De stranden van Bali zijn bedekt met het dagelijks leven van Indonesiërs en dat bestaat uit plastic

Een plastic stukje paradijs op aarde

Wereldberoemd zijn de stranden van Kuta, Legian en Seminyak op het Indonesische eiland Bali. Helaas gaan de Indonesiërs erg nonchalant om met plastic. Daar is geen opruimactie tegen gewassen.

Het strand van Kuta, Bali. Foto Made Nagi/EPA

Onder blote voeten ritselt en prikt het van de plastic verpakkingen en van de plastic rietjes, tienduizenden rietjes. Het is zeven uur 's ochtends aan het strand van Bali, en eb. De zee heeft zich morrend teruggetrokken en moppert: houd die rotzooi zelf maar. Vroege badgasten en hardlopers hinken tussen het aangespoelde vuilnis door en anderen staan hoofdschuddend terzijde en vinden het een schande, die smeerboel.

In december was het zo erg, dat er een 'plastic-noodtoestand' werd uitgeroepen. De wereldberoemde stranden van Kuta, Legian en Seminyak waren dagenlang bedolven onder een enkeldiepe laag plastic bekertjes, zakjes, flessen, doppen, rietjes, bakjes en tassen. Mannen, vrouwen, kinderen en alle beschikbare bulldozers en vrachtwagens werden ingezet om het toeristenzand schoon te maken. Heel Bali hielp mee, maar er was geen opruimen aan.

Na China grootste plasticvervuiler ter wereld

Het plastic verschijnt elk jaar aan het begin van het regenseizoen, de moesson. Dan komt de wind uit het zuiden en brengt behalve regen dus ook dat plastic. Zes maanden duurt dat seizoen. Op een gewone dag liggen er dan tienduizenden kilo's uitgespreid over de zuidelijke stranden van het populaire Eiland van de Goden, en op topdagen honderdduizend kilo.

Het aanspoelsel in Bali is maar een heel klein deel van al het Indonesische zwerf- en drijfplastic. Per jaar komt er zo'n 1,3 miljard kilo Indonesisch plastic in de oceaan terecht. Daarmee is het land na China de grootste plasticvervuiler ter wereld.

Bananenbladeren

De hoeveelheden zijn ontzagwekkend. Nog indringender is het besef dat al die rotzooi achteloos ergens door mensen is weggegooid. De stranden van Bali zijn bedekt met het dagelijks leven van de Indonesiër en dat leven bestaat tegenwoordig uit plastic.

'Vroeger werd eten verpakt in bananenbladeren, water zat in flessen van glas', zegt Desak Sari van de actiegroep Bali Wastu Lestari (Hoop op een mooi Bali). 'Nu zit alles in plastic. Boodschappen gaan in plastic zakjes en die plastic zakjes gaan in een grote plastic zak, en al die zakken en zakjes worden maar één uur gebruikt en dan worden ze weggegooid.'

Het strand van Kuta, Bali. Foto afp

Gemak

Het volk moet worden heropgevoed, zegt Sari. De mensen in Indonesië zijn net gewend geraakt aan het gemak van plastic. 'Je hoeft het niet af te wassen, je gooit het gewoon weg, en dat leer je ze niet zo een-twee-drie meer af. Bij jullie in het Westen is er al lang een bewustzijn dat plastic slecht is, maar hier bestaat dat nog helemaal niet.'

Sinds het begin van het regen- en plasticseizoen afgelopen november is er ruim 3 miljoen kilo plastic van de Balinese stranden geruimd - een fractie van het totaal, maar desondanks een imposante hoeveelheid.

'Sampah kiriman', noemt Eka Merthawan het - 'vuilnis dat van elders komt'. Balinezen zijn ervan overtuigd dat een groot deel van het plastic op de Balinese stranden door de zee vanuit Java hierheen is getransporteerd. 'Aan alle labels kun je zien dat het afval uit Indonesië komt', zegt Merthawan, hoofd milieu en reiniging van Zuid-Bali. 'Het komt niet uit een ver buitenland.' Wat hij ook zeker weet is, dat het geen Balinees plastic is. 'De mensen van hier doen zoiets niet. En onze toeristen ook niet.'

Schoonvegen

Desak Sari schatert het uit als ze dat hoort. 'Onmogelijk dat dat afval niet van hier komt. Kijk om je heen. Kijk naar die eettentjes en wat daar allemaal op de grond ligt. Kijk wat mensen allemaal op het strand laten liggen. Natúúrlijk komt dat plastic ook hiervandaan. Het meeste.'

Vermoedelijk heeft zij gelijk. Als het hard regent, neemt de hoeveelheid vuilnis meteen toe. In december had het vijf dagen aan een stuk geregend, waarna de stranden bedolven raakten onder plastic dat hoogstwaarschijnlijk vanuit het achterland door de volle rivieren in zee gespoeld was.

In brede banen ligt het plastic over de volle lengte van het strand. Het is zeven uur 's ochtends. De meeste toeristen slapen nog. Johan is de eerste die een bezem pakt. Heel rustig begint hij een klein stukje van het grote strand schoon te bezemen: zijn stukje, waar hij straks Bintang-bier uit zijn koelboxen aan de toeristen verkoopt. Hij bezemt met veel aandacht het aangespoelde plastic op een hoop. 'Zo meteen komen de anderen', zegt hij. 'Iedereen veegt zijn eigen stukje, en om 9 uur is het hele strand weer schoon.'

Bulldozers

En zo is het. Met hulp van vrijwilligers en ingehuurde hulptroepen van Bali Wastu Lestari worden de hoopjes in de grijpers van twee bulldozers geschept, die het plastic en drijfhout op vrachtwagens laden. Vijf vrachtwagens - vijftien ton - is de vangst van vandaag. De vrachtwagens brengen het vuilnis naar Suwung, waar het op een immense broeiende vuilstort wordt gegooid, omdat Bali niet weet wat het anders met al dat plastic aan moet.

Maar dat gaat veranderen, belooft Eka Merthawan, die niet alleen over het opruimen gaat, maar ook over de recycling. Er zijn 'plasticbanken' opgezet waar gebruikt plastic kan worden ingeleverd. Zijn dienst laat het plastic ook ophalen en betaalt 500 rupiah (3 eurocent) per ingenomen kilo. Een deel van dat ingezamelde plastic wordt gerecycled.

'Dat is nog heel kleinschalig', geeft hij toe. 'Vorig jaar hebben we zestig ton plastic opgehaald en gerecycled.' Zestig ton in een heel jaar. Dat is ongeveer de hoeveelheid die op één enkele dag door de zee op het strand wordt gedeponeerd. Daar is voorlopig niets tegen opgewassen.


De hulpeloosheid van Bali wordt uitgedrukt door een groot rood spandoek aan de ingang van het strand van Kuta, dat begint met een berouwvol 'Mohon maaf', 'sorry'. Deze tijd van het jaar is er helaas soms meer rotzooi dan strand, zegt het spandoek, en Bali kan daar niets aan doen. Het komt door de wind, het komt door de stroming en de regen, het is de moessontijd, zegt het.


Het is, kortom, een natuurverschijnsel: het plasticseizoen.


Duizend dagen plastic

Programmamaker Bahram Sadeghi verzamelde 1000 dagen lang al zijn plastic afval. Van wat hij niet mee naar huis kon nemen, maakte hij een foto. Resultaat: een muur van 150 vierkante meter met 472 foto's en een vloer van 250 vierkante meter met de inhoud van 41 zakken volgestampt met plastic. Bekijk hier de video's en lees de artikelen.

Meer over