De strop bungelt aan de poort naar Mosul

De dorpen die op de weg naar Mosul van IS worden bevrijd, vertellen alle hun eigen verhaal. Er is de hoop op herstel, de haat jegens Arabische buren en de wanhoop over vermiste familieleden. Welke chaos laat Islamitische Staat achter?

Een soldaat van de Iraakse special forces rijdt door Bartella, achter op de humvee wapperen twee sjiitische vlaggen. Beeld Hollandse Hoogte


1. Bartella - Dromen van een christelijke staat

De priester laat de kerkklok galmen door het verlaten dorp. Hij dwaalt langs de verbrande bijbels, het vernielde doopvont, zijn kansel waarop de kruizen zijn weggehakt, de zwartgeblakerde muren. 'Vroeger was alles hier vol licht.'

Maar zijn kerk staat er nog. Nu is het tijd voor de mis. Dat er weinig publiek is als hij voorgaat in gebed, een kus geeft op het nieuwe Mariabeeld - het deert Behnam Lallo (49) niet. Bij preken in zijn geboortedorp is hij verzekerd van minstens één aanwezige: de special forces-soldaat die hem bewaakt. Die van vandaag is moslim, maar schuift toch aan bij de christelijke dienst.

In de verte klinkt oorlogsgerommel. Zal hij hier ooit weer voor een volle kerk staan? Priester Lallo betwijfelt het. Sinds 20 oktober is Bartella weliswaar bevrijd, maar daarmee zijn de problemen niet opgelost. 'Mensen zijn bang dat IS hier terugkeert onder een andere naam.'

Zelf probeert hij niet te kijken naar het macabere aandenken dat de extremisten voor hem achterlieten: een strop, bungelend aan de westelijke toegangspoort van de kerk - de poort richting Mosul. 'We weten niet of hier mensen zijn opgehangen.'

Wie kun je nog vertrouwen in deze pasbevrijde chaos? Het offensief om Islamitische Staat te verdrijven uit Mosul is een maand aan de gang. Rondom het Iraakse IS-bolwerk zijn inmiddels tientallen plaatsen en dorpen heroverd. Maar in deze bevrijde gemeenschappen heerst, na ruim twee jaar deel te zijn geweest van het kalifaat, niet alleen vreugde. Er heerst vooral een splijtende angst voor elkaar.

Dit is een wereld waarin de religie van de inwoners met verf op de muren van huizen staat geschreven: christelijk, yezidi of moslim - en dan nog: sjiiet, shabak of soenniet. De vijand, dat blijken oude buren en collega's te zijn. Waar voorouders vandaan komen, bepaalt wie weer welkom is in zijn eigen huis en wie moet vertrekken. Alleen wie van hetzelfde bloed is, voelt zich veilig - en zelfs dan kan het fout aflopen.

Saddam Hoessein

Zo is het niet altijd geweest. Priester Lallo weet dat als geen ander: begin jaren '90 werkt hij als treinmachinist, met als standplaats het station van Mosul. 'Mijn vader wilde graag dat ik een beroep met mijn handen koos.' Werken in Mosul was voor een christen in die tijd geen probleem. 'Dat kwam door Saddam Hoessein. Die was seculier. Dat heb je nodig, in een land met zoveel godsdiensten.'

Na roerige jaren - gevlucht tijdens de Eerste Golfoorlog, toegelaten tot de priesteropleiding in Libanon - keert Lallo in 2009 terug naar Irak. Maar na de val van Saddam blijkt daar alles anders geworden. Niemand uit zijn dorp durft nog een voet in Mosul te zetten. 'Daar was het ondertussen al jaren heel gevaarlijk. Al Qaeda ontvoerde christenen.'

Ook het dorp zelf verandert. Eerst kwamen de shabak-moslims, die hun kinderen in Bartella op school doen. 'Ze kochten ook land. Ze wilden ons dorp overnemen!' Een politieke beweging van weer andere moslims, sjiieten, opende hier vervolgens een kantoor, in het dorp met drie kerken.

'Voor de moslimmannen was het hier net New York. Vrouwen lopen bij ons alleen over straat, dragen moderne kleren.' Maar dat wil niet zeggen dat alles is toegestaan. Al snel gebeurde iets wat in de ogen van de dorpelingen niet kon. 'De moslims verleidden onze jonge meisjes.'

Het geduld van de special forces-soldaat die de priester bewaakt, raakt ten einde. Zelf is hij sjietisch moslim. Beleefd vraagt hij: waarom toch zoveel kritiek op de sjieten? Later laat hij de priester plotseling alleen achter in Bartella, nadat hij een snedig grapje over zijn schouder heeft geroepen: 'Kijk uit voor de tunnel die IS hier heeft gegraven.'

De priester kan erom lachen. 'Ik ben geen Arabier,' heeft hij eerder al gezegd. 'Ik ben een Assyriër.'

Assyrië geldt als het beloofde land onder christenen in Irak. In de nabijgelegen stad Qaraqosh, op de binnenplaats van een eeuwenoude kerk die door IS werd gebruikt voor schietoefeningen, legt militiesoldaat Athra Kado (27) - de Assyrische vlag op zijn uniform genaaid - uit hoe het zit: 'Assyrië is mijn vaderland. We willen het terugveroveren.'

Kado is lid van de NPU, een christelijke militie die met steun van het Iraakse leger momenteel Qaraqosh in handen heeft. Nu Islamitische Staat is verdreven, wil de NPU een christelijke staat vestigen in deze regio. 'Het spijt me dit te moeten zeggen,' zegt commandant Jawad Abbouch (60). 'Moslims zijn als schapen die je op het rechte pad moet houden.'

Beeld afp

In het ouderlijk huis van priester Lallo is alles overhoop gehaald, maar de bidprentjes hangen er nog. 'IS wilde alleen dure dingen, de televisie en de ijskast.' Het waren de inwoners van het buurdorp Bashbita die hem op de ochtend van 6 augustus 2014 waarschuwden: IS komt eraan, vlucht weg. Nee, Bashbita is geen christelijk dorp. 'Het zijn sjietische moslims.'

Hij denkt na, zegt dan: 'Moslims zijn niet allemaal slecht.'

De toekomst van christenen in Bartella ligt voor priester Lallo vast in harde cijfers. Van de 550 families die hier voor de oorlog woonden, vluchtte volgens hem bijna de helft naar Europa. 'Het dorp wordt nooit meer zoals het was,' zegt hij, ronddwalend in de tuin van de kerk. 'Als kind speelde ik hier graag. Daarom wilde ik priester worden.'

Nu staat het onkruid manshoog en hangt daar die strop. De kerk? 'Het moet een gedenkplaats worden voor wat IS hier heeft gedaan.'

2. Bashiqua - Weg met de Arabische buren

De bewoner die terugkeert, stelt zich in op het ergste. 'Een huis kun je altijd opnieuw bouwen.' Zijn auto, een gewone taxi, blijkt ongeschikt om het puin te trotseren. Om hem heen rijden militaire pantservoertuigen en mijnenruimers.

Vertwijfeld kijkt Mohannad Shaker Mahmoud (35) naar buiten. De stad is grotendeels platgebombardeerd. Slechts ongeveer honderd IS-strijders hadden zich ingegraven in Bashiqa, maar pas na talloze luchtaanvallen en een omsingeling van bijna drie weken, was de bestorming door de Koerdische Peshmerga succesvol.

Wat zal er nog resteren van zijn huis? Meer dan twee jaar geleden is Mahmoud gevlucht. Omdat ze tot de minderheid van de shabak moslims behoren, zou zijn familie gevaar lopen onder bewind van IS. 'We werden verdedigd door Peshmerga met twaalf kogels in hun kalashnikov. Het leek beter om te vertrekken.'

Mohannad Shaker Mahmoud met de foto van zijn oudste kinderen. Beeld Ana van Es

In zijn afwezigheid heeft IS in Bashiqa een minikalifaat opgebouwd, met een enorm kantoor voor de religieuze politie, ondergrondse tunnels en wapenfabrieken. 'Soldaten van Abu Bakr Al Bagdadi,' staat op de muur van de plaatselijke basisschool, tussen de kindertekeningen. Al Bagdadi is de hoogste leider van IS.

De kruidenierszaak van Mahmoud in het centrum bestaat nog, dat is het goede nieuws van deze dag. Maar naar binnen kan hij niet: de deur was geboobytrapt. 'We zagen draadjes.' Wacht, daar ziet de winkeleigenaar ineens ook de zaak van een middenstander die hij nog kent van vroeger, een slager uit de stad.

Vroeger hadden ze wel eens contact met elkaar, zoals iedereen in Bashiqa. Dat de slager een Arabier is en uit Mosul komt, speelde toen geen rol. Maar nu hij de slagerij terugziet, knapt er iets in Mahmoud. 'Hij is een Arabier uit Mosul en kijk wat hij gedaan heeft. IS hier brengen! Ik heb hem gezien op videofilms.'

Een Koerdische Peshmergastrijder valt hem bij: 'Deze slager was binnen IS de ergste van allemaal.'

Tekst gaat verder onder afbeelding.

Peshmerga controleren in Bashiqa een tunnel die door IS-strijders is gebruikt. Beeld Reuters

Voor Arabieren is in Bashiqa niet langer plaats, vindt Mahmoud, zelf een Koerd. 'In dit gebied wonen oorspronkelijk alleen shabak, christenen en yezidi. De Arabieren in deze stad zijn niet van hier. Ze kwamen hier pas wonen onder Saddam Hoessein, of nog later, toen het in Mosul onrustig werd. Nu moeten ze teruggaan naar hun eigen dorpen.'

Arabische stadsgenoten zijn allemaal een beetje zoals de slager, vreest Mahmoud. 'Arabieren zijn met IS. Wij willen bij Koerdistan horen.' De Koerdische overheid staat aan zijn zijde: deze week heeft de Koerdische president, Massoud Barzani, laten weten dat zijn troepen zich niet zullen terugtrekken uit de op IS veroverde gebieden.

Nergens een imam

Terwijl de kruidenier tussen de ruïnes op zoek gaat naar zijn huis, arriveert in Bashiqa hoog bezoek: niemand minder dan de gouveneur van Mosul in ballingschap komt praten over de toekomst van de stad. Voor gouveneur Nofal Hamdi Sultan geldt Bashiqa - een etnisch diverse bevolking, fel verzet door IS, bij de bevrijding nagenoeg verwoest - als blauwdruk voor hoe het straks ook met Mosul zal gaan.

'We moeten Bashiqa vanaf het begin herbouwen,' zegt de gouveneur. 'Religieuze leiders hebben daarin allemaal een rol.' In de zaal krijgt hij bijval van christelijke priesters, yezidische geestelijken en Koerdische officials. Maar dit valt op: nergens is een imam te bekennen. De islam lijkt als geloof niet vertegenwoordigd.

Op de legerbasis aan de rand van de stad heeft de Koerdische generaal, Bahram Yasin, zijn handen vol aan het onder controle houden van de bevrijde stad. Onder de verwoeste bodem houdt IS zich mogelijk nog schuil in ondergrondse tunnels.

Prompt gaat de telefoon: nieuwe tunnel gelokaliseerd, tot wel 7,5 meter diep. 'We hebben geen ladder die lang genoeg is om erin te gaan,' klaagt een Peshmergastrijder. Hij denkt dat een emir van IS zich nog steeds in de diepte ophoudt. 'Hiervoor is elektronische apparatuur nodig,' verzucht generaal Yasin.

In Bashiqa zijn de huizen door IS gemarkeerd met de religieuze afkomst van de bewoners. 'Muslim sunni' staat op de meeste gevels: hier wonen soennietische moslims. Deze mensen hoeven nooit meer terug te komen, schreeuwt een stel woedende burgers die net hun woningen leeggeroofd hebben aangetroffen.

'Hoe moeten wij straks met deze buren leven?', vraagt aannemer Walid Rachid Safaa. 'Wie heeft alles gestolen? De soennieten en ook de shabak.' 'IS-strijders zijn buitenlanders, die gaan zelf geen ijskasten stelen,' meent Khadir Jasel, een yezidi vrachtwagenchauffeur. 'Het waren de Arabische buren!'

Een door IS verwoest standbeeld in Bashiqa. Beeld Reuters

Moslimhuis

Terug in zijn oude straat stapt Mohannad Shaker Mahmoud uit de taxi. Hij houdt zijn adem in. Een vierkante hoop gruis, dat is het huis van de buren op de hoek, totaal vernietigd in een bombardement. Recht tegenover zijn perceel staan de verkoolde resten van de woning van de christelijke overburen, in brand gestoken door IS.

Maar zijn huis staat er nog. Een Peshmergastrijder mompelt iets over mijnen, maar de winkeleigenaar houdt het niet meer: hij rent naar binnen. Opgetogen komt Mahmoud terug met een portret van zijn twee oudste kinderen en de videoband van zijn huwelijk. 'Met mijn huis is niets gebeurd. We kunnen er zo weer in.'

Pas dan ziet hij de graffiti op de buitenmuur. Hoewel hij zelf shabak is, blijkt hij deze keer toch aan de goede kant van het sektarische steekspel beland: IS heeft zijn woning tot twee keer toe gemerkt als 'moslimhuis.'

3. Hammam al Alil - Van kuuroord naar killing field

De vader die zijn zoon zoekt, heeft geen oog voor het feest op straat. Jongens rennen rond in nieuwe voetbalshirts, gekregen van hun bevrijders. Meisjes dragen linten om het voorhoofd, bedrukt met een tekst als een wensdroom: 'Wij zijn allemaal Iraakse burgers.'

De vader, Hussein Zael, 73 jaar, weet dat hij zijn zoon hier niet zal vinden.

Voorovergebogen schuifelt hij verder, tegen de wind in, de stad uit, langs de onafzienbare ruïnes van wat tot ruim een week geleden de hogeschool was voor Landbouw en Bosbouw.

Hij stopt bij de zandvlakte. Een stortplaats voor zwerfvuil, lijkt het van een afstand. Schoenen en slippers slingeren overal, de wind voert een geur mee die erger is dan van vuilnis. De vader klampt een legerkorporaal aan, zegt: 'Ik zoek mijn zoon.'

Tekst gaat verder onder afbeelding.

Forensische experts van het Iraakse leger onderzoeken een lichaam uit het massagraf in Hammam al Alil. Beeld Getty Images

Drie weken is zijn zoon verdwenen. Ooit, lang voordat IS bestond, werkte hij als politieman. De nieuwe machthebbers dwongen hem om daarvoor berouw te doen in de moskee. IS vreest degenen die banden had met de Iraakse overheid. 'Maar ze lieten hem gelijk gaan,' zegt Hussein Zael. 'Ze zeiden: je werkt allang niet meer voor de politie.'

Maar toen de oorlog kwam, bleken ze zijn vroegere loopbaan toch niet vergeten. Op 26 oktober, terwijl het Iraakse leger oprukte, kwamen strijders van IS hem halen. Samen met andere voormalige ambtenaren is hij weggevoerd op een vrachtwagen naar het noorden.

Hussein Zael vreest dat zijn zoon nu hier ligt, in deze zandvlakte: vorige week werd naast de landbouwschool een massagraf ontdekt. Naar verluidt ligt het vol met ambtenaren uit de regio. 'Mijn zoon heeft een gezin,' vertelt hij de legerkorporaal. 'Twee kinderen, 2 en 4 jaar oud.' Zijn stem breekt.

De korporaal, Mahmoud Juna (30), wil de oude man een blik in de hel besparen. Hij slaat een arm om hem heen, smeekt: 'Ga niet kijken. Er is niets te zien.' Hussein Zael begrijpt het, draait zich snikkend om.

Botten

Op de zandvlakte steken schedels half uit de grond. Botten en ledematen liggen tussen kledingresten, waterflessen en schoenen. De paar lichamen die intact zijn, zijn geblinddoekt en geboeid aan handen en voeten. Naast de romp van een in traditioneel gewaad geklede man ligt zijn hoofd, de mond opengesperd als in een verstorven kreet.

'Hier,' zegt korporaal Juna, wijzend op een vreemde bolling in het landschap, 'liggen nog zeker 200 lichamen.' Hij probeert de moed erin te houden door op zijn telefoon foto's te laten zien van de IS-strijders die hij en zijn maten zelf hebben gedood. Wijzend op het lachende gezicht naast één van de lijken: 'Dat ben ik!'

In de straat naast de landbouwschool hebben de bewoners eind oktober niets gezien, maar alles gehoord. 'Rond één uur 's nachts werd er geschoten, een paar nachten achter elkaar,' zegt een man die niet met zijn naam in de krant wil. Zijn broer is als gijzelaar meegevoerd naar Mosul, net als de moeder van zijn buurman. 'Daarna kwam een bulldozer.'

Hammam al Alil - letterlijk vertaald 'Fris Bad' - was in betere dagen een kuuroord, beroemd wegens de geneeskrachtige zwavelbronnen langs de Tigris. De meeste inwoners, soennietische moslims, zijn nooit gevlucht toen IS kwam. Ook nu het niet langer hoeft, bedekken veel vrouwen hun gezicht met een zwarte sluier.

Maar de inwoners verwelkomen het Iraakse leger. Afgeknipte baarden liggen overal. Jongemannen poedelen in de zwavelbronnen - onder IS voor gewone burgers een verboden luxe. Hun zwembad biedt uitzicht op een bizar panorama: de oorlog die voortduurt aan de overkant van de rivier. Het kuuroord dreunt van de artilleriebeschietingen.

Waarom executeerde IS hier vlak voor hun nederlaag tientallen, mogelijk honderden burgers? De man die voorop ging bij de verovering van de stad, overste Hussein Lamy, weet het niet. 'We gaan uit van 300 slachtoffers. Niet alleen ambtenaren. Ook vrouwen. Yezidi. Opgeblazen met een explosievengordel.'

Het kan weer, een duik nemen in een van de zwavelbronnen. Beeld Reuters

De executies waren in elk geval niet bedoeld om een volksopstand tegen IS neer te slaan, stelt de overste. Bij de gedachte verslikt hij zich bijna in een dadel. 'Hier was geen verzet. De mensen waren bang.'

Overste Lamy is klein, tenger en een oorlogsheld. Toen zijn mannen niet verder durfden, brak hij persoonlijk als eerste door de frontlijn - daar is een filmpje van. Het mysterie van het massagraf kan hij niet oplossen, maar hij is zich zeer bewust van het gevaar dat in deze stad vol trauma's weer nieuwe slachtoffers zullen vallen. Dat wil hij voorkomen.

'Inleveren je kalashnikov,' bitst hij tegen een militiestrijder die namens het Iraakse leger een checkpoint bemant. Als de verbijsterde man ontwapend achterblijft, legt hij uit: 'Hij komt hier uit de buurt. Straks schiet hij een buurman dood die hij niet mag. Dan heeft de Iraakse overheid het gedaan.'

Vanaf het massagraf sloft Hussein Zael terug naar de stad. Hij blijft hopen. Wanneer straks ook in Mosul de oorlog is afgelopen, zal hij zijn zoon misschien toch levend terugvinden. 'Als gijzelaar.'

Assyrië - historische regio tussen de rivieren Eufraat en Tigris. Assyriërs zijn christelijk en spreken Nieuw-Aramees. Voordat IS in Mosul de macht greep woonden in de streek circa 300 duizend Assyriërs. Zij pleiten voor een autonome binnen Irak.

NPU (Nineva Plain Protection Units) - christelijke militie, eind 2014 opgericht om te vechten tegen IS op de vlakte van Nineve, het gebied ten oosten van Mosul. De NPU opereert onder gezag van het Iraakse leger.

Syrisch-Katholiek - een van de vele christelijke denominaties binnen de Assyrische gemeenschap in Irak.

Koerdistan - Koerdische regio in Noord-Irak, die half-autonoom opereert van de regering in Bagdad.

Peshmerga - Koerdische strijders onder leiding van de Koerdische president Massoud Barzani. Tijdens het Mosul-offensief hebben de Peshmerga het mandaat om de vlakte van Nineve ten oosten van de Tigris te heroveren. Bashiqa was de laatste stad die in Koerdische handen viel, op 7 november.

Shabak - Religieuze bevolkingsgroep in Noord-Irak en Noord-Syrië. Zij spreken Shabaki, een variant van het Iraans. De meeste Shabaki's zien zichzelf als sjiitische moslims.

Sjiieten - moslims die - in tegenstelling tot de soennieten - geloven dat de profeet Mohammed voor zijn dood in 632 zijn eigen opvolger aanwees: zijn neef Ali. De meerderheid van de Iraakse bevolking is sjiiet.

Soennieten - moslims die geloven dat de profeet Mohammed geen opvolger heeft aangewezen. De Iraakse alleenheerser Saddam Hoessein was een soenniet. Met zijn val in 2003 verloren soennieten in Irak hun machtspositie. IS hangt een extreme vorm aan van de soennitische islam.

Yezidi's - aanhangers van een religie met invloeden van christendom, islam en soefisme. IS heeft Yezidi's op grote schaal vermoord en jonge Yezidi-vrouwen ontvoerd en verkracht in een poging de islam in Irak 'te zuiveren'. Yezidi's zijn etnisch verwant aan de Koerden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden