationaal podium zijn als figuranten in een toneelstuk. Ze horen erbij, maar het draait niet om hen.


'Als twee van onze spelers het hoofdtoernooi halen zou dat een bijzondere prestatie zijn', meent Paul Haldan. Sedert vorig jaar maakt de zesvoudig Nederlands kampioen in het enkelspel deel uit van het hoofdbestuur van de tafeltennisbond met topsport in zijn portefeuille.


Tijdens de nationale titelstrijd in het Indoor Sportcentrum in Eindhoven heeft Haldan voornamelijk oog voor de verrichtingen van vijf, zes getalenteerde jeugdspelers. Een van hen is de pas 14-jarige Martin Khatcharov die routinier Gerard Bakker uitschakelt en wiens speelstijl hem doet denken aan voormalig olympisch en wereldkampioen Jan-Ove Waldner.


Bij de vrouwen wint Lia Jiao weer en bij de mannen is Martijn de Vries de sterkste. Wijers is in de halve finale tegen hem onderuit gegaan. Veelvoudig kampioen Danny Heister had ook mee willen doen, maar zag van deelname af omdat zijn vrouw dat niet zo'n goed idee vond.


'Tafeltennissers in Nederland zijn de topsportmentaliteit een beetje kwijtgeraakt', vindt Haldan. 'Als je kijkt naar de generatie van Heister, Trinko Keen en mijzelf dan waren wij pas op ons negentiende doordrongen van alle facetten van topsport. Als we nu in staat zijn om sporters rond hun vijftiende bewust te maken dat topsport ook mentaal is, fysiek, concentratie en motoriek dan kunnen we heel grote stappen maken.'


Anders dan bij de vrouwen tellen Nederlandse mannen buiten de landsgrenzen niet mee. Maar er gloort hoop. Op Papendal is bondscoach Nikola Vukelja, opvolger van Heister, bezig met een inhaalslag. 'Een manier om over vijf, zes jaar aan de Europese top te komen', zegt Haldan. 'Dit WK in eigen land moet je niet in de context plaatsen dat je er goed moet presteren. Een speler behoort tot zijn 22ste alleen maar bezig te zijn met de vraag: hoe kan ik mezelf verbeteren?'


Aan de wereldtitelstrijd nemen zeven Nederlandse spelers deel. 'Waar die vandaan moeten komen?' Wijers moet lachen. 'Het niveau ligt op dit moment niet hoog. Het zegt ook wel wat dat ik mij zo gemakkelijk voor dit WK kon plaatsen. Terwijl ik momenteel niet eens veel train en fysiek niet sterk ben.'


Verbazingwekkend dat de bond werkt met een puntenranking van technisch directeur Achim Sialino, vindt Jan Vlieg. 'Heel rigide ook.' De ex-bondscoach is naar de NK gekomen om drie pupillen van zijn club DTK te begeleiden. 'Als je een aantal punten hebt vergaard dan moet je voor de WK worden gevraagd. Zo hebben Wijers (28), Sliepen (30) en Michel de Boer (40) zich weten te plaatsen. Zij behoren wel tot de besten, maar zijn niet de spelers waar het Nederlands tafeltennis in de toekomst mee verder moet.'


Vlieg mist visie en guts in de selectiemethode. 'Dan kun je er ook op afgerekend worden. Maar in het Nederlands tafeltennis gebeurt dat niet. Of het nu goed gaat of slecht. Een puntensysteem bepaalt nu wie voor de WK in aanmerking komt. Dan is niemand schuldig.'


Om hem heen ziet Vlieg potentie genoeg. 'Je moet een extreme liefhebber zijn om de harde weg naar de top te kunnen afleggen. Onder jongeren zie ik er wel een paar die daartoe in staat zijn. Maar een hele generatie waarmee ik graag had willen werken is verloren gegaan.'


Vlieg verwijst naar de lichting van Casper ter Lüün en Nathan van der Lee. Tijdens de EK voor kadetten behaalden zij een medaille in het dubbelspel. 'Dan zeg ik: ze kunnen er wat van. Anders win je geen plak. Toch hebben ze bij de junioren de stap niet kunnen maken. Bij de senioren spelen ze in de derde categorie. Qua knowhow en begeleiding hebben ze de boot gemist.'


Jeugdspelers worden in Nederland niet goed opgeleid, meent Wijers die zelf ook trainer is. De basis wordt hen niet goed geleerd. 'Het begint bij het begin. Daar moet meer aandacht aan worden geschonken. Als je talenten hebt van een jaar of twaalf dan ben je nog een of twee jaar bezig om dat eruit te krijgen.' Het is de reden waarom hij ook beginners traint. 'Als je als trainer zorgt dat de basis goed is kun je daarna aan andere dingen werken. Dat komt er nu niet van omdat het in het begin al fout gaat.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden