De strijd is al volop losgebarsten

Wie wil weten of in Afghanistan een burgeroorlog uitbreekt na het vertrek van de Amerikaanse gevechtstroepen, kan naar de provincie Wardak kijken. De Amerikanen gaan er weg en de strijd is al losgebarsten. Alleen horen we er niet over. Bericht uit een no-go-area.

De oorlog is nooit ver weg in Afghanistan. Als we zo'n 35 kilometer ten westen van de hoofdstad Kabul rijden, trapt chauffeur Hamza ineens hard op de rem. 'Vanaf hier kunnen we niet verder. Te gevaarlijk', zegt hij. Vanuit onze witte Toyota Corolla kijken we naar de asfaltweg die naar links afbuigt en dan verder de bergen in kronkelt. Daar, achter die bergen, is de oorlog, wijst Hamza. Toeval of niet, op het moment dat wij stilstaan, stijgt er een dikke, zwarte rookpluim uit het oorlogsgebied op.


Twee jongens komen ons op een brommertje tegemoet. We vragen wat daar verderop aan de hand is. Zojuist zijn twee vrachtwagens opgeblazen die benzine bij zich hadden voor Amerikaanse militairen, vertellen ze. Ze dragen een traditionele Afghaanse shalwar kamiz (lang overhemd over een slobberbroek) en kijken argwanend door het autoraam.


Wij reizen unembedded rond, dus zonder het leger. Als voorzorgsmaatregel zijn we met Hamza - al twee jaar onze vaste chauffeur - in de meest gebruikte auto hier: een witte Toyota Corolla. We dragen Afghaanse kleding. Van een afstandje vallen we dus niet op. Maar als de brommerjongens uit het oorlogsgebied ons van dichtbij zien, is duidelijk dat wij niet van hier zijn: 'Garichi? - buitenlander? - vragen ze.


Niet erg geliefd

We zijn in Wardak, een provincie op nog geen uurtje rijden van de hoofdstad Kabul, waar westerlingen niet erg geliefd zijn. Het is ook de plek waar Amerikaanse militairen al langzaam hun gevechtstroepen terugtrekken. Diverse kleine militaire posten zijn sinds een paar maanden gesloten. Volgens plan verdwijnen alle gevechtstroepen in 2014. Achterblijvers vrezen dat Afghanistan daarna afglijdt in een burgeroorlog.


'De burgeroorlog is hier allang gaande', horen we. 'Gevechten tussen jihadisten zijn vooral toegenomen sinds het vertrek van de Amerikanen uit het district Nirkh', zegt burgervertegenwoordiger Shirza Bazoon. Hij is het hoofd van de provinciale raad in Wardak, een orgaan dat namens burgers overlegt met de overheid en andere instanties.


Op filmpjes die door burgers zijn gemaakt met mobiele telefoons, is te zien hoe jihadisten elkaar beschieten met raketwerpers en ander zwaar geschut. Zo tonen Talibanstrijders de lichamen van gewapende Afghanen die ze net hebben gedood. De exacte opnamedatum van het beeld is onbekend, maar volgens burgers vinden dit soort praktijken nu plaats.


Iedereen voor zichzelf

De filmpjes worden aan de enkele journalist gegeven die naar de provinciehoofdstad van Wardak durft te komen. Ook de baas van het vluchtelingendepartement, Haji Mohammad Shafeq, bevestigt de burgeroorlog in zijn regio. 'Ons grootste probleem is dat mensen hier een jaren oude strijd uitvechten. Krijgsheren strijden voor hun eigen gebied. Iedereen voor zichzelf. Je kan dit een nieuwe burgeroorlog noemen, ja.' Als de Amerikanen volledig wegtrekken, breekt er nog meer chaos uit, denkt Shafeq. 'Dan worden de door het Westen opgeleide politiemacht en het leger binnen één dag onder de voet gelopen door jihadisten in de regio.'


Het verhaal over de burgeroorlog in Wardak zegt veel over wat er gaat gebeuren na 2014 als westerse gevechtstroepen vertrekken. Na Wardak zal dan vermoedelijk ook de rest van Afghanistan in chaos vervallen. Wardak staat symbool voor de toekomst van het land.


De situatie zegt ook veel over wat westerlingen hebben bereikt in Afghanistan: niet veel. Het land is nog lang niet gestabiliseerd. Dat was wel de bedoeling van de oorlog tegen het terrorisme, die elf jaar geleden begon met bombardementen in Kabul. Defensievoorlichters laten ons graag geloven dat Afghaanse veiligheidstroepen inmiddels zelfstandig de orde kunnen bewaren. Dat is niet waar.


'Er is hier geen veiligheid. Een paar dagen geleden vielen er nog tientallen doden bij een zelfmoordaanslag', zegt Shafeq. Terwijl de vluchtelingenbaas dit vertelt op zijn kantoor in de provinciehoofdstad, breekt een paar honderd meter verderop een vuurgevecht uit. Via het openstaande raam klinkt duidelijk het geratel van machinegeweren. 'Ze zitten zelfs in de stad', zucht Shafeq.


Met 'ze' bedoelt hij twee jihadistengroepen: de Taliban en de Hezb-e-Islami. Zolang ze een gezamenlijke vijand hebben, zoals de Amerikaanse militairen, trekken ze samen op. Valt die vijand weg, dan gaan ze onderling vechten. 'Dat gebeurt nu', vertelt Shafeq.


Zijn departement registreerde het afgelopen half jaar 434 families die het platteland van Wardak zijn ontvlucht vanwege de burgeroorlog. In dezelfde periode waren dat er vorig jaar ongeveer 350. Vooral uit het district Nirkh, waar in juni een Amerikaanse militaire basis is gesloten, komen relatief veel families (ruim een kwart) .


Westerlingen zoals wij raadt Shafeq ten sterkste af naar de afgelegen dorpen te reizen om verslag te doen van de burgeroorlog. Hij adviseert zelfs niet langer dan drie uur rond te hangen in de provinciehoofdstad. Hij is toch al verbaasd dat we er zijn. 'Westerlingen komen hier nooit zonder militairen.' Zijn waarschuwingen worden herhaald door andere ambtenaren en burgers. In Nederland of andere westerse landen is vrijwel niets bekend over de burgeroorlog in Afghanistan, omdat journalisten zelden in gebieden als Wardak komen.


'Zonder bodyguards en wapens overleven we het nog geen kilometer. Ik geef ons een half uur', zegt Hamza als we weer op de weg staan en samen staren naar de no-go-area waar de burgeroorlog zich afspeelt. 'Jihadisten schieten je zonder vragen te stellen dood. Het interesseert ze niets of je journalist bent.' Ter illustratie: toen gouverneur Mohammad Halim Fidai begin september over die weg reisde om slachtoffers van een aanslag te bezoeken, gingen 235 bewakers mee. Dat heeft hij ons zelf verteld.


Over die weg komen soms auto's vol familie het oorlogsgebied uitrijden. Ze zoeken veiligheid in de provinciehoofdstad Maidan. We blijven een tijdje wachten op de weg om met vluchtelingen te kunnen praten over de burgeroorlog. Na een half uurtje zegt Hamza: we moeten nu echt gaan, we zijn sitting ducks hier - schietschijven.


Zanderige hobbelwegen

In de Toyota gaat het over zanderige hobbelwegen naar de vluchtelingenwijk aan de rand van de provinciehoofdstad Maidan. De huizen zijn gebouwd van een mengsel van klei, stro en zand. Stromend water, een riool of toiletten ontbreken. Hele families wonen in één of twee kamers. We kloppen aan bij het huis van een familie waarover straatjongens hebben gezegd dat die net is gevlucht. Een oudere man met grijze baard, een tulband en glimmende zwarte ogen doet open. Boer Mohammad Asif (62) verwelkomt het onverwachte bezoek. Er is groene thee, terwijl we in kleermakerszit plaatsnemen op een tapijt in zijn armoedige woonkamer.


Asif vertelt dat hij inderdaad is gevlucht voor de burgeroorlog. Een paar maanden terug werd hij zo bang van de machtsstrijd tussen de Taliban en Hezb-e-Islami in zijn geboortedorp Karimdat, dat hij zijn biezen pakte. In Karimdat wordt op kleine schaal al jaren gevochten tussen de jihadisten. 'Maar de gevechten zijn heviger geworden sinds Amerikaanse militairen omstreeks juni hun basis daar sloten', vertelt Asif. Zonder basis tussen hen in, zijn de jihadisten volop aan het vechten geslagen. 'Er zijn twee tot drie keer per dag vuurgevechten in mijn dorp. Ze schieten gewoon vanaf de akkers tussen de burgers door.'


Asifs oudste zoon Zia kwam zo'n twee jaar geleden om in het kruisvuur van jihadisten. Hij heeft nog twee zoons en wil niet dat zij hetzelfde lot ondergaan. Asif -hij heeft een lichte voorkeur voor de jihadisten van de Hezb-e-Islami - vindt het een slecht idee dat de Amerikanen vertrekken, omdat 'Afghanen dan onderling meer gaan vechten'. Als de Amerikanen straks weg zijn, zal er '100 procent zeker een burgeroorlog uitbreken. Net zoals in mijn dorp', zegt Asif.


Straatjochies

Buiten op straat vragen we een paar straatjochies ons naar een andere vluchtelingenfamilie te brengen die hier net is komen wonen. Kleine voetjes dribbelen over zandpaden, handjes wuiven ons te volgen. Behendig springen ze over gaten en kuilen in de weg en brengen ons naar een modderhuis met een groene stalen deur.


Taxichauffeur Haji Mohammad Sediq (circa 45 jaar) vluchtte zes maanden geleden voor de burgeroorlog in Khan Jan Khil. Het ligt in hetzelfde gebied als Asifs dorp. Ook in zijn dorp zijn de gevechten tussen twee jihadigroepen heviger geworden sinds de Amerikanen er vertrokken. 'Ze vechten wie nu de baas mag zijn', zegt Sediq. Hij werd onder druk gezet om mee te vechten en vluchtte om dat lot te vermijden. Op het moment dat we Sediq spreken, zijn de Hezb-e-Islami de baas in zijn dorp, maar diezelfde avond zullen Talibanstrijders het overnemen, horen we een dag later.


Aangezien het te gevaarlijk is om lang te blijven in Wardak, spreiden we onze korte bezoeken over een periode van vijf dagen. 's Nachts logeren we in de hoofdstad Kabul, overdag komen we per auto terug op onvoorspelbare tijdstippen.


Op de derde dag spreken we de oude vluchteling Mohammad Yunus (circa 75 jaar), die voor de burgeroorlog vluchtte en boven op een berg in 'veilig' Maidan woont. Vanuit zijn huis kijken we uit over de basis van de hier gestationeerde Amerikanen. Een Blackhawk-gevechtshelikopter stijgt op richting het burgeroorlogsgebied.


Taliban-sympathisant

Yunus ontvluchtte zijn dorp Zakala omdat hij als Taliban-sympathisant problemen kreeg met Hezb-e-Islami-strijders. De gevechten in zijn dorp zijn inmiddels zo hevig dat hij denkt nooit meer terug te kunnen. De conclusie van Yunus is dat Afghaanse burgers het beste af zijn als Amerikanen tussen de strijdende jihadi-groepen in blijven zitten. 'Het was veiliger toen ze er waren. Als ze wel weggaan, vrees ik een burgeroorlog in het hele land.' De Taliban-sympathisant vindt het 'heel erg' dat Amerikanen zijn geboortestreek hebben verlaten.


We vragen de vluchtelingen die we spreken om met ons mee te gaan naar de rand van de stad, zodat we een foto kunnen maken van hen en hun familie op de weg naar het oorlogsgebied. Alleen boer Asif en taxichauffeur Sediq gaan akkoord. Kinderen gaan in onze achterbak. De mannen lopen de circa twee kilometer naar de weg. We zijn nog maar net verzameld bij de wegwijzer met daarop de verkeerd gespelde naam van district Nirkh, als in de verte een harde explosie klinkt. 'Dat was een IED' - een bermbom - zegt Hamza. Zijn ogen speuren naar de bergen.


We maken snel foto's van de families op de weg, terwijl Hamza steeds bezorgder kijkt. Een dag eerder verlieten we Wardak plotsklaps na een waarschuwing van een overheidsmedewerker dat 'de buitenlandse journalisten begonnen op te vallen'. De vluchtelingen willen ook weg. 'Als jihadisten ons hier zien met buitenlanders, sturen ze een brommertje met twee jongens op ons af om het vuur op ons te openen', vertaalt Hamza .


We pakken de kinderen op en stoppen ze snel in de achterbak . We zetten de vluchtelingen weer af bij hun tijdelijke huis. Daarna maken we een scherpe bocht naar links, terug naar Kabul. Hamza kijkt nog een tijd lang in zijn achteruitkijkspiegel.


Korte tijd later worden in Wardak een een Amerikaan en een Canadees ontvoerd. Langs de weg die volgens ISAF veiliger is geworden. De politie zegt niet te weten of de twee nog leven. Volgens een Afghaans persbureau gaat het om een man en een vrouw en is van een jonge vrouw het lichaam gevonden.


ISAF ontkent burgeroorlog

De internationale troepenmacht in Afghanistan (ISAF) ontkent dat er sprake is van een burgeroorlog in Wardak.'Wij herkennen dat beeld absoluut niet', zegt de Amerikaanse majoor Shane Finn per telefoon. Hij is verantwoordelijk voor operaties van de coalitietroepen in Wardak. Hij erkent wel dat er al langere tijd een conflict is tussen jihadisten van de Taliban en Hezb-e-Islami in Wardak.


Maar volgens hem slagen Afghaanse veiligheidstroepen er goed in om de veiligheid voor burgers te bewaken. 'Dat gaat elke dag beter. Zo waren er een paar maanden geleden nog twee of drie aanslagen per week op de snelweg van Wardak naar Kandahar. Nu is het er gemiddeld één.'


Volgens de ISAF-majoor nemen 'dramatische uitspraken' over een op handen zijnde burgeroorlog 'altijd toe' als coalitietroepen vertrekken. 'Zo proberen Afghanen ons te overtuigen om te blijven.' De majoor benadrukt dat de Amerikanen nog niet weg zijn uit Wardak of het district Nirkh, maar zich uitsluitend hebben teruggetrokken op dichtbijzijnde militaire posten.


'We creëren zo ruimte voor Afghaanse veiligheidstroepen om hun succes te tonen. Indien nodig kunnen wij te hulp schieten. Maar langzaam dragen wij de verantwoordelijkheid over. We werken nog steeds samen. Het subtiele verschil is dat we niet meer bij elke patrouille schouder aan schouder lopen.' Verzoeken van de Volkskrant om Amerikaanse militairen in Wardak te bezoeken, zijn gedurende een maand niet beantwoord.


Dit jaar stierven ruim vijftig westerse militairen nadat een Afghaanse soldaat het vuur op hen had geopend. Op 29 september gebeurde dat nog in Wardak. Daar viel de 2.000ste Amerikaanse dode. Het totaal aantal militaire coalitiedoden in Afghanistan kwam daarmee op bijna 3.200.


NAVO-EXPERT


'Niet voorbereid op deze transistie'

Als de NAVO vertrekt in 2014 dreigt de Afghaanse staat in te storten. The International Crisis Group waarschuwde daar afgelopen week voor en acht het zelfs 'waarschijnlijk dat er een burgeroorlog in het land uitbreekt' als president Karzai aanblijft. 'Het Afghaanse leger en de politie zijn niet voldoende voorbereid op deze transitie', stelt Afghanistan-expert Candace Rondeaux.


DODEN


3.200

COALITIETROEPEN


Sinds de invasie in Afghanistan - afgelopen zondag elf jaar geleden - zijn onder de internationale coalitietroepen 3.200 doden gevallen. Eind september werd in de provincie Wardak de 2.000ste Amerikaanse gedood. De 25 Nederlandse doden vielen allemaal tijdens de missie in Uruzgan.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden